volwassen en fan van fluttershy en pinkie pie scaled


De animatieserie My Little Pony is bedoeld voor kleine meisjes, maar de pastelkleurige webwezens zijn de laatste jaren ook razendpopulair bij oudere, vooral mannelijke fans: de Bronies.

De serie telt wereldwijd tienduizenden fans van 14 tot 40 jaar. Ze zoeken elkaar op om te babbelen over hun favoriete personages, verzamelen snuisterijen en ontleden elke episode tot op het bot. Hebben we het over Breaking Bad? True Detective? The Walking Dead? Nee, over My Little Pony: Friendship is Magic, een reeks die is gebaseerd op de gelijknamige speelgoedfiguurtjes uit de jaren tachtig van fabrikant Hasbro.

Bijna honderd ‘Bronies’ (meervoud van Brony, een samentrekking van ‘Brother’ en ‘Pony’) verzamelden zich begin november in Nantes voor een bijeenkomst. Met pluchen speelgoedbeesten onder de arm, hoorns van eenhoorns op het hoofd en My Little Pony-badges op hun tas speelden ze kaart, kochten My Little Pony-spulletjes en praatten via Skype met Andrea Libman, de stem van de twee hoofdpersonages Pinkie Pie en Fluttershy uit de tekenfilmserie.

Deze bijeenkomst, waarop jongeren – voornamelijk jongemannen – hun aanhankelijkheid betonen aan een stel getekende pony’s die strijden voor liefde en vriendschap, heeft iets onthutsend. Het fenomeen wordt iets beter te begrijpen wanneer je je er meer in verdiept. Een schets van de achtergronden.

Haters en verstokte fans

De oorsprong van het fenomeen is, zoals bij wel meer eigenaardigs op het web, te herleiden tot de website 4chan. In 2010 leidde een negatieve recensie van de eerste afleveringen van een remake van My Little Pony hier tot een felle polemiek. De recensent verklaarde het programma tot het boegbeeld van een verwerpelijk nieuw soort puur op commercie gerichte televisieseries. Al snel werd de tekenfilmserie inzet van een fel dispuut tussen haters en verstokte fans. Er ontbrandden hevige discussies, geïllustreerd met beelden uit de cartoon, zo erg dat de moderator van de over het algemeen toch zeer tolerante site besloot om iedereen die nog het woord ‘pony’ noemde te verbannen.

Dit had als resultaat dat de Bronies 4chan en masse verlieten en hun eigen imageboards, wiki’s radiozenders, informatiesites en zelfs belangenorganisaties opzetten. Sindsdien kom je overal op internet op de serie geïnspireerde memes, tot cultobjecten verworden bijpersonages, door fans gemaakte clips en akoestische, dubstep- of metalversies van muzikale thema’s uit de serie. Volgens Kurt Baer van de site Research is Magic, die de beweging bestudeert, is de proliferatie van de pastelkleurige wezentjes van de Bronies-beweging typisch voor de cultuur van ontvreemding en toe-eigening van het web.


De meeste deelnemers aan de ‘Party Pinkie Pie Style’ in Nantes raakten na een tip van vrienden in de ban van de serie, of anders werd hun aandacht wel getrokken door de explosie aan creativiteit die er op het internet aan ontsproot. Sommigen maakten vervolgens op forums en bijeenkomsten kennis met een hechte kring van volgelingen, bij wie zij zich ogenblikkelijk thuis voelden. Een prettige bijkomstigheid was dat ze zo een gebrek aan bevredigende sociale relaties konden compenseren. De 27-jarige illustratrice Adlynh, binnen de gemeenschap zeer gewaardeerd om haar tekeningen, geeft dat meteen toe: ‘Ik ben nogal verlegen. Het is fijn om bij een groep te kunnen horen die van dezelfde dingen houdt als jij en die hetzelfde denkt.’

Vooral voor jongeren die moeite hebben met sociale conventies is de gemeenschap een toevluchtsoord. In de documentaire Bronie: the Extremely Unexpected Adult Fans of My Little Pony wordt ene Daniel gevolgd op een bijeenkomst. De jonge man lijdt aan het syndroom van Asperger, een aandoening die gekenmerkt wordt door problemen in het contact met anderen. Ook hij bekent dat de Bronies zijn voorheen magere sociale leven aanzienlijk verrijkt hebben.

Mierzoete moraal

Dit alles verklaart echter nog niet waarom deze jongvolwassenen juist in de ban raakten van een serie die in principe gericht was op achtjarige meisjes. De eerste reden hiervoor zit hem in de serie zelf. De boodschap van liefde en tolerantie (‘Love and Tolerate’), die als rode lijn door alle afleveringen van de serie heen loopt, past goed binnen een trend die wel ‘de nieuwe eerlijkheid’ wordt genoemd. Zoals het tijdschrift Wired het uitdrukt, is het passé om met een ironische blik naar televisieseries te kijken (waarbij het feit dát je de serie kijkt belangrijker is dan de serie zelf). We durven weer naar een televisieserie te kijken omdat we die simpelweg leuk vinden en omdat we de boodschap ervan waarderen. De auteur van een uitstekende sociologische studie over de Brony-cultuur denkt dat de fans van de serie hun aanvankelijke, van 4chan geërfde cynisme hebben laten varen, en dat nu juist een hang naar waarachtige gevoelens hen verbindt.

Naast de mierzoete moraal vinden de Bronies nog iets anders leuk aan de serie: de verschillende niveaus waarop die gelezen kan worden. Na het bekijken van een paar afleveringen, vooral vanaf seizoen twee, is het inderdaad onmiskenbaar dat er allerlei – op een publiek van jongvolwassenen gerichte – verwijzingen in verstopt zitten.

In navolging van series als Adventure Time of Sponge Bob balanceert My Little Pony: Friendship is Magic op het slappe koord tussen kindertijd en volwassenheid. Hier een verwijzing naar The Big Lebowski, daar een knipoog naar Harry Potter of een deuntje uit Ghostbusters … De serie put uitbundig uit het verleden van een in de jaren tachtig en negentig geboren kijkerspubliek.


Het voortdurende gestrooi met verwijzingen is vooral het werk van Lauren Faust, de bedenkster van de serie. Zij stond al eerder aan de wieg van een op meerdere generaties gerichte tekenfilmserie: The Powerpuff Girls. Opnieuw weet ze de weg naar de harten van de geeks te vinden, die urenlang kunnen speculeren over de kleinste verborgen aanwijzing in hun lievelingsfilms, -strips of -series.

Onderzoeker Charles Soukop ziet de subcultuur, met zo’n veertigduizend – vooral mannelijke – leden, als de ultieme uiting van wat hij het ‘ultra-cult’-tijdperk noemt. Door nieuwe communicatiemedia kan een vrij marginale cultuuruiting razendsnel een groot publiek bereiken. Consumenten interesseren zich steeds meer voor een aanbod waarmee ze op het eerste gezicht weinig gemeen hebben, of anders voor steeds obscuurdere zaken – alles wat helpt om hun ‘originaliteit te kunnen cultiveren’.

Toegeven dat je van My Little Pony houdt is net zoiets als toegeven dat je homo bent

Maar al zijn er nog zo veel goede redenen om een Brony te worden, het is nog altijd lastig om er begrip voor te vinden bij je omgeving. Dat werd al meteen duidelijk uit de reacties van het publiek bij een uitzending van het Franse tv-programma Comment ça va bien, waarin presentatrice Dora Moutot in september 2013 de Brony-cultuur in Frankrijk introduceerde. Een toeschouwer verklaarde: ‘Als ik zo’n Brony met mijn kinderen zie praten, krijgt hij een knal voor zijn bek.’

‘Ik heb gemerkt dat het van meisjes veel sneller geaccepteerd wordt als ze Brony zijn dan van jongens,’ vertelt Staphilea. Deze twintigjarige postbeambte, die toegeeft ‘altijd een groot kind te zijn geweest’, had dan ook weinig moeite om met haar passie naar buiten te komen. Voor Wagy, een Parijse Brony die bij een Japanse animatiestudio werkt, was dat wel anders. Hij vertelt over de ‘soms nogal heftige reacties’ van zijn vrienden, die weigerden te geloven dat hij zulke ‘meisjesdingen’ leuk vond.

Volgens Sleeva, die onder de titel Ponies on Movies filmavonden voor Bronies organiseert, is het toegeven tegenover je familie dat je van My Little Pony houdt net zoiets als toegeven dat je homo bent. Al laten sociologische studies van de subcultuur zien dat de overgrote meerderheid van de Bronies hetero is, toch blijft het hardnekkig vooroordeel bestaan dat het tegendeel waar is.

Het probleem lijkt niet zozeer een interesse voor een kinderserie te zijn, als wel een voorliefde voor een cartoon voor kleine meisjes: velen gaat dat te ver. Daarmee wordt immers de algemeen aanvaarde grens overschreden tussen wat ‘voor meisjes’ en ‘voor jongens’ geacht wordt te zijn.

Je hoeft je maar even voor te stellen dat de Bronies hun aandacht niet op schattige pony’s zouden richten, maar op gespierde G.I.-Joe-soldaten – een andere franchise van Hasbro. Hoogstwaarschijnlijk zou hun passie dan in de verste verte niet dezelfde stroom aan zure commentaren losmaken als de Bronies nu te verduren krijgen. Zie bijvoorbeeld de reacties onder dit filmpje van PBS Idea Channel, dat juist wil laten zien hoe de Bronies indirect het beeld van mannelijkheid herdefiniëren:


Net als de leden van andere internetsubculturen doen Bronies weinig moeite om hun interesse in seksuele onderwerpen te verbergen. Regel 34 van het internet (‘If it exists, there is porn of it’ [als het bestaat, is er een pornoversie van]) kent geen uitzonderingen. Er is dan ook volop schunnig of zelfs pornografisch materiaal te vinden waarin personages uit de serie figureren. Zelfs het masturberen bij deze beelden heeft een naam: clopping, afgeleid van fapping, een andere op internet populaire benaming voor onanie. Hoeveel het voorkomt valt niet te zeggen, volgens de Bronies zelf is het maar marginaal, maar de media hebben dit sensationele en pikante aspect dankbaar opgepikt.

Juridische conflicten

Als je je in de wereld van de Bronies stort, vergeet je soms dat de serie er primair op gericht is een speelgoedlijn te promoten. Aanvankelijk wist Hasbro niet goed wat het aan moest met de aandacht voor hun serie uit deze zo onverwachte hoek. ‘Het kostte even voordat ze wakker werden, voordat ze doorkregen wat er zich rondom hun serie afspeelde,’ aldus Renard, een 29-jarige voormalige bankemployé en een van de bedenkers van My Little Karaoke: Singing is Magic, een met open source-technologie gemaakt spel waarin personages uit de serie voorkomen.

Maar intussen flirt Hasbro openlijk met de Bronies. Niet alleen stopt de producent elk seizoen meer knipogen in de serie, ook richt het bedrijf zich via zijn communicatiekanalen direct tot de gemeenschap. Zo maakten Lauren Faust en het team van My Little Pony in 2011 een exclusieve clip voor de site Equestria Daily, die speelde met de titel van het Katy Perry-nummer California Gurls. Deze aarzelende dialoog werpt steeds meer zijn vruchten af: The Washington Post is ervan overtuigd dat de speelgoedfabrikant zijn fantastische bedrijfsresultaten goeddeels aan de Bronies te danken heeft.

Toch is het bepaald geen droomhuwelijk tussen de twee: geregeld botsen het bedrijf en de gemeenschap over auteursrechtenkwesties. Zo zorgde het gerucht dat Hasbro copyright op het woord Brony zou willen nemen deze zomer voor grote verontwaardiging onder de leden. Het verhaal bleek uiteindelijk ongegrond, maar vaak komt het ook wel tot juridische conflicten.

Het op de wereld van de serie gebaseerde vechtspel Fighting is Magic moest in 2013 bijvoorbeeld worden teruggetrokken uit de verkiezing voor spel van het jaar, nadat Hasbro een aanklacht tegen de makers indiende. Een paar maanden eerder kreeg JanAnimation, de maker van binnen de gemeenschap uiterst populaire zelfgemaakte animatiefilmpjes, het aan de stok met advocaten van het bedrijf.

In het eerste geval stelde Lauren Faust, toen zij het nieuws hoorde, de makers van het spel voor om nieuwe personages voor hen te tekenen die niet in de serie voorkwamen, om mogelijke strafvervolging te vermijden. Over de tweede kwestie lijkt er nu een akkoord bereikt te zijn tussen JanAnimation en Hasbro, zodat de animator in elk geval enkele van zijn video’s mag blijven verspreiden.

Deze twee zaken danken hun happy end vooral aan de mobilisatie van de Bronies zelf. Vier jaar na uitzending van de eerste aflevering van de serie wachten de Bronies nog steeds vol spanning het begin van het nieuwe seizoen af, en hun beweging lijkt vooralsnog niet aan vitaliteit te verliezen. In navolging van fanclubdag BronyCon in Baltimore, waar zich op de meest recente editie in september bijna tienduizend fans verzamelden, organiseerden de Fransen in 2013 een eerste bijeenkomst in Parijs. Ze zijn vast van plan om in 2015 opnieuw van zich te laten horen.

Auteur: Olivier Clairouin
Vertaler: Valentijn van Dijk

Le Monde
Frankrijk, dagblad, oplage 345.000
In 1944 opgericht op initiatief van De Gaulle. Iconische krant, gehecht aan zijn onafhankelijkheid (maar sinds 2010 wel eigendom van drie private investeerders). Om recht te doen aan de titel ‘De wereld’ houdt Le Monde een groot netwerk van correspondenten in stand.


Deel dit artikel


Recent verschenen