klimaatprobleem kwestie van macht geld e280a8en politieke wil


De toekomst ziet er gevaarlijk uit volgens de jongste voorspellingen. Maar wanhoop niet, politieke wil en vooral het engagement van de doorsneekiezer kan die sombere vooruitzichten logenstraffen.

Deze zomer werd voor velen de klimaatverandering werkelijkheid. De toekomst ziet er heftig en gevaarlijk uit. Na Trump, fake news en de hachelijke onderhandelingen over Brexit een volgende reden tot wanhoop. Volgens een nieuw wetenschappelijk rapport kan zelfs een tamelijk bescheiden uitstoot van CO2 in de toekomst een stortvloed aan rampen veroorzaken: de permafrost smelt, waardoor er methaangas vrijkomt, dat de temperatuur wereldwijd genoeg opdrijft om een groot deel van het Amazonewoud te doen afsterven, hetgeen weer zal leiden tot een kettingreactie die de planeet aarde definitief in een schrikbarende broeikas zal veranderen.

De beschaving zoals wij die kennen zou dat zeker niet overleven. Hoe gaan we om met zulk nieuws?

Zomerse hittegolf

Als wetenschappelijk onderzoeker op dit gebied kan ik de krantenkoppen enigszins nuanceren. Een gangbare gedachte over klimaatverandering is dat naarmate we minder CO2 uitstoten de opwarming deze eeuw minder zal toenemen. Dat is zeker waar, maar zoals deze zomerse hittegolf en het nieuws over het mogelijke broeikaseffect aantonen, zullen de klimaatveranderingen die we meemaken niet soepel, geleidelijk of lineair verlopen. Er kunnen zich snelle, abrupte en gevaarlijke verrassingen voordoen. Maar een onstuitbare, wereldwijde stortvloed van rampen is – hoewel mogelijk – geen waarschijnlijke uitkomst.

Desalniettemin zijn we deze eeuw bezig de aarde te veranderen, al is het dan misschien niet in een broeikas. De wereld slaagt er na dertig jaar waarschuwen nog steeds nauwelijks in de CO2-uitstoot terug te brengen. Die zal snel tot nul moeten dalen, maar blijft na decennia lang te zijn toegenomen hooguit gelijk, terwijl er nog steeds wordt geïnvesteerd in het winnen van nieuwe fossiele brandstoffen, met als schandalig dieptepunt de aankondiging van vorige maand dat fracking in het Verenigd Koninkrijk zal worden toegestaan. De temperaturen zijn tot 1 graad Celsius boven het pre-industriële niveau gestegen, en we zijn op weg naar twee of drie graden daar nog bovenop. Kan de beschaving deze mate van opwarming aan?

Het eerlijke antwoord is dat niemand dat weet. Dystopie ligt voor de hand: Europa kan bijvoorbeeld zelfs bescheiden aantallen migranten niet aan, en de stroom zal in de toekomst waarschijnlijk aanzienlijk toenemen omdat migratie op zichzelf een aanpassing aan klimaatverandering is. Hoe zullen de koelere, rijkere delen van de wereld reageren op tientallen miljoenen mensen die aan de hetere, armere delen proberen te ontsnappen? Tel daarbij op de middellange termijn stagnerende inkomens voor de meeste westerlingen en de torenhoge voedselprijzen als gevolg van mislukte oogsten, en ziedaar een recept voor wijdverbreide onrust die de politieke instituties zou kunnen overbelasten.

Zijn we gestaag bezig de planeet aarde definitief in een kale broeikas te veranderen? Na dertig jaar wordt er nog steeds geïnvesteerd in het winnen van nieuwe fossiele brandstoffen. – © Pexels
Zijn we gestaag bezig de planeet aarde definitief in een kale broeikas te veranderen? Na dertig jaar wordt er nog steeds geïnvesteerd in het winnen van nieuwe fossiele brandstoffen. – © Pexels

Het is dan ook gemakkelijk te begrijpen dat deze elkaar kruisende crises ertoe leiden dat de nieuwe extreemrechtse populisten om sterke autoritaire leiders roepen die deze problemen zullen oplossen. Door naar binnen gericht nationalisme kunnen we op die manier verder verwijderd raken van het internationalisme dat nodig is om continuering van een stabiele wereldwijde voedselaanvoer te garanderen en op een humane manier met de migratie om te gaan. En zonder coöperatief internationalisme zal een serieuze CO2-beperking uitblijven, hetgeen betekent dat de onderliggende oorzaken van de problemen zullen verergeren en tot een slechtere, isolationistische en fascistische toekomst zullen leiden.

Maar als we dit sombere toekomstbeeld even laten voor wat het is, worden we wat betreft de klimaatverandering met dezelfde drie keuzes geconfronteerd als vóór deze bloedhete zomer: broeikasgassen reduceren (vermindering), veranderingen invoeren om de negatieve invloed te beperken van de nieuwe omstandigheden die we creëren (aanpassing), of lijden onder de gevolgen van wat we niet wensen te verminderen of aan te passen. Het is nuttig bij deze drie opties stil te staan en ervan uit te gaan dat serieuze vermindering en verstandige aanpassing weinig leed behoeven te veroorzaken.

Hoewel dit elementaire advies al decennia oud is, koersen we af op enige vermindering, op heel weinig aanpassing en op een heleboel leed. Hoe komt dat? Doordat, hoewel de diagnose dat klimaatverandering een probleem van wetenschappelijke aard is, de reactie daarop dat niet is. Fossiele brandstoffen in de grond laten zitten is bijvoorbeeld een kwestie van regulering, terwijl het investeren in zonne- en windenergie een politieke keuze is, en het moderniseren van ons woningbestand om het energie-efficiënt te maken betekent dat we tegen de machtige lobby van de bouwindustrie moeten opboksen. Het oplossen van de klimaatverandering is een kwestie van macht, geld en politieke wil.

En dat betekent dat de klimaatverandering bespreekbaar moeten worden gemaakt en dat de politiek er op alle niveaus bij moet worden betrokken. Eén manier om klimaatverandering een hoofdrol te laten spelen tijdens de eerstkomende Britse verkiezingen is door kandidaten die nog niet zeker zijn van een zetel te benaderen met de vraag of ze serieuze met het klimaat verband houdende wetgeving zouden steunen. In ruil zouden honderden voorstanders van klimaatwetgeving hen kunnen steunen door van deur tot deur voor de kandidaten te gaan folderen. Daarmee zouden zwevende kiezers in de discussie kunnen worden betrokken, zou het een echte verkiezingskwestie worden en zou een grote groep mensen binnen en buiten het parlement bereid zijn te lobbyen voor de noodzakelijke wetgeving voor vermindering en aanpassing.

Gezien de enorme rijkdom en de wetenschappelijke kennis die momenteel voorhanden zijn, kunnen we veel dringende wereldproblemen oplossen en allemaal goed leven

Wanneer we klimaatverandering als een praktisch politiek probleem beschouwen, voorkomen we wanhoop omdat we weten dat er in het verleden reusachtige politieke omwentelingen teweeg zijn gebracht en momenteel nog steeds teweeggebracht worden. De toekomst is aan ons als we gezamenlijk optreden en ons politiek engageren. Om de Italiaanse politiek theoreticus Antonio Gramsci te citeren: ‘Door mijn intelligentie ben ik een pessimist, maar door mijn wilskracht een optimist.’ Als je het zo bekijkt, kunnen we de politiek als een strijd beschouwen tussen een toekomst die in het teken van de angst staat en een toekomst die in het teken van de hoop staat. Die hoop stoelt op een beter toekomstverhaal en maakt zich op om dat te realiseren. De strekking van dat verhaal is dat we, gezien de enorme rijkdom en de wetenschappelijke kennis die momenteel voorhanden zijn, veel dringende wereldproblemen kunnen oplossen en allemaal goed kunnen leven. Omdat onze invloed op het milieu zo langdurig is, bepaalt ons huidige beleid de toekomst.

Auteur: Simon Lewis

Simon Lewis is hoogleraar in wereldomvattende veranderingsprocessen aan University College London en de University of Leeds.


Deel dit artikel


Recent verschenen