1 de mensen hier zijn voor de partij die aan de macht is


Waarom koos Turkije wederom voor Erdogan? Oppositiekrant Cumhuriyet peilde vóór de verkiezingen de stemming in Konya, waar hij veel aanhang heeft.

We zitten in een café in een van de kronkelige straatjes van Muhacir Pazar, een van de oudste buurten van Konya [stad ten zuiden van Ankara]. De buurt, van oudsher bewoond door migranten uit de Balkan, vandaar de naam [muhacir betekent ‘migranten’ in het Turks], heeft geen al te beste reputatie. Het is niet bepaald een plek waar je toeristen naartoe zou sturen. Maar, aan de andere kant, beleef je op reis niet juist de spannendste dingen als je naar die plekken gaat die je worden afgeraden?

Als je Konya wilt leren kennen, moet je beginnen met een wandeling langs de vele historische monumenten, waaronder zeker de tombe van Mevlana [Djalal Ad-Din Rumi, de beroemdste soefidichter en mysticus], alvorens een heel andere sfeer op te snuiven in Muhacir Pazar.

Het is nog vroeg in de morgen, bouwvakkers van een bouwplaats in de buurt drinken thee in een cafeetje. 
Een kleine man steekt zijn hoofd uit het raam en bekijkt ons lachend. ‘Wees niet bang, het is Yasar maar,’ stelt cafébaas Cemal Çinardagli ons gerust. Yasar houdt het café schoon en mag 
als dank de bierflessen leegdrinken die de klanten hebben laten staan. Hij danst ook graag door de straat, gekleed als danseres. Naar het schijnt is hij 
ooit veroordeeld wegens een dubbele moord. Maar daar doen de buurtbewoners niet moeilijk over.

Muhacir Pazar is een van de weinige buurten van de stad waar cafés te vinden zijn die nog alcohol schenken. De buurt heeft een slechte reputatie: er zouden dieven, werklozen en armoedzaaiers wonen. De afgelopen jaren zijn er nieuwelingen gearriveerd: Syrische vluchtelingen. Cemal, de 61-jarige waard, begon zijn café veertig jaar geleden. ‘Wie komen er allemaal hier?’ vraag ik hem. ‘Van alles wat,’ antwoordt hij. ‘Mensen op zoek naar een baan, ambtenaren, gepensioneerden… Ze komen hier om te discussiëren, ze praten over dingen die ze nergens anders kunnen bespreken. Hier in het café vormen ze regeringen, en werpen ze weer omver!’

Vóór de regering

De regering omvergooien? Niet echt. 
In deze stad zijn de mensen meestal juist vóór de regering. De AKP [de gematigd islamitische partij van president Erdogan] en de lokale partijafdeling zijn stevig in Konya geworteld. En als er al iemand ontevreden is met de regering, dan houdt hij dat wijselijk voor zich. Toch stel ik de vraag: ‘Hoe verlopen de politieke discussies tussen uw klanten?’ ‘Prima,’ verzekert Cemal me rustig, met een speelse ondertoon. ‘En u, geeft u uw mening wel eens?’ ‘Nee,’ lacht hij. ‘Ik zwengel alleen soms de discussie aan, provoceer de gasten.’

Het café gaat elke dag na het ochtendgebed open, stroomt langzaam vol en sluit pas weer diep in de nacht. Er zitten mensen kaart te spelen, of Okey [rummikub]. Anderen drinken eenzaam voor zich uit starend eindeloos kopjes thee. Weer anderen staan over elkaar heen geleund heftig te discussiëren. De televisie staat altijd aan.

Cemals grootouders waren immigranten uit het Griekse Thessaloniki. Zelf is hij in Konya geboren en groeide hij op in de buurt.

Tegenwoordig woont hij ergens anders, maar hij brengt er nog wel het grootste deel van zijn tijd door. Veel van de vroegere bewoners zijn net als hij naar een betere buurt verhuisd. De leeggekomen huizen zijn ingenomen door Syrische vluchtelingen. ‘In andere steden dan Konya zijn er soms problemen met vluchtelingen, maar hier worden ze goed ontvangen. En degenen die er het slechtst aan toe zijn, helpen we,’ vertelt Cemal.

Aanhangers van president Recep Tayyip Erdogan op een verkiezingsbijeenkomst in Yalova op 14 juni. – © HH
Aanhangers van president Recep Tayyip Erdogan op een verkiezingsbijeenkomst in Yalova op 14 juni. – © HH

’s Ochtends, als de Syrische kinderen hem het straatje van zijn café in zien komen lopen, zingt het rond: ‘Opa komt eraan!’ Hij deelt wafels, koekjes en chocola uit. ‘Natuurlijk zijn er soms spanningen tussen jongeren, maar het loopt nooit uit de hand. Onze grootouders hebben ook oorlog en verbanning meegemaakt, dus we mogen hen niet aan hun lot overlaten. En we moeten ze al helemaal niet demoniseren,’ vindt hij.

‘Waar stemmen de mensen hier in de buurt op?’ vraag ik. ‘Kijk, over het algemeen zijn ze voor de partij die aan de macht is. Nu houden de mensen van Tayyip Erdogan, onze president.’ Is Cemal tevreden met de toestand in zijn land? Dat is hij. Hij vertelt over de tijd dat er vrijwel niets te krijgen was, dat er rijen stonden voor olie, voor benzine, de tijd dat huizen geen telefoon hadden, geen televisie. ‘En nu, kijk wat een verschil! Nu hebben we alles wat we nodig hebben. Zelfs kleine kinderen lopen met een telefoon op zak, in elk huis staan meerdere televisies, alles is te krijgen.’ En hoe zit het met de koopkracht? ‘Tja, daar kan de regering niets aan doen, mensen geven te veel uit, consumeren meer dan ze verdienen.’

‘Het zijn buitenlandse krachten die ons tegen elkaar opzetten’

Dan vertelt Cemal over zijn reis naar Çanakkale [de plek waar de Dardanellenveldtocht in 1915-1916 plaatsvond, van Franse, Engelse, Australische en Nieuw-Zeelandse troepen tegen het Turkse leger]. Hij vertelt hoe hij heeft staan huilen bij het graf van een gesneuvelde Koerdische soldaat uit Van, in het uiterste oosten van het land. ‘Dit land is van ons, van ons allemaal,’ zegt hij. ‘Moeten we het dan soms aan de Amerikanen verkopen? Of aan de Fransen geven? Ons prachtige land… Turk of Koerd, we zijn allemaal hetzelfde, hebben dezelfde voorouders. Het zijn buitenlandse krachten die ons tegen elkaar opzetten. Of wil je zeggen dat die buitenlandse krachten niet bestaan?’

Natuurlijk bestaan die. Ze zijn alleen niet de oorzaak van het probleem. Die is dat we onszelf van binnenuit verzwakken. Maar dat durf ik niet tegen hem te zeggen. We drinken dus nog maar een kopje thee en kijken zwijgend uit het raam.

Er lopen een paar Syrische vrouwen voorbij, met jengelende kinderen aan hun rokken. Op de hoek zitten een paar stoere jongens op stoelen naar hen te kijken. Yasar heeft vijf halfvolle flessen bier om zich heen verzameld, die hij een voor een nuttigt. Het leven in Muhacir Pazar is moeilijker dan het lijkt. Maar ook daar praat niemand over.

Auteur: Mine Sögüt
Vertaler: Valentijn van Dijk

Cumhuriyet
Turkije | dagblad | oplage 40.000

‘De Republiek’, voor het eerst verschenen in 1924, is een waar instituut met een trouwe lezersschare die verknocht is aan republikeinse waarden zoals die worden vertegenwoordigd door het ‘kemalisme’: onvoorwaardelijke verdediging van de seculiere staat en de rechten van de vrouw. Na de mislukte coup in Turkije werden veel journalisten van de krant gevangengezet.


Deel dit artikel


Recent verschenen