de ineenstorting van centrum links


Vrijwel elke internationale krant schreef over ‘het verlies van de PVV’. Anne Applebaum maakt zich meer zorgen over de neergang van de sociaal-democratie – volgens haar een ontwikkeling die van grote invloed zal zijn op het electoraat in heel Europa.

Als je in de Engelstalige wereld woont, bezie je de rest van de wereld algauw door een populistische bril. Geen wonder: we zijn dagelijks bezig met het drama van 
de Brexit en het presidentschap van Trump, waarin in beide gevallen een hoofdrol is weggelegd (in wisselende maten) voor slechtgemanierde mannen met een slecht kapsel, aanvallen op deskundigen en immigranten en minachting voor nationale en internationale instituties die decennia lang voor vrede hebben gezorgd en de welvaart hebben bevorderd. Als we naar andere landen kijken, zijn we vanzelfsprekend op zoek naar diezelfde fenomenen.

Om die reden hebben de verkiezingen in Nederland, waarvan de Engelstalige wereld gewoonlijk niet wakker ligt, dit jaar ongekend veel aandacht getrokken. Want daar stond, midden op het politieke toneel, Geert Wilders. Een Nederlandse politicus die al heel wat jaren meeloopt – hij werd voor het eerst in het parlement gekozen in 1998 en zijn partij heeft al eerder gedoogsteun aan een kabinet verleend – en die zich allengs heeft ontwikkeld tot een slechtgemanierde man met een slecht kapsel die erin slaagde de populistische fakkel op te pakken en naar Den Haag te dragen. Een vriend van Stephen K. Bannon en Nigel Farage.

Wilders maakte dit jaar zijn opwachting op de Republikeinse Nationale Conventie in Washington, juichte de Brexit toe en deed zichtbare pogingen om zich aan te sluiten bij wat een internationale trend leek.

Uiteindelijk zal de teloorgang van Oud Links, en het verhaal van zijn vervangers, misschien wel belangrijker blijken te zijn dan de opkomst van “Nieuw Extreem-rechts”

Toen hij hoog in de peilingen stond, leek het er even op dat Wilders’ Partij voor de Vrijheid de grootste fractie zou worden in een sinds lange tijd sterk verdeeld Nederlands parlement. Maar een uitzonderlijk hoge opkomst zorgde voor een heel ander resultaat. Wilders behaalde een lichte winst en heeft nu 20 van de 150 Kamerzetels. Maar van een populistische triomf was geen sprake. De centrum-rechtse partij van de premier blijft de grootste in het parlement en de overgrote meerderheid van de kiezers heeft de voorkeur gegeven aan partijen die in de Europese Unie willen blijven.

Omdat we Nederland door een populistische bril bezien, is het grotere verhaal ons ontgaan: de ineenstorting van de centrum-linkse Partij van de Arbeid, die ook van betekenis is voor heel Europa en het electoraat in bijna alle landen zal beïnvloeden. Hoewel de langzame neergang van de sociaal-democratie in sommige landen tijdelijk is bezworen door centristen als Tony Blair, is die al een feit sinds het eind van het communisme de droom van een door de staat geleide economie verstoorde en economische veranderingen de vakbonden ondermijnden, evenals de solidariteit van de arbeidersklasse die door die bonden werd bevorderd.

Linkse kiezers

Overal op het Europese continent zijn gedesillusioneerde voormalige linkse kiezers in de armen van xenofoben gedreven, vooral omdat velen daarvan – met name Marine Le Pen in Frankrijk, maar ook de Oostenrijkse FPÖ en de Poolse Partij voor Recht en Rechtvaardigheid – nu pleitbezorgers zijn van wat je ‘marxisme light’ zou kunnen noemen of, als je minder beleefd bent, nationaal-socialisme: elementen daarvan zijn renationalisatie van de industrie, handelsbelemmeringen en versterking van de verzorgingsstaat. 
Maar er zijn ook linkse spijtoptanten die een andere weg hebben gevolgd. Sommigen steunen liberalen zoals Emmanuel Macron in Frankrijk, of groenen zoals Alexander Van Der Bellen, de president van Oostenrijk. Bij de Nederlandse verkiezingen nam de steun voor sociale en economische liberalen, evenals voor de groenen, spectaculair toe.

Uiteindelijk zal de teloorgang van Oud Links, en het verhaal van zijn vervangers, misschien wel belangrijker blijken te zijn dan de opkomst van ‘Nieuw Extreem-rechts’. Deze Populistische Internationale heeft echter ontegenzeglijk beter begrepen dat de dramatische gevolgen van internet, sociale media en automatisering, evenals van de economische globalisering, betekenden dat het democratische Westen nieuwe politieke partijen met nieuwe filosofieën nodig had. Haar antwoord was negatief, boos en in sommige gevallen gekenmerkt door ondemocratische radicale nostalgie; verwerping van het heden ten gunste van een revolutionaire terugkeer naar een geïdealiseerd en volledig wit verleden, waar iedereen werk had.

Er zouden ook andere antwoorden kunnen zijn. Veel gedesillusioneerde kiezers kunnen ook voor positieve plannen worden gemobiliseerd. 
Misschien zullen ze zich aangetrokken voelen tot nieuwe partijen, of nieuwe leiders, die een visioen van een betere toekomst bieden in plaats van een onbereikbaar verleden. In de Engelstalige wereld is dat de laatste tijd niet zo goed gelukt. Maar dat betekent niet dat het onmogelijk is.

Auteur: Anne Applebaum
Vertaler: Peter Bergsma

Anne Applebaum schrijft voor The Washington Post en Slate en is auteur van meerdere boeken over Oost-Europa. Voor Gulag: A History kreeg ze de Pulitzer Prize.

The Washington Post
Verenigde Staten | dagblad | oplage 700.000

Bewees zich met het publiceren van de Pentagon Papers. Eerste krant die zeven dagen per week verscheen (sinds 1980). Een van de meest invloedrijke kranten ter wereld. Centrum-rechts georiënteerd met een grote focus op de Amerikaanse politiek.


Deel dit artikel


Recent verschenen