‘Mensen die bezeten zijn door een ideologie, kunnen niet openstaan voor de dialoog.’ Dat mailde mij een lezer van de krant waarin ik weleens wat over diversiteit schrijf. Voor de zekerheid vroeg ik hem van welke ideologie ik dan bezeten zou zijn; voor je het weet neem ik aan dat het feminisme is, terwijl hij doelt op een schoenenfetisjisme – ik heb tenslotte ook eens over hoge hakken geschreven. Maar op deze vraag kreeg ik geen antwoord. Tot zover de dialoog.
Tot zover niks nieuws ook, want die dialoog lijkt überhaupt overal verdwenen. Zelfs in het ooit zo elegante Groot- Brittannië, bakermat van de gentlemen’s agreement en de Speakers’ Corners, vliegen de parlementariërs elkaar in de haren en is het resultaat van de onderhandelingen dat er nog steeds geen deal is. Die patstelling, analyseert John Gray in de New Statesman, komt ook door een gebrek aan empathie.
In het Lagerhuis kunnen ze zich niet inleven in de noden van het volk. Vooral op links, signaleert Gary Younge in The Guardian, heerst er een blinde vlek voor de motivatie van de armere Britten om voor uittreding te stemmen. De gedachte is dat ze dan wel slecht geïnformeerd moeten zijn, of gewoon dom, want waarom stemmen ze anders voor iets wat hun omstandigheden verslechtert? De mogelijkheid dat ook armere Britten hun eigenbelang opzijzetten voor een hoger doel, komt niet in hen op. Dat is niet alleen neerbuigend, betoogt Younge, maar vooral contraproductief. Zie maar eens een zinvolle dialoog aan te gaan met iemand van wie je de redenering niet begrijpt – of wilt begrijpen.
De gedachte is dat ze dan wel slecht geïnformeerd moeten zijn, of gewoon dom, want waarom stemmen ze anders voor iets wat hun omstandigheden verslechtert?
De Libanese schrijfster Dominique Eddé legt in een open brief aan Alain Finkielkraut de vinger op de zere plek. Haarfijn legt ze de contraproductiviteit bloot van de Franse filosoof die zijn identiteitspolitieke ideeën poneert zonder te luisteren naar andere visies. ‘Uw intellect’, schrijft Eddé, ‘[is] er duidelijk meer op ingericht om zich te laten horen dan om de ander te horen.’
Het lijkt een trend. Heel Europa is diep verdeeld en rechts noch links is bereid om werkelijk te luisteren naar de ander. Gelukkig is daar Zuzana Caputová, de nieuwe president van Slowakije. In haar acceptance speech ontvouwde ze rustig een setje politieke waarden die inmiddels uit een vorig tijdperk lijken te komen: compassie, tolerantie, waarheid. Hebben we meer van dit soort empathische vrouwen nodig in de politiek? Dat hoor je mij niet zeggen – voor je het weet word ik weer beticht van een ideologie.

