De vijf beste boeken voor de zomer.
Schrijven en surfen
De golf als verlossing
William Finnegan is al bijna drie decennia staff writer van de New Yorker. Hij heeft een boek geschreven dat hij zelf omschrijft als zijn ‘coming-out als een surfer’. Het leverde hem de Pulitzerprijs voor biografie en autobiografie op. The Guardian omschrijft Finnegan als ‘iemand die tot het inzicht komt dat hij altijd weer de golven opzocht zodra hij ergens aan wilde ontsnappen’.
Finnegan groeide op in Los Angeles en Hawaï en surft vanaf zijn tiende. Toen hij journalist was geworden leek schrijven over zijn hobby onlogisch, Finnegans stukken gingen over ‘oorlogen en grote kwesties’, niet over zijn hobby. Toen hij een stukje over Nicaragua verkocht aan de New Yorker, vroegen ze hem of hij ook iets langers kon leveren. Een profiel van zijn surfbuddy was het eerste wat Finnegan te binnen schoot. Het stuk liet zeven jaar op zich wachten, en het duurde al met al bijna dertig jaar voordat hetzelfde idee zijn weerslag vond in een boek, Primitieve dagen. ‘Ik aarzelde over mijn coming-out,’ aldus Finnegan.
“Als er één nadeel aan dit boek kleeft, dan is het dat de leunstoelsurfer wordt overspoeld door jaloezie” – The New York Times
‘Als er één nadeel aan dit boek kleeft’, schrijft The New York Times ‘dan is het dat de leunstoelsurfer wordt overspoeld door jaloezie die de beschrijvingen van zovele romances met de topmodellen van de surfwereld, de golven, teweegbrengen.’
Van Captain Cook tot Tom Wolfe hebben schrijvers geprobeerd het surfen te verbeelden, maar ‘het leek erop dat surfen, als een soort mystieke cultus van de heidenen, niet in een literaire beschrijving te vatten was’. Totdat dus Bill Finnegan het tegendeel bewees.
Dat het boek over méér dan surfen alleen gaat blijkt uit de kop van de recensie in Washington Post: ‘Op een golf door het leven’.
Primitieve dagen is vertaald door Roland Fagel en Emile Schra voor uitgeverij Prometheus.
Negeer deze recensie
Verrassend familieverhaal met aap
‘Om dit boek precies te ervaren zoals de auteur het bedoeld heeft’, schrijft The New York Times, ‘moet de lezer alles negeren wat erover is geschreven, inclusief de flaptekst en deze recensie.’ In Totaal door het dolle heen van Karen Joy Fowler (auteur van The Jane Austen Book Club) komt de aap namelijk niet direct uit de mouw, en het zou zonde zijn om al te weten wat er gaat gebeuren. Maar het boek is zo complex dat het onmogelijk is om erover te praten zonder die aap wel van meet af aan te noemen. Die aap is een chimpansee, om precies te zijn. Meer zullen we er hier niet over zeggen.
‘Vorig jaar was Totaal door het dolle heen genomineerd voor de Booker Prize. Op dit moment verkoopt het boek beter dan de winnaar. Hoe dat kan? De macht van de lezer: 1286 recensies op Amazon, tegenover 394 voor Flanagan [de winnaar]’, constateert The Guardian.
‘Een meeslepend en prachtig geschreven drama over de o-zo-menselijke zwaktes in het familieleven’, vindt Toronto Star..
Uitgever is Nieuw Amsterdam, de vertaling is van Wim Scherpenisse.
Een zeehond villen
Een onbewoond eiland is niet leuk
Aanvoelen uit welke hoek de wind gaat waaien is misschien de taak van elke schrijver, maar Isabelle Autissier deed het niet alleen achter haar schrijftafel. Zij is behalve romancier ook de eerste vrouw die solo de wereld rondzeilde.
Tweemaal in haar carrière als zeilster leed ze een hachelijke schipbreuk. Ze werd gered en gooide het roer om. Na een operalibretto en een eerste roman werd ze met haar tweede, Plotseling, alleen, genomineerd voor de Prix Goncourt.
Het is het verhaal van een stel jonge Parijzenaars (zij: belastingconsulente, hij: communicatieadviseur) dat een zeiltocht rond de wereld maakt maar door een samenloop van noodlottige omstandigheden vast komen te zitten op een onbewoond eiland, zonder hun boot.
‘Droomt u wel eens van een onbewoond eiland? Lees eerst Isabelle Autissier’ – L’Obs
‘Droomt u wel eens van een onbewoond eiland? Lees eerst Isabelle Autissier’, adviseert L’Obs. ‘De grote kracht van het boek: alles stap voor stap beschrijven, ons de kou laten voelen, de honger, de angst, de plotseling opvlammende onderlinge haat die vreet aan het echtpaar. Enkele dialogen zijn wat onhandig (het zijn er maar weinig), maar desondanks leest het verhaal als een thriller en het zou een misdaad zijn om de ontknoping te vertellen. Een ijskoud verhaal, met als rode draad een onderzoek naar datgene waar de mens werkelijk op terugvalt in de wildernis, zie daar een roman die door Isabelle Autisser ontzettend goed op koers wordt gehouden.’
Libération leest Plotseling, alleen als het verslag van een huwelijkscrisis. ‘Het protocol van een ruzie is universeel, alleen het decor is exotisch.’
Le Figaro geniet ervan dat Autissier schrijft vanuit haar ervaring en niet vanuit haar fantasie. ‘Zij is niet het soort schrijver dat achter haar bureau gaat zitten verzinnen. In de Robisonverhalen uit de negentiende eeuw leest men zinnen als: “Ze bouwden een afdak en roosterden het vlees.” In de roman van een zeezeilster gaat het er anders aan toe.’ Het villen van een zeehond blijkt geen eenvoudige klus.
Plotseling, alleen verschijnt bij de Bezige Bij, de vertaling is van Floor Borsboom.
Duitse gevoeligheden
Postume roman van Siegfried Lenz
Van de twee jaar geleden gestorven Duitse auteur Siegfried Lenz verschijnt postuum een roman met een bijzondere ontstaansgeschiedenis. De overloper is al in 1951 geschreven. Lenz gaf het boek aan uitgeverij Hoffmann und Campe en kreeg een redacteur toegewezen. Volgens de Frankfurter Allgemeine Zeitung was dat ‘een nogal dubieuze figuur’ die voor de nazi’s had gewerkt.
De thematiek van het overlopen in de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog was precair. Met een brief vol bluf sommeerde deze Otto Görner Lenz allerlei veranderingen aan te brengen. Waarna de jonge auteur zijn manuscript maar in een la opborg en andere boeken ging schrijven.
In zijn nalatenschap werd het manuscript teruggevonden. Volgens Die Zeit ‘bespeelt Lenz vooral het klavier van het melodrama’ in deze liefdesgeschiedenis van een Wehrmachtsoldaat en een partizanenstrijdster.
De vertaling door Gerrit Bussink wordt uitgegeven door Van Gennep.
De nieuwe Lionel Schriver
Over de dag dat Amerika failliet gaat
‘Ons land heeft een gigantische schuld – meer dan een triljoen dollar in schuldpapier – bij een goed bewapende communistische dictatuur, China’, schrijft de Amerikaanse editie van Elle. ‘Als u ongemakkelijk wordt van deze olifant in de nationale woonkamer, die zich nog even schuilhoudt achter het tumult van het verkiezingsjaar, de klimaatverandering en de vrijhandelsverdragen, dan kunt u verlossing vinden in de hilarische, briljante nieuwe roman van Lionel Shriver, want daarin worden de gevolgen glashelder.’
De Mandibles (volgende maand bij Atlas Contact) vertelt het verhaal van de familie Mandible uit Brooklyn anno 2029, waar de geschiedenis een dystopische wending heeft genomen: Amerika’s geld is op, echt op. De regering confisqueert al het goud van de Amerikanen, tot hun trouwringen aan toe.
Ken Kalfus merkt in Washington Post op dat dystopische verhalen meestal vanuit een links-liberaal perspectief zijn geschreven. ‘De twaalfde roman van Lionel Schriver tapt uit een heel ander vaatje.’ Keynesiaanse economen, een generaal pardon voor illegalen en het beleid van Chelsea Clinton krijgen de schuld. Kalfus heeft sympathie voor Schrivers personages, maar zijn bezwaar tegen het boek is dat de dialogen te uitleggerig zijn en sommige elementen karikaturaal op het racistische af.
Ook The Independent is niet onverdeeld gelukkig met het boek. ‘De Mandibles is half een economisch traktaat, half een dystopische roman en zeker aangrijpend hier en daar, maar het boek brengt meer verwarring dan angst.’
Arthur Wevers en Jan de Nijs maakten de vertaling.
Auteur: Pieter van den Blink

