Na de enorme explosie in Tianjin, die aan 123 mensen het leven kostte, komt een Chinese blogger met scherpe kritiek – die onmiddellijk wordt gecensureerd – op zijn landgenoten.
In dit internettijdperk hebben de Chinezen een nieuwe passie gevonden: virtueel kaarsjes opsteken via acties op WeChat [de Chinese versie van WhatsApp] of Weibo [de Chinese versie van Twitter]. Twee kaarsjes voor een aardbeving en evenzoveel voor een treinongeluk. Voor een schipbreuk (die nooit voorkomt!) moet je er vier opsteken en acht voor een explosie in een chemische fabriek (want dat is pas echt verschrikkelijk!) Volgens de Chinese overheid maakt tegenspoed een natie sterker; intussen zijn de kaarsenverkopers door hun voorraad heen… Maar ondanks al die opgestoken kaarsjes is er in China nog niets veranderd. Elke grote ramp roept veel emoties op: iedereen is diep onder de indruk van wat de reddingswerkers doen, van de lokale leiders die hen naar de rampplek dirigeren, van de regering die meteen troepen heeft gestuurd, van een land als het onze, dat het leven van gewone mensen zo belangrijk vindt… Iedereen is geraakt door het lot van die ene man die bij de ramp is omgekomen terwijl hij de volgende dag zou gaan trouwen, of die andere die per se naar de rampplek wilde komen terwijl zijn vader net thuis was overleden. Iedereen leeft mee met de degenen die als kanonnenvlees de vuurzee zijn ingestuurd door leiders met een totaal gebrek aan gezond verstand.
Zeven stappen
De emoties bespelen – want via emoties kun je een drama omzetten in een positieve gebeurtenis – is stap één in het proces van damage control na rampen, een proces dat de Chinese autoriteiten tot in de finesses beheersen. Stap twee is het breidelen van pers en media, stap drie is de bevolking troost bieden om de onvrede bij de familie van de slachtoffers weg te nemen. Stap vier is het vinden van helden onder de honderden of duizenden slachtoffers, zodat de rouwzaal kan worden omgetoverd tot een ruimte voor het uitreiken van onderscheidingen. Stap vijf is het op één lijn brengen van de geheimzinnigste afdelingen van China, de ‘betrokken’ afdelingen, en de geheimzinnigste leiders van China, de ‘betrokken’ leiders.
Stap zes is het afkondigen van een moment van nationale bezinning ter herdenking van de slachtoffers op de zevende dag na het drama [in de Chinese begrafenisrituelen is de zevende dag na de dood erg belangrijk]. De zevende stap is verklaren dat de tijd gekomen is om alles te vergeten, en bij de achtste, negende en tiende stap begint alles weer van voren af aan…
Zelf voel ik alleen maar verontwaardiging, ik word niet emotioneel. Emotioneel worden is zinloos in een land dat niet tot verontwaardiging in staat is. Die emotie kan alleen een instrument zijn dat de autoriteiten gebruiken om iedereen te hersenspoelen, zich zo aan hun verantwoordelijkheid te onttrekken en meteen een positieve draai aan rampen te geven. Dat hebben ze bij de vele drama’s van de laatste jaren steeds gedaan.
Chinezen hebben de onuitroeibare gewoonte zich nooit betrokken te voelen
Onbeduidend
Bij de grote brand in Karamay [in 1994 in de regio Sinkiang, waarbij ruim driehonderd kinderen omkwamen] werden de communistische leiders als eersten geëvacueerd, bij die in Tianjin zijn er eerst simpele brandweerlieden op afgestuurd. Wat is er in die twintig jaar tussen beide rampen eigenlijk veranderd? Beide keren raakten honderdduizenden Chinezen zeer geëmotioneerd door al die onbeduidende slachtoffers wier levens niet telden. Waarna die werden gepresenteerd als mensen die in alle opzichten geweldig waren! Telkens als zich in dit land met een IQ van nul een ramp voordoet, blijkt zelfs 21 ton TNT [dat was de kracht van de explosie van chemische stoffen in de haven van Tianjin] niet genoeg om een einde te maken aan de schaamteloze arrogantie van de hoge ambtenaren; ook is het niet genoeg om de bevolking wakker te schudden die niets anders kan dan emotioneel worden en bidden.
Doodnormale rechten
Het probleem is dat de Chinezen (die de onuitroeibare gewoonte hebben zich nooit betrokken te voelen) niet hadden verwacht dat er onder zo’n bloeiend bewind zulke ernstige, de eenheid verstorende dingen konden gebeuren. Maar nu zijn er enkel en alleen dankzij paraxyleen in Dalian, Qingdao, Ningbo, Kunming, Zhangzhou en Chengdu toch talloze protestgroepen van tienduizenden mensen ontstaan [die zich verzetten tegen de bouw van productiefaciliteiten voor dit chemische product]. Om te voorkomen dat hun geboortestreek vervuild raakt, deinsden de betogers er niet voor terug hun leven te wagen en het traangas en de met schilden gewapende speciale politie-eenheden te trotseren. Maar hoeveel van dergelijke zaken zijn ons echt bijgebleven? Afgezien dan van de incidenten in Wukan [protesten tegen de corruptie onder plaatselijke ambtenaren in 2011], de kwesties rond Chen Guangcheng [advocaat en mensenrechtenactivist die huisarrest had en in 2012 naar de VS is gevlucht], rond Yu Jie [dissident en schrijver die naar de VS vluchtte om aan de intimidatiepraktijken van de overheid te ontkomen] en rond Xu Chunhe [doodgeschoten door een politieagent]. Ik durf wel te stellen dat deze namen de meeste Chinezen niets zeggen. Want deze mensen hebben niets met ons te maken en wij geven niet om die doodnormale rechten die ze voor ons proberen te bevechten. Deze mensen staan ver van ons af, ze zijn niet zoals wij geïnteresseerd in goed eten, kleding en reizen en evenmin in het liefdesleven van de beroemde Sister Milk Tea [de bijnaam van een studente aan de Tsinghua-universiteit in Beijing die getrouwd is met Liu Qiangdong, CEO van de Chinese webwinkel JD.com; hun leeftijdsverschil van negentien jaar leidde op internet tot veel buzz]. Ik weet best dat u dat soort dingen niet zo belangrijk vindt. Toch beweerden sommigen gisteren van wel. Mijn antwoord was dat we na dit schandaal niet langer kunnen bidden voor geluk. Geïrriteerd antwoordden ze: ‘Heel mooi om na te denken over je verantwoordelijkheden, maar dat is de taak van het politieke establishment, gewone mensen hebben daar geen invloed op! Wat heeft het dan voor zin om me daar druk over te maken? Waar halen mensen als jij het recht vandaan om tegen anderen te zeggen dat ze niet emotioneel mogen worden? Zelfs al zou dat slecht zijn, het geeft ook positieve energie. En ook al is jouw verontwaardiging misschien wel terecht, maar die geeft veel negatieve energie!’
Li Honghao

