Eeuwenlang bevochten, verwoest door Islamitische Staat, onder controle van Rusland; geen plek in het Midden-Oosten omvat zoveel symboliek als de oude Syrische stad Palmyra. Journalist Guillermo Abril en fotograaf Carlos Spottorno gingen op onderzoek en kwamen terug met ‘Palmyra, the other side’, een reportage in de vorm van een graphic novel die op originele en intrigerende wijze inzicht geeft in het huidige Syrië, na zeven jaar oorlog.
Ze wonnen er de European Press Prize mee in de categorie Innovatie. De reportage werd eerder gepubliceerd in Süddeutsche Zeitung Magazin en in de bijlage van_ El País._ 360 maakte een selectie uit het origineel dat 24 pagina’s beslaat en in zijn geheel te vinden is op de site van deEuropean Press Prize.
Palmyra ligt midden in de woestijn, halverwege de Middellandse Zee en de Eufraat. De archeologische stad is al sinds de tiende eeuw voor onze jaartelling een strategisch belangrijke plek geweest. De troepen van de grote vorsten uit het Oosten en het Westen, van Nebukadnezar tot Alexander de Grote, hebben de stad bezocht of belegerd. Palmyra kwam onder Romeins bewind en haar gouden eeuw viel samen met het hoogtepunt van het Romeinse rijk. De stad was een verplichte stop voor de handelsreizigers op de Zijderoute en een militair steunpunt in de grensregio, niet ver verwijderd van de Perzische vijand.
In 1980 voegde de stad toe aan de Werelderfgoedlijst, in 2013 op de lijst van bedreigd cultureel erfgoed.
Pagina 3. Sinds de oorlog bleven de toeristen in Palmyra weg. Nadat Assad de stad had heroverd, stond een Syrische delegatie op de toerismebeurs in Madrid met de slogan ‘Wij zijn terug’.
Pagina 4. In mei 2018 komen we aan in Damascus. Overal zijn militairen en posters van gesneuvelde soldaten, maar de mensen lijken een normaal leven te leiden. Toch ligt het front op maar vijf kilometer afstand. Van tijd tot tijd horen we de echo van een bominslag.
Pagina 5. Op het ministerie van Voorlichting ontvangt de heer Alaa ons. Hij stemt toe met ons verblijf, maar wil dat we ons beperken tot het onderwerp archeologie. Syrië is de oorlog aan het winnen, aldus officiële berichten. ‘Maar helaas verliezen we de slag tegen de media.’
Pagina 6. In het ontruimde Nationaal Museum van Damascus ontmoetten we conservator Nazir Awad. Zijn mensen slaagden erin bijna alle kunstschatten veilig te stellen, maar de jihadisten hebben de hoofden van veel beeldhouwwerken bewerkt of afgehakt.
Pagina 7. Een klein team is begonnen met de restauratie. Toen Assad zich in de oorlog ontpopte tot tiran, stopte alle samenwerking met het buitenland. Om toch steun te bieden moet Unesco zich vindingrijk betonen. Het zal jaren duren eer alle schade is hersteld.
Pagina 8. Al-Hariri, museumdirecteur, denkt dat IS door de VS en Israël is gestuurd. Hetzelfde zegt de christelijke Ramia Almansour: ‘Ze willen de grondstoffen én de Syriërs verdelen.’
Pagina 10. Op weg naar Homs zien we de sporen van de oorlog. Voor het eerst zien we ook de Russen. Die kwamen in september 2015 naar Syrië op verzoek van de Syrische regering, toen Assads regime al afgeschreven leek. Poetins ervaren troepen hebben het verloop van de oorlog gewijzigd.
Pagina 13. We ontmoeten twee zoons van Khaled Asaad, de beroemde archeoloog uit Palmyra, die door IS werd vermoord. De fanatici martelden hem, onthoofden hem op straat. Een omstander nam het hoofd mee en verborg het thuis, een ander begroef het lichaam.
Pagina 15. We komen langs een vliegbasis die een maand eerder door Israël werd gebombardeerd. Een aantal Iraanse soldaten kwam daarbij om. Bij de controlepost hangteen affiche met de ‘usual suspects’ – de lokale bondgenoten, vanuit Westers standpunt.
Pagina 18. We worden gegidst door Jumma, een pientere, bikkelharde 15-jarige. Hij spreekt vloeiend Russisch en is tevens onze huisbaas. De meeste klanten vindt hij onder de militairen. Het wemelt er van de Russen, alsof de stad één grote Russische basis is.
Pagina 21. Toen Assad zijn vader Hafiz opvolgde, wilde hij als wapen tegen het islamisme een seculiere staat vormen. Wij bezoeken het enige operationele ziekenhuis in de buurt. Het is overvol met Syrische soldaten die gewond zijn geraakt bij een aanval van jihadisten.
Pagina 24. Uiteindelijk komen we aan bij de ruïnes van Palmyra. De officier legt ons de techniek uit waarmee IS de monumenten heeft opgeblazen. De rijen antieke zuilen zijn volgeklad met teksten van de jihadisten – en van de milities die deze plek hebben bevrijd.
Makers: Carlos Spottorno, Guillermo Abril
Met dank aan Julie Donders en Jennifer Athanasiou Prins van European Press Prize

