Vooral de Britse minima zijn voor de Brexit. Maar het is een misvatting te denken dat ze worden gedreven door eigenbelang. Onderschat niet hun hang naar soevereiniteit, zegt journalist Gary Younge.
In De hut van oom Tom zegt slavenhouder Augustine St. Clare op een gegeven moment tegen oom Tom dat die als slaaf toch beter af is dan hij als vrij man zou zijn. ‘Nee,’ zegt Tom. ‘Waarom niet, Tom?’ vraagt St. Clare. ‘Met werken verdien je nooit genoeg geld voor zulke kleren en zo’n leven als ik je geef.’ ‘Weet ik wel, baas,’ zegt Tom. ‘Maar liever armoedige kleren, een armoedig huis en alleen maar armoedige spullen die tenminste van mezelf zijn, dan van alles het beste, maar dat het allemaal van een ander is.’
Vooral mensen die het goed hebben, kunnen meestal niet begrijpen waarom mensen die het slecht hebben ervoor zouden kiezen om nog slechter af te zijn. Zeker linkse kiezers vatten het welhaast persoonlijk op als de mensen die het meest van een bepaalde verandering in beleid of in hun omstandigheden zouden profiteren, die verandering toch afwijzen. De gedachte is dat ze dan wel slecht ingelicht moeten zijn, of verkeerd voorgelicht, dom of naïef, of vreselijk misleid. Of het nou gaat om arme Amerikanen die demonstreren tegen een zorgverzekering die ze niet hebben, of mensen die voor uittreding uit de EU stemmen terwijl ze zelf geld uit EU-subsidies krijgen: mensen die ‘tegen’ hun materiële eigenbelang stemmen, wekken een mengeling van spotlust en bevreemding. Wie arm is, kan nooit doelbewust voor nog grotere armoede kiezen, zo luidt de redenering, dus die mensen zijn dom bezig en moeten maar op de blaren zitten.
Het is wel de vraag waarom welgestelde linkse mensen het zo’n rare gedachte vinden dat anderen iets kunnen doen wat indruist tegen hun directe materiële eigenbelang. Zelf doen ze dat immers voortdurend. Elke keer als ze op Labour stemmen, of op een andere partij die herverdeling en hogere belasting voor de rijken voorstaat, stemmen ze voor hun eigen materiële achteruitgang. Oké, ze kunnen natuurlijk beter tegen een stootje dan de mensen aan de andere kant van de inkomensschaal. Maar het is meer dan dat. Dat zij links stemmen, komt vooral doordat ze bij hun politieke keuze hun eigen financiële belang niet vooropstellen. Het gaat hun erom in welk land en in welke wereld ze willen leven, welke waarden ze belangrijk vinden.
Brexit-voorstanders willen vooral dat het Verenigd Koninkrijk zijn eigen wetten bepaalt
Het is ontzettend neerbuigend om te denken dat de politieke keuze van kiezers uit de arbeidersklasse door andere motieven wordt ingegeven. Die houding is koren op de molen van de rechtse cultuurkrijgers die afgeven op ‘linkse elites’ en ‘deugmensen’. Er bestaan daadwerkelijk linkse mensen die vinden dat ze beter weten wat goed is voor de arbeiders dan de arbeiders zelf.
Dat is niet alleen een probleem op zichzelf (het deugt immers niet om mensen, zogenaamd voor hun eigen bestwil, als kleine kinderen te behandelen), het is ook contraproductief. Als je er automatisch van uitgaat dat iedereen die het niet met je eens is onredelijk moet zijn, of niet slim genoeg om in te zien waar zijn eigenbelang ligt, dan is er geen zinvolle politieke dialoog meer mogelijk. Daarvoor moet je eerst de redenering van de ander begrijpen, om die vervolgens aan te vechten, te bekritiseren, te weerleggen of zodanig onderuit te halen dat je iemand op andere gedachten kunt brengen en van jouw gelijk kunt overtuigen.
Dat is natuurlijk wel erg moeilijk als het om de Brexit gaat, want daarvan weten we twee dingen: dat de armste mensen het zwaarst te lijden zullen hebben onder een vertrek uit de EU, zeker als het een harde Brexit wordt, en dat hoe armer je bent, hoe groter de kans is dat je voor de Brexit hebt gestemd. Die schijnbare paradox heeft de tegenstanders van de Brexit, enkele uitzonderingen daargelaten, niet aangezet tot een respectvolle dialoog, maar tot een combinatie van verbijstering over de stompzinnigheid van al die lemmingen die zich in de afgrond storten, en voorspellingen over de apocalyps die zal uitbreken als ze de bodem bereiken. Een houding die in de aanloop naar het referendum al niets uithaalde, en nu nog steeds niet.
Dat komt deels doordat de voorstanders van de Brexit het allemaal niet zo somber inzien. Uit een recente peiling bleek dat een aanzienlijke meerderheid van hen denkt dat de Brexit lang niet zoveel rampspoed zal opleveren als de laatste financiële crisis of de mijnwerkersstaking van de jaren tachtig. Het is dus niet zozeer dat ze niet beseffen dat hun situatie kan verslechteren; ze hebben gewoon het gevoel dat ze wel erger hebben meegemaakt. Dat kan, zoals Fintan O’Toole onlangs betoogde in The Guardian, een uiting zijn van de zelfgenoegzaamheid van mensen die nooit anders dan stabiliteit hebben gekend. ‘Alleen een land dat niet echt weet hoe de ineenstorting van het politieke bestel eruitziet, zou dat zo gemakkelijk op het spel zetten’, schreef hij. We zullen het pas weten als het te laat is.
Maar daarnaast hebben velen ook niet alleen voor hun materiële belang gestemd, maar voor iets groters waaraan ze meer belang hechtten. Uit onderzoek van het Centre for Social Investigation bleek dat tegenstanders van de Brexit stelselmatig het belang onderschatten dat Brexit-voorstanders hechten aan soevereiniteit. Dat het Verenigd Koninkrijk weer zijn eigen wetten bepaalt, was de tweede in het lijstje van vier redenen waarom kiezers voor de Brexit hebben gestemd (immigratie stond met een kleine marge bovenaan). Toen tegenstanders van de Brexit werd gevraagd wat volgens hen de voornaamste overwegingen van de voorstanders waren geweest, plaatsten zij dat recht op zelfbeschikking onderaan, nog onder ‘om de politici een lesje te leren’.
Ingebakken in die zorg om onze soevereiniteit zit volgens mij een idee over wat dit land ooit is geweest, wat het nu is en wat het kan worden: een verhaal dat veel Britten, en vooral Engelsen, zichzelf graag vertellen, over een ooit onafhankelijke en ongenaakbare, unieke eilandnatie, die haar autonomie heeft verspeeld aan een anonieme grijze massa bureaucraten van Babel en nu de kans krijgt om zich daarvan te bevrijden. Dat verhaal komt niet uit het niets. De politiek heeft dat beeld mede gecreëerd, van links tot rechts, van de Falklandoorlog tot Fritz de buldog van New Labour. En nu is dat idee door opportunisten gekaapt en gaat de hele politiek eraan ten onder.
We zijn niet langer wie we waren, en dat moeten we ook niet willen
Als iemand nu tegen je zegt: ‘Als je dit doet, wordt straks je fabriek nog gesloten’, dan is dit verhaal zo krachtig dat jij kunt tegenwerpen: ‘Het is mijn fabriek niet, en “ze” sluiten hier al jaren fabrieken. Maar het is mijn land en ik wil niet dat “ze” het verder verkloten.’ Die ‘ze’ is dan niet één specifieke groep. Dat kunnen immigranten zijn, of Brussel, of buitenlandse bedrijven. Het enige wat ‘we’ zeker weten, is dat ‘wij’ het niet zijn.
Ik denk dat er van alles mis is met dit verhaal. Het is een verhaal over een verzonnen verleden. Wie zich beroept op de gewonnen wereldoorlogen, vergeet voor het gemak dat die nooit waren gewonnen zonder bondgenoten. Wie het Britse rijk in herinnering roept, vergeet voor het gemak dat het alleen met bruut geweld in stand kon worden gehouden. Het is een verhaal dat blind is voor het heden: landen ontwikkelen zich, grenzen verschuiven, identiteiten veranderen. Onze koninklijke familie is van Duitse afkomst. Onze favoriete gerechten komen uit de Indiase keuken. En als mensen het eens zouden worden over hoe je Mohammed spelt, zou dat in Engeland de populairste jongensnaam zijn. We zijn niet langer wie we waren, en dat moeten we ook niet willen. En het is een verhaal zonder reëel toekomstbeeld. Zoals in alle landen wordt onze politieke soevereiniteit niet zozeer beknot door Brussel, als wel door het internationale kapitaal. En aangezien je dat niet met een referendum de rug kunt toekeren, zal het verlaten van de EU ons misschien wel minder slagvaardig, maar niet minder afhankelijk maken.
Maar ik denk ook dat dit verhaal, bij ontstentenis van andere verhalen, grote overredingskracht heeft. Veel meer overredingskracht dan het schrikbeeld van een gebrek aan verse groenten en de devaluatie van het pond als we zonder akkoord uit de EU stappen. Zo veel overredingskracht dat sommigen ervoor willen lijden om het te verwezenlijken. Onze taak is niet om met die mensen de spot te drijven, maar om ze een beter verhaal te vertellen. Een verhaal waarin ook zij een rol spelen, waarin er een toekomst is voor ons allemaal, en waarin ‘zij’ en ‘wij’ uiteindelijk samenkomen in een ‘wij’.
Auteur: Gary Younge
The Guardian
Verenigd Koninkrijk | dagblad | oplage 332.000
Onafhankelijke kwaliteitskrant van linkse signatuur. Sinds 1821 thuisbasis van de meest gerespecteerde columnisten en journalisten. Altijd zeer kritisch ten opzichte van de overheid en andere instituten.

