Het Venezuela van president Maduro is geen democratie meer, schrijft journalist Ángel Ruiz in een vlammend stuk. En het volk heeft het laten gebeuren.
Keuze uit het archief
Afgelopen donderdag heeft het Hooggerechtshof van Venezuela de resultaten van de presidentsverkiezingen van 28 juli, die gepubliceerd zijn door de kiesraad, gevalideerd en bekrachtigd. President Nicolás Maduro werd de winnaar met 51,95 procent van de stemmen, aldus het hof.
De oppositie verwerpt deze uitslag en beschouwt het Hooggerechtshof als een partijdige instantie die aan de leiband van Maduro meeloopt. Wie dit artikel van Ángel Ruiz van acht jaar geleden leest, begrijpt waarom de oppositie vraagtekens plaatst bij de verkiezingsuitslag. Van de drie pijlers van een democratie – scheiding van machten, vrijheid van meningsuiting en bescherming van minderheden – is in Venezuela onder Maduro zo goed als geen sprake meer, aldus Ruiz.
Van het begin af aan heeft de zogenaamde ‘bolivariaanse revolutie’, oftewel het ‘socialisme van de eenentwintigste eeuw’, angst en haat gezaaid onder de bevolking, met als resultaat politieke discriminatie en een polarisatie die het Venezolaanse volk verdeeld houdt. Neem bijvoorbeeld de ‘lijst-Tascón’, die gebruikt werd om mensen in overheidsdienst te ontslaan of om openbare instellingen, beheerst door de PSUV (Socialistische Eenheidspartij van Venezuela), in de gelegenheid te stellen mensen te weren die geen lid waren van de regeringspartij, en meer recentelijk de vervolging die vanuit de regering door Nicolás Maduro werd ingesteld tegen mensen die een petitie hadden getekend voor een terugroepreferendum [een recht dat is verankerd in de grondwet, en dat de bevolking in staat stelt politici na de helft van hun mandaat terug te roepen].
Een ander kenmerk van de huidige regering is machtsmisbruik. Het inzetten van de rechterlijke macht als instrument voor politieke controle, gevoegd bij vervolging van politieke dissidenten, heeft gezorgd voor een groot aantal politieke gevangenen, die wreed behandeld worden en wier rechten worden geschonden.
Een tiran kan met geweld aan de macht komen (door een staatsgreep of een revolutie), maar ook door middel van democratische verkiezingen
Een duidelijk voorbeeld van machtsmisbruik is ook het niet erkennen van de stembusoverwinningen van de oppositie. Het nationale parlement wordt niet erkend als politiek machtsorgaan dat brede steun onder de bevolking geniet, en in plaats daarvan hebben ze – in strijd met de grondwet – alle macht overgedragen aan de Constitutionele Kamer van het Hooggerechtshof, die gehoorzaamt aan de zogeheten ‘richtlijnen van Miraflores’ [het presidentieel paleis van Venezuela]. Bovendien heeft de regering onlangs op slinkse wijze burgemeesters van de oppositie afgezet, waarmee ze tegen de volkswil inging en apert in strijd met de grondwet handelde.
Verder hebben de regenten, met opzet en voorbedachten rade, het productieapparaat ontregeld, wat tot grote schaarste en desintegratie heeft geleid en het Venezolaanse volk heeft verarmd. Tot overmaat van ramp hebben ze ook nog lokale comités opgericht – de zogenaamde CLAP (Lokale Bevoorradings- en Productiecomités) – om politieke controle over de voedseldistributie te houden en zo te zorgen voor afhankelijkheid van de PSUV.

Na al die kenmerken van de regering te hebben opgesomd dienen we ons af te vragen of we in Venezuela van een democratie kunnen spreken, of dat we het een tirannie moeten noemen. Enige reflectie leidt tot een conclusie die al gemeengoed is onder de bevolking: dit is geen regering met een democratische signatuur, maar meer een tirannie. Het begrip tirannie staat gelijk aan vormen van overheersing en uitoefening van macht die we aanduiden met termen als dictatuur, absolutisme, totalitarisme en despotisme. Een tiran kan met geweld aan de macht komen (door een staatsgreep of een revolutie), maar ook door middel van democratische verkiezingen.
De kenmerken van een tirannie zijn machtsmisbruik en het zaaien van angst onder de bevolking als middelen om haar wil op te leggen; naarmate de bevolking armer wordt en steeds minder toegang krijgt tot culturele verworvenheden, neemt de angst voor de tirannie toe.
Niet vergeten mag worden dat democratie gekenmerkt wordt door drie fundamentele zaken: scheiding van machten, vrijheid van meningsuiting en bescherming van minderheden, dat wil zeggen dat minderheden niets in de weg mag worden gelegd om uit te groeien tot een meerderheid. Wij Venezolanen zullen niet lang aarzelen om te zeggen dat geen van die drie pijlers van de democratie in het huidige Venezuela aanwezig is.
Nachtmerrie
Gezien de ernst van de situatie dienen we in de eerste plaats te beseffen dat we niet net mogen doen of er niks aan de hand is en zo onze verantwoordelijkheid uit de weg gaan. En in de tweede plaats moeten we met zijn allen de handen ineen slaan om een oplossing te vinden. Niemand mag uitgesloten worden en niemand mag aan de kant blijven staan.
Wij Venezolanen zijn voor een groot deel zelf verantwoordelijk voor de nachtmerrie waarin we verkeren, omdat we niet op tijd in actie zijn gekomen om het regime in zijn machtsmisbruik de pas af te snijden, en omdat we niet op tijd de ernst inzagen van de uitspraken van het nieuwe regime – zoals ‘de koppen snellen van de tegenstanders’ en ‘socialisme of de dood’ – om maar te zwijgen van de eerste sinistere lijsten die deze regering opstelde van mensen die vervolgd dienden te worden.

