terug naar rotherham scaled


In het misbruikschandaal in Rotherham vier jaar geleden, heeft geen enkele verantwoordelijke rekenschap hoeven afleggen. Veertienhonderd minderjarigen waren mishandeld, ontvoerd en verkracht met medeweten van de plaatselijke autoriteiten. De politie deed niets uit angst voor rassenrellen. Door te zwijgen hoopten ze dat het probleem zou verdwijnen. De Süddeutsche Zeitung keerde terug naar de Noord-Engelse stad en sprak met betrokkenen.

Ze is vanuit de stad naar een wijk met bakstenen rijtjeswoningen verhuisd, waarvan er tienduizenden zijn in Groot-Brittannië. Een aaneenschakeling van deuren, schroot in de voortuintjes, blinde vensters, in de verte akkers. De wijk is nieuw. De mensen kennen elkaar nog niet. Dat is goed.

Omdat de nieuwsgierige taxibestuurder die de gast heeft gebracht geen aanstalten maakt om te vertrekken, doet ze minutenlang de deur niet open. Erachter vier kleine kamers, keurig opgeruimd. Alleen de sokken van haar zoons hangen te drogen op de verwarming in de badkamer. Ze zijn elf en zestien, die twee. De vader van de oudste zit in de gevangenis, net als enkele van zijn familieleden. Hij heet Arshid Hussain, bijgenaamd Mad Ash, en is een verkrachter. Net als twee van zijn broers en een oom.

Ik was zijn favoriet

Naast de deur hangt een kinderfoto van de zoon van Mad Ash, een knul met een donkere huid en zwart haar die lachend in de camera kijkt. Recentere foto’s van de tiener zijn er niet; ze wil niet dat hij wordt herkend. Toen ze zwanger werd, wilde ze de baby per se houden, omdat ze dacht dat Mad Ash echt van haar hield. Soms denkt ze dat nog steeds. ‘Ik was zijn favoriet,’ zegt ze nog altijd, ‘de andere meisjes gaf hij door aan andere mannen. Mij niet.’

Van maatschappelijk werk moest het kind destijds uit de buurt van zijn vader blijven, die als gevaarlijk te boek stond. Maar dat de toen vierentwintigjarige Mad Ash haar, de tiener uit een volledig gezin, een goede leerlinge, had aangesproken, cadeautjes had gegeven, vervolgens dronken had gevoerd, gemanipuleerd, van haar gezinsleden had vervreemd en na een tijdje haar vertrouwen te hebben gekweekt had verkracht, ontvoerd, bedreigd, afgeperst, tot roofovervallen had aangezet, haar ouders had bedreigd, en dat het vijftienjarige meisje regelmatig werd opgepakt door de politie terwijl ze zich in zijn auto, in zijn bed of naakt in een of ander achterkamertje bevond, daaraan leek niemand zich te storen. Op een keer werd ze gearresteerd omdat er een knuppel bij haar werd gevonden die van hem was. Hij ging vrijuit.

Grooming wordt dat genoemd: een volwassene knoopt ogenschijnlijk vriendschap aan met een kind om het seksueel uit te buiten.

Nu is ze een tengere en toch pezige vrouw, het haar in een dikke vlecht gebonden, de wenkbrauwen bijgetekend tot een strenge boog. Ze noemt zichzelf ‘overlevende’. Het woord ‘slachtoffer’ klinkt haar te zwak in de oren. Een paar maanden geleden heeft ze afscheid genomen van haar pseudoniem ‘Jessica’, waaronder ze heeft getuigd tegen Arshid en zijn familie. Sammy Woodhouse heet ze, dat mag nu iedereen weten. Arshid, inmiddels 41, is een Brit van Pakistaanse komaf. Hij is tot 35 jaar cel veroordeeld.

Het geval van Sammy is er maar een van de vele in de stad nabij Sheffield, in het noorden van Engeland. En van de duizenden vergelijkbare gevallen in de rest van het land. Ze vertoonden allemaal hetzelfde patroon. Jonge mannen, vaak taxichauffeurs en uitbaters van afhaalrestaurantjes in de Curry Mile van Rotherham probeerden de meisjes te versieren – en naar hun hand te zetten. ‘Mindbending’, beïnvloeding van iemands wil, zo noemt Sammy’s advocaat David Greenwood dat proces. Vervolgens kwamen er oudere mannen bij die de meisjes gebruikten, meestal met geweld. Sommige meisjes werden naar andere steden gebracht, waarna gedwongen prostitutie volgde. Decennialang. De krankzinnigheid ten top.


Het ‘groomingschandaal van Rotherham’ was voorpaginanieuws, honderden artikelen werden erover geschreven, tientallen documentaires gemaakt. Alleen al in deze stad zouden er veertienhonderd kindslachtoffers zijn geweest. Iedereen had ervan geweten. Meer dan twintig jaar liepen ouders, maatschappelijk werkers en ook jonge slachtoffers zelf de deur plat bij politie en gemeentebestuur. Er waren bewijzen, maar die verdwenen. Er waren getuigenverklaringen, maar die werden niet serieus genomen. Er waren ordners met namen en feiten, met DNA-sporen en processen-verbaal. Ze werden genegeerd. Tegen de ouders werd gezegd dat ze zelf moesten omkijken naar hun vroegrijpe dochters die dronken in auto’s van onbekende mannen werden gearresteerd; dat was geen taak van de politie. Tegen de meisjes, onder wie ook veel kinderen uit tehuizen, werd gezegd dat het sletten waren. Eigen schuld, niets waard.

In hun pogingen een halt toe te roepen aan wat politie en autoriteiten lieten gebeuren, gingen maatschappelijk werksters ook naar de moslimgemeenschap, naar de imams in de moskeeën om te zeggen: Kijk, we hebben namen, adressen. Praat met de families van deze mannen, zorg ervoor dat het ophoudt. Maar er gebeurde niets.

In 2016 werd vonnis gewezen in de zaak-Arshid. Toen was Sammy dertig jaar oud, maar in de tijd dat het allemaal begon, was ze net veertien. ‘Destijds waren wij meisjes onzichtbaar,’ zegt ze, terwijl ze onzichtbare kruimels van haar nepmarmeren salontafel veegt. ‘Nu hebben we tenminste een stem.’

Het wegkijken had vele oorzaken. Onwetendheid, incompetentie, laatdunkendheid. De angst om als racist te worden bestempeld. De vrees dat het fragiele evenwicht tussen de moslims en de rest van de bevolking zou worden verstoord. Het was iedereen duidelijk dat de kwestie een enorme politieke lading had. Wetenschapster Alexis Jay verwoordt het in haar rapport over ‘seksuele uitbuiting van de kinderen van Rotherham van 1997 tot 2013’, dat ze in opdracht van de overheid maakte, als volgt: de autoriteiten ‘wisten dat de meeste daders islamitische Aziaten waren en de meeste slachtoffers wit. Door te zwijgen hoopten ze dat het probleem zou verdwijnen. Ze waren bang om te zeggen wat er aan de hand was.’

Maatschappelijk werkers en jeugdwerkers die erop wezen dat het om overwegend Aziatische daders ging, werden naar een cursus racial awareness gestuurd om te leren hun vooroordelen te bestrijden. Politie en gemeente durfden geen maatregelen te treffen omdat ze rassenrellen vreesden. Ze waren bang, zegt advocaat Greenwood, dat het ‘een voedingsbodem voor rechtsextremisme’ zou zijn.

De neonazi’s maakten inderdaad een sterke opleving door in Noord-Engeland. Aanhangers van de National Defense League en de British National Party marcheerden schreeuwend door de steden: ‘Onze meisjes zijn niet vogelvrij.’ Dit moest er niet nog eens bijkomen.

Het gaat allemaal gewoon door, de daders van vroeger hebben inmiddels zoons die de dochters van de overlevenden opwachten. “Het is al zo lang gaande dat de mensen er op een of andere manier aan gewend zijn geraakt”

Het is spitsroeden lopen. In Duitsland zijn met de vluchtelingencrisis en de toestroom van honderdduizenden moslimmannen vergelijkbare zorgen gerezen, die in de verwerking van de gebeurtenissen in Keulen in de oudejaarsnacht van 2015 op 2016 tot uiting kwamen: is het ongeoorloofd om te constateren dat veel moslimmannen een problematisch vrouwbeeld hebben? En welke consequenties trekt een maatschappij als het antwoord ‘ja’ luidt?

De lijst van plaatsen waar hetzelfde is gebeurd als in Rotherham is eindeloos: Newcastle, Rochdale, Huddersfield, Leeds, Manchester, Sheffield, Derby, Keighley, Skipton, Blackpool, High Wycombe, Leicester, Dewsbury, Middlesbrough, Peterborough, Bristol, Halifax, Oxford. De daders hadden vrijwel allemaal een migratieachtergrond: Pakistan, India, Bangladesh, Iran, Irak, Turkije.

Het zou een nationaal schandaal moeten zijn, maar Groot-Brittannië heeft te veel misbruikschandalen gekend. De verontwaardiging en de ontzetting zijn verflauwd. Misbruik in de kerk, op sportverenigingen, internaten, bij de BBC, en bovendien het vrijwel dagelijks terugkerende, stuitende misbruik in gezinnen en het exploderende aantal gebruikers van onlineforums over seks met kinderen. Bovendien worden tienduizenden Aziatische en Afrikaanse slachtoffers van prostitutie als seksslaven uitgebuit in Groot-Brittannië. In een recentelijk verschenen rapport heeft de politie toegegeven volledig overbelast te zijn. En ‘onthutst’.

Onderweg naar Rotherham, gewapend met de vragen of grooming inmiddels aan banden is gelegd, of politie en autoriteiten ervan hebben geleerd, krijgt de verslaggeefster een telefoontje van het persbureau van de gemeente. Sorry, er wordt geen interview gegeven omdat er niets meer te melden is. Grooming – dat is inmiddels geschiedenis. Overwonnen. Uitverteld. De gemeentepolitie stuurt een mail: ‘Wij staan niet ter beschikking voor een interview.’ Doorlopen, er valt hier niets te zien.

Niets is meer bezijden de waarheid. Je hoeft alleen maar naar Sammy Woodhouse te luisteren. Of naar haar advocaat, die vijfenzeventig, soms heel jonge slachtoffers vertegenwoordigt. Of naar de lokale parlementariër, die vanwege het schandaal haar carrière op het spel zette. Of naar de journalist die de kwestie aan het rollen bracht. Zij zeggen allemaal wat niemand wil horen: grooming gaat verder. En het zwijgen over de oorzaken en de achtergronden ook.

Times- verslaggever Andrew Norfolk, die tal van prijzen heeft gekregen voor zijn onderzoek, woont in Leeds. Londen, zegt hij, sluit zijn ogen voor de echte problemen in het land. In 2004 kreeg hij de eerste tips, maar hij deed er tien jaar later pas iets mee. Nu schaamt hij zich daarvoor.

‘Een etnische minderheid aan de ene kant, kwetsbare, naïeve slachtoffers, voor een deel uit gebroken gezinnen en kindertehuizen, aan de andere, daar waagde niemand zich aan. Te veel gevaar voor generalisering, demonisering. Te veel explosief materiaal.’ Toen Norfolk de beerput eenmaal had opengetrokken, schreef hij lange tijd over niets anders. Een jaar geleden heeft hij het opgegeven, hij kreeg de beelden niet meer uit zijn hoofd. De politie heeft er toch van geleerd, zegt hij tegen zichzelf, ze nemen de zaak serieus. Maar hij is nog altijd prikkelbaar en schreeuwt woedend over het lawaai in een arbeiderskroeg in Leeds heen: ‘Het bestraffen van individuele daders is niet genoeg. De politie behandelt het fenomeen nog altijd als een aaneenschakeling van afzonderlijke gevallen.’ Het ‘fenomeen’ – het is en blijft beladen in een multiculturele maatschappij die op een goede verstandhouding en tolerantie gebaseerd en aangewezen is.

Een prijswinnend voorpagina-artikel van Andrew Norfolk. Inmiddels is hij gestopt over de zaak te schrijven. Hij krijgt de beelden niet meer uit zijn hoofd.
Een prijswinnend voorpagina-artikel van Andrew Norfolk. Inmiddels is hij gestopt over de zaak te schrijven. Hij krijgt de beelden niet meer uit zijn hoofd.

In de hal van het gemeentehuis hangt een poster met mooie woorden: ‘We zullen luisteren naar kinderen en jonge mensen. We zullen de juiste beslissingen nemen.’ Ernaast hangt er nog een: ‘Ik ben je maatschappelijk werker, ik beloof je te helpen zoeken naar een veilige plek om te wonen, waar je geen kwaad wordt gedaan.’ Er zijn in Rotherham geen kindertehuizen meer omdat grooming nu eenmaal vaak kinderen uit tehuizen trof. In plaats daarvan organiseert de stad een ‘week van de adoptie’.

Omdat bewijs werd geleverd van ‘collectief falen’, overbelasting en doofpotpraktijken bij politie en gemeentebestuur werden de betrokken chefs ontslagen en vervangen door regeringsfunctionarissen. Kortgeleden kwam het bericht dat geen enkele verantwoordelijke van toen ook maar rekenschap heeft hoeven afleggen. Opnieuw staan de ‘overlevenden’ sprakeloos.

In Rotherham onderzoekt het National Crime Agency (NCA) alle gevallen tot 2014, waar nooit iets mee is gedaan. De rechtbanken draaien op volle toeren. Drie Brits-Pakistaanse bendes zijn veroordeeld. Het volgende proces is aanstaande: nog eens twaalf mannen zijn aangeklaagd en staan vanaf januari voor de rechtbank. Het NCA wil ook niet praten, maar meldt zich schriftelijk bij de Süddeutsche Zeitung met een soort activiteitenoverzicht: 28 aanhoudingen, 88 verdachten, 36 vooronderzoeken. Vanwege het enorme aantal daders concentreert men zich op degenen die nog altijd in deze omgeving actief zijn en het grootste leed hebben aangericht.

De lokale Labour-afgevaardigde Sarah Champion vindt dat onvoldoende. In het kantoor van haar kiesdistrict laat ze cijfers van de plaatselijke politie zien: 231 meisjes hebben aangifte gedaan wegens seksuele uitbuiting door groomingbendes. Alleen al in het afgelopen jaar. ‘Moeders, vroeger zelf slachtoffer, komen in paniek op mijn spreekuur. Ze vertellen dat mannen tegen hen hebben gezegd: Je dochter is al bijna zo ver, ze is rijp.’

Het gaat allemaal gewoon door, zegt Sarah Champion, de daders van vroeger hebben inmiddels zoons die de dochters van de overlevenden opwachten. ‘Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. Het is al zo lang gaande dat de mensen er op een of andere manier aan gewend zijn geraakt.’

Ook de politieke druk blijft. Champion heeft dat onlangs ervaren. Ze is afgestudeerd psychologe, een intelligente, hartelijke vrouw met donkere krullen en een ontspannen zelfbewustzijn. Tot voor kort was ze een rijzende ster binnen de Labour Party. In het schaduwkabinet van Jeremy Corbyn was ze verantwoordelijk voor de gelijke rechten van vrouwen. In de zomer werd ze uit haar functie ontheven. Ze had een taboe doorbroken, dat geen taboe meer zou moeten zijn: ze had twee keer in het openbaar gezegd dat Groot-Brittannië een ‘probleem met Brits-Pakistaanse mannen’ had. Dat was racistisch, heette het, haar positie was onhoudbaar geworden. Sindsdien is ze persona non grata bij Labour.

Maar Champion blijft erbij: ‘Als ik met mijn constatering ongewild veel moslims in het land heb beledigd, maar een bijdrage heb geleverd aan de bescherming van kinderen, dan zou ik het zo weer zeggen.’ Dat er bij de groomingbendes anders dan bij de meeste andere gevallen van misbruik een etnische component aanwezig is, vindt ze voor de hand liggend. ‘Heel langzamerhand komen de eerste onderzoeksprogramma’s bij de vraag aan of er religieuze en culturele bijzonderheden zijn die aan dit schandaal ten grondslag liggen.’ Evenals alle andere gesprekspartners benadrukt ze dat de meeste verkrachters van kinderen in het Verenigd Koninkrijk witte mannen zijn. En dat de meeste gevallen van misbruik zich binnen het gezin voordoen. ‘Maar dat mag toch niet betekenen dat dit heel speciale patroon niet wordt onderzocht.’

‘Jullie hebben je kinderen opgevoed om te drinken en seks te hebben, wij maken daar alleen maar gebruik van’

Ook voor de rechtbank komen taboes en culturele conflicten aan het licht. Maar weinig verdachten hebben een bekentenis afgelegd. Ook Arshid Hussain niet, Sammy’s verkrachter. Pakistaanse immigranten bestempelen hun slachtoffers als ‘trash’, uitschot, in de ogen van de daders hebben de meisjes ‘geen eer’, citeert advocaat David Greenwood uit de dossiers. Hij is bij tal van rechtszaken aanwezig geweest. ‘Jullie hebben je kinderen opgevoed om te drinken en seks te hebben, wij maken daar alleen maar gebruik van,’ hoorde hij steeds weer.

Veel moslimdaders, zegt misbruikspecialist Greenwood, zien deze kinderen niet als kinderen omdat tieners in hun wereld voor huwbaar doorgaan. Het gaat ‘niet om pedofiele freaks, maar om mensenhandelaren’. Solidariteitsbetuigingen uit de Pakistaanse gemeenschap zijn er beslist ook. Zlakha Ahmed van de vrouwengroep Apna Haq, die huiselijk geweld bestrijdt, zegt: ‘Misbruik is misbruik. Het wordt tijd dat we dat erkennen en de daders ter verantwoording roepen, ook als ze uit ons midden komen.’ Een woordvoerder van de jonge generatie, Mobeen Hussein, heeft naam gemaakt als mediator en benadrukt dat zijn mensen de eersten waren die hebben gezegd: dit moet stoppen.

‘De Brits-Pakistaanse gemeenschap praat met ons, absoluut,’ bevestigt Alan Billings, de door de overheid aangestelde toezichthouder bij de politie van South Yorkshire. ‘We mogen niet toestaan dat onze maatschappij verdeeld raakt. Verbondenheid is belangrijk. En we mogen niet vergeten dat de daders brute criminelen zijn, die ook angst inboezemen bij hun eigen gemeenschap.’

Sammy Woodhouse heeft andere zorgen. Ze is niet geïnteresseerd in de motieven van de daders, maar wel in de overlevenden.

‘Seks met wederzijdse instemming’

Meer dan zevenhonderd meisjes uit Rotherham die een aanvraag tot schadeloosstelling voor het doorstane leed hadden ingediend bij de bevoegde overheidscommissie kregen een afwijzing. Ook Sammy moest haar schadeloosstelling bevechten. De motivatie van de autoriteiten: zelfs als hun verkrachters achter de tralies zitten, dan is nog niet uit te sluiten dat de meisjes de facto toch hebben ingestemd met de gemeenschap. ‘Seks met wederzijdse instemming’ heet dat. Zelfs de kinderen die op het moment van het vergrijp elf jaar oud waren, kan volgens de geldende wetgeving een schadeloosstelling worden geweigerd.

De verontwaardiging was groot toen dit bekend werd; de slachtoffers worden tot daders gemaakt, zo werd gezegd. De ministerie van Justitie beloofde hervormingen, maar tot nog toe is er niets gebeurd.

In Sammy’s nieuwe leven is er geen man en zijn er maar nauwelijks privécontacten. Ze heeft daar de kracht niet voor en torst te veel bagage met zich mee waarvan ze zich nog moet zien te verlossen: sinds haar tijd met Ashid Hussain heeft ze een lang strafblad. Veel meisjes hebben strafbare feiten gepleegd omdat ze daartoe werden gedwongen, omdat ze afhankelijk waren. Sammy strijdt nu voor een nieuwe wet, die ze ‘Sammy’s law’ noemt. Slachtoffers van groomingbendes, zegt ze, moeten erop kunnen vertrouwen dat hun strafblad wordt geschoond, want anders zijn ze bang om naar de politie te gaan. Tot op heden vindt ze geen gehoor.

Ze is nog altijd bezig om de brokstukken van haar leven op te vegen. Een paar jaar geleden, ze was toen vijfentwintig, geloofde ze er heilig in dat ze zich eindelijk geestelijk had losgemaakt van Mad Ash. Hij was nog op vrije voeten en zij had nog geen verklaring tegen hem afgelegd. Uit een affaire met een alcoholist kreeg ze een tweede kind. Toch ging ze terug naar Arshid Hussain. ‘Ik was alleen. En hij was de vader van mijn zoon.’ Mad Ash zat inmiddels in een rolstoel, hij was beschoten. Ze was er zeker van dat hij haar niets kon doen – maar misschien wel iets voor haar zoon.

‘Ik heb me ontzettend vergist. Wat hij mijn zoon heeft aangedaan, was onverdraaglijk, onbeschrijflijk.’ De tiener heeft nu ernstige psychische problemen. Zijzelf is nu meestal sterk, zegt ze. Alleen af en toe moedeloos. Omdat de angst blijft. ‘Ik krijg steeds weer mails van meisjes die nu het doelwit van die kerels zijn. Het houdt nooit op.’ Ze wijst naar de voordeur, die stevig gebarricadeerd is. ‘Die kerels zijn daar buiten.’

Auteur: Cathrin Kahlweit
Vertaler: Pieter Streutker

Cathrin Kahlweit is correspondent in Londen voor de Süddeutsche Zeitung. Ze werkt al ruim twintig jaar voor deze krant op verschillende redacties, zoals binnenland en Centraal- en Oost-Europa.

Openingsbeeld: Rotherham, een van de meisjes die aangifte heeft gedaan. – © Christopher Furlong / Getty Images

Süddeutsche Zeitung
Duitsland | dagblad | oplage 445.000

Opgericht in 1945. De intellectuele, liberale krant van links Duitsland. Samen met de FAZ een van de belangrijkste dagbladen van het land. De SZ staat bekend om de drie-eenheid: tolerantie, onafhankelijkheid en waakzaamheid.


Deel dit artikel


Recent verschenen