1483528336 friends

De nostalgie naar de jaren negentig is overal zichtbaar: in mode, films, tentoonstellingen en concerten. Maar waar de een verlangen ziet naar simpeler tijden, ziet de ander vooral een geromantiseerd beeld van de werkelijkheid.

Ja: ‘Mensen zijn eenzaam en proberen weer contact te maken’

De culturele fascinatie voor de jaren negentig is groot. ‘Ik begrijp wel waarom’, schrijft Una Mullally in The Irish Times. ‘Het huidige sociale en culturele tijdperk is een puinhoop.’

Volgens haar verlangen we massaal terug naar ‘een mythische plek’ waar mensen nog zonder laptop in cafés zaten, boeken lazen in het openbaar vervoer en zich een huurwoning in een levendige stad konden veroorloven. Een tijd van grotere T-shirts en goedkopere maaltijden waarin je gewoon onaangekondigd aanbelde bij vrienden. ‘Dat klinkt zeer aantrekkelijk voor een generatie die opgroeit tussen miljardairs, raketlanceringen, AI, oprukkend populisme en klimaatverandering’ – hoewel Mullally erkent dat het beeld wel een tikkeltje is geromantiseerd.

Vooral de komst van sociale media zou veel hebben veranderd. ‘Onzichtbaar en offline zijn geldt tegenwoordig als een privilege.’ In de jaren negentig leefde iedereen zo, want de ‘dopaminemachines’ van sociale media bestonden nog niet; ‘Daar had je ecstasy voor.’

‘Madonna zou tegenwoordig niet meer met 35 dollar op zak naar New York kunnen trekken’

Toch ziet ze ook hoopvolle ontwikkelingen waar in de jaren negentig nog geen sprake van was. ‘Nu grote steden onbetaalbaar zijn geworden – Madonna zou tegenwoordig niet meer met 35 dollar op zak naar New York kunnen trekken – blijven queer mensen en kunstenaars vaker in regionale steden, waar ze hun eigen culturele scenes opbouwen.’ Ook de dominantie van grote boekhandelketens is volgens haar grotendeels doorbroken: in steeds meer steden duiken onafhankelijke boekhandels op. 

Die ontwikkelingen wijzen volgens Mullally op een dieper verlangen: mensen willen dat het leven zich weer offline afspeelt. ‘Mensen zijn eenzaam en proberen weer contact te maken.’ Samen optrekken vormt volgens haar de basis van elke culturele scene en sociale beweging die ooit heeft bestaan. En samen optrekken, besluit ze, ‘is behoorlijk jaren negentig’.

Of de neo-jarennegentigtrend beklijft, valt nog te bezien. Mullally herinnert zich immers een eerdere trend, toen millennials de digitale cultuur de rug toekeerden en een hipstercultuur opbouwden rond typemachines, platenspelers en analoge camera’s. Wat volgde, was minder romantisch: ‘We hebben alles verpest door verslaafd te raken aan sociale media.’

Mullally richt zich tot Gen Z, met een aanmoediging om de trends vooral door te zetten: ‘Als jullie elkaar weer in het echte leven gaan ontmoeten, goede muziek luisteren, betere kleding dragen en daadwerkelijk vaker offline gaan, dan ben ik daar helemaal voor.’

Una Mullally (geboren op 8 maart 1983) is een Ierse journalist en presentatrice uit Dublin. Ze is columnist bij The Irish Times.


Nee: ‘Letterlijk iedereen stonk, of ze nu zelf rookten of niet’

‘Volgens mij houdt de nostalgie naar de jaren negentig inmiddels al langer aan dan het decennium zelf’, schrijft Hadley Freeman cynisch in The Times. ‘Dat komt nogal als een verrassing voor degenen die niet hun zaterdagavonden dronken doorbrachten in de Met Bar met Kate Moss, maar gewoon thuis bij hun ouders op de bank naar Blind Date en Gladiators keken.’

Volgens Freeman is de heropleving van de jaren negentig overal zichtbaar: Ali G keert terug in een nieuwe film, Tate Britain organiseert een tentoonstelling over kunst en mode uit die periode en de Gallagher-broers gaan opnieuw samen op tournee. Freeman vraagt zich af of jongeren wel begrijpen hoe de jaren negentig écht waren, of dat ze het decennium vooral leren kennen via TikTok-filmpjes met een jonge Leonardo DiCaprio als boegbeeld.

Van het rooskleurige beeld klopt volgens haar weinig. Neem de muziek. ‘Jongeren wordt wijsgemaakt dat de muziek destijds werd gekenmerkt door Nirvana, Mary J. Blige, Blur, Oasis en The Prodigy. Maar de grootste hits van dat decennium waren vreselijke herinterpretaties van andere nummers.’ Ze noemt Candle in the Wind, de versie die bekend werd na de dood van prinses Diana, en I’ll Be Missing You van de inmiddels veroordeelde rapper P. Diddy.

‘De krantenkiosk leek wel een stripclub waar toevallig ook repen werden verkocht’

Bovendien was pornografie niet iets wat je thuis op je smartphone kon opzoeken: je werd ermee overspoeld op straat. ‘Je kon nauwelijks de deur uit zonder een advertentie voor Wonderbra tegen te komen. De krantenkiosk leek wel een stripclub waar toevallig ook repen werden verkocht. Boven in de schappen, op ooghoogte, lagen pornobladen.’ Ook telefooncellen waren beplakt met schunnige reclames. Wie zijn of haar moeder belde om van het station te worden opgehaald, staarde ondertussen naar ‘ene Big Busty Belinda, die dingen beloofde waarvoor je later het woordenboek van je vader raadpleegde’.

En slot was er nog de geur. ‘Alle mannen roken naar Lynx, alle vrouwen roken naar Impulse. Letterlijk iedereen stonk, of ze nu zelf rookten of niet.’ In het beste geval rook je even naar de mierzoete abrikozenlippenbalsem van The Body Shop, totdat je in een mum van tijd weer een walm van tabak om je heen had hangen.

Hadley Clare Freeman (geboren op 15 mei 1978) is een Amerikaans-Britse journalist. Ze schrijft voor The Sunday Times en schreef eerder voor The Guardian.

Lees ook:


Deel dit artikel


Recent verschenen