Nancy Pelosi, Indira Ghandi, quota en meer.
Portret: Alexandria Ocasio-Cortez: een symbool
Ze verscheen als uit het niets op het Amerikaanse politieke toneel, deze latina van 29 jaar, die op 6 november werd gekozen in het Huis van Afgevaardigden. Ze is de jongste vrouw die ooit in het Amerikaanse Congres is gekozen.
Alexandria Ocasio-Cortez werd geboren in de Bronx in New York, haar moeder komt uit Puerto Rico. Ze studeerde nog economie en internationale betrekkingen aan de Universiteit van Boston toen ze actief werd in de Amerikaanse politiek. Bij terugkeer in New York zette ze zich in voor beter onderwijs en begon ze een uitgeverij die zich vooral richtte op kinderboeken.
In 2016 nam ze deel aan de campagne van Bernie Sanders bij de voorverkiezingen. In hetzelfde jaar nam ze deel aan een andere campagne van Amerikaanse progressieven: de strijd tegen de aanleg van een oliepijpleiding in North Dakota, in de buurt van Standing Rock, het reservaat voor Sioux-indianen.
Ocasio-Cortez is lid van de Socialistische Democraten van Amerika. In haar campagne schoof ze drie gedurfde initiatieven naar voren: een ziektekostenverzekering voor iedereen, een baangarantie van de federale regering voor iedereen en opheffing van de ICE (het agentschap dat immigratie en de douane controleert).
Ze werd in een paar maanden tijd het boegbeeld van een nieuwe stroming van vrouwen en minderheidsgroepen die tegen de gevestigde orde aanschoppen. Volgens The New York Times vertegenwoordigt Ocasio-Cortez ‘een nieuwe vorm van normaliteit’. De nieuwgekozen volksvertegenwoordiger werkte begin dit jaar nog als barvrouw en heeft niet eens genoeg geld om woonruimte te huren in Washington, waar ze per 1 januari aan de slag moet. ‘Ik moet het nog drie maanden zonder inkomen stellen voor ik lid van het Congres word. Hoe vind ik een appartement? Dat zijn de echte problemen’, zei ze in een interview met de krant.
Portret: Nancy Pelosi, de voorzitter
Binnenkort neemt Nancy Pelosi de symbolische hamer weer ter hand als Speaker (voorzitter) van het Huis van Afgevaardigden. Pelosi, 78 jaar, is de leider van de Democraten in het Huis en was verantwoordelijk voor de strategie tijdens de verkiezingen, waarbij de partij meer dan dertig zetels won en daarmee de meerderheid in dit ‘Lagerhuis’ van het Congres heroverde.
Pelosi was van 2007 tot 2011 de eerste vrouwelijke voorzitter van het Congres. Nu kan ze haar revanche nemen: nu ze opnieuw Speaker is geworden, is zij degene die het opneemt tegen Donald Trump. Ze is tevens de machtigste vrouw van de VS: de leider van het Huis van Afgevaardigden bekleedt in feite de derde positie in het staatsbestel, na de president en de vicepresident.
Brazilië: Een 100 procent mannelijke regering?
28 mannen. Geen enkele vrouw. De overgangsregering van Jair Bolsonaro, die eind oktober tot president van Brazilië werd gekozen, heeft veel reacties opgewekt van vooral vrouwelijke leden van het Braziliaanse Huis van Afgevaardigden en van leden van de Senaat. Om het beeld een beetje bij te stellen, hebben kringen rond Bolsonaro aangekondigd dat vrouwen wel aan hun trekken zullen komen bij toekomstige benoemingen, zonder overigens functies te noemen, bericht de Braziliaanse krant Folha de São Paulo.
Vrouwen ontbreken ook bij de eerste namen van kandidaten voor een ministerpost in de definitieve regering: tot dusver zijn er vijf mensen genoemd door Bolsonaro, allen man. Hij verklaarde: ‘We hebben vijf definitieve namen. Zou er één moeten verdwijnen om plaats te maken voor een vrouw, alleen maar omdat het een vrouw is? Ik weet het niet. Er zijn nog tien tot twaalf open plekken. Het is wel zeker dat daar een vrouw tussen zit.’
Politiek: Werken quota wel?
‘Het merendeel van de landen waar het percentage vrouwen in het parlement fors is gestegen, werkt met quota’, constateert de BBC. Argentinië voerde in 1991 als eerste land dit systeem in. Volgens Susan Franceschet, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit van Calgary, ‘beschikken we nu al tientallen jaren over het bewijs dat, indien ze er niet toe gedwongen worden, politieke partijen uit zichzelf geen vrouwelijke kandidaten naar voren schuiven, of in elk geval niet in groten getale.’
Niet alle quota zijn altijd in de wet voorgeschreven: sommige politieke partijen hanteren ze op basis van vrijwilligheid. Volgens Franceschet werkt dat besmettelijk: andere partijen komen dan vervolgens ook met vrouwelijke kandidaten.
India: Veel geschreeuw, weinig wol
In India wordt de schijn opgehouden. Het land dat in 1966 als tweede ter wereld de teugels in handen gaf van een vrouw, Indira Gandhi, kan zich tegenwoordig beroepen op vrouwelijke ministers met belangrijke portefeuilles, zoals Sushma Swaraj op Buitenlandse Zaken en Nirmala Sitharaman op Defensie. Desondanks, zo schrijft het blad The Diplomat, blijven dit ‘uitzonderingen in het politieke landschap’. In de Lok Sabha, het Huis van Afgevaardigden, telt het vrouwelijke aandeel ‘slechts 11,8 procent van de zetels’.
India blijft daarmee achter bij buurlanden als Afghanistan, Bangladesh, Pakistan en Nepal. Ondanks het feit dat vrouwen in grotere aantallen naar de stembus gaan dan mannen, blijven zij ondervertegenwoordigd, zowel op landelijk bestuursniveau als in de lokale besturen van de 29 deelstaten van de republiek. Vrouwen die wel tot de volksvertegenwoordiging doordringen, zijn doorgaans afkomstig uit families die al generaties lang actief zijn in de politiek.
Op een quotasysteem zullen de Indiase vrouwen nog even moeten wachten. Een wetsvoorstel waarbij het aantal vrouwen in de overheid op minimaal 33 procent wordt gesteld, is al in 1996 ingediend, maar nog altijd niet aangenomen.
Bolivia: 53,1
… is het percentage vrouwen in het Boliviaanse lagerhuis, waarmee het land op de derde plaats staat van naties met een sterke vrouwelijke aanwezigheid in het parlement, na Rwanda en Cuba. ‘Dit maakt een grondige hervorming van de maatschappij mogelijk’, zegt Carolina Taborga, vertegenwoordiger van het VN Vrouwenoverleg, in de Boliviaanse krant Opinión. Maar het land telt geen enkele vrouwelijke burgemeester en ook geen vrouwelijke regionale gouverneurs.

