De Israëlische documentaire The Viewing Booth onderzoekt of beelden uit bijvoorbeeld bezet Palestina meningen en gedachten kunnen beïnvloeden. ‘Ik moest de camera niet op de werkelijkheid richten, maar op de toeschouwers: om te kijken wat zich in hun ogen en in hun hoofd afspeelde.’
Wat doet het met ons wanneer we naar een documentaire kijken? Hoe verwerken we de informatie die via het scherm tot ons komt? Kan die ons beïnvloeden en van gedachten doen veranderen? Kunnen filmbeelden van willekeurig welke werkelijkheid, bijvoorbeeld van de Israëlische bezetting, een bres slaan in vooropgezette ideeën? Kunnen ze ons wereldbeeld aan het wankelen brengen en ons, al is het maar heel even, anders – scherper, onbevooroordeeld – tegen de werkelijkheid laten aankijken? Of zijn onze ideeën zo diep ingesleten dat elke poging in die richting tot mislukken is gedoemd?
Al die vragen spelen door het hoofd van de aanwezigen bij de vertoning van The Viewing Booth, de nieuwste documentaire van Ra’anan Alexandrowicz (50). Deze in Israël geboren regisseur, scenarioschrijver en filmeditor heeft enkele goed ontvangen documentaires op zijn naam staan, zoals The Inner Tour (2001), waarin hij een groep Palestijnse toeristen in Israël volgt, en The Law in These Parts (2011), over het rechtsstelsel in de bezette gebieden. The Viewing Booth ging vorig jaar in première op het filmfestival DocAviv in Tel Aviv en was kort daarna te zien op het filmfestival van Berlijn. Hij is inmiddels in Israël op tv uitgezonden.
Zelfinzicht
In The Viewing Booth stuurt Alexandrowicz zijn kijkers op reis door hun eigen geweten. Hij nodigt ze uit om zeventig minuten met hemzelf en de hoofdpersoon, een jonge joodse Amerikaanse vrouw, door te brengen in de kijkruimte uit de titel – een soort laboratorium – om er getuige van te zijn hoe ze op bepaalde filmbeelden reageert. De kijkers zien en horen haar en ondergaan haar reacties. Maar belangrijker nog: ze krijgen gaandeweg inzicht in zichzelf.
Het idee is simpel. Alexandrowicz, die Israël vier jaar geleden verliet en nu bij familie in Philadelphia woont, nodigde enkele studenten uit om vrijwillig plaats te nemen in zijn ‘lab’. Hij zette ze voor een scherm waarop hij YouTube-filmpjes vertoonde die in de bezette gebieden waren gemaakt. Enkele ervan had hij gekregen van B’Tselem, het Israëlische Informatiecentrum voor mensenrechten in de bezette gebieden. Andere fragmenten zijn afkomstig van rechtse, conservatieve bronnen.
Alexandrowicz vroeg de studenten of ze vooral wilden letten op hun gevoelens en gedachten terwijl ze naar de beelden keken en die onder woorden wilden brengen; zelf zat hij in de ruimte ernaast te observeren. Uiteindelijk besloot hij zich te concentreren op slechts één student: de 24-jarige Maia Levi, wier ouders Israëliërs zijn en die zichzelf omschrijft als pro-Israël.
Ik wilde dat ze zag dat er al vijftig jaar lang huizen worden binnengevallen
Al snel wordt duidelijk waarom Alexandrowicz besloot zich op Levi te richten. Niet alleen verschilden haar politieke opvattingen van de zijne en kon hij de beelden daardoor ‘van de andere kant’ bekijken, ook kan Levi heel goed verwoorden wat ze denkt. Ze wikt, weegt en stelt vragen. Ze vraagt zich af wat er buiten het beeld gebeurt, wat er gebeurde voordat de camera begon te draaien, wie die vasthield en wat de aanleiding was om die ene, specifieke gebeurtenis te filmen. Ze bekijkt de beelden met een kritisch oog, maar de telkens herhaalde close-ups van haar expressieve gezicht verraden haar gevoelens terwijl ze kijkt: mededogen, pijn, walging, woede, compassie. Soms toont Alexandrowicz de toeschouwers de beelden die Levi ziet, waardoor er een gezamenlijke kijkervaring ontstaat, een gezamenlijk vertrekpunt voor reflectie en vragen.
De Israëlische regisseur Ra’anan Alexandrowicz maakt maatschappelijk betrokken documentaires over de verhouding tussen Palestijnen en Israëli, zoals The Inner Tour (2001) en The Law in These Parts (2011). The Viewing Booth is zijn recentste film. © Jeff Vespa / Getty
Toeschouwer
‘De documentaire cinema is er volgens mij niet om de wereld te verbeteren, om mensen ergens van te overtuigen of hun manier van denken te veranderen, maar hij vervult die rol onvermijdelijk,’ vertelt Alexandrowicz aan Ha’aretz via een videoverbinding vanuit zijn huis in Philadelphia. ‘Vroeger wilde ik met documentaires invloed uitoefenen op de samenleving. Met The Law in These Parts werd dat anders. Ik organiseerde vertoningen voor openbare aanklagers, pro-deoadvocaten, leraren en allerlei clubjes die me interesseerden.
‘Eerst dacht ik dat de documentaire een gesprek op gang kon brengen dat verandering kon afdwingen, maar na een tijdje begon ik me af te vragen of dat wel zo effectief was. Dat kwam door de research die ik had gedaan: ik had elke snipper van elke documentaire over de geschiedenis van de bezetting bekeken. Ik ontdekte dat veel films en artikelen al eerder de juiste vragen hadden gesteld en kritiek hadden opgeworpen. Daardoor begon ik me af te vragen wat ik met mijn werk wilde, begon ik te twijfelen aan het medium en wat je ermee kon bereiken. Ik kwam tot de conclusie dat ik de camera niet op de werkelijkheid moest richten, maar op de toeschouwers: om te kijken wat zich in hun ogen en in hun hoofd afspeelde.’
Alexandrowicz begon aan The Viewing Booth voordat hij uit Israël wegging. Hij experimenteerde met allerlei ideeën en technieken, maar toen hij studenten van de Temple-universiteit in Philadelphia uitnodigde in zijn ‘kijkdoos’, was dat voor hem gewoon het zoveelste experiment. Hij wist niet dat er uiteindelijk een film uit zou voortkomen – totdat Maia Levi voor de camera plaatsnam. Toen wist hij dat hij had gevonden wat hij zocht.
‘Achteraf bekeken snapte ik dat ik de kans kreeg om te luisteren naar de kijkers voor wie ik mijn eerdere films had gemaakt. Ook al woont Maia zelf niet in Israël en waren al mijn films begonnen met een Israëlisch publiek in gedachten, zij beziet de dingen vanuit een totaal ander politiek perspectief. Ik besefte dat zij stond voor degenen die ik graag met mijn films wilde beïnvloeden. Daarom fascineerde ze me zo,’ aldus de regisseur.
Wanneer Levi een soldaat van het Israëlische leger tegen een Palestijnse fotograaf ziet roepen dat hij ‘die camera weg moet doen’, rolt ze met haar ogen. Wanneer ze beelden ziet van een terrorist die op de grond ligt terwijl er een gewapende soldaat boven hem uittorent, zegt ze dat dat absoluut een anti-Israëlisch filmpje moet zijn. Ze geeft meteen toe dat ze ervan overtuigd is dat een filmpje gekleurd is als het B’Tselem-logo erop staat.
Als ze beelden ziet van Israëlische soldaten die midden in de nacht een huis in Palestina binnenvallen en, zonder aan de slapende kinderen te denken, eisen dat iedereen in huis opstaat, begint Levi te twijfelen. Heel even identificeert ze zich met de ‘buitenlanders’ wier privacy wordt geschonden, heeft ze medelijden met de kinderen en heeft ze verdriet om wat ze ziet.
Maar zodra ze de moeder van het gezin ineens iets ziet zeggen, flapt Levi eruit dat ze denkt dat de vrouw liegt en dat de beelden niets zeggen over de context waarin de soldaten doen wat ze doen. Het ziet er akelig uit, maar ze vraagt zich toch af of er een bom in huis is.
Argwaan
Eén tel later draaien haar emoties weer om als een blad aan een boom en heeft ze medelijden met de ruw uit hun slaap gewekte kinderen. Ditmaal is ze ook boos op de soldaten die de huiszoeking verrichten. Over één soldaat zegt ze dat het er niet uitziet alsof hij echt naar iets op zoek is; hij doet gewoon een la open en weer dicht. Als je een heel gezin wakker maakt, doe die huiszoeking dan op z’n minst goed, voegt ze eraan toe. Ze roept van alles, maar valt dan ineens stil.
Hoe is B’Tselem eigenlijk aan die beelden gekomen, vraagt ze zich af. Wie heeft ze gemaakt? Wat zijn de verborgen bedoelingen van de maker? Als hij had gewild dat de kinderen weer konden gaan slapen, dan had hij de camera en de lampen uit kunnen doen. Waarom ging hij door met filmen? Ze vindt het allemaal maar vreemd. (Volgens de eigen website heeft B’Tselem een videoafdeling die activisten helpt mensenrechtenschendingen in de bezette gebieden vast te leggen. B’Tselem verstrekt ook camera’s aan Palestijnen en leert ze die te gebruiken, zodat ze als ‘burgerjournalisten’ het leven daar kunnen filmen.)
Alexandrowicz: ‘Zodra Maia tijdens het kijken ineens belang hecht aan de camera en aan de maker, treedt ze buiten de kaders van het beeld. Als je erover nadenkt, verandert dat het beeld dat ze vanaf het begin ziet. Het ene moment zie je hoe een kind midden in de nacht wakker wordt gemaakt en is er een geweerkolf in beeld, het volgende moment zie je een man die filmt dat zijn kind wakker wordt gemaakt. Toen ze later zei dat er misschien een bom in het huis was, gebruikte ze haar fantasie.’
‘Achteraf bezien,’ aldus de regisseur, ‘zie ik in dat ik haar ook het kader uit wilde duwen, maar ik wilde dat ze zag dat er al vijftig jaar lang huizen worden binnengevallen, wat in 99 procent van de gevallen niets te maken heeft met een bom, maar eerder met de baas willen spelen, zodat de bevolking niet vergeet dat je er bent. Ik wilde dat ze dát zag.’
Het is afwisselend fascinerend en verrassend om getuige te zijn van Levi’s kritische, gespannen denkproces. In de tweede helft van de film, wanneer Alexandrowicz Levi voor een tweede kijksessie uitnodigt, deze keer om naar zichzelf te kijken terwijl ze kijkt, gebeurt er iets interessants. Als ze bij de beelden van de inval in het huis is aanbeland, vraagt hij waarom ze dacht dat er een bom in het huis was, want daarvan blijkt niets uit het fragment.
Netflix
Levi antwoordt dat het idee haar kan zijn ingegeven door andere fragmenten die ze heeft gezien, of misschien zelfs door Fauda, de Israëlische dramaserie over de Israëlische krijgsmacht die in de VS en op Netflix te zien is. Ze erkent dat ze uiteenlopende filmbeelden ziet en soms vergeet wat echt is en wat niet. Gaandeweg vervaagt dus de grens tussen werkelijkheid en verbeelding, waarmee duidelijk wordt dat wat we in documentaires en tv-series zien in ons hoofd samenvloeit tot één geheel.
Alles wat we zien beïnvloedt de manier waarop we over de dingen denken, zegt Levi vanuit Philadelphia in een Zoom-gesprek over de documentaire. Dat geldt des te meer, zegt ze, wanneer je in de Verenigde Staten woont in plaats van in Israël: ‘Waar komen zulke beelden anders vandaan, als ze niet uit een tv-serie komen?’
Alexandrowicz voegt eraan toen dat hij zijn eerdere films maakte voor kijkers zoals Levi, maar dat zijn laatste werk is gericht op een ander publiek. ‘Ik probeerde altijd te denken aan kijkers die dingen anders zagen dan ik omdat ze rechtser, conservatiever waren. Dit is de eerste keer dat ik me richt op een ruimdenkend, links publiek, mensen die denken zoals ik, maar ook op journalisten en documentairemakers die denken dat ze een manier hebben gevonden om de andere partij aan te spreken. In mijn optiek maakt The Viewing Booth duidelijk dat we hier dieper over moeten nadenken, omdat het een uiterst complex, precair evenwicht is.’
Nirit Anderman
Ha’aretz
Israël | dagblad | oplage 80.000
De eerste Hebreeuwse krant die in 1919 onder Engels mandaat uitkwam. ‘Het land’ is dé krant voor Israëlische politici en intellectuelen.

