opening 3


Aandoeningen

In Monomania onderzoekt Fiona Tan hoe psychische aandoeningen begin 19de eeuw werden bekeken en verbeeld. Geïnspireerd door Géricault en Munch combineert ze historische stukken met nieuw werk, wat leidt tot een indringende reflectie op mentale gezondheid en waarneming.

Rijksmuseum, Amsterdam, 4/7 t/m 14/9

paal 1 3

Eigenzinnige dans

Choreografen uit binnen- en buitenland laten hun werk zien in theaters, op straat en in het park. In juli staat Amsterdam weer volop in het teken van hedendaagse dans, van gevestigde namen tot grensverleggers. Het programma staat vol eigenzinnige makers.

Julidans, Amsterdam, 2 t/m 13/7

paal 3 2

Alles bestaat uit vezels

Magdalena Abakanowicz (1930-2017), pionier van de textielkunst, begon met beschilderde stoffen en werd wereldberoemd met vaak metershoge werken van ruwe bundels materiaal. Haar eerste solotentoonstelling in 1960 werd door de Poolse autoriteiten afgelast, omdat die niet strookte met het socialistische gedachtegoed in haar land, iets wat destijds de bedoeling was van kunst. Het voorval heeft de verdere carrière van Abakanowicz niet in de weg gezeten. Ze kreeg een postume oeuvretentoonstelling in Tate Modern in 2022. Textiel was na de oorlog goedkoper dan olieverf en vormde voor haar de basis van al het organische leven. Later stapte ze over op ‘hardere materialen’ als brons en gietijzer, zoals in het indrukwekkende Crowd III.

Magdalena Abakanowicz, Everything Is Made of Fiber, Textielmuseum, Tilburg & Noordbrabants Museum, Den Bosch, t/m 24/8

Rechts 2

Een staat van tussenheid

De Britse Jenny Saville (1971) heeft sinds haar eindexamenexpositie aan de Glasgow School of Art een aanzienlijke bijdrage geleverd aan de heropleving van de figuratieve schilderkunst. Met haar viscerale portretten uit dikke lagen verf geeft ze de naakte vrouwelijke vorm weer op een manier die niet vaak werd vertoond.

‘Ik schilder geen walgelijke, grote vrouwen. Ik schilder vrouwen die wijsgemaakt zijn dat ze groot en walgelijk zijn’

In tegenstelling tot de werken van Rubens of Rembrandt of Lucian Freud, die allemaal duidelijk invloed op Saville hadden, laten haar schilderijen zien hoe het is om een vrouwenlichaam te hebben, in plaats van het te beoordelen vanaf een ezel. Voor het uit de kluiten gewassen Propped stond zij zelf model, de imposante schaal van het schilderij is een truc van het perspectief. Het is Saville vaak verweten dat haar afbeeldingen van vrouwen ‘afschuwelijk’ waren, waarop zij de ander van repliek diende door te zeggen: ‘Ik schilder geen walgelijke, grote vrouwen. Ik schilder vrouwen die wijsgemaakt zijn dat ze groot en walgelijk zijn.’ Hoewel ze vaak close-ups schildert, maakt ze zelden portretten van herkenbare mensen. Ze richt zich op het hoofd, gezicht en lichaam, in plaats van op het individu. Veel van haar schilderijen zijn bij wijze van spreken zelfportretten. Zoals ze zelf zegt: ‘Ik ben gefascineerd door lichamen die een soort staat van tussenheid uitstralen: hermafrodiet, travestiet, een karkas, een half-levend/half-dood hoofd.’ The Anatomy of Painting is de eerste solotentoonstelling die aan haar werk wordt gewijd.

Jenny Saville: The Anatomy of Painting Portrait Gallery, Londen, t/m 7/9

opening 3

Oud en nieuw

Meer dan 150 optredens op 17 podia, met grote namen, nieuwe talenten en grensverleggende acts. Herbie Hancock, Anohni & The Johnsons, Branford Marsalis houden klassieke stijlen in ere; Matteo Mancuso en Julian Lage slaan nieuwe wegen in.

North Sea Jazz, Rotterdam Ahoy, 11 t/m 13/7

paal 2 4 1

Commentaar op oorlog en vrede

De installatie Straßenbahnhaltestelle van de Duitse kunstenaar Joseph Beuys (1921-1986) is gebaseerd op een vervallen monument uit Beuys’ jeugd in Kleef, waar hij bij de tramhalte wachtte om naar zijn oom te gaan. De 17ede-eeuwse sculptuur die als basis diende, symboliseerde vrede na oorlog, met Cupido boven op een kanon. Beuys voegde een hoofd toe dat de schreeuw van de revolutionaire edelman Anacharsis Cloots verbeeldt, die in 1794 onder de guillotine stierf. Het werk verwerkt herinneringen aan zijn jeugd en de Tweede Wereldoorlog, toont hoe materiaal als drager van betekenis en gevoel kan fungeren en vormt een monument voor persoonlijke ontwikkeling en maatschappelijke reflectie. Beuys geloofde dat materiaal gevoelens en betekenissen oproept die woorden niet kunnen vervangen.

De installatie werd in 1976 gepresenteerd op de Biënnale van Venetië in het opzettelijk vervallen gehouden Duitse paviljoen, als commentaar op oorlog en vrede. Sindsdien mag het nooit meer rechtop worden tentoongesteld; de onderdelen moeten abgelegt (neergelegd) worden getoond, als ‘antiheroïsch monument’ voor het naoorlogse Duitsland.

Joseph Beuys, Strassenbahnhaltestelle, Kröller-Müller Museum, Otterlo, t/m 5/10

onder 7

Deel dit artikel


Recent verschenen