3 ruslands grootheidswaan


Waarom blijven de Russen in overgrote meerderheid achter de politiek van Poetin staan, terwijl ze daarvoor zo moeten afzien?

Eind 2015 vond er een historische gebeurtenis plaats in het kader van de wereldwijde strijd tegen IS: het Groothertogdom Luxemburg verdubbelde zijn militaire contingent in het Midden-Oosten – in plaats van één vechten er nu twee soldaten mee. Dit land met een bevolking die even groot is als het inwonertal van Jaroslavl of Machatsjkala blaast zijn partijtje mee in de wereldpolitiek. Het noemt zich een ‘groot’hertogdom. Het is net als wij. Ook wij blazen ons partijtje mee in de wereldpolitiek en ook wij noemen ons groot. Alleen ligt het gemiddelde inkomen in Rusland onder de 12.000 dollar terwijl het in Luxemburg meer dan 100.000 dollar is.

Waar ik naartoe wil is dit: het is de moeite waard om te doorgronden waarom sinds twee jaar een overweldigende meerderheid – of beter gezegd een overweldigde meerderheid – van de Russen zo opgewekt en zelfs vol vuur instemt met onze buitenlandse politiek. Waarom ze zo staan te juichen bij de afbrokkelende stabiliteit, het instorten van de economie, de daling van de roebel en de inkomens, de inflatie met dubbele cijfers en de onmogelijkheid om op vakantie te gaan waarheen ze maar willen – voor zover ze dat kunnen – in ruil voor één, niet al te groot schiereiland dat voor Russen niet eens ontoegankelijk was.

Geen gewoon land

Het antwoord hierop moeten we misschien voor een deel zoeken in de twee historische, van generatie op generatie doorgegeven fundamentele angsten, die twee Russische fobieën waardoor we niet in staat zijn om ons land als ons huis te zien, ik bedoel als een plek die aangenaam is en toegesneden op onze behoeften, en niet als een soort wapen dat angst bij de anderen moet oproepen.

Grote nationale angst nummer één is dat Rusland een ‘gewoon land’ wordt. Rusland wil per se een grootmacht zijn. Nationale angst nummer twee is de angst voor verandering. Daarom durven we onze leiders niet te vervangen, nog los van hoe wreed of absurd hun handelwijze ook is. Daardoor is er bij ons geen sprake van een geleidelijke ontwikkeling, van een geregelde afwisseling van stabiliteit en verandering. Bij ons verandert alles radicaal en in één klap. Van tijd tot tijd overkomt ons waar we zo bang voor zijn. Revoluties ontstaan vaak onverwacht, juist vanwege de panische angst voor verandering en niet omdat we die zo graag wilden.

In zijn vijfentwintigjarige post-Sovjetbestaan is Rusland blijven hangen in een infantiele fase vol pubercomplexen

Deze beide angsten verbinden volk en machthebbers, al leven ze in volledig gescheiden werelden. En zowel voor het volk als voor de machthebbers geldt dat een land alleen dan een grootmacht is als het in staat is een gebied van zijn buurman in te nemen of iemand op duizenden mijlen afstand te kapot te maken – wie en waarom is van secundair belang. Een gewoon land zijn, zelfs als dat het beste onderwijssysteem ter wereld, excellent wetenschappelijk onderzoek en een bijzondere cultuur heeft – om van goede wegen, kwalitatief goede ziekenhuizen en onderhouden verwarmingsbuizen nog maar te zwijgen –, dat vinden we gezeur en daar malen we niet om. Maar de toekomst van de wereld bepalen of, wat vaker voorkomt, de hele planeet tergen, dat is een andere zaak.

Omdat we goed zijn in lijdzaamheid, ook al heeft dat op het leven van gewone mensen vaak een absurde en gewoonweg destructieve uitwerking, zijn we bereid om af te zien. Als je niet voor je huis wilt zorgen en je bent bang om van leider te wisselen, wordt lijdzaamheid automatisch een belangrijke eigenschap. Je moet het alledaagse ongerief en de machtswillekeur verdragen en je hoofd laten volstoppen met allerlei nieuwe mythische prestaties die onze grootsheid aan de wereld moeten tonen. En we beoordelen onze leiders gewoonlijk op hoe goed ze anderen hun tanden kunnen laten zien.

Al hebben we formeel een systeem van verkiezingen, onze leiders zijn net als ouders. In die zin dat je ze niet voor het kiezen hebt. Het is overduidelijk dat in ons land en ook binnen gezinnen geen liefdevolle sfeer heerst, maar macht en lijdzaamheid op een eigenaardige manier worden verheerlijkt. ‘Wie zijn kinderen liefheeft, kastijdt ze’, ‘blijf elkaar verdragen, dan volgt de liefde wel’, zeggen ze bij ons. Ook dit komt voort uit onze beide grootste nationale angsten.

Die lijdzame houding van de Russen zal dus voorlopig niet verdwijnen. Ondertussen gaat het wel fout met de economie, doordat niemand zich daarom bekommert. Of met de oorlog, die zich al te lang voortsleept en die bij gebrek aan duidelijke overwinningen tot algehele apathie leidt. Als de leiders niet af te zetten zijn en ze toch het land niet leiden, dan is het geen wonder dat er sprake is van nationale ontwrichting wanneer ze om normale, fysieke redenen of gewoon vanwege de totale ontwaarding van de roebel worden vervangen. We zijn dan echt verbijsterd: alles leek toch prima te gaan en opeens moeten we weer bij nul beginnen met de opbouw van de staat.

Constant beledigd

In 2016 herdenken we dat het vijfentwintig jaar geleden is dat de Sovjet-Unie uiteenviel en het Russische Gemenebest van Onafhankelijke Staten op de wereldkaart verscheen. Een kwart eeuw. Dat is de tijd die een mens nodig heeft om echt volwassen te worden. Maar in zijn vijfentwintigjarige post-Sovjetbestaan is Rusland blijven hangen in een infantiele fase vol pubercomplexen. Het heeft zich nog niet van de Sovjet-Unie weten te bevrijden, noch in mentaal, noch in economisch opzicht. We voelen ons constant beledigd en beledigen zelf ook.

We hebben onze plaats in de wereld nog niet gevonden. We hebben onze economie niet opgebouwd. Onze inkomsten, zowel die 
van de miljardairs als die van de huisvrouwen, halen we nog steeds uit de verkoop aan het buitenland van olie en gas uit putten die ten tijde van de Sovjets zijn geslagen, en van wapens die in de Sovjetperiode zijn ontwikkeld. We blijven maar vinden dat ‘het land zijn boeren moet voeden’ en dat het ‘aan de overheid is om te beslissen’. Over het algemeen denken we in de eerste persoon meervoud, en zeggen we nooit ‘ik’.

Een ‘normaal’ land zijn waarin de mensen en hun levens belangrijker worden gevonden dan de staat met zijn ‘belangen’, is niet iets om bang voor te zijn of je voor te schamen. Als een verandering door volk en regering worden gedragen, en als diezelfde regering niet bang is voor een wisseling van de wacht, als die verandering plaatsvindt op een logische en geleidelijke manier en niet als een laatste reanimatiepoging na een zoveelste ramp, dan is dat niet erg, maar juist goed. En voor wie echt niet zonder trots op zijn land kan leven: roven wat een ander toebehoort of schieten op wie ons aanvalt zal daarbij niet helpen.

Auteur: Semen Novoprudski
Vertaler: Valentijn van Dijk

Gazeta.ru
Rusland | gazeta.ru
De Russische nieuwssite met een liberaal profiel onderscheidt zich door zijn snelle reactievermogen ten opzichte van de actualiteiten en zijn brede verslaggeving van zowel Russisch als internationaal nieuws. Met regelmaat publiceert het blad ook bijdragen van bekende opinieleiders. Heldere, moderne vormgeving.


Deel dit artikel


Recent verschenen