Het Spaanse rijstgerecht paella is wereldwijd enorm populair geworden. In 2017 werd er online acht miljoen keer naar het recept gezocht, bijna twee keer zoveel als het jaar daarvoor. Om de kwaliteit enigszins te waarborgen, is Wikipaella opgericht.
Yang slaakt een kreet wanneer ze een schaal met een geslacht konijn ziet. Haar vriendin Amy, met strohoed, komt aanlopen om een foto te maken van het vlees. De vrouwen komen uit China en zijn 26 jaar. Samen met hun vriendin Chunli struinen ze op deze zomerochtend door de helder verlichte Mercado Central van Valencia. Ze luisteren naar de gids, die in het Engels uitlegt wat saffraan is, de geur van gerooktepaprikapoeder laat ruiken en drie verschillende regionale bonen toont. De gids pakt een boon tussen duim en wijsvinger en zegt: ‘Dit is de garrofó, wereldwijd bekend als de lima bean [limaboon of boterboon].’ De groep bestaat verder uit een man uit Seattle en zijn kleindochter, een gezin uit Charleston (South Carolina), een studente antropo-logie uit Chicago en een gepensioneerd stel uit Gibraltar. Allemaal zijn ze naar Valencia gekomen met hetzelfde idee: leren hoe je paella bereidt op de plek waar dit gerecht is uitgevonden.
Zo’n dertienduizend cursisten afkomstig uit meer dan vijftig landen hebben de afgelopen vier jaar een workshop gedaan in de Escuela de Arroces y Paella. De workshop duurt vierenhalf uur en kost 55 euro. Er wordt flink gelachen en er worden selfies gemaakt als de cursisten voor het eerst van hun leven een slak in hun mond stoppen. Dat er in de authentieke paella valenciana geen vis of zeevruchten gaan, is nieuw voor ze. De Chinese vriendinnen zouden zweren van wel. Verder leren cursisten dat je voor paella uitsluitend rondkorrelige rijst gebruikt en dat paella eten in Spanje vooral een sociale aan- gelegenheid is: met familie en vrienden urenlang rond de tafel.
De belangstelling voor het bekendste gerecht uit de Spaanse keuken heeft de laatste jaren een enorme vlucht genomen. In 2015 was paella na pizza, sushi en risotto het meest ingetikte gerecht op internet. Dat heeft de kookschool samen met Original Paella, een exportbedrijf van paellabenodigdheden (pannen, branders), uitgezocht. Inmiddels exporteert het bedrijf naar zeventig landen, waaronder Zuid-Korea en Oeganda. In 2017 is er acht miljoen keer op ‘paella’ gezocht, een stijging van 48 procent ten opzichte van de jaren ervoor. Hoe paella nu als zoekterm scoort in vergelijking met andere internationale gerechten, moet nog blijken. Hoe het ook zij, ‘de afgelopen twee jaar heeft het aantal paellacateraars en -restaurants in het buitenland zich aanzienlijk uitgebreid. De verkoopcijfers spreken voor zich, die zijn met 35 procent gestegen,’ verzekert de bedrijfsmanager van Original Paella.
De fascinatie voor de rijstschotel is niet van vandaag of gisteren. Toen toeristen in de jaren zestig en zeventig massaal naar de Spaanse costa’s trokken, raakten ze in de ban van deze compleet nieuwe manier van rijst klaarmaken, ‘waardoor je een droge, compacte, smeuïge korrel overhoudt, die ook nog eens veel smaak heeft,’ aldus Paco Alonso, journalist en een van de oprichters van Wikipaella. Deze vereniging werd vier jaar geleden in het leven geroepen met het idee een lijst samen te stellen van restaurants waar je de echte paella kunt krijgen. De andere twee initiatiefnemers, eveneens geboren Valencianen, werken in de reclame. ‘Paella is een gerecht waarmee vreselijk wordt gesjoemeld. We beseften dat het aan zijn enorme succes ten onder kon gaan. Er is paella en er is rijst met iets erin,’ vertelt Alonso op een terras in Valencia. We bevinden ons in een toeristengebied. ‘Overal staat paella op de menukaart, maar dikwijls pakken ze een zak ingevroren paella-mix, roeren er een beetje water doorheen, fluffen de rijst nog een beetje op en zetten het de toeristen voor, die het vervolgens glunderend opeten.’
Keurmerk
Aan die volksverlakkerij moest een eind komen, vonden ze. De drie vrienden hadden een missie: uitleggen hoe de traditionele paella wordt klaargemaakt en waar je die kunt eten. Uiteindelijk is Wikipaella een soort keurmerk geworden. Elk jaar verschijnt er een gids met de beste paellaplekken ter wereld. Daarin wordt veel aandacht besteed aan de regio Valencia en krijgen de restaurants die gestookt hout gebruiken een speciale vermelding. De website maakt een strikte tweedeling. Je hebt de traditionele paella valenciana en daarnaast arroz a banda en arroz del senyoret [rijst gekookt in een bouillon van vis en zeevruchten die apart van elkaar worden opgediend]. Maar voor het zover was, moest er een probleem worden getackeld: wat is het recept van de authentieke paella? En: is er sprake van een canon? Om antwoord te krijgen op die vraag, vroegen de drie Valencianen tweehonderd in paella gespecialiseerde chef-koks hun recept prijs te geven. ‘We hebben een digitale tool gebuikt om inzichtelijk te maken welke ingrediënten het meest worden gebruikt in de paella valenciana,’ vertelt Alonso. Dat leverde een toptien op: rijst, extra vierge olijfolie, saffraan, zout, water, tomaten, limabonen, platte sperziebonen, kip en konijn. En de variabelen: eend, rozemarijn en knoflook. Dezelfde methode werd toegepast op de arroz a banda en de paella de conejo y caracoles [paella met konijn en slakken]. ‘In een paella gaan seizoens- of streekproducten,’ aldus Alonso. Het is geen recept, maar een concept, met eigen kooktechnieken en een eigen traditie. ‘Uiteindelijk telt het resultaat. De rijst moet smeuïg zijn, veel smaak hebben, maar mag niet klonten. Geen van de koks beweert de waarheid in pacht te hebben over welke ingrediënten je moet gebruiken,’ zegt Alonso. ‘Een van de befaamdste paella’s in Valencia is die met bloemkool en kabeljauw. Maar je hebt er ook een met stieren-lever, of met paprika, waar ze in Safor zo dol op zijn en waarvan niemand de authenticiteit en oorsprong zal betwisten.’
Een paar jaar geleden waagde de bekende Britse kok Jamie Oliver het om chorizo aan zijn versie van de paella toe te voegen. De lading kritiek, grappen en doodsbedreigingen op Twitter die hij over zich heen kreeg, was niet mis. ‘Wat wij hier in Valencia slecht trekken, is als mensen ananas of ingrediënten die haaks staan op onze culinaire traditie door de rijst roeren, dat in een ordinaire koekenpan klaarmaken en er vervolgens het etiket “paella” op plakken,’ zegt Alonso. Het overkwam de pizza, maar dan op grotere schaal. Er zijn tientallen variaties, geslaagde en minder geslaagde. Wel lukte het de Italianen vorig jaar om de pizza napolitana op de Unesco-lijst van immaterieel erfgoed te krijgen. Zo liggen de traditionele bereidingswijze en de ingrediënten vast. Op de vraag of dit Spaanse gerecht ook erkend kan worden als immaterieel erfgoed, kan Alonso nog geen volmondig ‘ja’ antwoorden. ‘Met die enorme verscheidenheid aan paella’s en aan ingrediënten is het ons nog niet gelukt tot het ultieme recept te komen. Valencia is de bakermat van de paella. We moeten doen zoals de Napolitanen doen: terug naar de basis.’
Op zo’n 100 kilometer van Valencia is het driesterrenrestaurant van Quique Dacosta in Dénia (provincie Alicante) een ijkpunt geworden. Maar al te goed weet Dacosta hoe ver de macht van de paella reikt. Hij pakt zijn mobiel en opent zijn Instagramaccount. ‘Als ik een foto op Instagram zet van een fantastisch gerecht, krijg ik veel minder likes dan bij een paella. Omdat het voor zoveel meer staat. Bij een gerecht dat je nog nooit hebt geproefd, loopt het water je niet in de mond,’ zegt de chef-kok in het laboratorium dat hij aan zijn keuken heeft laten bouwen. De hagelwitte muren en het golvende plafond zijn gemaakt van futuristisch ogend materiaal. In het midden van de kale ruimte staat een zwarte tafel. Dacosta gaat aan het hoofd ervan staan, als een astronaut aan de knoppen van zijn ruimteschip. Ergens in oktober of november opent hij in Londen een paellarestaurant met op de kaart uitsluitend traditionele rijstgerechten en paella. ‘In mijn werk eer ik de rijke eettradities van mijn cultuur en geef er een creatieve draai aan. Maar in het buitenland peins ik er niet over avant-gardistisch te koken. Dan zou ik mijn restaurants hier in Spanje kopiëren en dat is een zwaktebod.’ De pijlers onder zijn Londense menukaart zijn rijstgerechten in de traditie van de Valenciaanse gastronomie. ‘Alle uithoeken van de regio komen aan bod, kust en binnenland, alsook de verschillende bereidingswijzen: het gebruik van een terracotta paellapan of een pan van roestvrij staal, paella bereid in de oven, op een gasbrander of op gestookt hout. En uiteraard mag de traditionele paella valenciana niet op de kaart ontbreken.’
Dacosta kookt terwijl hij praat. ‘Ik vertrek vanuit de traditie. Dit hier is een van de meest revolutionaire gerechten die ik ooit heb gemaakt. En toch is het een eenvoudige arroz a banda, rijst met saffraan gekookt in bouillon van vis en kreeft. De essentie is niet het recept, dat bestond al, maar het eindresultaat. Nooit eerder is dit gerecht zo opgediend,’ zegt hij, terwijl een zilte lucht de keuken vult. ‘Kijk, de rijstkorrels plakken niet aan elkaar, je kunt de onderkant van de paella zien. Dit wordt een arroz a banda socarrat, rijst met een korstje,’ legt Dacosta uit, terwijl hij een flinterdunne, licht aangebrande ronde crêpe van rijstkorrels met een spatel uit de paellapan bevrijdt en voorzichtig op een bord laat glijden. Deze crêpe eet je met je handen. Eigenlijk eet je een gerecht dat is gemaakt van het lekkerste en bewerkelijkste deel van de arroz a banda, het krokante laagje aan de onderkant. ‘Zie het als een metafoor, ik keer het recept letterlijk om, maar het concept ook. Dit prikkelt een Spanjaard, omdat hij de gastronomische traditie herkent. Maar zet je dit een Duitser of een Turk voor, dan denken ze dat ik de rijst heb laten aanbranden. Laat je het proeven, dan is het weer een ander verhaal. Maar zij moeten zich ervoor openstellen en jij moet ze uitleggen wat de herkomst is.’ Ja, het klopt dat de cultuurshock relatief is bij de traditionele paella, zegt Dacosta. ‘Een perfect gemaakte paella spreekt voor zichzelf.’
In de loop van ons gesprek houdt Dacosta een verhandeling over het collageengehalte in de bouillon en de amylopectine en amylose, vethoudende zetmeelmoleculen die de rijst consistentie en absorptievermogen geven. Die kennis deed hij op tijdens de research voor zijn boek Arroces contemporáneos (2005), dat aanvangt met de rijstkorrel en via culinaire tradities uitkomt bij nieuwe creaties. Waar is de rijst in de haute cuisine? Met die vraag begint Dacosta zijn boek. ‘De deur naar innovatie wordt nu open-gezet, maar de breuk is niet zo radicaal als je zou denken. En dat komt vooral door het gewicht van de gastronomische traditie. Alsof de paella een soort van monopoliepositie had en wij, Valencianen, alleen dat kunstje kenden. Tot voor kort moest je voor haute cuisine in Baskenland, Catalonië of Frankrijk zijn. Valencia telde niet mee.’ Dacosta is ervan overtuigd dat rijst de Valenciaanse keuken vertegenwoordigt. ‘En rijst past zich aan, je kunt er alle kanten mee op. Een rijstkorrel past in het revolutionairste gerecht ter wereld, maar ook in het oudste gerecht dat je kunt bedenken.’
Vanaf het bootje van ‘tío Vicent’, zoals iedereen Vicente Linares (77) noemt, zie je zo nu en dan een reiger traag opvliegen uit de rijstvelden rondom La Albufera, een natuurpark op 10 kilometer afstand van Valencia. Tío Vicent kent het ecosysteem in de lagune, de bevloeiingskanalen, de sloten en de landweggetjes als zijn broekzak. Met kalme en trefzekere slagen roeit hij langs het riet. Het is warm. Aan de kust, achter de zachtgroene deken van uitgestrekte rijstvelden, steken de torenflats hoog in de lucht. ‘Vroeger kon je hier op de bodem kijken. Het krioelde er van de paling en de wilde eenden,’ vertelt hij. Tegenwoordig brengt hij zijn tijd door op de veranda van het huisje waar het waterpeil in de rijstvelden gemeten wordt. Zijn enige gezelschap is zijn energiek rondspringende hondje Blanca. Op paling vissen, een van Vicentes hobby’s, is in dit jaargetijde verboden. Maar in het visseizoen kookt hij van zijn gevangen paling all i pebre, een stoofschotel met knoflook die hij al sinds zijn twaalfde maakt. Vicentes leven is onlosmakelijk verbonden met deze streek en de rijstteelt.
Het waren de Arabieren die in de achtste eeuw de rijst meebrachten. Sinds die tijd wordt er in Valencia rijst verbouwd. Later breidde de rijstbouw zich uit naar Andalusië, waar zich nu het grootste oppervlak aan rijstvelden van heel het Iberisch Schiereiland bevindt. ‘Het lijkt een mooi product, maar het is een lastig, gevoelig gewas. Je moet elke dag poolshoogte nemen,’ zegt Hilario Anacleto, 67 jaar oud. Om zes uur ’s ochtends staat hij naast zijn bed, zet zijn strohoed op, trekt zijn laarzen aan en loopt de zompige rijstvelden in. ‘Daar ben ik geboren,’ zegt hij, wijzend naar een kleine woning midden in een rijstveld. Anacleto’s vader was dagloner, zijn opa werkte in de rijstteelt en nu ook zijn zoon van 39, die van huis uit informaticus is. Midden in de economische crisis verloor hij zijn baan en ging zijn vader helpen. Tot aan de septemberoogst is het zijn taak twee soorten vijanden weg te houden van de rijstvelden: hongerige flamingo’s en eenden, en de Pyricularia, een schimmel die in een paar dagen tijd een hele plantage kan verwoesten.
In een overheidslaboratorium een paar kilometers landinwaarts wordt hard gezocht naar genetische oplossingen voor dit probleem. Concha Domingo, coördinatrice van de afdeling rijstgewassen van het Wetenschappelijk Instituut voor Landbouw van Valencia, legt uit dat de onderzoekers de gewassen kruisen om ze te veredelen. ‘We staan voor nieuwe uitdagingen, zoals de gevolgen van de klimaatverandering. Er zullen waterrestricties zijn. Dus werken we aan rijstplanten die daartegen kunnen, die resistenter zijn tegen schimmels en meer opbrengen.’ Het is een traag verlopend proces. Er gaan tien jaar voorbij eer er een nieuwe soort op de markt komt. Wetenschappers kruisen soorten, selecteren de beste erfelijke eigenschappen uit nakomelingen en maken daar weer nieuwe rassen van. Ook het veredelen is van invloed op een paella of een andere rijstschotel.
Het bereiden van paella is in Valencia een serieuze zaak, met eigen ritmes, tijden, hoogtepunten en problemen
‘Er zijn koks die zweren bij één bepaalde rijstsoort, de Bomba-rijst. Maar het hangt er maar van af. Belangrijker zijn vragen als: waar wil je de rijst voor gebruiken? Paella kun je niet vergelijken met risotto of sushi. Hoe wil je de rijst klaarmaken? Op het gasfornuis, in de oven, of wil je op hout stoken? En welke textuur moet hij krijgen? In Valencia willen ze een losse korrel, in Asturië of Cantabrië liever een smeuïge. Kook je voor een gezin of voor een gezelschap van veertig mensen?’ Juan Valero (36) van het merk Arroz Tartana houdt zich bezig met dit soort vragen. Hij heeft architectuur gestudeerd en behoort tot de vijfde generatie rijstproducenten in La Albufera. Zijn vakanties vult hij met het bezoeken van rijst-plantages in de Verenigde Staten. Valero en zijn neven besloten zich te specialiseren in de verkoop van één bepaalde rijstsoort. Een pak Arroz Tartana bevat of alleen Bomba-rijst of alleen Albufera-rijst. Een mix is uit den boze. Het assortiment van Arroz Tartana bestaat uit tien rijstsoorten. ‘Toen wij vijf jaar geleden begonnen, had ons familiebedrijf maar één oogmerk: zo veel mogelijk rondkorrelige rijst verbouwen, punt uit. Wij willen uitgaan van kennis over het product. Er is een wijncultuur en olijfoliecultuur, waarom dan geen rijstcultuur?’ oppert Valero in een van de loodsen van het landbouwbedrijf dat zijn overgrootouders ooit kochten. Hier laat hij de bezoekers het proces laat zien dat de rijstkorrel doorloopt, vanaf het moment dat het rijstplantje ontkiemt tot het de eettafel bereikt. Het bedrijf ligt in een zee van groene rijstvelden die zijn aangelegd op een zogeheten tancat: ten behoeve van landbouw drooggelegde grond. ‘Vroeger had La Albufera een wateroppervlakte van 30.000 hectare, nu is dat ongeveer 2800 hectare. Met de komst van de stoommachine kon de lagune efficiënter worden drooggelegd,’ legt Valero de bezoekers uit.
‘In het verleden hield men zich niet bezig met de kwestie hoe rijst reageert op het kookproces. Pas de laatste tijd vind je verschillende rijstsoorten in de schappen van de supermarkt. Toen ik in 2000 begon, was er weinig kennis over rijst,’ herinnert Santos Ruiz zich, manager bij Denominación de Origen Arroz de Valencia, een organisatie die certificaten van oorsprong verstrekt. ‘Welke keuze was er in de supermarkt? Je kon kiezen uit een aantal merken en als je geluk had, was er langkorrelige rijst. De eerste rijstsoort die op grote schaal werd geconsumeerd, was Bomba-rijst. Nu heeft de consument keuze uit minstens zeven varianten.’ Ruiz is rijstdeskundige. Hij adviseerde Quique Dacosta bij het schrijven van zijn boek en organiseert proeverijen waarbij wordt gekeken naar technische parameters zoals kleverigheid en mondgevoel. ‘We certificeren de herkomst en de kwaliteit van de rijst. Van de boer eisen we dat hij bepaalde zaden gebruikt en slechts drie rijstsoorten verbouwt: Bomba, Albufera en Senia. Iets anders staan we niet toe. Want deze specifieke soorten zijn onderdeel van onze gastronomie en traditie.’
Het bereiden van paella is in Valencia een serieuze zaak, waarbij de maestros paelleros (paellakoks) in aanzien staan. Het is een heel ritueel met zijn eigen ritmes, tijden, hoogtepunten en problemen. Telkens weer staat de reputatie van de maestro op het spel. Ervaring is een absolute voorwaarde. Jesús Melero (62) is al veertig jaar paellakok. Hij is coördinator van de Concurso Internacional de Paella Valenciana de Sueca, waar deelnemers een traditioneel paellarecept op gestookt hout moeten maken. Sinds een jaar of vijf vinden de halve finales in het buitenland plaats. Maar de finale is in september in Sueca (in de provincie Valencia), met veertig finalisten uit verschillende landen. Melero is bij alle halve finales aanwezig. Dit jaar is hij naar San Diego (VS), Nagoya (Japan) en Querétaro (Mexico) geweest. Elke fase van de competitie staat onder zijn supervisie. Voorafgaand aan de Concurso biedt Melero de geselecteerde koks een korte workshop aan. Hij heeft veel buitenlanders zien koken. ‘De grootste hobbel is de hoogte, want op zeeniveau gaart de rijst in 16 minuten, maar in Mexico-Stad, dat op 2250 meter hoogte ligt, in 28 minuten.’ Dat betekent dat je de hoeveelheid water moet aanpassen en veelvuldig moet proeven. ‘De Japanners worstelen met die variabelen: zij willen precieze eenheden en hoeveelheden, met “dat ligt eraan” kunnen ze niks,’ lacht Melero. ‘Waar ze in het buitenland ook vaak tegenaan lopen, is dat ze niet snappen dat paella een geheel is. Buitenlandse koks hebben de neiging om te stapelen; dan leggen ze ingrediënten boven op de rijst, in plaats van ze erdoorheen te roeren.’ In de finale is het gebruik van de warmtebron cruciaal. ‘De prijs geeft prestige. Ik ken restaurants die financieel bijna kopje onder gingen, maar een paar maanden nadat ze de prijs hadden gewonnen uit de rode cijfers waren.’
Chef-kok María José San Román van restaurant Monastrell (één Michelinster) in Alicante doet dit jaar mee aan de paellacompetitie. Toch is ze met haar rijstgerechten een andere kant op gegaan. ‘Ik heb veel respect voor de paella, het is een fantastisch gerecht, laat daar geen misverstand over bestaan. De voorschriften, de dogma’s – zonder de hoeders van de paella had ik me niet verder kunnen ontwikkelen in de rijstwereld. Maar nu stop ik de paella diep weg in een urn. In de naam van de vader, de zoon en de heilige paella,’ zegt ze lachend en slaat een kruis met uitgestoken wijs- en middelvinger. Haar restaurant ligt vlak aan zee, dicht bij de haven. ‘Je bezoekt Alicante en dan is het: de paella is dood, lang leve de rijst! Eigenlijk koesteren ze in Valencia een gezonde jaloezie jegens Alicante, want wij hebben ons bevrijd van het juk van de paella, terwijl ze in Valencia als de dood zijn om verder te kijken dan de paella.’ Op haar menukaart prijken zeven rijstgerechten. Murene-rijst geserveerd onder een matglazen stolp. Of rijst met rund en kikkererwten, die opvallend licht verteerbaar is. San Román onderzoekt al vijf jaar lang de mogelijkheden van rijst. ‘Ik probeer de bereiding zo te standaardiseren dat ik altijd hetzelfde resultaat krijg. Het grote geheim van de rijst!’ Baanbrekend zijn haar paella met zilvervliesrijst en het gebruik van een hogedrukpan bij het koken van rijst. Zo omzeilt San Román het hoogteprobleem als ze in andere landen kookt. ‘Rijst met ui zou je zelfs een breuk met de traditie kunnen noemen. Absolute heiligschennis in Valencia. Dan gooien ze je op de brandstapel,’ lacht ze.
Toen San Román een aantal jaren geleden door Japan reisde, zag ze een apparaatje liggen waarmee je rijst tot elke gewenste dikte kon polijsten. Gefascineerd besloot ze het te proberen met zilvervliesrijst. Molenaarsbedrijf Roca in Segorbe (provincie Castellón) ging voor haar aan de slag. Het bedrijf werkt samen met verschillende toprestaurants voor wie ze kleine, afgestemde hoeveelheden produceren. ‘Elke week bestel ik 50 of 100 kilo. Mijn zilvervliesrijst ligt in hun magazijn. Ze vragen elke keer: tot welk percentage moeten we de rijst polijsten? En dan leveren ze de rijst bij me af.’
Quique Dacosta en María José San Román gaan allebei meewerken aan de nieuwe master Arroces y Alta Cocina Mediterránea, die in oktober van start gaat aan de Universiteit van Alicante. Onderdeel van het curriculum: stages bij regionale sterrenrestaurants. ‘Van koks horen wij dat ze al kokend van alles ontdekken, maar niet weten welke chemische processen eraan ten grondslag liggen,’ zegt Ana Zaragoza, coördinator van de master. Aan de universiteit proberen ze het bereiden van de verschillende regionale rijstsoorten te voorzien van een wetenschappelijke basis. Alicante wil de stad van de rijst worden.
Ook chef-kok Kiko Moya gaat meewerken aan de master. Zijn tweesterrenrestaurant L’Escaleta in Cocentaina, in het binnenland van de provincie Alicante, lanceerde jaren geleden arroz al cuadrado. ‘Wij wilden de emotie overbrengen die een klant beleeft als hij een rijstgerecht uit Alicante eet, met een flinterdun laagje rijstkorrels maar met een eigen identiteit.’ De traditiebreuk betrof de vorm – geen ronde paellapan, maar een rechthoekige – die Moya met hulp van zijn vader uitdacht, plus de inhoud. Het resultaat: een droge rijst met verrassende ingrediënten: gedroogde tonijn, hanenkam of zeeanemonen. Moya vindt dat je in de regio Valencia uitstekende rijstgerechten kunt eten. ‘De volgende stap is het buitenland. Dat je waar ook ter wereld een uitstekende traditionele paella kunt eten, zoals je een uitmuntende pizza kunt eten in New York, Milaan of Singapore.’
Auteur: Silvia Blanco
El País Semanal
Spanje | wekelijkse bijlage | oplage 397.000
Magazine dat op zondag meekomt met ’s lands grootste: El País. Tabloidkrant met exquise journalisten en bijdragen van grote Spaanse schrijvers.

