beijing gebruikt grof geschut


Massale arrestaties in het democratische kamp en een nieuwe interpretatie van het beginsel ‘Eén land, twee systemen’: net als in 2003, ten tijde van sars, profiteert China van de pandemie om zijn gezag in Hongkong te laten gelden.

In de vroege ochtend van 18 april jongstleden deed de politie van Hongkong een inval in het huis van Jimmy Lai Chee-ying, oprichter van de persgroep Next Digital (die onder meer het zeer populaire onafhankelijke dagblad Apple Daily uitgeeft), om hem te arresteren. Veertien andere leden van het democratische kamp in Hongkong ondergingen hetzelfde lot.

De meeste aandacht van deze arrestaties trok die van Martin Lee Chu-ming (81), door de Hongkongers eerbiedig ‘de Vader van de democratie’ genoemd. Het was voor het eerst in meer dan vijftig jaar strijd voor de democratie dat deze eminente advocaat, die talloze voorvechters van de democratie heeft verdedigd, werd aangehouden.

Reden voor de golf van arrestaties was de deelname van de arrestanten aan verboden betogingen tegen het uitleveringswetsvoorstel van vorig jaar. [Dit voorstel wekte de woede van de Hongkongers, die het als een verzwakking van hun juridische positie ten opzichte van Beijing beschouwden.]

Historische datum

Anders dan de jongere tegenstanders van het wetsvoorstel in Hongkong, die vaak tot het uiterste gaan, zijn deze vertegenwoordigers van het democratische kamp voor het merendeel voorstanders van een democratische hereniging en willen ze alleen maar dat Beijing zich aan de afspraken houdt over een volledig autonome positie van Hongkong volgens het beginsel ‘Eén land, twee systemen’.

De huidige gebeurtenissen bewijzen dat er bijna geen ruimte meer is voor een gematigde benadering, noch in Hongkong, noch in Beijing. We moeten deze golf van protesten dan ook als een symbool zien. Zie hier de tweet van Tim Culpan, schrijver en verslaggever van Bloomberg, die al lange tijd in Taiwan woont: ‘Volgens mij zal 18 april 2020 een historische datum blijven, de dag waarop China niet langer doet alsof het zich op een vreedzame manier wil herenigen met Taiwan. De manier waarop Beijing Hongkong behandelt kan niet los worden gezien van de manier waarop men Taiwan zal willen behandelen.’

De opeenvolgende nieuwsberichten voorspellen inderdaad een ophanden zijnde repressie. Op 13 april hadden de twee Verbindingsbureaus van Hongkong (het bureau dat de banden met Macao onderhoudt en het bureau dat de banden met China onderhoudt) Dennis Kwok van de democratische Civic Party in felle bewoordingen beschuldigd van ‘parlementaire obstructie’; hij zou de verkiezing dwarsbomen van de voorzitter van de commissie die het uitleveringswetsvoorstel door het parlement moet loodsen, en daarmee zijn eed als parlementariër schenden.

De prodemocratische volksvertegenwoordiger Alvin Yeung Ngok-kiu werd op 18 mei door de beveiliging uit het parlement gezet na een handgemeen tussen parlementsleden van het prodemocratische kamp en het pro-Beijingkamp. © Kin Cheung / AP Photo / HH
De prodemocratische volksvertegenwoordiger Alvin Yeung Ngok-kiu werd op 18 mei door de beveiliging uit het parlement gezet na een handgemeen tussen parlementsleden van het prodemocratische kamp en het pro-Beijingkamp. © Kin Cheung / AP Photo / HH

Op 14 april spraken hoge magistraten tegenover persbureau Reuters hun zorgen uit over de bedreiging van de juridische onafhankelijkheid van Hongkong door de poging van Beijing om hun rechtssysteem te beïnvloeden.

De markantste gebeurtenis vond plaats op 15 april. Op die dag heropende Luo Huining, sinds januari de nieuwe leider van het Verbindingsbureau met China, het heikele dossier over de inwerkingstelling van grondwetsartikel 23. Dit artikel bepaalt dat de autoriteiten een nationale veiligheidswet moeten uitvaardigen met als doel het voorkomen van verraad, afscheiding, oproer en ondermijning op het grondgebied van Hongkong. [Dit artikel is controversieel omdat het als een inbreuk wordt beschouwd op de vrijheid van meningsuiting in Hongkong en op het beginsel ‘Eén land, twee systemen’.]

Luo Huining heeft benadrukt dat Hongkong sinds het in 1997 door de Britten aan China is overge-dragen een gevaarlijke bres vormt in de nationale veiligheid van China en de invasie van buitenlandse troepen mogelijk maakt. Om daar zo snel mogelijk een eind aan te maken heeft hij aangedrongen op maatregelen.

Alliantie 23

In de avond van 18 april, na de grote arrestatiegolf, hebben de twee Verbindingsbureaus er overigens aan herinnerd dat Beijing hen met de verantwoordelijkheid had belast voor de gang van zaken in Hongkong. Ze hadden om die reden het recht om daar namens de centrale regering op toe te zien, zonder zich te onderwerpen aan artikel 22 van de Hongkongse grondwet dat bepaalt dat ‘geen enkele afdeling van de centrale regering kan interveniëren in de gang van zaken in de bestuurlijke regio Hongkong’. Deze nieuwe interpretatie van artikel 22 [dat de onafhankelijkheid van Hongkong garandeert] door de twee Verbindingsbureaus heeft veel protest losgemaakt in de Hongkongse samenleving.

Zou Beijing niet willen profiteren van het feit dat de internationale gemeenschap het te druk heeft met de strijd tegen de epidemie om zich tegen deze plannen te verzetten voordat in september de Hongkongse parlementsverkiezingen worden gehouden?

De benoeming van Luo Huining begin dit jaar, die zich nooit met de dossiers Hongkong en Macao heeft beziggehouden en slecht op de hoogte is van het politieke en zakelijke milieu in Hongkong, en die al ruimschoots aan zijn pensioen toe is, is door talloze waar-nemers opgevat als een teken dat hij als taak heeft artikel 23 erdoor te drukken. Bovendien heeft ook Junius Ho, de zeer omstreden vertegenwoordiger van het pro Beijing-kamp in Hongkong, de laatste dagen herhaaldelijk gepleit voor invoering van artikel 23; samen met Alliantie 23, een groepering die is opgericht door verscheidende pro-Beijing-organisaties, heeft hij een petitie online gezet om op deze maatregel aan te dringen, waarvoor hij al meer dan een miljoen handtekeningen beweert te hebben verzameld.

Sars

Laten we niet vergeten dat de laatste keer dat Beijing heeft geprobeerd artikel 23 erdoor te drukken, er eveneens een epidemie in volle gang was, namelijk in 2003 toen Hongkong werd getroffen door een sars-uitbraak.

Meer dan vijfhonderdduizend mensen gingen toen de straat op om tegen dit voornemen te protesteren, dat uiteindelijk werd opgeschort. Maar zeventien jaar later zijn de omstandigheden heel anders.

In 2014, twee jaar nadat Xi Jinping aan de macht was gekomen, diende zich de ‘Paraplubeweging’ aan die 79 dagen lang strijd voerde voor het algemeen kiesrecht van het democratische kamp in Hongkong. Vorig jaar heeft de protestbeweging tegen de uitleveringswet meer dan zes maanden lang opschudding veroorzaakt in Hongkong, met betogingen waaraan wel twee miljoen mensen deelnamen; zelfs de politieke situatie in Taiwan is daar sterk door beïnvloed. Dit jaar is Hongkong opnieuw geconfronteerd met een pandemie van ongekende omvang. Zowel de binnenlandse als de buitenlandse spanningen waaraan het grondgebied wordt blootgesteld zijn veel hoger dan die in 2003.

De CPC heeft haar beleid altijd wonderbaarlijk effectief en snel weten aan te passen aan nieuwe ontwikkelingen

Maar de ontreddering in Hongkong is nu van buitenaf minder zichtbaar. De protestbeweging tegen het uitleveringswetsvoorstel, die vorig jaar juni op gang kwam, is tot half november gegroeid, met de Universiteit van Hongkong (HKU) en de Polytechnische Universiteit (PolyU) als voornaamste slagvelden. Vervolgens heeft het democratische kamp een verpletterende 80 procent van de stemmen behaald tijdens de districtsraadsverkiezingen op 24 november. Daarna is de strijd, die al meer dan zes maanden duurde, in hevigheid afgenomen.

En naarmate de bloederige scènes en het heldhaftige verzet van de oppositie verminderden en steeds meer landen ten prooi vielen aan de epidemie, besteedden de media aanzienlijk minder aandacht aan de situatie in Hongkong. Daar hebben de regeringen van Hongkong en China ongetwijfeld hun voordeel mee gedaan. Zo heeft het kunnen gebeuren dat de in jaren tachtig van de vorige eeuw gedane belofte om Hongkong ‘een grote mate van autonomie te verlenen volgens het beginsel “Eén land, twee systemen”’ veertig jaar later op een geheel nieuwe manier wordt geïnterpreteerd.

Voor wie de geschiedenis van de Communistische Partij van China kent is dat allerminst verwonderlijk. De CPC heeft haar beleid altijd wonderbaarlijk effectief en snel weten aan te passen aan nieuwe ontwikkelingen. Als ze de teugels van de macht eenmaal stevig in handen heeft, kan ze alles interpreteren op de manier die het gunstigst is voor haar eigen belangen. De Chinese regering staat sterk genoeg in haar schoenen en ligt er dus niet van wakker dat de Hongkongers steeds verder van haar af komen te staan. Wat erop wijst dat ze alle tegenstand gewoon de kop in wil drukken.

Auteur: Lin Yiting

Baodaozhe (The Reporter)
_Taiwan | website | twreporter.org

Dit online nieuwsplatform, opgericht in 2015, staat bekend om zijn onderzoeksjournalistiek over de Chinese en Aziatische wereld. Het is een non profitorganisatie die wordt ondersteund door een Taiwanese stichting.


Deel dit artikel


Recent verschenen