360 maakt voor u een keuze uit door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland en Vlaanderen komen.
Een echte held, verlamd van schrik
In de nieuwe roman van Denis Johnson staat alles uit het lood
LITERATUUR – De bladeren vallen en dus begon The New Statesman vast met de jaarlijstjes. ‘Mijn “boek van het jaar” voor 2014 is De lachende monsters van Denis Johnson’, schreef Dave Eggers, zelf auteur van maatschappelijk geëngageerde romans als Wat is de Wat en De cirkel. De lachende monsters gaat over een geheim agent in Sierra Leone. ‘Ik ben gek op alles wat Johnson doet’, gaat Eggers verder. ‘Ik had niet gedacht dat er ooit iets beters zou komen dan Angels of Jesus’ Son [Johnsons debuutroman en een verhalenbundel], maar dat is dit wel.’
In The New York Times schreef een andere Amerikaanse schrijver, Joy Williams: ‘Denis Johnson is de schrijver die het dichtste bij de grote Robert Stone in de buurt komt, hoewel diens beheersing van plot en structuur bij Johnson ontbreekt. Maar die lees je dan ook niet om zijn structuur, maar om zijn ontregelende effect en de felle verbazing die hij teweegbrengt. Een schrijver moet zo schrijven dat geen enkele lezer onwetend kan blijven over de wereld en zodat niemand meer kan zeggen dat hij er niks mee te maken heeft hoe het allemaal zo gekomen is. Dat zegt Sartre, ongeveer, in Wat is literatuur. Johnson schrijft precies op die manier.’
Michael Mewshaw van The Washington Post is al even enthousiast: ‘Johnson zet werkelijk alles op z’n kop. Een ondervragingsscène doet eerder denken aan stand-up comedy dan aan Abu Ghraib. Als de mannen van de Mossad in werkelijkheid oplichters blijken te zijn, krijgt [hoofdpersoon] Nair, in tegenstelling tot de traditionele actieheld, een verlamming van schrik. De lezer die een morele les verwacht, een blijk van vaderlandsliefde, een aansporing tot beter gedrag, een politieke oplossing voor de talloze problemen van Afrika, of een fatsoenlijke samenkomst van alle plotlijnen, zal teleurgesteld zijn. (…) Critici hebben wel beweerd dat Johnsons visie op de werkelijkheid lijkt op een nachtmerrie van iemand die te veel drugs heeft gebruikt. Maar wie zich zijn reportages herinnert voor Esquire over de burgeroorlog in Liberia, zal begrijpen hoezeer De lachende monsters is gebaseerd op zijn huiveringwekkende persoonlijke ervaringen.’
De lachende monsters, vertaald door Peter Bergsma, verschijnt bij De Bezige Bij.
Wat doet een tv-serie in een kunstgalerie?
Melanie Gilligan gaat op pad met een mokerhamer
VIDEOKUNST – Melanie Gilligan maakte als een van de eersten kunst van de kredietcrisis. Crisis in the Credit System was een film, in vier delen, niet voor het witte doek maar voor het internet. Vier weken na de ineenstorting van Lehman Brothers stond de eerste aflevering online.
The Independent noemde het vierluik ‘baanbrekend’ maar de Canadese, in Londen woonachtige Gilligan bleef ongrijpbaar voor de media. Was dit nu videokunst of een tv-serie? De Toronto Star: ‘Het simpele feit dat Gilligan een verhaal wil vertellen, compleet met personages, een spanningsboog en een slot, gaat in tegen de conventies van videokunst. Die heeft als vuistregel het verwerpen van elke conventie, ten gunste van dubbelzinnige vormexperimenten.’
De ongrijpbaarheid zit ’m erin dat Crisis in the Credit System en Gilligans volgende films, Self-Capital en Popular Unrest, door de maakster als kunstwerken worden gepresenteerd. Behalve op internet zijn ze te zien in galeries, niet op televisie.
Net als haar eerste film was ook Self-Capital een aanklacht tegen de wereld van het grootkapitaal. The Globe and Mail, eveneens Canadees, verzuchtte onder de kop ‘Een mokerhamer laat je nooit in de steek’ dat ‘er zeker kalmere, meer doordachte manieren zijn om de ellende van financiële wereld te benaderen, maar op dit moment zie ik liever Gilligan haar hamer zwaaien. Het geluid van ruisend puin klinkt als muziek voor de gekwetste ziel (en portemonnee).’
Voor de miniserie The Common Sense, Gilligans vierde en meest omvangrijke project tot nu toe, bundelen drie kunstorganisaties in Nederland hun krachten. Gezamenlijk schreven zij één opdracht uit aan Gilligan. De afleveringen van Gilligans miniserie worden deze winter gepresenteerd in drie gedeeltelijk overlappende tentoonstellingen, respectievelijk in Casco – Office for Art, Design and Theory in Utrecht, De Hallen Haarlem (beide vanaf 13 december 2014), en de Appel arts centre (opening: 23 januari 2015) in Amsterdam.
Nieuwe roman van Michel Faber
Da’s nog eens wat anders dan Knausgård
LITERATUUR – Twaalf jaar na het wereldwijde succes van Lelieblank, scharlakenrood verschijnt de nieuwe roman van Michel Faber. Het boek van wonderlijke nieuwe dingen vertelt het verhaal van een priester die op intergalactische missie wordt gezonden en op de planeet Oasis in aanraking komt met buitenaardse wezens. Zijn vrouw is ondertussen eenzaam achtergebleven op aarde.
Uitgeverij Podium brengt de Nederlandse vertaling (door Harm Damsma en Niek Miedema; Faber zelf woonde maar tot zijn zevende in Nederland en daarna achtereenvolgens in Australië en Schotland) vrijwel gelijktijdig met het Engelse origineel. Marcel Theroux begint zijn recensie in The New York Times met een definitie van sciencefiction: ‘Imaginaire reizen naar mogelijke werelden vanwaar de lezer des te krachtiger wordt teruggevoerd naar de droeve en de mooie kanten van het menselijk bestaan.’ Maar voor Faber is het exploiteren van een genre niet genoeg, schrijft Theroux. ‘Lezers van Onderhuids [uit 2000] zullen de methode herkennen: hij neemt een standaardgegeven voor een sciencefictionverhaal en met het geduld en de concentratie van een tai chi-meester bouwt hij dat uit tot het punt waarop de meest onverwachte verbindingen, emoties en ironische lagen ontstaan. Faber is je ideale reisgids voor een tocht naar een onbekende planeet. Hij is een kenner van het vreemde, in staat om het rare in eindeloze gradaties te schilderen. (…) Net als in Onderhuids wordt de lezer onmiddellijk in het verhaal getrokken door de combinatie van voorbijflitsende merkwaardigheden en de spannende opbouw van het plot.’
De recensent van de Britse Times vindt Het boek van wonderlijke nieuwe dingen ‘zelf een heel raar ding. Het is een bijzonder serieus boek over de standvastigheid van iemands geloof en, in mindere mate, van iemands huwelijk, verpakt als sciencefiction met een onverwachte schatplichtigheid aan de Marvel-strips [de superheldenstrips van Amerikaanse uitgeverij Marvel, die in 2009 werd overgenomen door The Walt Disney Company], die in het dankwoord worden genoemd.’
… een weerlegging van het credo dat de hoogste vorm van literaire ernst een Noorse man is zijn havermoutontbijt beschrijft
Theroux eindigt zijn lovende recensie met een sneer aan het adres van de Noor Karl Ove Knausgård, auteur van hyperrealistische bestsellers over zijn eigen bestaan. ‘Het boek van wonderlijke nieuwe dingen is, onder andere, een weerlegging van het credo dat de hoogste vorm van literaire ernst te vinden zou zijn bij een Noorse man die probeert zijn havermoutontbijt te beschrijven. Faber doet ons beseffen dat er naast zulke naar authenticiteit strevende literatuur een andere literatuur bestaat, de literatuur van de betovering, die de lezer vraagt om mee te gaan naar het niet-bestaande, met het doel te ontwaken uit de droom van de werkelijkheid.’
Het fluisteren van de eeuwigheid
Pasolini beweegt de camera alleen als het echt moet
FILM – Uberto Pasolini is een Italiaanse filmproducent en regisseur. Volgens de Internet Movie Database is hij gek genoeg géén familie van Pier Paolo Pasolini maar wel van Luchino Visconti. Still Life is de tweede film die hij zelf regisseert. Hij vertelt het verhaal van een eenzelvige Londense ambtenaar wiens taak het is om mensen die in volstrekte eenzaamheid zijn gestorven op waardige wijze de laatste eer te bewijzen. Een taak die hem zeer ter harte gaat.
In Australië ging de film al in juli in première. Daar schreef Leigh Paatsch in The Courier Mail: ‘Een statische, stoïcijnse gratie onderscheidt deze film van vrijwel al het andere bioscoopaanbod van vandaag. De camera beweegt alleen als dat absoluut noodzakelijk is. Hetzelfde geldt voor hoofdrolspeler Eddie Marsan, die elk aspect van zijn rol terugbrengt tot het absolute minimum. Toch is deze spartaanse structuur niet bedoeld om de kijker te choqueren of te doen huiveren. Integendeel, de film ontwikkelt zich zorgvuldig tot een zeldzaam warme en troostende ervaring; nogal een onderneming voor een verhaal dat van dood, eenzaamheid en mislukte levens aan elkaar hangt. (…) De terughoudendheid en de zelfbeheersing van regisseur Pasolini – doorgegeven in het pijnlijk precieze acteren van Marsan – stuurt de film steeds in de juiste richting.’
De Italiaanse Corriere della Sera noemt het spel van Eddie Marsan ‘buitengewoon’ en prijst de vondst om hem vrijwel de hele film lang frontaal te filmen, ‘met ogen die een rechtstreeks appel aan de kijker lijken te doen’.
In Duitsland kwam de film uit onder de titel Mr. May und das Flüstern der Ewigkeit. De Berliner Zeitung schrijft: ‘Mr. May und das Flüstern der Ewigkeit neemt de kijker mee op reis naar de uithoeken van het menselijk bestaan, naar de verlatenen en de verlorenen. Langzaamaan raakt de film steeds opgewekter. En de melancholie, die blijft, maakt ook gelukkig.’
Still Life gaat op 1 december in première in de Nederlandse bioscopen.
Als de molotovcocktails over de schrijftafel vliegen
Andrej Koerkov kon in Kiev geen fictie meer schrijven
LITERATUUR / LEZING – Andrej Koerkov is de beroemdste schrijver van Oekraïne. Hij schrijft niet in het Oekraïens maar in het Russisch. Met andere woorden: hij belichaamt de gespletenheid van zijn land. Waarom zijn werk in het Nederlandse taalgebied veel minder bekend is dan bijvoorbeeld in de Angelsaksische wereld, weet niemand.
Uitgeverij Nieuw Amsterdam bracht in 2008 wel zijn satirische roman De laatste liefde van de president uit, maar lijkt zich sindsdien niet meer om Koerkov te bekommeren. In dat boek wordt een fictieve Oekraïense president vergiftigd, zoals later in werkelijkheid gebeurde met Viktor Joesjtsjenko. Koerkov combineert dit gevoel voor de tijdgeest met een neiging tot surrealisme. Toen een jaar geleden, op 21 november, de protesten op het Maidanplein in Kiev begonnen, lukte het Koerkov niet meer om aan zijn volgende roman te werken, en begon hij in plaats van fictie aan een dagboek te schrijven. Hij moest wel, schrijft Colin Freeman in The Daily Telegraph; het Maidanplein is ‘slechts een molotovcocktailworp verwijderd’ van waar de schrijver woont met zijn gezin.
Zijn persoonlijke ervaringen zullen ook het onderwerp zijn van de lezingen. Freeman schrijft: ‘Wie spannende verhalen van de frontlinie zoekt, heeft niks aan dit boek. Koerkov, 53 jaar, is een schrijver, geen revolutionair, en hoewel hij de pro-Europese claims van het Maidanprotest onderschrijft, is hij meer een waarnemer dan een deelnemer aan de gebeurtenissen. (…) Hoe groot zijn afkeer van het pro-Russische regime van Janoekovitsj ook is, Koerkov waarschuwt dat de pro-Europese sentimenten beperkt blijven tot Kiev en het westen van Oekraïne. Op de Krim en in het door Rusland gedomineerde oosten is ‘Europa te ver weg’ en de droom van EU-lidmaatschap eenvoudig ‘non-existent’. Dientengevolge zijn de Oekraïners ontvankelijk voor de krankzinnigste Russische propaganda, zoals de waarschuwing dat de homo’s meer rechten zullen krijgen zodra Oekraïne een handelsverdrag met Brussel sluit.’
Andrej Koerkov komt op 17 en 18 december naar Nederland om een lezing te houden (eerst in Lux, Nijmegen, dan in De Balie, Amsterdam).
Een enkel nummer had vergeten mogen blijven
Ouwe rocker Adams kan nog veel, maar niet alles
CONCERT – De ouwe rocker Bryan Adams is een succesvol exportproduct van Canada. Dertig jaar na zijn succesvolle album Reckless gaat hij, onder die titel, op een jubileumtournee. De Liverpool Echo zag de show, die op 8 december Amsterdam aandoet (Ziggo Dome), al voorbijkomen: ‘Behalve de belegen paparock van “Kids Wanna Rock” klinken de nummers van Reckless nog steeds fris, zeker het pittige nummer “Run to You”. En met zijn karakteristieke – en loepzuivere – stem is ook nog altijd niks mis.’ Maar als alle nummers van Reckless de revue zijn gepasseerd, volgen er ook nog ‘lang vergeten nummers die beter vergeten hadden kunnen blijven, tenzij je een heel fanatieke fan bent’. En welbeschouwd ziet Adams er op zijn vijfenvijftigste uit ‘als iemand die veel meer lol in het leven heeft dan de humeurige jonge rocker die ons aankijkt vanaf de hoes van Reckless’.
The Telegraph vat de indruk van deze show samen in een kop die zowel een oeraanprijzing van de rock kan zijn als een cynische waarschuwing: ‘Banale liedjes, enthousiast gebracht’. De laatste interpretatie is wat de recensent bedoelde. ‘Een kleine band van zeer professionele studiomuzikanten begeleidde Adams’ foutloos raspende stem, zijn handelsmerk. Dat gaf de openingsnummers een frisse tint die weliswaar indrukwekkend, maar niet inspirerend was.’ Pas veel verderop in het concert leken de muzikanten uit de routine te breken. ‘Toen klonk het als een echte band in plaats van een verzameling al te strakke begeleiders (…) en was het kortstondig opwindend.’
Lenferink leest mee
Jacqueline Bouvier Kennedy Onassis: The Untold Story
BIOGRAFIE – Wat we zouden kunnen leren uit de nieuwe biografie van Jackie Kennedy: oude vrienden waarschuwden Jacqueline voor John F. Kennedy: te oud, te promiscue. Haar moeder zag ook wel zijn duistere kanten, maar voor haar was een goed huwelijk vooral een verbintenis met een rijke man. Vader Kennedy ziet wat Jackie in kan brengen: stijl en social standing. The deal is done.
Het huwelijk is de societygebeurtenis van het jaar 1953. En Jackie hoeft niet op een dollarcent te kijken als zij hun eerste huis (niet wit, maar wel op een duur adres in Washington D.C.) inricht. Zij is nu de vrouw van een senator met presidentiële ambities, en koopt een poedel die zij Gaulli noemt. Jawel, naar president De Gaulle, die zij als jong meisje reeds vereerde, en wiens avonturen als leider van het Franse verzet zij volgde via radio en krant.
Zo barst Jacqueline Bouvier Kennedy Onassis: The Untold Story van nieuwe feiten en feitjes. Dat mag je ook verwachten van auteur Barbara Leaming, die haar sporen bij The New York Times ruimschoots heeft verdiend.
Een tijdje later: we schrijven nu mei 1960.
President Kennedy bereidt zich voor op zijn staatsbezoek aan Frankrijk. Hij ziet daar reuze tegenop. Van de oorspronkelijke euforie rond zijn inauguratie begin dit jaar, is weinig meer over. De poging in april om het regime van Fidel Castro omver te werpen is mislukt. Kennedy is het lachertje van de internationale politiek. Chroesjtsjov, die Kennedy in Wenen zal ontmoeten, na zijn bezoek aan Frankrijk, noemt hem openlijk een softie.
Ook Jackie bereidt zich voor. Parijs is een uitdaging voor een vrouw die in eigen land al bijna een stijlicoon is. Natuurlijk pakt ze haar Amerikaanse garderobe, maar haar pièce de résistance is een avondjurk-plus-mantel van de Franse couturier Hubert de Givenchy die ze zal dragen op het slotdiner in de Spiegelzaal van Versailles, het paleis van de Roi Soleil, Lodewijk de Veertiende, over wie zij, aldus De Gaulle, ‘meer weet dan de meeste vrouwen in Frankrijk’.
In het gevolg van de president is, speciaal voor deze reis, een nieuwe adviseur benoemd. Hij stinkt naar sigaretten en heeft vieze nagels, niet wat je noemt een klassieke diplomaat. Zijn naam: Max Jacobson, bij zijn patiënten beter bekend als Dr. Feelgood. Kennedy had al eerder van zijn diensten gebruik gemaakt tijdens zijn verkiezingsdebatten met Nixon, toen Jack een uitgesproken ontspannen indruk maakte. Jacobson maakt zijn eigen geheime medicijnen op basis van onder andere meth, amfetamine, steroïden, calcium en placenta’s van apen. De president wenst in Parijs niet op krukken gesignaleerd worden, noodzakelijk volgens zijn officiële lijfarts vanwege zijn slechte rug. Ook Mrs. Kennedy, die de publieke verplichtingen van een first lady – ze haat die titel – zo veel mogelijk uit de weg gaat, ontmoet een paar weken voor het staatsbezoek op aandringen van haar man de wonderdokter. Ook zij knapt aanzienlijk op na een prikje. Wie niet, zou ik haast zeggen.
Het staatsbezoek werd vanaf het begin, en tot aanvankelijke verbazing van president en entourage, een groot, nee een klinkend succes – dankzij Jackie. Het begon al bij de aankomst van het paar op Orly. De rit van het vliegveld naar de hoofdstad werd een triomftocht, en in Parijs klonk het ‘Vive Jacqueline’ uit een miljoen Franse kelen. Zij had de harten van de Parijzenaren al gestolen voordat het vliegtuig landde!
De avond ervoor had de Franse televisie een interview met Jacqueline Bouvier Kennedy uitgezonden. Het gesprek was al eerder opgenomen in het Witte Huis. ‘Speaking in very pretty French’, schrijft Leaming, ‘stelde zij zichzelf voor als een dochter van Frankrijk’. Niet helemaal onwaar. Haar voorouders waren Fransen die naar Amerika waren geëmigreerd, weliswaar niet van adel, zoals haar eigen grootvader had doen voorkomen, maar Frans bloed stroomde ontegenzeggelijk door haar aderen. Haar liefde voor Frankrijk en zijn taal en cultuur raakte de Fransen in het hart. Had ze niet zelf als jonge vrouw in Parijs gewoond? Het interview was een sensatie, en De Gaulle weet het enthousiasme van zijn landgenoten voor het presidentiële bezoek aan ‘the French public’s fascination with Mrs. Kennedy’.
Dat kon de Amerikaanse president in zijn zak steken. En dat deed hij met bijna Franse élégance, toen hij op een persconferentie verklaarde dat ‘hij met genoegen Jacqueline Kennedy had begeleid op haar reis naar Parijs’. De besprekingen met De Gaulle op het politieke vlak verliepen een stuk gemakkelijker.
Jackies schoonvader zal voldaan gegrijnsd hebben toen hij de enthousiaste reportages op televisie zag. Na het staatsdiner in Versailles riepen de Franse kranten zijn schoondochter uit tot ‘koningin van Parijs’. Zijn dochters noemden hun schoonzus achter haar rug spottend ‘prinsesje’ wanneer zij als Jacqueline wenste te worden aangesproken, en niet als Jackie.
Ik hoor u zeggen: de titel van het boek luidt ‘Jacqueline Bouvier Kennedy Onassis’, vertel ons nog wat over Aristoteles Onassis, die haar verloste van haar imago van de heilige weduwe Kennedy, maar wel opzadelde met dat van fortune hunter: ‘Jackie Oh’ was haar nieuwe naam in de krantenkoppen.
Sommige biografen (ik heb 13 bio’s over Jackie op de plank staan) suggereren dat Bobby Kennedy de echte liefde van haar leven was, haar troost en toeverlaat na de dood van Jack. Hij was de eerste die aan haar bed verscheen toen ze een miskraam kreeg. Jack was ergens op bimbojacht, en onbereikbaar (er waren nog geen mobieltjes in die tijd). Tegelijkertijd was Ari O. ook niet van haar zijde te slaan. Hij steunde haar financieel, waar ze niks op tegen had. Vrouwen omschreven haar als ‘geisha’. Jackie was een mannenman, met haar fluisterstem vroeg ze hun om raad. En Onassis had geld, veel geld. En een zoon die neerstortte met zijn helikopter. En een dochter die de haar vader ervan wist te overtuigen dat diens dood door Jackie kwam, die zij ‘The Black Widow” noemde.
Leaming weet die krankzinnige bijgelovige Griekse sfeer zo goed te schilderen, dat je medelijden krijgt met Jackie, en je afvraagt waarom Griekenland ooit in de EU is opgenomen. Jackie zocht misschien luxueuze protectie, maar Ari zocht een toegang tot de Amerikaanse politiek. En Bobby gebruikte haar ook. Zonder haar zou hij nooit president kunnen worden.
De laatste man in het leven van Jackie – zijn naam staat niet in de titel van het boek, en hij is ook nooit met haar getrouwd, want hij was al gehuwd: de Belgisch-Amerikaanse zakenman Maurice Tempelsman – lijkt haar gelukkig te hebben gemaakt. En rijker. Hij belegde haar erfenis van Onassis zeer goed. Hij kwam in haar appartement wonen. Bij haar vorige mannen trok zij in. En ze bleven samen tot het eind van haar leven. Als ze samen in het Central Park wandelden, spraken ze Frans.
Toen ik de biografie uit had, wist ik niet waar ik moest beginnen om u duidelijk te maken wat voor een briljant boek het is. Niet alleen als het gaat om de gebeurtenissen in Jackie’s leven, maar ook om haar strijd om te overleven. Ik heb me hier beperkt tot de Franse episode in het Kennedy-tijdperk, maar Jackie straalt door alle mannen heen. Koop het boek en overtuig uzelf.

