markus spiske kB9NKpErH4 unsplash


De opwarming van de aarde kan niet worden aangepakt zonder een ingrijpende herverdeling van de rijkdom. ‘Wie het tegendeel beweert, liegt tegen de planeet’, waarschuwt econoom Thomas Piketty.


Laten we er maar geen doekjes om winden: de opwarming van de aarde kan niet serieus worden aangepakt zonder een ingrijpende herverdeling van de rijkdom, zowel binnen landen als op internationaal niveau. Wie het tegendeel beweert, liegt tegen de planeet. En mensen die beweren dat een herverdeling natuurlijk wenselijk, sympathiek et cetera is, maar helaas technisch of politiek onmogelijk, liegen even hard. Ze zouden beter datgene kunnen verdedigen waarin ze geloven (als ze nog ergens in geloven) dan dat ze conservatieve onzin verkondigen.

De overwinning van Lula in Brazilië geeft sommigen weer een beetje hoop. Maar de recente verkiezingen in Zweden en Italië hebben laten zien dat zowel in het noorden als het zuiden tal van kiezers nog altijd sceptisch staan tegenover sociaal-ecologisch links en de voorkeur geven aan een nationalistisch rechts dat wars is van immigratie. De reden daarvoor is simpel: zonder een fundamentele transformatie van het economisch systeem en een herverdeling van de rijkdom dreigt het sociaal-ecologische programma zich tegen de middenklasse en de arbeidersklasse te keren. Het goede nieuws (als we het zo mogen noemen) is dat de rijkdom zich zozeer beperkt tot de maatschappelijke bovenlaag, dat als we ons maar blijven beijveren voor een ambitieuze herverdeling, we tegelijkertijd tegen klimaatverandering kunnen strijden en voor verbetering van de levensomstandigheden van de overgrote meerderheid van de bevolking.

Het blijft mogelijk om de middenklasse en de arbeidersklasse voor klimaatmaatregelen te compenseren

Met andere woorden, iedereen zal zijn manier van leven natuurlijk grondig moeten veranderen, maar het blijft mogelijk om de middenklasse en de arbeidersklasse voor deze verandering te compenseren, zowel financieel als door goederen en diensten toegankelijk te maken die minder energie-intensief zijn en beter verenigbaar met het voortbestaan van de aarde (onderwijs, gezondheid, huisvesting, transport et cetera). Dit zal gepaard moeten gaan met een drastische inperking van het vermogen en de inkomsten van de allerrijksten, wat overigens de enige manier is om politieke meerderheden te vinden voor het redden van de planeet.

Lees ook dit artikel van Thomas Piketty:

Vijf procent miljardairsbelasting

Feiten en cijfers liegen er niet om. De stratosferische vermogenstoename waarin miljardairs zich sinds de crisis van 2008 wereldwijd mogen verheugen heeft tijdens de covid-19-pandemie een ongekend niveau bereikt. Volgens het World Inequity Report 2022 bezit de rijkste 0,1 procent van de wereld zo’n tachtigduizend miljard euro aan financiële middelen en vastgoed, oftewel meer dan 19 procent van het wereldwijde totaal en het equivalent van het mondiale bnp van een jaar. Het aandeel van de rijkste 10 procent bedraagt 77 procent van het totaal, en dat van de armste 50 procent slechts 2 procent. In Europa, dat door de economische elite graag als een oase van gelijkheid wordt afgeschilderd, bedraagt het aandeel van de rijkste 10 procent 61 procent van het totaal, en dat van de armste 50 procent slechts 4 procent.

In Frankrijk stegen de allergrootste vermogens alleen al tussen 2010 en 2022 van tweehonderd miljard naar duizend miljard, dat wil zeggen van 10 procent van het bnp naar bijna 50 procent van het bnp (oftewel twee keer zoveel als het totale bezit van de armste 50 procent). Volgens de beschikbare gegevens bedraagt de totale inkomstenbelasting die in deze hele periode door de vijfhonderd rijkste Fransen is afgedragen nog geen 5 procent van deze vermogenstoename van achthonderd miljard. Dat komt overigens overeen met de belastingaangiften van Amerikaanse miljardairs die in 2021 door de non-profitorganisatie ProPublica zijn onthuld en een overeenkomstig belastingtarief laten zien. Door bij wijze van uitzondering 50 procent belasting over deze vermogenstoename te heffen, wat verre van excessief zou zijn in een tijd waarin kleine spaarders jaarlijks een inflatiebelasting van 10 procent over hun zuurverdiende centen betalen, zou de Franse regering vierhonderd miljard euro kunnen innen.

Welvaart is absoluut niet gediend met stratosferische ongelijkheid

Er zijn andere formules denkbaar, maar het blijft een feit dat het om duizelingwekkende bedragen gaat: wie beweert dat er bij deze groep niets substantieels te halen valt, kan gewoon niet rekenen. Voor de goede orde, de zittende Franse regering heeft afgelopen week een veto uitgesproken over een motie van het parlement voor het verhogen van de investeringen in het isoleren van gebouwen (twaalf miljard euro) en het spoorwegnet (drie miljard) omdat daarvoor de middelen zouden ontbreken. Vandaar de vraag of de regering kan rekenen of liever de belangen van een kleine groep laat prevaleren boven die van de planeet en de bevolking, die zo gebaat zouden zijn bij gerenoveerde woningen en op tijd rijdende treinen.

Afgezien van deze uitzonderlijke belasting over de vijfhonderd grootste vermogens moet natuurlijk het hele Franse belastingstelsel op de schop worden genomen, net als in de rest van de wereld. In de loop van de twintigste eeuw heeft de progressieve inkomstenbelasting zich als een groot succes ontpopt. In de Verenigde Staten vielen de belastingtarieven voor de allerhoogste inkomens tijdens het bewind van Roosevelt en de halve eeuw daarna (gemiddeld 81 procent in de periode 1930-1980) samen met een periode van welvaart, innovatie en maximale groei. De reden was simpel: welvaart hangt in de eerste plaats samen met onderwijs (en op dat gebied hadden de Verenigde Staten in die periode een grote voorsprong op de rest van de wereld) en is absoluut niet gediend met stratosferische ongelijkheid.

In de eenentwintigste eeuw zal deze erfenis moeten worden uitgebreid tot een progressieve vermogensbelasting, met tarieven van 80 tot 90 procent voor miljardairs, zodat ook de rijkste 10 procent haar steentje bijdraagt. Ook en vooral zal een substantieel deel van de belasting die de allerrijksten dan betalen rechtstreeks aan de allerarmste landen moeten worden uitgekeerd, al naargelang de omvang van hun bevolking en hun blootstelling aan klimaatverandering. De zuidelijke landen kunnen niet elk jaar wachten tot het noorden zich verwaardigt zijn verplichtingen na te komen. Het wordt tijd om na te denken over de volgende wereld, anders wordt die een nachtmerrie.

Thomas Piketty is decaan aan de Ecole des hautes études en sciences sociales (EHESS) en hoogleraar aan de Ecole d’économie, beide in Parijs.

Lees ook dit artikel van Thomas Piketty:


Deel dit artikel


Recent verschenen