Het wordt tijd dat de Arabische wereld verklaart dat geen enkel doel het terrorisme heiligt, en inziet dat het zich wel degelijk op de islam baseert, betoogt de Palestijnse intellectueel Khaled Hroub.
De aanslag in Nice lijkt een nieuwe klap in het gezicht van de Arabisch-islamitische wereld. Hij voegt zich bij de trieste berichten over het terrorisme die ons dagelijks bereiken vanuit Iran, Syrië, Jemen en andere landen in het Midden-Oosten. Dit terrorisme, dat zich beroept op de islam, heerst overal, van Bangladesh en Pakistan tot Orlando in de Verenigde Staten.
In de Arabische wereld blijven we hardnekkig volhouden dat we niets met deze drama’s te maken hebben. Maar je kunt niet volstaan met te zeggen dat de plegers van deze misdaden gewoon ‘boeven’ zijn en dat ze ons niet vertegenwoordigen. Waarom brengen dan alleen wij zulke ‘boeven’ voort? Door welke cultuur, opvoeding en algehele leefomgeving zijn ze op de wereld gezet?
Niet-moslims krijgen er week in week uit in duizenden preken van langs, waarbij er een beroep op God wordt gedaan om niemand van hen te sparen
Je kunt dit fenomeen niet alleen maar toeschrijven aan externe factoren en buitenlandse militaire interventie. Want wij zijn niet de enigen op de wereld tegen wie onrecht wordt gepleegd, of is gepleegd. Waarom neemt onze reactie op dat onrecht zo’n extreem barbaarse vorm aan? Waarom bedenken we geen respectabeler vormen van verzet?
Ik heb onlangs een verhaal gelezen over een militaire operatie die werd uitgevoerd door de Palestijnse leider Abdel Kader Al-Husseini tijdens het Britse mandaat in Palestina [1920-1948]. Het doel was de burelen van een prozionistische krant te verwoesten. Al-Husseini had de operatie verschillende keren uitgesteld, om er zeker van te zijn dat het gebouw op het moment van de ontploffing leeg zou zijn en dat er geen slachtoffers zouden vallen. In plaats van zo’n respectabele houding aan te nemen hebben onze ‘verzetsstrijders’ van tegenwoordig het voornamelijk op burgers gemunt.
Als we ons willen ontdoen van deze last die op onze samenlevingen, ons collectieve bewustzijn en ons imago in de wereld drukt, dan moeten we de werkelijkheid onder ogen zien en onszelf op zijn minst twee eerlijke vragen stellen.
Verdedigbare methodes
Eerste vraag: rechtvaardigen de druk van buitenaf en de militaire interventies het terrorisme? Ons antwoord daarop moet een collectief ‘nee’ zijn. Zowel om morele als pragmatische redenen. Om mensen voor een zaak te mobiliseren moet die zaak rechtvaardig zijn, maar moeten de methodes die worden gebruikt om haar te verdedigen ook moreel verdedigbaar zijn. Dat is de lering die we moeten trekken uit vele andere verzetsbewegingen, van Mahatma Gandhi tot Nelson Mandela. Zuiver pragmatisch bezien leert de ervaring bovendien dat degenen die hun strijd niet op een moreel verantwoorde manier voeren geen succes boeken.
De obsessie van Osama bin Laden en Ayman Al-Zawahiri, Bin Ladens rechterhand en opvolger als hoofd van Al-Qaida, met de vernietiging van de Twin Towers in New York heeft de Amerikanen niet aan het wankelen gebracht, maar hun een excuus verschaft om Afghanistan en Irak binnen te vallen. In Irak deed Abu Musab al-Zarqawi alsof hij ‘verzet’ bood tegen de Amerikaanse bezetter door zijn geweld tegen de sjiieten te richten. Dat heeft de Amerikaanse bezetting niet beëindigd, maar juist verlengd.
In Syrië zijn Al-Qaida en IS tot vormen van ‘verzet’ vervallen die de vreedzame revolutie hebben verijdeld en het bloedige regime van Bashar al-Assad in het zadel hebben gehouden. Bovendien hebben ze een excuus verschaft voor de buitenlandse interventies van Hezbollah, Iran en Rusland ten gunste van het Syrische regime. De zelfmoordstrategie van Hamas in Palestina heeft alleen maar geleid tot een verhoogde veiligheidsobsessie in Israël, het bouwen van een scheidingsmuur en het verkavelen van de westelijke Jordaanoever tot een lappendeken van gebieden die van elkaar geïsoleerd zijn. Om nog maar te zwijgen van het afkalven van de immense internationale sympathie voor de Palestijnse zaak.
Als puntje bij paaltje komt, hebben deze ‘verzetsoperaties’ alleen maar geleid tot de vorming van militaire structuren die de islamistische beweging Hamas in staat hebben gesteld zich tegen de Palestijnse Autoriteit in Ramallah te keren en zich meester te maken van de Gazastrook.
De tweede grote vraag die we onszelf moeten stellen, is: bestaat er een verband tussen het terrorisme dat zich op de godsdienst beroept en de godsdienst zelf? Het antwoord is ‘ja’. Want elke godsdienst verkondigt alleen maar wat de mensen hem in de mond leggen. Natuurlijk, iedereen die zegt dat deze of gene daad niet strookt met de ware islam doet dat met goede bedoelingen. Natuurlijk, een gewone gelovige kan oprecht geschokt zijn door bepaalde daden of bepaalde woorden. Dat neemt niet weg dat het in onze religieuze cultuur, in ons onderwijs en in de preken in onze moskeeën heel gebruikelijk is om aan de hand van religieuze teksten te betogen dat je bijvoorbeeld een goede moslim bent als je jezelf opblaast in een café dat door ‘ongelovigen’ wordt bezocht. Je moet de moed hebben deze werkelijkheid onder ogen te zien.
Zo krijgen niet-moslims er week in week uit in duizenden preken van langs, waarbij er een beroep op God wordt gedaan om niemand van hen te sparen. Evenzo laat men kinderen in de schoolbanken verhalen lezen waarin minachting voor niet-moslims wordt geventileerd, openlijk dan wel expliciet.
Het eerste wat ons te doen staat is erkennen dat onze scholen en onze moskeeën een latent IS-isme voeden, wat mag blijken uit de grote toegeeflijkheid ten opzichte van het geweld. Al decennia lang beperkt deze gemoedsgesteldheid zich niet tot één land of één geloofsgroepering. Integendeel, ze is in alle moslimlanden aanwezig en wordt door zowel soennieten als sjiieten gedeeld, die beiden een extremistische koers volgen die rampzalig is voor onze samenlevingen.
Om de toekomst van deze samenlevingen te waarborgen moet dit latente daeshisme worden uitgeroeid met behulp van een langetermijnstrategie. De kwalijke gevolgen ervan zullen niet worden gecorrigeerd door kortzichtige politici.
Auteur: Khaled Hroub
Khaled Hroub is lid van de raad van advies van het Prins Claus Forum, onderdeel van het Prins Claus Fonds. Ook is hij directeur van het Cambridge Arab Media Project en werkte hij voor het Middle East Programme van het International Institute of International Studies in Londen. Stukken van zijn hand verschenen onder meer in de International Herald Tribune, Middle East Journal, Middle East International, Journal for Palestine Studies en Shu’un Arabyya.
Al-Hayat
Saoedi-Arabië, dagblad, oplage 110.000
‘Het Leven’ is ongetwijfeld de meest toonaangevende krant van de Arabische diaspora en het favoriete podium voor liberale Arabieren die een groot publiek willen bereiken. De krant neigt naar pro-westerse en pro-Saoedische berichtgeving, maar staat ook open voor andere meningen.

