bij lufthansa moet je comazuipen om piloot te worden


De Duitse Pascal (niet zijn echte naam) wilde zijn grote jongensdroom najagen: piloot worden bij Lufthansa. Maar om dit te verwezenlijken moest hij op de luchtvaartschool ontgroeningsrituelen doorstaan die hij zelf ‘grensoverschrijdend’ en ‘discriminerend’ noemt. Hij ontdekt een wereld van drill-sergeanten, gedwongen dronkenschap en roze tutu’s, die door Lufthansa angstvallig verborgen worden gehouden.

» Hier leest of luistert u dit verhaal op Blendle

Een podium op een binnenplaats. Een verhoging van planken, nog geen meter hoog. Net hoog genoeg dat het publiek je goed kan zien. Er stond zo’n 150 man te joelen, grijnzende hoofden, sommigen aangeschoten, herinnert de jongeman zich. Om hem te beschermen zullen we hem in dit stuk Pascal noemen.

Hij stond op dat podium en moest moppen vertellen. Schuine moppen, daar hielden ze van. Als de menigte hem leuk vond, riepen ze: ‘Hij hoort erbij!’ Als niemand moest lachen, riepen ze: ‘Hij hoort er niet bij!’ Seconden voelden als minuten, minuten als uren. Hij had het koud. Zijn kleren waren nat van het bier dat ze steeds in zijn kraag goten. Hij zat onder het zweet omdat hij zich van iemand die zich tot drill-sergeant had benoemd en door een megafoon schreeuwde, telkens weer had moeten opdrukken. ‘Mietje!’ brulden ze, als het niet snel genoeg ging. ‘Matennaaier!’

European Flight Academy

Pascal en de twintig anderen moesten bier drinken, ad fundum, en dan over het sportterrein sprinten en bukken om de kroonkurken te verzamelen die de drill-sergeants steeds opnieuw over hen uitstrooiden. En ten slotte de finale op de binnenplaats. Hij was het liefst weggerend. Maar hij bleef.

De menigte die hem testte, waren zijn medestudenten. Zijn ze nog steeds. Toekomstige collega’s. Het podium staat op de binnenplaats van de meest gerenommeerde pilotenopleiding van het land: de European Flight Academy in Bremen, onderdeel van een dochter van de Lufthansa Group. Het instituut waar hij wordt opgeleid voor zijn droombaan. Pascal is op het podium gebleven omdat hij Lufthansa-piloot wil worden. En als je dat wilt, kun je nauwelijks om de opleiding bij de European Flight Academy heen. Als kind al ging hij in het weekend met zijn vader naar het vliegveld. Op het bezoekersterras, vliegtuigen kijken. Hij vertelt dat hij toen altijd fantaseerde hoe het zou zijn om zelf aan het stuur van een vliegtuig te zitten, de Atlantische Oceaan over, met onder hem niets dan de wolken en de zee. Hij mocht op een keer meevliegen in de cockpit, van de start tot de landing. Daarna wilde hij nooit meer iets anders. Piloot zijn, dacht hij, betekent verantwoordelijkheid dragen. Hij wilde een beroep waarin hij zelfstandig beslissingen moest nemen, en niet alleen een radertje in het systeem was. Dat stelde hij zich voor van een baan bij Lufthansa.

‘Genieten jullie ervan?’ schreeuwt een van de mannen in uniform. ‘Sir, yes, Sir!’ antwoorden de nieuwelingen

Op de luchtvaartscholen van Lufthansa worden sinds 1955 piloten opgeleid, sinds 2017 onder de overkoepelende European Flight Academy die tot het concern behoort. De Duitse luchtvaartmaatschappij presenteert zich graag als een moderne onderneming die de gelijkheid der seksen hoog in het vaandel heeft, verantwoordelijk en respectvol is. Een onderneming die meer wil zijn dan een miljardenconcern. In een reclamevideo vertellen piloten in opleiding hoe het is om voor het eerst op te stijgen. ‘Zoals je eerste zoen,’ zegt een jongeman en glimlacht afwezig in de camera. Een ander zegt dat voor hem de praktijkperiode in Phoenix, Arizona, ‘de mooiste tijd van zijn leven’ was. Het is duidelijk: het gaat hier om droombanen. Om identificatie. ‘Be Lufthansa’ staat op de website van de opleiding. Alsof het niet genoeg is om bij Lufthansa te werken. Je moet Lufthansa zijn.

Nieuwe leerlingen worden geworven met de slogan ‘Train together with the best and the brightest’. De besten en de slimsten. Pascal dacht dat hij, na voor het toelatingsexamen te zijn geslaagd, één van hen zou worden. Maar hij moest ook nog een onofficiële barrière nemen. Een barrière die in geen enkel promotiefilmpje voorkwam.


Het initiatieritueel verloopt volgens Pascal in wezen altijd hetzelfde: elke paar maanden begint er op de luchtvaartschool een nieuwe cursus. De leerlingen van de twee laatste cursussen organiseren de introductie van hun opvolgers. Ze bedenken opdrachten, beschilderen T-shirts met penissen, borsten en grove teksten voor de nieuwelingen en kopen alcohol. Plaats van handeling: het sportplein op het schoolterrein. Tijdstip: donderdag in de kennismakingsweek.

Een warme avond in augustus 2019. Om het afgelegen, geasfalteerde plein van de luchtvaartschool in Bremen staat een hoog hek, eromheen is het stil. In de struiken ritselen een paar konijntjes. Plotseling klinken bevelen. ‘Tien, elf, twaalf ̶ lager!’ schreeuwt iemand door een megafoon. ‘Dat lijkt helemaal nergens op, roken jullie soms?’ Dan het antwoord, in koor: ‘Sir, no, Sir!’

Het is een ander openingsritueel dan dat waarover Pascal vertelde, maar het gaat er ongeveer hetzelfde aan toe. Ongeveer 25 mannen en één vrouw in witte T-shirts en roze en groene tutu’s laten zich tegelijk vallen om push-ups te doen. Allemaal op een rij. Er zijn zo’n 150 toeschouwers, ze roepen ‘Verschrikkelijk!’ en ‘Dat kan mijn oma beter!’ als iemand blijkbaar te langzaam is, andere staan te schreeuwen en te fluiten. Voor de zwetende tutu’s hebben zich vier mannen in fantasie-uniformen opgesteld, ze dragen kakikleurige broeken, strakke T-shirts in camouflagekleuren en zonnebrillen.

‘Genieten jullie ervan?’ schreeuwt een van de uniformen. ‘Sir, yes, Sir!’ antwoorden de nieuwelingen. Ze doen een wedstrijdje kroonkurken oprapen, de roze tutu’s tegen de groene. ‘Bremen is een schone stad!’ brult een van de drill-sergeants. ‘Bremen is een schone stad!’ brult de menigte.

Ride my pony

Vanaf de straat kun je alles goed zien en horen. Op de vraag ‘Wie zijn jullie?’ die steeds opnieuw door de megafoon klinkt, antwoordt de menigte: ‘Vrachtwagenchauffeurs!’ Alsof toevallige passanten niet mogen weten dat het hier om toekomstige piloten gaat. Twee keer komt er iemand langs. Een man in pak, met glimmend gepoetste schoenen en een ratelend rolkoffertje, lijkt niets te zien. Dan komt er een jongetje van een jaar of tien op een crossfiets. Hij is kennelijk op het geschreeuw afgekomen, gaat naar het hek en haalt zijn mobieltje tevoorschijn. Hij filmt door het gaas heen. Half geïrriteerd, half geamuseerd schudt hij het hoofd. Na een paar minuten fietst hij weer door. Niemand lijkt hem te hebben opgemerkt, zo druk zijn de leerlingen van de luchtvaartschool ermee. Ook de schrijfster van SZ-Magazin zien ze niet, hoewel ik anderhalf uur lang ongestoord achter het hek zit te toe kijken.

Aan de andere kant van het hek moeten de tutu’s dansen. ‘Patrick Zweetvoet tegen de Lulhannesen!’ Kennelijk hebben ze bijnamen gekregen. Dan knalt het nummer Pony van R&B-zanger Ginuwine uit de speakers: ‘If you’re horny, let’s do it, ride it, ride my pony.’ Ze bewegen en draaien met hun heupen. Iemand roept: ‘Uitkleden!’ Een T-shirt vliegt door de lucht.

Bij het volgende spelletje moeten ze, terwijl ze met één arm op een omgekeerde emmer steunen, acht rondjes om de emmer draaien en daarna een bepaalde route afleggen. Een van de nieuwelingen struikelt, zegt iemand later, en blijft liggen. Minutenlang kan hij niet overeind komen, daarna wordt hij naar de eerste hulp gebracht. Hij heeft hartklachten en pijn aan zijn schouder, zeggen ze.

Ten slotte moeten de nieuwelingen het ‘marslied’ zingen, en wel net zo lang tot de menigte tevreden is. Kameraden, kameraden, kameraden zing een lied, het was een prachtig lied, het was een schitterend lied, het klonk allemachtig prachtig, we zingen het eendrachtig! De tutu’s scanderen het in een eindeloze loop, zelfs nog terwijl ze van de uniformen een duurloopje om het gebouw moeten doen.

Ook deze introductie eindigt op het podium op de binnenplaats, buitenstaanders kunnen het nu niet meer zien. Als alles net zo gaat als altijd, volgt nu de plechtige eed, die iedereen verplicht te zwijgen over wat er vandaag is gebeurd. Geen woord erover, tegen niemand, zo wil de traditie.

Pascal heeft de eed gebroken.

In feite is de houding van zijn medeleerlingen heel menselijk. Onderzoekers hebben ontdekt dat zelfs kinderen van twee hun gedrag aan dat van anderen aanpassen

De nacht na zijn introductie heeft hij lang wakker gelegen, vertelt hij. Zo veel verwarde gedachten. Hartkloppingen. Wat is er gebeurd vandaag, dacht hij. Waarom voelde hij zich ellendig terwijl al zijn medeleerlingen zo fanatiek meededen? Sommige hadden er zelfs plezier in. Hij probeerde iets te doen wat hem anders ook vaak kalmeerde: schrijven. Zijn gedachten ordenen op papier. ‘Vernederend’, schreef hij in grote, beverige letters. Hij heeft het vel papier bewaard. ‘Volstrekt ongepast, grensoverschrijdend’, staat er, ‘geen niveau’, ‘spitsroeden lopen’, ‘seksistisch’, ‘discriminerend’. Louter begrippen die niet passen in het moderne beeld dat men van Lufthansa heeft.

Als Pascal zijn verhaal vertelt, blijft hij telkens steken, denkt na. Vaak vraagt hij: ‘Of overdrijf ik? Zie ik het te beperkt?’ Dan ziet hij er oprecht vertwijfeld uit. Tenslotte lijkt het niemand behalve hem te storen.

In feite is de houding van zijn medeleerlingen heel menselijk. Onderzoekers hebben ontdekt dat zelfs kinderen van twee hun gedrag aan dat van anderen aanpassen. Ze doen na wat de meerderheid doet, zelfs als dat nadelig is voor hen zelf. In tegenstelling tot ander primaten. ‘Chimpansees zouden kennelijk zinloos gedrag nooit kopiëren,’ zegt antropoloog Harvey Whitehouse van de universiteit van Oxford, die met historici, archeologen en ontwikkelingspsychologen onderzoek doet naar rituelen. ‘Geen enkele in het wild opgegroeide chimpansee zou uit zichzelf voor een andere chimpansee buigen, in ganzenpas achter hem aanlopen of ander ritueel gedrag vertonen,’ zegt Whitehouse. ‘Dat doen alleen mensen.’ Hij beschouwt rituelen als ‘sociaal bindmiddel’.

‘Mensen willen zich in groepen verenigen,’ zegt ook hoogleraar antropologie Günther Schlee van het Max-Planck-instituut voor etnologisch onderzoek in Halle, Sachsen-Anhalt. ‘Dat is voor hen, ondanks alle individualisering, een zeer belangrijke waarde.’ Bij groepsvormingsprocessen kennen initiatierites dan ook een lange traditie. Wereldwijd. Meestal, maar niet uitsluitend, komen ze voor bij groepen van mannen. Of het nu gaat om stamverbanden bij natuurvolken, Londense herenclubs, rugbyverenigingen, de Ku-Klux-clan of de Vrijmetselaars: erbij horen is een privilege dat je moet verdienen. In de Drinking Society Bears op de universiteit van Cambridge moeten aspiranten, zeggen ze, een rauwe zalm opeten om erbij te komen. Bij het zeer elitaire, geheime genootschap Skull and Bones van de universiteit van Yale heet het dat kandidaten bloed drinken uit een schedel. En tijdens hun ‘doop’ in de elitekazerne van de Bundeswehr in Pullendorf kregen slapende studenten ’s nachts een laarzenzak over hun hoofd, werden ze geboeid en bespoten met ijskoud water. Toen deze martelingen in 2017 in de openbaarheid kwamen, heeft de Bundeswehr de betrokken soldaten op staande voet ontslagen.

‘In wezen gaat het bij dit soort introductierituelen altijd om het overwinnen van pijn,’ zegt Günther Schlee. Psychische vernedering is ook een soort pijn. Wie zich daaraan onderwerpt, stelt het lid zijn van de groep boven het eigen welbevinden. Hij verzekert de anderen ervan dat ze hem kunnen vertrouwen.

Maar: als je je bij een dergelijke groep wil aansluiten, dan ben je op een dergelijk initiatieritueel voorbereid. Maar bij een potentiële werkgever? ‘Daar had ik niet op gerekend,’ zegt Pascal. Waarom denken zelfs luchtvaartmensen toch dat ze tegenover elkaar moeten laten zien hoe hard ze zijn? Omdat het manbeeld ook in onze moderne, verlichte maatschappij verbazingwekkend weinig is veranderd, vindt Schlee. ‘Het beeld van de sterke man die pijn doorstaat, is maatschappelijk nog steeds algemeen geaccepteerd,’ zegt hij. ‘En door beide seksen.’


Ook Pascal is het opgevallen dat bij de introductierituelen vrouwen vaak het fanatiekst meedoen. Ze hebben hun bier sneller op, rapen meer kroonkurken op, zingen bij het marslied harder dan de anderen. Dat verbaast Schlee niet. ‘Vrouwen willen in dergelijke situaties graag bewijzen dat ze niet zwakker zijn dan mannen, dat ze wellicht zelfs betere mannen zijn.’ Een fenomeen dat je ook op kantoor ziet: veel succesvolle vrouwen kopiëren het gedrag van hun mannelijke collega’s, zegt Schlee. Ze spelen het spel mee in plaats van de regels te veranderen. Hij ziet dat als een aanzienlijk probleem: ‘Als ook vrouwen dat mannelijkheidsbeeld hebben, zich daar zelfs aan ondergeschikt maken en het daardoor consolideren, wie laat dan een tegengeluid horen?’

Op het Instagram-account van de European Flight Academy staan groepsfoto’s van de cursussen. De nieuwelingen staan er op hun paasbest op, in pak of mantelpakje. Het is opvallend hoe ze op elkaar lijken. Het grootste deel is wit, slank, ziet er goed uit. Zo’n beetje een op de tien mannen is vrouw.

Anna Müller is een paar jaar geleden op de luchtvaartschool tot piloot opgeleid. Ook zij vreest problemen als ze zou worden herkend, daarom is haar naam veranderd. In haar tijd vonden de kennismakingsrituelen plaats in de binnenstad van Bremen, vertelt ze, ‘met een kledingketting, achterlijke pakjes en de gebruikelijke drinkspelletjes’. Bij de kledingketting strijden twee teams tegen elkaar, die een ketting moeten knopen van hun kleren. Wie het meeste uittrekt, wint. Zijzelf hoefde zich niet uit te kleden omdat het te koud was. ‘Maar ’s zomers heb ik meisjes in hun ondergoed en straalbezopen voor het station zien liggen,’ vertelt Müller. Als iemand vroeg wat dat te betekenen had, deden ze net of ze economiestudenten waren. ‘Want het mocht natuurlijk niet uitkomen dat we allemaal studenten van de luchtvaartschool waren. De imagoschade zou enorm zijn geweest.’

Een behoorlijke buts in het blazoen van de vooraanstaande, integere captains van de wolken dat het concern zo graag presenteert. Alleen al het idee dat passagiers zich zouden kunnen afvragen: die man in de cockpit, die dit vliegtuig veilig naar zijn bestemming moet brengen, zou die ook meegedaan hebben? ‘Mietje’? ‘Matennaaier’? ‘Bremen is een schone stad’?

Code of conduct

Als we de school bellen en om informatie vragen over de kennismakingsrituelen op het sportveld, worden we vijf keer doorgeschakeld. Maar niemand wil iets zeggen. Ten slotte komen we terecht bij de communicatieafdeling van Lufthansa Aviation Training GmbH in het Beierse Hallbergmoos en krijgen we een uitvoerig reclameverhaal over de magische momenten in de pilotenopleiding, inclusief hoogglansfoto’s van de luchtvaartschool in Phoenix. Weet niemand iets? Officieel zegt Lufthansa Aviation Training GmbH (LAT), dat over de school gaat, ‘dat men niets weet van vernederende initiatierituelen’. De woordvoerder verwijst naar een interne Code of Conduct, waaraan iedereen in het bedrijf zich dient te houden. Als iemand zich daar niet aan houdt, wordt er een onderzoek ingesteld. Lufthansa Aviation Training GmbH bestrijdt dat gegevens van nieuwe studenten, bijvoorbeeld lijsten met namen, aan de organisatoren worden doorgegeven. Maar de bijnamen op de T-shirts zien er niettemin verbazingwekkend gepersonaliseerd uit.

Nadat er in juni 2019 op een van de locaties van het LAT blijkbaar ‘incidenten’ hadden plaatsgevonden, verordonneerde de schoolleiding in een intern schrijven, waarover SZ-Magazin beschikt, dat ‘de consumptie van alcohol’ beperkt werd ‘tot de bar en bij eindexamenfestiviteiten’. Verder stond er: ‘Deze beperking heeft ook betrekking op feestelijkheden in de kennismakingsperiode, behalve in de bar.’ Het roept de vraag op welke feestelijkheden in de kennismakingsperiode de schoolleiding bedoelt ̶ en of ze op de hoogte was van de gang van zaken op het sportplein. Als dat het geval was, zou er sprake zijn van ‘grove nalatigheid’, zegt Maria Benecke, professor arbeidsrecht aan de universiteit van Augsburg. Ook al zijn de studenten geen werknemer in klassieke zin, er is wel sprake van een contractrelatie. ‘Als iemand schade lijdt of als alleen zijn persoonlijkheidsrechten maar in het gedrang komen, is de onderneming volgens de wet aansprakelijk.’ Het is voldoende als het concern ervan had kunnen weten. En bij een evenement dat op het schoolterrein plaatsvindt, mag je daarvan uitgaan. ‘En het wordt nog problematischer als het niet alleen wordt toegestaan, maar ook actief wordt ondersteund,’ zegt Bernecke.

Wie het ritueel ter discussie stelt, keert zich tegen het hele bedrijf

Het is lastig om te weten te komen hoe lang de traditie van de rituelen bij de luchtvaartschool al bestaat. Er zijn geen jaarboeken waarin je iets kunt vinden. Maar je kunt met mensen praten die al lang in het vak zitten. We bellen met een voormalig leerling die dertig jaar geleden zijn opleiding in Bremen voltooide. De man, nu rond de 50, vliegt niet meer, maar herinnert zich zijn tijd op de school nog heel goed, vooral het praktijkgedeelte in Phoenix. Op het terrein in Phoenix hadden ze palmen, een bar, twee zwembaden. Alleen al de aankomst was uniek. Om de nieuw aangekomenen van het vliegveld af te halen, stonden er niets dan Chevy Caprice Classics, zo breed en protserig als je vandaag alleen nog in rapvideo’s ziet. Een escorte van motoren, alsof we toppolitici op staatsbezoek waren. ‘Wij leerling-piloten voelden ons koningen,’ zegt hij.

Drie à vier weken na aankomst vliegen de leerlingen in de regel voor het eerst alleen. Die solovlucht had een speciale betekenis, zegt de ex-piloot, vanouds werd dat gevierd. ‘Als je dat had gedaan, trokken de anderen je je hemd van je lijf en gooiden je in het zwembad,’ vertelt hij. ‘Daarna kreeg je een flink pak slaag.’ Een andere oud-leerling die zo’n tien jaar geleden de opleiding in Bremen heeft voltooid, vertelt: ‘Wij moesten bij het zwembad een blikje bier leegdrinken en daarna in ons nette pak onze kamersleutel opduiken.’ En als iemand niet mee wilde doen? Weigerde? ‘Die werd dan vreselijk gepest,’ zegt hij, ‘daar wilden we niets mee te maken hebben.’ Hij lacht, het was allemaal een grote grap. En heel belangrijk voor de groep. ‘Op een of andere manier onderscheid je je van anderen,’ zegt hij. ‘Zulke ervaringen werden een deel van je Lufthansa-DNA, dat neem je je leven lang mee.’

Het Lufthansa-DNA. Dat is ook wat Pascal, de jonge piloot in opleiding, beweegt: het lijkt wel of iedere piloot, man en vrouw, aan deze spelletjes heeft meegedaan. En wie het ritueel ter discussie stelt, zo komt het hem voor, keert zich tegen het hele bedrijf. Ook de voorzitter van de raad van bestuur van Lufthansa AG, Carsten Spohr, behaalde in 1993 zijn pilotendiploma aan de opleiding in Bremen. Op de vraag of ook Spohr aan deze rituelen heeft deelgenomen, vraagt de communicatieafdeling van Lufthansa Aviation Training GmbH om begrip. Ze doen geen mededelingen over persoonlijke zaken. In principe is het de voorzitter bekend dat nieuwe leerlingen in Bremen ‘vriendelijk’ worden verwelkomd. ‘Een vriendelijke verwelkoming van de aanstaande piloten, mannen en vrouwen, is heel goed te verenigen met de waarden van Lufthansa.’ Pascal durft ook intern niet open over de welkomstrituelen te praten. Ooit heeft een jonge vrouw, zegt hij, de introductie in tranen verlaten en is naar huis gegaan. ‘Daar hebben ze het nog steeds over,’ zegt hij. De desbetreffende leerlinge werd maandenlang met de nek aangekeken.

Bizutages

Aan de ene kant is de arbeidsmarkt de afgelopen decennia gevoeliger geworden voor de gevoelens van het individu dan ooit tevoren: individuele coaching, #MeToo-vertrouwenspersonen op de personeelsafdeling, anti-discriminatie taskforces. En toch lijkt op veel terreinen de macht van de groep in stand te zijn gebleven. Dat verklaart misschien ook waarom zulke rituelen niet zo makkelijk afgeschaft kunnen worden. In Frankrijk zijn bizutages (ontgroeningen) al eind jaren negentig wettelijk verboden. De ontgroeningen op Franse elitescholen waren steeds verder geëscaleerd: er wordt verteld dat leerlingen soms gedwongen werden naakt en op handen en voeten hondenpoep te eten. Anderen zouden een mengsel van rode wijn, urine en braaksel te drinken hebben gekregen. Maar verdwenen zijn de rituelen niet, alleen heten ze tegenwoordig ‘integratieweekenden’ en vinden ze meer dan ooit in het geheim plaats. Als je je daar niet in schikt, ben je nog kwetsbaarder.

‘Als de meerderheid bepaalt dat er behoefte is aan zulke rituelen, dan kan het consequenties hebben als je bezwaar maakt,’ zegt antropoloog Schlee. ‘Van pesten, een geringere acceptatie, tot slechtere carrièremogelijkheden toe.’ Wie niet wil meedoen, moet tegen die nadelen bestand zijn, ze door een groter zelfbewustzijn compenseren. Of medestrijders vinden om je positie te versterken. ‘Als de kritische massa wordt bereikt, kan een omslag plaatsvinden en kan er iets veranderen,’ zegt Schlee. De paradox: ook als je rituelen bestrijdt, is het een voordeel als je ze zelf hebt meegemaakt. ‘Dat verhoogt de status van de criticus,’ zegt Schlee. ‘Dat is de onverbrekelijke logica.’

Pascal heeft vaak overwogen met de opleiding te stoppen, maar die gedachte heeft hij telkens ook weer laten varen. Het is niet alleen persoonlijk, maar ook juridisch moeilijker dan hij dacht. Want hij is contractueel gebonden: iedere leerling moet voor de tweejarige pilotenopleiding ongeveer € 80.000 betalen. Net als de meeste anderen heeft ook Pascal een renteloze lening van Lufthansa gekregen. Wie er voor het eindexamen mee ophoudt, moet een deel daarvan terugbetalen. Bovendien: een langlopende lening kan alleen ‘om belangrijke redenen’ worden opgezegd.

‘Het moet echt volstrekt onredelijk zijn de overeenkomst in stand te houden,’ zegt docent arbeidsrecht Martina Benecke. ‘Bovendien heeft de tegenpartij de mogelijkheid om aan te voeren dat de rituelen vrijwillig waren. Waarbij je je natuurlijk kunt afvragen hoe vrijwillig het uiteindelijk is als er eigenlijk geen andere mogelijkheid is om überhaupt je pilotendiploma te behalen.’ Want volgens de cao-afspraken stelt Lufthansa normaliter alleen piloten aan die op haar eigen school zijn opgeleid. Alleen hier kan Pascal rechtstreeks worden opgeleid tot beroepspiloot die later voor Lufthansa passagiers mag vervoeren. Dus bleef hij.

Auteur: Fabiennen Hurst
Vertaler: Izaak Hilhorst

Fabienne Hurst heeft leerling-piloot Pascal voor dit onderzoek meermaals ontmoet. Maar altijd buiten Bremen. Daar zijn gewoon te veel leerling-piloten, vindt hij.

Openingsbeeld: © Getty

Süddeutsche Zeitung
Duitsland | dagblad | oplage 372.000

Opgericht in 1945. De intellectuele, liberale krant van links Duitsland. Samen met de FAZ een van de belangrijkste dagbladen van het land. De SZ staat bekend om de drie-eenheid: tolerantie, onafhankelijkheid en waakzaamheid.


Deel dit artikel


Recent verschenen