philippe spitalier Bo I5lZ6w1Q unsplash 3


De vraag of cosmetische ingrepen en feminisme verenigbaar zijn, is een terugkerend onderwerp van discussie. Volgens Leonie Georg werkt het normaliseren van een onhaalbaar schoonheidsideaal averechts. Barbara Vorsamer betoogt dat het juist vrouwonvriendelijk is om elke actie van vrouwen langs de feministische meetlat te leggen.

Ja: ‘Naar de plastisch chirurg gaan is niet verwerpelijk, maar het is wel onfeministisch’

Dat een vrouw een liposuctie moet ondergaan om zich goed te voelen en serieus genomen te worden, staat haaks op het idee van gelijkheid, stelt de Duitse journalist Leonie Georg in een opiniestuk in Süddeutsche Zeitung. ‘In het huidige feministische debat over cosmetische chirurgie is uit het oog verloren dat alle opgespoten lippen, weggewerkte rimpels, liposuctie en borstlifts, een eerbetoon zijn aan een schoonheidsideaal dat mannen hebben geformuleerd.’

’Het moderne feminisme stelt bepaalde zaken ter discussie die vroeger onbetwistbaar waren, en in veel gevallen is dat iets goeds.’ Maar Georg vindt het geen goede ontwikkeling dat in het huidige feministische debat sommige kampen het opnemen voor cosmetische chirurgie. Ze haalt aan dat alleen al in 2020 en 2021 het aantal cosmetische ingrepen in Duitsland met 15 procent is gestegen. ‘Het aantal mannen [dat dergelijke ingrepen ondergaat] is nog steeds minder dan 20 procent.’ 

Het ideaal dat mannen hebben geformuleerd, is volgens haar bijna onmogelijk om op natuurlijke wijze te bereiken, maar desondanks bepalend voor de vraag of je als vrouw al dan niet aantrekkelijk wordt gevonden. ‘Het feminisme had hier ooit een duidelijk standpunt over: als je niet langer puur op je uiterlijk beoordeeld wilde worden, moest je dit groteske ideaal negeren en zeker niet nastreven.’ Wat overigens niet betekende dat je niet om je uiterlijk gaf. De consensus onder feministen was dat het vrouwenlichaam in alle fasen van het leven mocht zijn wat het was. ‘Deze consensus bestaat niet meer.’

Georg benadrukt dat ze wel begrijpt dat vrouwen bezwijken onder de druk om perfect te zijn. Ze worden namelijk dagelijks blootgesteld aan dit schoonheidsideaal op sociale media. ‘Naar de plastisch chirurg gaan is niet verwerpelijk’, schrijft ze. ’Maar het is nog steeds onfeministisch.’

Het feit dat een vrouw een liposuctie moet ondergaan om zich goed te voelen en serieus genomen te worden, staat volgens Georg haaks op het idee van gelijkheid. ‘Mannen worden nog steeds beoordeeld op andere criteria en daarom gaan zo weinig van hen onder het mes. En wat was dat ook alweer met body positivity? En waar is dat eigenlijk gebleven? Oeps.’

‘Vrouw zijn – of een mens in het algemeen – betekent altijd leven in een tegenstrijdigheid’

Tegenwoordig is er een stroming binnen het feminisme die cosmetische chirurgie niet alleen niet onfeministisch vinden, maar zelfs feministisch. Onder het mom dat alle vrouwen met dit ideaal geconfronteerd worden en dat het je recht als vrouw is om daarin mee te gaan. ‘Influencers houden momenteel hun rechtgetrokken neuzen en opgevulde lippen omhoog voor de camera en verkopen dit als een bevrijdende daad genaamd “Choice Feminism”.’ Ze noemt het model Emily Ratajkowski als voorbeeld, die in haar boek My Body schreef: ‘Ik merkte dat er kracht zat in mijn beslissing.’ En Sophie Passmann die zei: ‘Vrouwen hebben niet de keuze of ze gereduceerd worden tot hun uiterlijk, ze hebben alleen de mogelijkheid om een manier te vinden om daarmee om te gaan.’ Volgens Georg gaat het hier om zogeheten ‘popfeminisme’, dat zichzelf zou goed praten door ‘een conformistische actie simpelweg een nieuw etiket te geven en te verklaren dat er geen alternatief is.’

‘Natuurlijk kun je feminist zijn of jezelf feminist noemen en toch onder het mes gaan. Maar doe alsjeblieft niet alsof dit niet tegenstrijdig is. Vrouw zijn – of een mens in het algemeen – betekent altijd leven in een tegenstrijdigheid.’ Volgens Georg zou het feministischer zijn om jezelf af te vragen: ‘Waarom pleit ik voor gelijke behandeling van de seksen en body positivity en heb ik toch niet kunnen leven met mijn oogrimpels? Waar komt die verdomde druk voor perfectie vandaan? Ben ik hier slechts een slachtoffer of ben ik medeplichtig en wat zou er moeten gebeuren om eindelijk iets te veranderen?’


Nee: ‘Cosmetische chirurgie heeft weinig te maken met de vraag of een goede of slechte feminist bent’

Journalist en auteur Barbara Vorsamer reageert op Leonie Georg in een opiniestuk in dezelfde krant dat het haar stoort dat alles wat vrouwen doen meteen aan een ‘feminismecheck’ wordt onderworpen. ‘Je kunt en mag alles doen, zelfs als feminist’, werpt ze tegen. ‘Dat maakt het geen feministische daad, maar ook niet direct onfeministisch.’

’Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is de mooiste, beste feminist van het land? Een slimme spiegel zou meteen twee tegenvragen stellen: wat is schoonheid? En: wat heeft feminisme ermee te maken?’ schrijft Vorsamer. Maar dat zijn nou net niet de vragen waar de media zich mee bezig lijken te houden. ‘Daar wordt de vraag gesteld of een goede feministe haar uiterlijk mag optimaliseren, eventueel met injecties en operaties.’

Volgens haar is dit echter niet de juiste vraag. ‘Wie doet alsof deze vraag met een duidelijk nee te beantwoorden is, suggereert dat er twee duidelijke lijnen in het debat zijn die elkaar op dit punt kruisen. Alsof er een lijn is die goede feministen van slechte feministen scheidt, en alsof er een lijn is die acceptabele schoonheidscorrecties van onacceptabele scheidt.’ Beide lijnen bestaan niet. Want, betoogt ze, iedereen die ’s ochtends een beha aantrekt en haar haar kamt, optimaliseert haar uiterlijk en de meeste vrouwen doen veel meer dan dat. ‘Wat voor rechtvaardiging is er om het dagelijks gebruik van ooglapjes, oogcrèmes, primers en concealers oké te vinden – maar de vrouw te bekritiseren die zichzelf deze moeite bespaart en daardoor haar donkere kringen om de paar maanden laat verwijderen?’

‘Tegenwoordig willen veel vrouwen een goede feminist zijn’

Het tegenargument hierop zou zijn dat het te maken heeft met het aantal risico’s. Een oogcrèmepje zou ongevaarlijk zijn en een operatie juist riskant. ‘Maar waar begint het risico?’ vraagt Vorsamer zich af. ‘Als je je kuit snijdt tijdens het scheren, als er een ontsteking ontstaat na het harsen, als je brandwonden krijgt van ontharen of alleen na een laserbehandeling in de studio?’ In een wereld waar de druk om er mooi uit te zien groot is, en waar aantrekkelijke, verzorgde mensen aantoonbaar succesvoller zijn dan andere, moet iedereen volgens haar een positie kiezen. ‘Welke positie je aanneemt, heeft echter weinig te maken met de vraag of je een goede of slechte feminist bent.’

Het stoort haar dat tegenwoordig ‘alles wat vrouwen doen – vooral prominente vrouwen – meteen aan een feminismecheck wordt onderworpen’. Dat is volgens de auteur de onaangename keerzijde van de ‘eigenlijk verheugende’ ontwikkeling dat de feministische beweging populair en ‘zelfs enigszins chique’ is geworden. 

‘In de jaren negentig wilden maar weinig vrouwen geassocieerd worden met het F-woord. Tegenwoordig willen veel vrouwen goede feministen zijn en worden ze afgeleid door de vraag hoe feministisch en correct individuele beslissingen zijn.’ Want kun je voor meer vrouwen in managementfuncties zijn en zelf maar parttime werken? Kun je voor seksuele vrijheid zijn en in een monogame relatie met een man leven? Kun je vetfobie afwijzen en jezelf een toetje ontzeggen? ‘Je kunt en mag alles doen, zelfs als feminist. Dat maakt parttime werken, trouwen en diëten geen feministische daden, maar ook niet direct onfeministisch. Dit zijn gewoon levensbeslissingen die vrouwen op de een of andere manier moeten nemen.’

Het zijn de overkoepelende vragen die volgens Vorsamer interessant zijn voor het debat: ‘Waarom werken zoveel vrouwen deeltijds, is dit echt een slechte zaak, en wie of wat zou er moeten veranderen voor meer vrouwen om leidinggevende posities in te nemen? Hoe zou een echt vrije vrouwelijke seksualiteit eruit kunnen zien? Hoe kunnen we ons verdedigen tegen de druk om af te slanken en hoe kunnen we een gezonde relatie met ons eigen lichaam ontwikkelen?’ Met deze en andere vragen houden veel feministische denkers zich al tientallen jaren bezig.

Ze benoemd enkele voorbeelden. ‘Klassiekers zijn Fat is a feminist issue van Susie Orbach of Bad feminist van Roxane Gay, een recentere aanrader is Ugliness van Moshtari Hilal.’ Maar ze gelooft niet dat het de schuld is van het feminisme dat hun gedachten veel minder aandacht krijgen dan de vraag of een jonge Duitse presentatrice haar gezicht mag laten inspuiten.

‘Het is het patriarchaat dat vrouwen liever toejuicht als ze ruzie maken dan dat het serieus naar ze luistert.’ Ze zegt zich ervan bewust te zijn dat deze tekst eigenlijk hetzelfde doet. ‘Om Adorno’s beroemde uitspraak te parafraseren dat er geen goed leven is in het verkeerde, moeten we toegeven: er is geen feministisch leven in het patriarchaat.’


Deel dit artikel


Recent verschenen