Lusail Stadium rendering cropped 1


The Indian Express ontmoette negen families van arbeiders die stierven op de bouwplaatsen van het WK. Allemaal hekelen ze de ontkenning van de Qatarese autoriteiten en het gebrek aan financiële compensatie voor deze arbeidsongevallen.

Toen op 20 november het wereldkampioenschap voetbal begon, waren alle ogen gericht op het schitterende Al Bayt-stadion in Doha met zijn zestigduizend zitplaatsen – een architectonisch hoogstandje in de vorm van een nomadentent, dat een eerbetoon is aan het verleden en de toekomst van Qatar.

Maar in zijn schaduw leven de verhalen van migranten uit India die naar de Golfstaat trokken om van deze onwaarschijnlijke plek in de woestijn een mondiaal voetbalknooppunt te maken. Ze keerden terug naar hun families in dorpen van Bihar tot Punjab en Telangana – in doodskisten.

Gedurende acht maanden onderzocht The Indian Express officiële documenten en nam de krant interviews af met arbeidsbemiddelaars, met activisten voor migrantenwelzijn en met lokale ambtenaren in het hele land. Ook diende The Indian Express WOB-verzoeken in om de families op te sporen van migranten die in Qatar stierven terwijl ze werkten aan projecten of een baan hadden die gerelateerd was aan het WK.

Het nieuws over het overlijden bereikte hen via vrienden of collega’s van de werknemers in Qatar

De krant sprak met de families van negen van hen, ontmoette sommige daarvan thuis en concludeert dat ze worstelen om de brokstukken van hun gebroken leven op te rapen, vechtend tegen de toenemende financiële nood. Ze krijgen daarbij geen enkele steun. En allemaal uiten ze dezelfde grieven: schadevergoeding ontbreekt en ze lopen op tegen een muur van ontkenning door de werkgevers.

In zeven van deze gezinnen waren de omgekomen werknemers de enige kostwinners. De meesten van hen waren mannen in de werkende leeftijd en ze stierven voornamelijk door ‘een natuurlijke oorzaak’. Drie van de negen werknemers waren jonger dan dertig jaar, een was pas tweeëntwintig jaar oud, en vijf anderen waren jonger dan vijftig. In meer dan de helft van de gevallen, zeggen de families, was er geen medische voorgeschiedenis. Het nieuws over het overlijden bereikte hen via vrienden of collega’s van de werknemers in Qatar.

‘De werkgever heeft ons niet ingelicht over de dood van mijn man. Ik hoorde het voor het eerst van een vriend in ons dorp die op de hoogte was gesteld door een kennis in Qatar,’ zegt Savita Kumar. Haar man Akhilesh (22), een loodgieter uit Sallahpur in Siwan in Bihar, was vorig jaar bezig een ondergrondse leiding aan te leggen in de buurt van een WK-stadion net buiten Doha, toen de put waarin hij werkte instortte.

Akhilesh was een van de twee Indiase arbeiders die bij dat incident om het leven kwamen. De andere was de tweeëndertigjarige Jagan Surukanti uit Mallapur in Telangana. ‘Ik weet alleen dat mijn zoon er volledig fit heen ging,’ zegt Jagans vader Rajareddy, 59, terwijl hij zijn tranen bedwingt. ‘En hij kwam terug in een kist.’

The Indian Express spoorde acht van de negen betrokken werkgevers op om te vragen naar hun normen voor compensatie en steun voor de getroffen families. Zeven van hen reageerden niet; een bleek niet bereikbaar te zijn per e-mail of telefoon.

The Indian Express nam contact op met het Supreme Committee for Delivery and Legacy, de Qatarese organisatie die officieel verantwoordelijk is voor de uitvoering van het WK. Dat erkende slechts een totaal van ‘drie sterfgevallen als gevolg van arbeidsongevallen en zevenendertig sterfgevallen buiten het professionele kader’ onder werknemers uit de hele wereld, die werkten aan projecten die verband hielden met het toernooi.

‘Hartstilstand’

In antwoord op een WOB-vraag van The Indian Express over het aantal dodelijke slachtoffers onder Indiase werknemers bij WK-projecten sinds Qatar de rechten kreeg om het toernooi te organiseren, in 2010, zei de Indiase ambassade in Doha in mei 2022: ‘Daarover is geen informatie beschikbaar bij de ambassade van India in Doha.’

De ambassade reageerde niet op een door The Indian Express gemailde vragenlijst die betrekking heeft op de negen werknemers. De FIFA, de wereldvoetbalbond, reageerde niet op vragen van The Indian Express om commentaar op de dood van Indiërs die aan WK-projecten in Qatar werkten. In mei citeerde Associated Press Gianni Infantino, de voorzitter van de FIFA, die zei dat er slechts drie mensen zijn gestorven op de bouwplaatsen van het WK.

Uit gegevens van Lok Sabha – het Lagerhuis van India – blijkt dat alleen al in de laatste drie jaar, van 2020 tot juli 2022, 72.114 werknemers uit India in Qatar terecht zijn gekomen. Volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken zijn van 2011 tot mei 2022 3313 Indiase burgers in Qatar om het leven gekomen.

Op de vraag of de sterfgevallen van Indiase arbeiders in deze periode in Qatar in verband kunnen worden gebracht met het WK, zegt welzijnswerker voor migranten Bheem Reddy Mandha, voorzitter van Emigrants Welfare Forum en lid van het Migrant Forum in Asia: ‘Natuurlijk. Want het WK is het grote ding. Alles heeft ermee te maken. Voor vertrek naar Qatar is men gezond. Na vertrek sterven er mensen, ook onder de veertig, velen door een hartstilstand. Het is een ernstige kwestie.’ 

In de families van de arbeiders gaan de verhalen rond: er is het onafgemaakte huis van Ramesh Kalladi, een negenenveertigjarige arbeider, wiens familie zich nu in de schulden en de ellende bevindt; of het lot van de vijfentwintigjarige Padam Shekar, wiens eerste baan als bezorger voor een WK-sponsor ook zijn laatste bleek te zijn.

‘We kregen twee maanden achterstallig loon. Maar geen compensatie,’ zegt Ashique (24), wiens vader Abdul Majid (56) in juli 2020 overleed. Majid, uit Dharpally in Telangana, was een vrachtwagenchauffeur die door Trey Trading Company in Doha in dienst was genomen om arbeiders naar werklocaties te brengen.

‘Ijskoud zeiden ze dat mijn man was overleden na een hartstilstand en dat ze het lichaam binnen een week zouden vervoeren. Ze stuurden alleen het verschuldigde salaris, ongeveer 24.000 roepies [nog geen 300 euro]. Er was geen sprake van een vergoeding,’ aldus Latha Bollapally uit het dorp Mendora in Telangana, wiens man Madhu op 17 november 2021 bezweek aan een ‘hartstilstand’. 

‘Er zijn geen studies, noch door de regering die kunnen verklaren waarom zoveel sterfgevallen het gevolg zijn van een hartstilstand of andere natuurlijke oorzaken’

Volgens een rapport van Human Rights Watch zijn de arbeidswetten van Qatar zodanig dat bedrijven alleen compensatie aan families moeten betalen als het overlijden plaatsvindt op een werkplek of direct verband houdt met het werk. Dit maakt het voor families moeilijk om een legitieme claim in te dienen.

Swadesh Parkipandla, voorzitter van de Pravasi Mitra Labour Union, zegt: ‘In gevallen die als een natuurlijke dood worden aangemerkt, wordt geen autopsie verricht. Er zijn geen studies, noch door de regering, noch door onafhankelijke groepen, die kunnen verklaren waarom zoveel sterfgevallen het gevolg zijn van een hartstilstand of andere natuurlijke oorzaken.’

Een zo’n geval staat vermeld in een officieel rapport van het Qatarese Supreme Committee. Op 27 april 2016 rond half tien ’s morgens bevond staalarbeider Jaleshwar Prasad zich in de spelerstunnel van het Al Bayt Stadion toen hij in elkaar zakte. Twee uur later werd hij doodverklaard. Volgens het rapport van het Supreme Committee overleed Prasad aan ‘hartstilstand door ernstige ademhalingsmoeilijkheden’.

Maar niets geeft het drama beter weer dan de reis van Ramesh Kalladi uit Velmal in Telangana, wiens onafgemaakte huis een gruwelijke herinnering is aan de menselijke tol die wordt betaald voor wat door de organisatoren in Qatar is omschreven als ‘een FIFA World Cup als geen ander’.

Op 10 augustus 2016, zes dagen voor zijn vijftigste verjaardag, keerde de truckchauffeur na het werk terug naar zijn kamp in de industriële zone Sanaya van Doha, toen hij plotseling in elkaar zakte en overleed. De volksgezondheidsdienst van Qatar noemde het een natuurlijke dood – een bewering die zijn familie betwist.

In 2010, het jaar waarin Qatar de WK-rechten verwierf, sloot Kalladi een lening af om daar te kunnen werken voor 1300 Qatarese riyal per maand, circa 360 euro tegen de huidige wisselkoers. In het kamp kreeg hij een ‘piepklein kamertje met vijf andere mannen’, vertelt zijn zoon Sravan. ‘Er werden stadions gebouwd en er werden wegen omheen aangelegd,’ aldus Sravan, die zich in 2015 bij zijn vader in Qatar voegde. ‘Mijn vader legde een van die wegen aan die naar het stadion leiden.’

Na werkzaamheden in het stof en in extreem hoge temperaturen, oplopend tot 50 graden Celsius, begon de gezondheid van Kalladi te verslechteren. Dat leidde tot zijn dood, aldus Sravan. Het enige dat zij van zijn werkgevers, Boom Construction Company, ontvingen, aldus de familie, was het maandsalaris dat hem toekwam. ‘We hebben geen enkele compensatie van hen ontvangen,’ zegt Sravan.

Lees ook:


Deel dit artikel


Recent verschenen