visionaire burgemeester verandert sao paulo in smart city


São Paulo stond altijd bekend als een autobolwerk. Maar in de afgelopen drie jaar heeft de progressieve burgemeester Fernando Haddad de metropool omgeturnd tot een slimme stad met ruimte voor fietsers en openbaar vervoer.

‘Hé communist, rot op naar Cuba!’ klinkt het vanuit een SUV die langzaam langs een fietspad rijdt. Een hand verschijnt door het raampje en smijt een waterfles naar de man van middelbare leeftijd en zijn partner die daar fietsen. Terwijl de twee geschrokken hun evenwicht proberen te hervinden, krijgen ze nog meer scheldwoorden naar hun hoofd, voordat de auto weer met een noodgang verdwijnt. ‘Playboys,’ mompelt de man, terwijl hij zijn weg vervolgt door de weelderig groene wijk van São Paulo, de Braziliaanse megalopool van negentien miljoen inwoners. ‘Fietsen in deze stad brengt nu een nieuw gevaar met zich mee: de woede van automobilisten,’ zegt Ricardo Nunes (46), een consultant die altijd op de fiets naar zijn werk gaat. ‘Maar daar laat ik me niet door afschrikken. Fietsen verbetert onze kwaliteit van leven. De wegen zijn niet alleen van de auto’s.’

São Paulo, een uitgestrekte stedelijke agglomeratie en de motor van de Braziliaanse economie, blijft maar groeien en is qua inwoneraantal de vijfde stad van de wereld. In reismagazines is deze grootste – en rijkste – stad op het zuidelijk halfrond vaak te zien als een tropisch Manhattan met grote auto’s, glanzende wolkenkrabbers en luxe helikopters. Maar de laatste drie jaar heeft de stad een ingrijpende verandering ondergaan. Er zijn felgekleurde fietsstroken gekomen, wandelpaden, snelbusbanen en maximumsnelheden voor auto’s. Zelfs tijdens het spitsuur kan het verkeer tegenwoordig rustig doorstromen.

Een gevolg is wel dat São Paulo, waar een auto altijd als onontbeerlijk werd beschouwd, nu in de greep is van een hoog oplopend debat, namelijk dat van auto’s versus fietsen. Centraal in dit debat staat burgemeester Fernando Haddad, die in het buitenland wordt bejubeld als ‘stedelijk visionair’. In zijn eigen stad noemen sommigen hem echter een ‘communist die van São Paulo een nieuw Cuba wil maken’.

Haddad, die als kandidaat van de linkse Arbeiderspartij werd gekozen, heeft juist geprobeerd die kloof te overbruggen door alle openbare ruimte open te stellen voor alle burgers

Maar Haddad, voormalig hoogleraar Politieke wetenschappen aan de Universiteit van São Paulo, lijkt vastbesloten om zich aan zijn beloften uit zijn verkiezingscampagne in 2012 te houden en van São Paulo een cidade inteligente oftewel een ‘smart city’ te maken. In zijn kantoor op de vijfde verdieping van het stadhuis werpt de 52-jarige burgemeester een snelle blik op de drie enorme beeldschermen aan de muur tegenover zijn werktafel. Op één scherm is de toestand van het verkeer in de stad te zien. Op het tweede kan hij waarschuwingen voor overstromingsgevaar in de gaten houden. En het derde scherm vertoont beelden van ‘Crackland’, een plein dat ooit berucht was om zijn drugsverslaafden, maar waar nu druk wordt gewinkeld.

Haddad is een rustige, serieuze man die geen grote woorden gebruikt. Hij zegt dat hij alleen maar bezig is zijn belofte te vervullen om de stad democratischer te maken en de sociale samenhang te vergroten. ‘Tijdens mijn campagne ging de discussie vooral over het openbaar vervoer. Acht jaar voordat ik burgemeester werd, was alle aandacht in de stad gericht op auto’s. De begroting, investeringen – alles draaide om auto’s. Ik heb beloofd die situatie om te buigen en de openbare ruimte te democratiseren,’ zegt Haddad. ‘Het draait allemaal om democratisering,’ voegt hij er op zachte toon aan toe, meer als onderwijzer dan als politicus.

Sommige mensen werpen tegen dat São Paulo nu een verdeelde stad is. Maar de stad is altijd verdeeld geweest: tussen rijk en arm, tussen ommuurde luxeappartementen en sloppenwijken, en tussen de mensen met een auto en de mensen die zijn aangewezen op het openbaar vervoer. Haddad, die als kandidaat van de linkse Arbeiderspartij werd gekozen, heeft juist geprobeerd die kloof te overbruggen door alle openbare ruimte open te stellen voor alle burgers. Maar dat leidde aanvankelijk tot een bittere terugslag.

Autolobby

Toen Haddad in 2013 burgemeester werd en aan het openbaar vervoer begon te werken, kwam hij onmiddellijk onder vuur te liggen. Het vorige stadsbestuur had de vrije busbanen afgeschaft om meer ruimte te maken voor auto’s. Toen Haddad die banen weer instelde, plaatste een populair tijdschrift een foto van een file naast een geheel lege busbaan, onder de kop: ‘De puinhopen van Haddad.’ Het was een boodschap van de autolobby: de wegen zijn van ons. Maar Haddad gaf niet toe. ‘Deze verandering heeft altijd op mijn programma gestaan. Maar na de protestdemonstraties van 2013, toen mensen beter openbaar vervoer eisten, besloot ik om het proces te versnellen. Die demonstraties hebben als katalysator gewerkt. Binnen twee jaar zijn mensen anders tegen de dingen aan gaan kijken.’

De veranderingen zijn zichtbaar, São Paulo ondergaat een gedaanteverwisseling. In 2014 gebruikte 56 procent van alle burgers elke dag een auto, volgens een onderzoek. Nu is dat cijfer gedaald naar 45 procent. Tegelijkertijd is het aantal ritten per bus en metro sterk gestegen. ‘We zijn getuige van een transportmigratie. Er zijn nu meer fietsen. Meer mensen reizen per openbaar vervoer of te voet. Ze denken na over hun manier van leven. Het aantal ongelukken neemt af. Het aantal verkeersdoden in de eerste helft van dit jaar ligt 15,5 procent lager dan vorig jaar. We verwachten het aantal verkeersdoden in 2020 met 50 procent te hebben teruggedrongen.’

São Paulo is een van die typische laatkapitalistische steden waar auto’s en snelheid synoniem zijn met succes en sociale mobiliteit. Wat 450 jaar geleden, toen de Europeanen hier aan land kwamen, nog een indiaans dorpje was, groeide begin twintigste eeuw uit tot het hart van de Braziliaanse economie. Halverwege de jaren vijftig had de stad twee miljoen inwoners, gevangen in een web van staal, beton en glas. De stad moedigde het gebruik van de auto aan. Burgemeesters besteedden nauwelijks aandacht aan het openbaar vervoer, en wie zich per fiets op straat waagde, deed dat op eigen risico.

‘Stedelijk visionair’, burgemeester Fernando Haddad. – © Aloisio Mauricio / Hollandse Hoogte
‘Stedelijk visionair’, burgemeester Fernando Haddad. – © Aloisio Mauricio / Hollandse Hoogte

Dit alles begon te veranderen in 2013, toen Haddad zijn intrek nam in het stadhuis. Om het fietsen aan te moedigen volgde hij een simpele gedachtegang: in een stad die meer ruimte en infrastructuur voor fietsers biedt, gaan de mensen vanzelf wel fietsen. Nu gebruikt volgens een recent onderzoek 70 procent van de fietsers de fiets niet alleen om te sporten, maar ook voor woon-werkverkeer, om boodschappen te doen of om naar school te gaan. ‘We wilden altijd al graag gaan fietsen, maar de omstandigheden daarvoor waren nooit goed. We moesten wel met de auto gaan. Nu zijn er fietspaden en speciale verkeersborden voor ons. Deze stad is op een heel positieve manier aan het veranderen,’ zegt Nunes, de fietsende consultant.

Een grote verandering is het gemak waarmee de stadsbussen zich nu via de speciale busbanen kunnen verplaatsen. Tot die in 2013 in gebruik werden genomen, was het verkeer hier hopeloos. In het weekend kon er wel 180 kilometer file staan. Ondanks de negatieve pers zette Haddad zijn plannen om de beruchte files tegen te gaan door.

’Elke burgemeester krijgt te maken met verzet. Maar nu staan de mensen achter de maatregelen die ik heb genomen. Toen we vrije busbanen instelden, werd er woedend gereageerd. Nu is 90 procent er blij mee. De fietspaden, die onlangs pas zijn aangelegd, worden minder enthousiast ontvangen, maar dat zal met de tijd veranderen,’ zegt Haddad met de overtuiging van een man die niet aan zijn eigen beleid twijfelt.

De grotendeels blanke middenklasse van São Paulo blijft zich verzetten tegen alles wat progressief beleid is

Na dertien jaar links bestuur is er in Brazilië op sociaal vlak veel verbeterd, maar de grotendeels blanke middenklasse van São Paulo blijft zich verzetten tegen alles wat progressief beleid is. De staat en de stad São Paulo vormen het hart van het Braziliaanse conservatisme. De stad, die zesde staat op het lijstje van ‘tien grootste miljardairssteden’ van het blad Forbes, telt meer dan vijfhonderd helikopters, die samen meer dan tweeduizend vluchten per dag maken. In deze stad, waar sommige straten meer helipads hebben dan bushaltes, is het beleid van Haddad niets minder dan een revolutie. Geen wonder dus dat Haddad in de conservatieve pers en op sociale media wordt uitgemaakt voor ‘communist’ (een scheldwoord dat is terug te voeren op de jaren zestig, toen het leger de toenmalige president afzette onder het voorwendsel dat hij van Brazilië een communistisch land à la Cuba wilde maken.)

Haddad glimlacht alleen maar als hij dit soort insinuaties hoort. Voor iemand die politiek en academisch in de linkse traditie is opgevoed – zijn promotieonderzoek heette ‘Van Marx tot Habermas: het Historisch Materialisme en zijn eigen paradigma’ – is het nauwelijks een belediging om communist genoemd te worden. ‘Als je een academische achtergrond hebt, ben je beter tegen dit soort aanvallen bestand,’ zegt Haddad, en hij voegt eraan toe dat hij geen orthodox marxist is. ‘Ik houd van open marxisten, niet van dogmatische. Dat is nog erger dan liberalisme, het beperkt de kritische analyse. Ik houd van David Harvey, die wel marxist is maar in een traditie die mij bevalt. Mijn traditie is de Frankfurter Schule. Mijn favoriete schrijvers zijn Adorno en Marcuse. Dat zijn de beste denkers van de twintigste eeuw.’

Briljant hoogleraar

Haddad is de zoon van een Libanese migrant die in 1947 in Brazilië aankwam. Hij maakte eind vorige eeuw naam als briljant hoogleraar aan de Universiteit van São Paulo. Van 2005 tot 2012 was hij minister van Onderwijs in de federale regering onder president Lula en diens opvolger Dilma Rousseff. Daarna besloot hij om zich kandidaat te stellen voor de burgemeesterspost van São Paulo – ‘om verandering in de stad teweeg te brengen’. Een van zijn eerste besluiten als burgemeester was om Crackland, dat vlak bij het stadhuis ligt, schoon te vegen. Burgemeesters waren gekomen en gegaan, maar de drugshandelaren en verslaafden waren altijd gebleven.

In plaats van de politie erop af te sturen, stelde Haddad een ‘Open Armen-programma’ in, waarin hij 1000 dollar per persoon besteedde aan medische behandeling en educatie. Zoals verwacht vielen de conservatieven hem daarop aan, maar hij hield vol. ‘De oorlog tegen drugs wordt vervangen door een andere benadering. We hadden hier vijftienhonderd verslaafden, nu zijn het er nog driehonderd. We hebben ze niet verdreven. Ze zijn er allemaal op vooruit gegaan. Twee jaar geleden kregen we veel kritiek; dat wordt minder, nu de drugshandel afneemt. Het zou een grote vergissing zijn om op die programma’s te bezuinigen,’ zegt Haddad, terwijl hij naar het beeldscherm met livebeelden van Crackland wijst.

Fietsers vieren de opening van een fietspad door burgemeester Haddad in de zomer van 2015. – © Bruno Fernandes / Hollandse Hoogte
Fietsers vieren de opening van een fietspad door burgemeester Haddad in de zomer van 2015. – © Bruno Fernandes / Hollandse Hoogte

Burgemeesters hebben in Brazilië veel te vertellen. Het lokale bestuur heeft altijd een sterke positie gehad, onafhankelijk van de staats- of federale overheid. Maar tot voor kort beperkten de burgemeesters zich tot het ‘efficiënt’ runnen van hun stad, zonder veel aandacht te besteden aan sociale rechtvaardigheid. Dat begon eind jaren tachtig te veranderen, toen sociale bewegingen en vakbonden in het hele land protestdemonstraties organiseerden, waarin ze meer participatie voor de bevolking in het bestuur eisten.

De Arbeiderspartij is zelf voortgekomen uit een vakbond; toen Haddad in 2013 burgemeester werd, zette hij dan ook het grootste programma voor participatieve ontwikkeling ter wereld op, waarbij hij honderdduizenden burgers van São Paulo betrok bij de besluitvorming in hun stad. Als onderdeel van het proces kwamen bewoners met 117 voorstellen voor aanpassing van de stedelijke infrastructuur, waaronder fietspaden en betere bussen. Gewapend met het mandaat van de bewoners ging Haddad aan de slag om meer democratische ruimte te creëren. Hij ging ook aan het werk om van São Paulo een smart city te maken, wat naar zijn mening een kwestie is van investeren in openbare dienstverlening en kiezen voor eerlijke groei, speciaal voor de mensen in de marge van de samenleving.

Volgens Haddad gaat het er bij een smart city niet om de sleutels van de stad over te dragen aan bouwbedrijven en hightechcorporaties. Het gaat om, wat hij noemt, ‘intelligente interventies’. ‘Je kunt een smart city ontwikkelen met innovaties die weinig kosten. Het is ongelooflijk wat je zonder al te veel kosten kunt doen in een stad. Het belangrijkste is dat je weet wat mensen van hun stad verlangen,’ zegt hij.

Onder Haddad is São Paulo een voorbeeld geworden op het gebied van innovaties die alle bevolkingsgroepen ten goede komen. De stad heeft gratis wifi geïnstalleerd op 120 openbare pleinen, voornamelijk in arme wijken. Volgende maand gaat de burgemeester naar de feestelijke opening van een systeem waarmee een hele sloppenwijk wordt verlicht met ledlampen. Dit soort maatregelen maakt nu al een verschil. ‘We hebben elke dag 85.000 gratis wifigebruikers. De meesten daarvan wonen aan de buitenrand van de stad. Zij hebben nauwelijks geld. De stad garandeert ze hun digitale rechten. In de wijken met ledverlichting gaan mensen nu ’s avonds de deur uit. Dat deden ze voorheen niet. We betalen deze investering uit het geld dat we besparen door diezelfde ledlampen, die 50 procent zuiniger zijn,’ zegt Haddad. ‘Het is dus duurzaam én goed voor de sociale samenhang.’

Stedelijk visionair

De afgelopen paar jaar hebben verschillende steden – New York, Barcelona, Madrid, Parijs en Bogotá – een burgemeester gekozen die ervoor kiest om betaalbare openbare dienstverlening te bieden in plaats van die te privatiseren. Haddad vindt dat er een dialoog nodig is tussen deze steden om ervaringen uit te wisselen. Hij is vooral benieuwd naar de stedenbouwkundige planning en innovaties in China en India – waar zich enkele van de allergrootste steden ter wereld bevinden. ‘We hebben een samenwerkingsverband met veel Latijns-Amerikaanse steden die op zoek zijn naar alternatieven voor het huidige systeem. In Latijns-Amerika is er, afgezien van Mexico-Stad, geen stad die zo groot is als São Paulo. Dus we moeten beter kijken naar steden als Shanghai, Mumbai, New Delhi en Tokio.’

Haddad wil graag een voorbeeld nemen aan andere steden. Onlangs, toen Parijs een autovrije dag hield, vloog de burgemeester naar Frankrijk (zoals altijd economyclass, want dat is ‘wat de stad zich kan permitteren’) om deel te nemen aan een debat met de Parijse burgemeester Anne Hidalgo aan het Institut d’études politiques in die stad. Tijdens dit debat over de sociale en milieuvraagstukken van grote steden kreeg Haddad een groot compliment van zijn Franse collega. Toen hem tijdens het debat werd gevraagd of hij met zijn beleid zijn herverkiezing op het spel zette, zei de Parijse socialistische burgemeester, nog voordat Haddad kon antwoorden, dat zij ‘op hem zou stemmen’ als ze kon.

In 2016 voert Haddad campagne voor zijn herverkiezing. De messen zijn al geslepen in de oorlogszone die São Paulo is. De burgemeester van deze stad is de op twee na machtigste persoon in het land, na de Braziliaanse president en de gouverneur van de staat São Paulo. De functie is altijd een springplank geweest naar een rol op nationaal niveau. Als opkomende ster in de Arbeiderspartij wordt Haddad door velen gezien als een toekomstige presidentskandidaat. Zelfs The Wall Street Journal, die zelden iets positiefs te melden heeft over Brazilië, noemde hem onlangs een ‘stedelijk visionair’. Maar de verkiezingen lijken tot nu toe de minste zorg voor Haddad. Hij maakt zich meer zorgen om zijn beleid.

‘Traditionele politici durven soms geen maatregelen te nemen die bij bepaalde mensen een sterke reactie oproepen. Vier jaar is niet genoeg. Verkiezingen kun je verliezen. Maar als je een verkiezing verliest vanwege een goede zaak, is dat goed. Je wordt een gevangene van de macht als je niet de juiste stappen zet. Maar ben je niet gehecht aan het pluche, dan kun je maatregelen nemen die op de middellange termijn begrip zullen vinden,’ zegt hij zonder ook maar een sprankje bezorgdheid op zijn gezicht. ‘Dus wij gaan ons richten op het beleid en niet op de verkiezingen. Als we die twee dingen kunnen scheiden, is dat goed voor de stad.’

Fietsers vieren de opening van een fietspad door burgemeester Haddad in de zomer van 2015. – © Bruno Fernandes / Hollandse Hoogte
Fietsers vieren de opening van een fietspad door burgemeester Haddad in de zomer van 2015. – © Bruno Fernandes / Hollandse Hoogte

Wie weet werpen die maatregelen straks toch hun vruchten af. In de trendy wijken van de stad zijn de fietsenstallingen waar mensen via hun mobiele telefoon een fiets kunnen huren heel populair geworden. In Pinheiros, een chique buurt, zijn gloednieuwe fietscafé’s gekomen, waar mensen hun fiets kunnen laten repareren en ondertussen koffie drinken en een broodje eten. En in boekwinkels in de hele stad gaan boeken als Eu amo bike (Ik houd van fietsen) en Eu sou a mudança (Ik ben de verandering) als zoete broodjes over de toonbank. Haddads beleid heeft niet alleen tot een geheel nieuwe bedrijfstak geleid, maar ook de mentaliteit – en de politiek – verandert in delen van de stad die normaal nooit voor een kandidaat van de Arbeiderspartij zouden stemmen. De burgemeester is uiterst populair aan de buitenranden van de stad, maar heeft nu misschien ook aanhangers gevonden in de bovenlaag van de bevolking. 
Nunes, die bij de verkiezingen van 2012 niet op Haddad heeft gestemd, aarzelt nog om te zeggen naar wie zijn voorkeur in 2016 uitgaat. Maar dan geeft hij toch een hint: ‘Ik kan me niet voorstellen dat ik op dezelfde partij zal gaan stemmen als die playboys die mij uitschelden.’

Auteur: Shobhan Saxena
Vertaler: Annemie de Vries

Shobhan Saxena is als onafhankelijk journalist gevestigd in Brazilië. Hij woont afwisselend in Rio de Janeiro en São Paulo.

The Wire
India | thewire.in
Indiase website gericht op vrijheid van meningsuiting, democratie, onafhankelijkheid en kwaliteit, begrippen die in de Indiase media volgens de oprichters weinig centraal staan in de journalistiek.


Deel dit artikel


Recent verschenen