Veel Russen weigeren de oorlogsberichten te geloven die ze uit Oekraïne horen. Ze wuiven ze weg en praten liever over de economische zorgen. Die zijn volgens velen de schuld van het Westen. ‘Poetin? Wat heeft hij hier nou mee te maken?’ Een anoniem verslag uit Sint-Petersburg.
De naam van de auteur van dit stuk is bekend bij de redactie van Mother Jones, maar wordt om veiligheidsredenen niet genoemd
Het is rustig hier in Sint-Petersburg. Vreemd, afschuwelijk, stil. Alsof er helemaal geen oorlog is.
Deze stad is de thuisbasis van landmacht- en marine-academies. Thuisbasis van het enorme staatsenergiebedrijf Gazprom, thuisbasis van het Constitutionele Hof. Het is de oude keizerlijke hoofdstad en Poetins geboortestad. Heel geschikt voor patriottische praat. Maar het is rustig.
Op 24 februari begonnen Russische strijdkrachten Oekraïense steden te bombarderen. De week daarop verschenen overal in de stad billboards met de letter ‘Z’ en de tekst ‘Wij laten de onzen niet in de steek!’ De letter ‘Z’ verscheen ook op de helmen van de oproerpolitie en op de auto’s van Rosgvardia. Ik heb metrowerkers gezien die hem op hun uniform droegen. Op de vraag of ze daartoe verplicht zijn, zeggen sommigen met stellige blik: ‘Helaas wel.’ Ik zie deze letter ‘Z’ echter zelden op privéauto’s in de stad.
Waarom Z?
Op 24 februari, toen Russische pantservoertuigen Oekraïne binnenrolden, waren ze gemarkeerd met grote witte letters, Z of V: merktekens om troepen te onderscheiden en eigen vuur te vermijden. De meest redelijke verklaring voor deze markeringen is dat Z staat voor Zapad of West, V voor Vostok, of het Oosten, wat de twee richtingen aangeeft van waaruit de voertuigen Oekraïne binnenkwamen. Maar waarom zijn ze in het Latijnse alfabet geschreven? En waarom is de Z het officiële symbool geworden van deze ‘speciale militaire operatie’, die wettelijk gezien geen oorlog mag worden genoemd? Het Russische ministerie van Defensie gaat gemakkelijke antwoorden uit de weg. Op 2 maart legde het aan zijn Instagram-volgers uit dat ‘Z staat voor Za Pobedu!’ [‘Op de Overwinning!’] Op 15 maart werd de gouverneur van Sint-Petersburg formeel diezelfde uitleg gegeven.
Velen geven er de voorkeur aan om niet te veel over de situatie na te denken
Officiële verklaringen zijn achterlijk. De symbolen zijn leeg, losgekoppeld van elke redelijke semantische inhoud. Toch is er een achterliggende reden. De helmen van de oproerpolitie die Russische antioorlogsdemonstranten in elkaar slaat, hebben hetzelfde zinloze merkteken als de gepantserde voertuigen die Oekraïense steden en dorpen decimeren. De Russische staat ziet dit geweld als verschillende uitingen van dezelfde oorlog.
Dit is een burgeroorlog, om meerdere redenen. En hier in Sint-Petersburg wordt die gesteund met stilte. Er is weinig publiek enthousiasme voor dit conflict, hoewel er ook niet veel veroordelingen zijn. Veel mensen zijn ontzet over wat het Russische leger heeft aangericht in Oekraïense steden en dorpen, maar durven zich niet uit te spreken. Velen zijn verontwaardigd als zij vernemen dat dienstplichtigen naar het front zijn gestuurd, maar zien geen reden om te protesteren. Velen geven er de voorkeur aan om niet te veel over de situatie na te denken.
Twee ongelooflijke mediagebeurtenissen
Op 14 maart liep een tv-redactrice van Kanaal 1, een vrouw genaamd Marina Ovsjannikova, in beeld tijdens het nieuws van 21:00 uur. Ze droeg een handgeschilderd bord met daarop: ‘Stop de oorlog! Er wordt tegen jullie gelogen!’ Ze werd gearresteerd en beboet. De nieuwe wet, die haar een jarenlange gevangenisstraf had kunnen opleggen voor ‘het oproepen om geen Russische troepen in te zetten ter bescherming van Russische belangen’, moet nog worden bekrachtigd. Maar wat haar daad zo opmerkelijk maakt, is de plek waar die plaatsvond: dit programma op de staatstelevisie valt onmogelijk te negeren. Zelfs Kanaal 1 moest toegeven dat ze het hadden gezien. In een interview op 20 maart verklaarde het hoofd van de nieuwsredactie dat Ovsjannikova door de Britse ambassade was betaald om haar land en haar collega’s te verraden. Hij vergeleek haar met Judas Iskariot.
Op 14 maart bracht Morgenshtern een nieuwe videoclip uit, getiteld ‘12’. Morgenshtern, in 2021 uitgeroepen tot Spotify’s topartiest in Rusland, is de zelfbenoemde bad boy van de Russische popmuziek: dure auto’s, diamanten, oneerbiedige taal en ironie. In ‘12’ is de stemming donker en het geweld serieus. De video eindigt met een spraakbericht van de moeder van een vriend, die vanuit Oekraïne belt: ‘Ons dak werd er vanmorgen bijna afgeblazen. We dachten aan vluchten, maar toen kwamen we terug. We zijn nu hier. We hebben een schuilkelder in de kelder gemaakt, dus schat, maak je geen zorgen.’ De video werd in de eerste 24 uur dat hij online stond vijf miljoen keer bekeken. En binnen een week waren er al 50.000 commentaren op gekomen – de meeste in het Russisch, maar ook veel geschreven door Oekraïners.
No War-stickers
Ik zit met mijn collega’s in een bar over de oorlog te praten. Ze zijn jong, overgekwalificeerd en werkloos, tegen de oorlog, en politiek actief. Ze gaan naar protesten, ze werden gearresteerd en geslagen. Ze zien de toekomst somber in. Ze zouden Rusland het liefst verlaten, maar dat lijkt nu bijna onmogelijk. Maar als ze hier blijven en gaan werken, zijn ze dan niet medeplichtig? En als ze niet werken, hoe komen ze dan aan eten?
We plakken ‘No War’-stickers op buitenmuren en in de toiletten van kroegen. Maar de lijm is slecht en de stickers zijn van papier, gedrukt door een of andere man met een bijbaantje bij een copyshop. Ze blijven niet lang zitten.
Op weg terug naar de metro, komt een van hun vrienden naast me lopen en zegt: ‘Ik kom uit Charkiv.’ De op een na grootste stad van Oekraïne, gelegen in het noordoosten van het land en overwegend Russischtalig, ligt zwaar onder vuur van de Russische strijdkrachten.
Mensen zeggen: ‘Godzijdank is mijn oma overleden en heeft ze dit niet meer hoeven zien.’
‘Ik durf het niet te vragen,’ zeg ik, ‘hoe gaat het met je familie?’
‘Vreselijk,’ antwoordt ze.
Ik zeg: ‘Het spijt me zo.’
Wat moet je eigenlijk zeggen?
Nu de burgeroorlog drie weken duurt, worden in Rusland voortdurend dergelijke gesprekken gevoerd. Als ik burgeroorlog zeg, bedoel ik niet dat Oekraïne en Rusland als één land moeten worden beschouwd. Ik bedoel alleen dat de mensen hier er vrienden en familie hebben. En vice versa. Naties en talen worden geboren en groeien, ze paren en planten zich voort, ze vechten en zwijgen en sterven. Het zijn sociale entiteiten, niet anders dan individuele personen. Als deze burgeroorlog een conflict tussen twee individuen was, zou het er ongeveer als volgt uitzien: een man spoort decennia na hun scheiding zijn ex-vrouw op. Hij vergiftigt haar hond, ontvoert haar kinderen, steekt haar huis in brand. Hij wordt aangehouden en gevraagd wat hij in vredesnaam dacht. De man zegt: ‘Je had moeten zien wat die slet vorige week op Facebook heeft gezet.’
Gestoord? Ja. Net als deze hele situatie.
Mensen zeggen: ‘Godzijdank is mijn oma overleden en heeft ze dit niet meer hoeven zien.’
Ze zeggen: ‘Godzijdank heeft corona zoveel oude mensen meegenomen, voordat deze oorlog begon.’
In een poging tot duiding van deze situatie, die schommelt tussen burgeroorlog, genocide en Armageddon, hebben westerse nieuwsanalisten redelijkerwijs geprobeerd te begrijpen wat de Russen denken. Waarom komen ze niet in opstand?
‘Hoe kan een drugsverslaafde clown nou de held van alle tijden en alle volkeren zijn geworden?’
Beste lezer, ze komen niet in opstand omdat ze een manier hebben gevonden om de focus van hun geweten te verleggen. De mediaverhalen van de staat stellen hen in staat om apolitiek te blijven, om medeplichtigheid te ontkennen. Vele miljoenen mensen in Rusland hebben vrienden en familieleden in Oekraïne. Wanneer deze vrienden en familieleden bellen om te vertellen dat ze gebombardeerd worden, weigeren sommige van hen dat te geloven. ‘De Russische televisie betekent meer voor hen dan hun dochter of zus,’ schrijft het verbannen Russische tijdschrift Meduza. Hoe gek ook, ik heb hetzelfde verhaal van verschillende van mijn vrienden gehoord: ‘Pa gelooft zijn Oekraïense vrienden niet. En als hij ophangt, schreeuwt hij tegen zijn vrouw: “Nee, nee, nee! Nee, het is niet waar!’’’
Ik heb hier een kennis, een vrouw van in de dertig. We hebben gemeenschappelijke vrienden en soms doen we samen kleine klusjes. Ze komt iets afgeven voor een vriend, blijft voor thee. We zitten wat te grappen over Bidens blunders: dat ‘Poetin nooit de harten en geesten van het Iraanse volk zal winnen’; dat Poetin heeft besloten ‘Rusland binnen te vallen’. Het gesprek verplaatst zich naar de Oekraïense president. ‘En dan is er Zelensky,’ zegt ze. ‘Hoe kan een drugsverslaafde clown nou de held van alle tijden en alle volkeren zijn geworden?’ De context: haar vrienden in Kyiv haatten Zelensky openlijk, zegt ze, maar toen werden ze allemaal gek daar en nu zijn ze allemaal voor hem.
‘Heb je vrienden in Kyiv?’ vraag ik. ‘Bellen ze je?’
‘Vroeger wel,’ antwoordt ze. ‘Maar het is onmogelijk geworden om met ze te praten. Nu beginnen ze te schreeuwen: “Dit komt allemaal door jullie! Jullie Russen!” En ik heb zoiets van, hallo? Wat heb ik er precies mee te maken?’
‘Belden ze om te zeggen dat ze gebombardeerd werden?’
‘Eh, ja.’
‘Wow. Hoe reageerde je daarop?’
‘Ik vond het verrassend, natuurlijk. We hebben er hier niets over gehoord.’
‘Wat doe je met die informatie?’
‘Niets.’ Ze haalt haar schouders op. ‘Wat zou ik ermee hebben kunnen doen?‘ Ze gaat niet naar antioorlogsprotesten. Ze heeft zich wel aangemeld bij het Telegram-kanaal waar de plaatsen en tijden van de protesten worden gepost, maar alleen om beter door de stad te kunnen navigeren om niet in een file terecht te komen als de oproerpolitie alles afsluit. Ze scrolt door het Telegram-kanaal en lacht: ‘Ik kan verdomme niet geloven wat mensen allemaal in hun chats schrijven. Sommigen hebben al genoeg gezegd voor een gevangenisstraf van vijftien jaar. En dat allemaal in die Telegram-app! Idioten, het is een Russische app, gevestigd in Rusland!’
Panty’s van goede kwaliteit en geïmporteerde wasmiddelen verdwijnen of zijn al verdwenen
En ze heeft gelijk. Telegram wordt nauwlettend in de gaten gehouden. Mensen zijn al strafrechtelijk vervolgd voor hun berichten op Telegram.
Ze moet niets van Poetin hebben. Ze vindt dat zijn nieuwe wetten krankzinnig zijn, dat zijn acties in de internationale politiek ons aan de rand van de economische ineenstorting hebben gebracht. Ze wil als de sodemieter weg uit dit land sinds men begon te praten over het creëren van een eigen ‘soeverein internet’. Een paar jaar geleden had ze definitieve plannen om naar Spanje te verhuizen. Maar toen kwamen de lockdowns en nu de oorlog, die roet in al haar plannen gooit.
Het is onmogelijk geworden om de sancties niet op te merken. Prijzen zijn 40 tot 140 procent gestegen, populaire winkels zijn gesloten: Uniqlo, IKEA, H&M. Medicijnen zijn bijna op en er staan lange rijen voor de goedkope apotheken. Panty’s van goede kwaliteit en geïmporteerde wasmiddelen verdwijnen of zijn al verdwenen. Maar er is nog geen voedseltekort, er is geen sprake van ‘lege schappen’. En voor veel mensen hier zijn deze economische zorgen alledaagse problemen om over te mopperen in de trant van: ‘Wat zullen die klootzakken nu weer eens bedenken?‘ Die klootzakken kunnen de NAVO zijn of westerse staten die sancties opleggen, het kunnen internationale bedrijven zijn of lokale tussenpersonen. Maar ze worden niet duidelijk gelinkt aan de vernietigende oorlog van Rusland tegen Oekraïne.
Ongezond
Een vriendin van mij kwam een paar dagen geleden een van haar buren tegen, toen ze ’s ochtends haar hond uitliet. De buurvrouw heeft ook een hond, en ze kunnen goed met elkaar opschieten, zoals vaak geldt voor mensen die in dezelfde buurt hun hond uitlaten. Heeft ze nog steeds haar baan, vraagt mijn vriendin aan haar buurvrouw. Ja, ze werkt in de logistiek, en ze worden overstelpt met werk. De prijzen veranderen dagelijks; groothandels kopen graan op om redenen die zij niet kan doorgronden, waardoor paniek op de markt ontstaan en de prijzen stijgen. Nou, ik weet het niet, zegt mijn vriendin, mijn laatste hoop is dat iemand tegen Pasen Poetin heeft afgezet.
‘Poetin?’ De buurvrouw kijkt haar vol ongeveinsde verwarring aan. ‘Wat heeft hij hier nou mee te maken?’
De roebel is onze munt en Poetin is onze president. Poetin is overal aanwezig, als een alledaags feit van het leven.
Onder het Poetin-onvriendelijke publiek doen geruchten de ronde dat hij misschien ernstig ziek is. Misschien volgt hij een steroïdenkuur; hij zou kanker kunnen hebben.
De staat is er snel bij om dergelijke geruchten de kop in te drukken. Een folder die vorige week aan basisscholieren werd gegeven leert hun hoe om te gaan met nepnieuws. ‘Zoek naar bevestigend bewijs.’ ‘Gebruik je gezond verstand en luister naar je innerlijke stem.’ Zo beweert een nieuwsbericht dat president Poetin plotseling is overleden. ‘Dat is onmogelijk!’ aldus de folder.
Voordat de oorlog begon, speculeerden sommigen dat Poetin misschien niet meer bestond
Maar toch, in zijn recente video’s ziet Poetin er ongezond uit. Hij zit in een geel getint hokje, leunt zwaar op zijn bureau voor videogesprekken met de belangrijkste staatstelevisiezenders, zijn gezicht gezwollen, zijn uitdrukking opgewonden en boos, pratend over de Vijfde Colonne: ‘nationale verraders, zij die hier, bij ons, geld verdienen, maar daar wonen, en dan niet eens “wonen” in de geografische zin van het woord, maar in hun gedachten, in hun slavenmentaliteit.’ In gedachten eet die slaafse Vijfde Colonne oesters in hun herenhuis in Miami, verlangend naar buitenlandse goederen en gendervrijheid.
Op straat praten de mensen niet veel over Poetin. Ze hebben het eerder over hun dagelijkse problemen, over stijgende prijzen en winkels die sluiten, over het zoeken naar werk.
Wat nou als Poetin plotseling zou verdwijnen door een deux ex machina? Het is moeilijk om je een machtsoverdracht voor te stellen. Er wordt voor zover bij ons gewone stervelingen bekend is geen interne machtsstrijd gevoerd. Er zijn geen duidelijke kanshebbers voor de troon. Het ontbreekt aan een goed functionerend systeem om verkiezingen te houden. Voordat de oorlog begon, speculeerden sommigen dat Poetin misschien niet meer bestond: dat hij een computer gegenereerd beeld of een dubbelganger is, dat hij niets beslist in het land. Maar zijn recente daden zijn zo onverklaarbaar dat dit niet meer aannemelijk lijkt. Het is gemakkelijker te geloven dat één persoon zijn verstand heeft verloren dan dat dat voor de hele deep state zou gelden.
Verschillende gepensioneerde legerofficieren hebben me verteld dat ze verbijsterd zijn over de militaire operatie van Rusland: de doelen zijn onduidelijk, de logistiek is slecht, de commandanten zijn idioten. Maar ze voegen er helaas ook aan toe dat als de NAVO binnenvalt, ze zullen opstaan om hun land te verdedigen. Het zijn goede mannen. Ze houden van kinderen en dieren, zorgen voor hun zieke familieleden en hun bejaarde buren. Wat voor andere keus hebben ze?
Politiek is intiem, controversieel en privé. Iets voor als je alleen bent, en alleen als je ouder bent dan achttien
‘We zitten in een zeer gecompliceerde situatie,’ vertelt mijn baas ons tijdens een vergadering, ‘we doen er alles aan om ervoor te zorgen dat niemand zal worden lastiggevallen vanwege zijn politieke opvattingen.’ Dat is waarom we niet over politiek praten. Politiek is intiem, controversieel en privé. Iets voor als je alleen bent, en alleen als je ouder bent dan achttien. ‘Het is onaanvaardbaar om kinderen bij politiek te betrekken’, vertelt de staat ons al jaren, en om daar helder over te zijn wordt deze vermaning ondersteund met strafrechtelijke sancties. Vorig jaar zette het universitaire studentenblad DOXA een video online ter ondersteuning van vreedzame straatprotesten. De redacteuren staan nog steeds onder huisarrest, in afwachting van hun proces. Ze worden beschuldigd van ‘het betrekken van minderjarigen bij criminele of antisociale daden’.
Politiek is zondig en gevaarlijk, zelfs smerig. Maar kleuters neerzetten in de vorm van de letter ‘Z’ gaat kennelijk niet over politiek. ‘Z’ is zinloos, en daarom apolitiek. ‘We laten de onzen niet in de steek!’
Een morele claim. Natuurlijk doen we dat niet. Wie kan dat tegenspreken?
Hollywood
Vandaag is het 21 maart. De oorlog van Rusland in Oekraïne gaat de vierde week in. Russische kranten geven Oekraïense ‘bandieten’ de schuld van de verwoesting van Marioepol, Russische rechtbanken verklaren burgers schuldig aan het belasteren van de letter Z door er bijvoorbeeld op te spugen.
Veel mensen in mijn omgeving zijn er nog steeds van overtuigd dat de verhalen en beelden over de vernietigende acties van Rusland nep zijn. Ik was gisteravond bij een vriendin toen ze een telefoontje kreeg van een collega. Hun gesprek begon over alledaagse dingen, zoals het uitwisselen van strategieën om goederen te bemachtigen die snel aan het verdwijnen zijn, maar nam toen een politieke wending. ‘Jij bent gehersenspoeld!’ riep de collega lachend naar mijn vriendin. ‘Geloof jij die NAVO-propaganda? Dat is allemaal gefilmd in Hollywood.’ De collega richt zich op de problemen van alledag, en weet zeker dat alles uiteindelijk wel goed komt. Dat was altijd zo, toch?
Maar anderen zijn ontzet. Een vriendin kwam vanochtend ontbijten. Ze is begin zestig, gepensioneerd na een administratieve baan in de internationale haven van Sint-Petersburg. Door haar werkverleden is ze goed op de hoogte van de Russische afhankelijkheid van import. Maar dat is niet wat haar de meeste zorgen baart.
‘Ik ben bang voor wat mijn kleinkinderen zullen worden. Wat zal deze staat in hun hoofd planten?’
‘Ik ben oud,’ zegt ze. ‘Ik heb een goed leven gehad, ik heb alles gezien. Maar ik heb kleinkinderen.’
‘Ben je bang dat ze niets te eten zullen hebben?’
‘Ik ben bang voor wat ze zullen worden. Wat zal deze staat in hun hoofd planten?’
Ze huilt terwijl ze dit zegt. Ze huilt al weken.
‘Wat moet ik mijn kleinzoon vertellen over de letter Z, als hij ernaar vraagt?‘ zegt ze.
Haar kleinzoon is zeven.
Ik kreeg vandaag een brief van een vriend, waarin staat dat hij is opgeroepen voor het leger. Ik zag hem drie weken geleden voor het laatst. Hij verliet Sint-Petersburg om terug te keren naar Odessa, hoewel hij een apolitieke pacifist is. Hij droeg een gele davidster op zijn blauwe jas genaaid. Vliegen over Europa was al onmogelijk; hij reisde over land, via Finland.
Hij ging terug om zijn stad te verdedigen. Mijn vrienden en ik bidden hier voor zijn veiligheid. Toen hij vertrok, zei hij dat hij ook voor ons zou bidden.
Lees ook:

