Amateurfotograaf Abdulkadir Mohamed gaat de straten van de Somalische hoofdstad Mogadishu op om een ander beeld van zijn land te tonen. Geen dood en verwoesting, maar kleurrijke stranden, markten en spontane performances van gefotograafeerden. Zijn beelden verspreidt hij op de sociale media onder de naam Ato.
Jongens en mannen met geweren, kinderen spelend tussen het puin, families samengepakt in vluchtelingenkampen en bloederige taferelen ten gevolge van bominslagen. Soms zit er ineens een kiekje tussen van het prachtige strand dat de stad ook heeft en zie je tekenen van hoop en opleving: nieuwe flatgebouwen oprijzend tegen de hemel, wegen die worden verlicht door zonne-energie en gloednieuwe geldautomaten. Beide soorten foto’s laten facetten zien van de werkelijkheid van Mogadishu, maar ze maken niet duidelijk hoe de ruim twee miljoen inwoners van de stad het dagelijks leven ervaren en wat het leven voor hen de moeite waard maakt.
‘Zelfs dwars door de verwoesting heen valt er in Mogadishu schoonheid te ontdekken,’ zegt Abdulkadir Mohamed, een Somalisch-Canadese amateurfotograaf. Hij is een autodidact die met zijn camera de straat op gaat en zich elke keer opnieuw laat verrassen door de stranden, de markten, de kinderen, de minaretten, het drukke stadsgedoe. Hij plaatst zijn foto’s op de sociale media en zet er zijn bijnaam onder: ‘Ato’. Dat is een Somalisch woord dat ‘mager’ betekent.
Abdulkadir werd geboren en getogen in het kosmopolitische Mogadishu, waar kunst en cultuur een belangrijke rol speelden. ‘Ik ben opgegroeid met het Pan-Afrikaans en Arabisch Filmfestival [dat voor het eerst werd gehouden in 1987]. In die tijd had Mogadishu twintig bioscopen. De Somaliërs gingen heel vaak naar de film.’
Zijn belangstelling voor fotografie heeft hij niet van vreemden. ‘Mijn oom was fotograaf. Er waren destijds veel fotostudio’s in Mogadishu.’
Abdulkadir verhuisde in zijn tienerjaren naar Canada, vlak voordat Somalië in een langdurige burgeroorlog verzeild raakte. Die burgeroorlog volgde op de val, na een lange regeerperiode, van president Mohamed Siad Barre in 1991. Abdulkadir woonde ruim twintig jaar in Canada en de Verenigde Staten, voordat hij aan het begin van 2014 om familieredenen terugkeerde naar zijn geboortestad.
‘Je wilt niet meer behandeld worden als een tweederangsburger, je wilt niet langer uitgescholden worden’
‘Toen ik in het buitenland woonde, zag ik alleen maar de gebruikelijke foto’s van Somalië. Het waren clichébeelden over de oorlog en over Somaliërs die of piraterij bedreven, of omkwamen van de honger. Dat is niet het Mogadishu dat ik van vroeger ken.’
Toen hij terug was, begon hij foto’s te maken, om aan zijn vrienden in de Somalische gemeenschap in Canada te kunnen laten zien hoe het er in Mogadishu in werkelijkheid aan toeging. Via de sociale media bleven ze op de hoogte. Die vrienden bleven steeds om nieuwe foto’s vragen. ‘Een vriend wilde graag dat ik foto’s zou nemen van de wijk in Mogadishu waar hij was opgegroeid. En mijn tienernichtje drong net zo lang aan tot ik een account opende op Tumblr. Veel andere mensen deden dat vervolgens ook.’
Veel jonge Somaliërs die handig zijn met internet, zijn de sociale media gaan gebruiken om foto’s en video’s te verspreiden die een gunstig beeld geven van hun land. Sommigen – zoals Ugaaso Boocow, die veel volgers heeft op Instagram, of Abla Elmi, producent van de zesdelige videoserie Mogadishu Diaries, of Ahmed Yusuf, oprichter van het YouTube-kanaal Welcome to Somalia – zijn net als Abdulkadir teruggekeerd naar Mogadishu, na jarenlang elders te hebben gewoond. Anderen, zoals Zahra Qorane [een blogster en fotografe uit Mogadishu], zijn nooit weggeweest.
‘Als je terugkeert naar Somalië en je ziet dat het daar heel anders is dan je dacht, dan besluit je dat je nooit meer naar het buitenland wilt. Je wilt niet meer behandeld worden als een tweederangsburger, je wilt niet langer uitgescholden worden,’ zegt Abdulkadir. ‘Het valt niet mee om tegelijk moslim, zwart en immigrant te zijn. In de westerse wereld heerst vreemdelingenhaat. Hier, in eigen land, zal niemand je uitschelden.’
Abdulkadir legt mensen, dingen en scènes vast. Zijn foto’s zijn niet alleen momentopnames, maar ook betekenisvolle verhalen, die een stem krijgen door de onderschriften in het Engels en het Somalisch. Die onderschriften zijn soms heel ad rem, soms grappig en soms ernstig van toon, maar ze zijn altijd begrijpelijk voor niet-Somaliërs.
De manier waarop hij mensen portretteert is bijzonder; Abdulkadir heeft een uitzonderlijk vermogen om een verstandhouding op te bouwen met degenen die hij fotografeert. ‘Ik geloof er heel erg in om mensen in hun waarde te laten. Ik neem nooit foto’s zonder toestemming.’ Hij fotografeert van betrekkelijk dichtbij, en velen voelen zich daarbij zodanig op hun gemak dat ze graag een performance geven voor de camera. Dat levert mooie, onverwachte en levendige beelden op. Ook als de mensen zich laten fotograferen zonder zich speciaal bewust te zijn van de camera, wekken de foto’s geen voyeuristische indruk. De kijker krijgt niet het gevoel dat hij op ontoelaatbare wijze binnendringt in het leven van de geportretteerde. ‘Als de mensen in Mogadishu je zien met een camera, dan denken ze meteen dat je persfotograaf of journalist bent,’ zegt hij. Journalistiek blijft een bijzonder gevaarlijk beroep in de stad. ‘Ik zie mezelf trouwens niet als een professionele fotograaf.’
Hoewel veel foto’s van Abdulkadir een bepaalde documentaire kwaliteit hebben, ziet hij zichzelf niet als een documentairemaker. ‘Ik heb besloten om mij te richten op positieve berichtgeving. Dat betekent dat ik de gebruikelijke negatieve verhalen over mijn stad aan anderen overlaat.’ Deze stellingname maakt hem tot een visueel activist. Internationaal gezien doen de foto’s van Abdelkadir denken aan het werk van een andere straatfotograaf met Canadese connecties: Thana Faroq, oprichtster van een Jemenitisch fotoproject. Haar motto: ‘Het gaat mij om het leven, níét om oorlog.’
In de jaren vijftig was het Robert Frank (1924) die brak met de regels van de Amerikaanse fotografische traditie, door schaamteloos een persoonlijk stempel te drukken op zijn fotoserie The Americans. Terwijl Frank de onderbuikgevoelens van de Amerikanen in beeld wilde brengen, vanuit het koele gezichtspunt van een buitenstaander, is het Abdulkadir vooral te doen om het tonen van positieve beelden van binnenuit. Zijn foto’s laten zien hoe de mensen hoop houden, hoe ze genieten van kleine dingen, hoe ze hun vrije tijd besteden (met muziek, dans en sport) en hoe belangrijk familie en kinderen zijn. Aan de hand van de foto’s van Abdulkadir kan iedereen bedenken wat het leven de moeite waard maakt in Mogadishu – en ook in de rest van de wereld.
Auteur: Mo Keita
Vertaler: Janet Luis
True Africa
Verenigd Koninkrijk, trueafrica.co
Mediaplatform over cultuur, muziek, lifestyle, politiek, mode en technologie in Afrika en diaspora. De site is gericht op een nieuw geluid, jong getalenteerden plaatsen bijvoorbeeld artikelen over skateboarden in Accra, lesbiënne zijn in Lagos en street art in Rwanda.

