Beweren dat witte mensen stuk voor stuk schuldig en geprivilegieerd zijn, leidt volgens schrijver Kenan Malik de aandacht af van de werkelijke oorzaken, zoals een onrechtvaardig rechtssysteem.
De verandering is verbijsterend snel gegaan. Zes jaar geleden meenden de meeste Amerikanen nog dat zwarte mensen die omkomen door politiegeweld slachtoffer waren van ‘op zichzelf staande incidenten’. Inmiddels is drie op de vier Amerikanen van mening dat er sprake is van een systemisch probleem. De steun voor Black Lives Matter is de afgelopen twee weken sneller gegroeid dan in de afgelopen twee jaar. En de protesten in de steden brengen ditmaal niet Trumps aanhang op de been, maar lijken zijn aanzien juist te schaden en de tweedeling in het land vooralsnog niet te vergroten.
Niet alleen bij het publiek, maar ook bij grote organisaties lijkt sprake van een omslag in het denken. De americanfootballbond NFL, die de afgelopen vier jaar zijn afkeuring uitsprak over spelers die tijdens het volkslied knielen uit protest tegen racistisch geweld, komt daar nu van terug. Bij Nascar-races, de meest Trumpiaanse aller sporten, zijn Confederatievlaggen [de vlag van de zuidelijke staten die zich in de Amerikaanse Burgeroorlog hadden afgescheiden van het Noorden, omdat ze de slavernij niet wilden afschaffen; tegenwoordig beschouwd als een racistisch symbool] in de ban gedaan. En het ene na het andere grote bedrijf heeft publiekelijk steun betuigd aan Black Lives Matter.
Ook in Groot-Brittannië is het denken veranderd. Van massabetogingen her en der tot een nieuw nationaal debat over standbeelden en geschiedschrijving, van voetballers en politici die demonstratief knielen tot theefabrikant Yorkshire Tea, die een criticus van Black Lives Matter laat weten: ‘koop alstublieft onze thee niet meer’ – het openbare leven lijkt onherroepelijk veranderd. Toen betogers het standbeeld van slavenhandelaar Edward Colston in Bristol neerhaalden, keurde slechts een minderheid van de Britten dat goed. Maar een meerderheid vond wel dat het standbeeld van overheidswege verwijderd had moeten worden, iets wat tot voor kort ondenkbaar was geweest.
Omslag
Enerzijds staat die omslag in het denken voor iets positiefs: een afwijzing van racisme, het besef dat Black Lives Matter niet betekent dat ‘alleen zwarte levens tellen’ maar dat ‘zwarte levens óók tellen’. Maar je verandert de mentaliteit van mensen meestal niet met één druk op de knop. De snelheid van deze omslag zegt ook iets over het overspannen karakter van de hedendaagse politiek. Wisselvalligheid en polarisatie zijn twee symptomen van een en hetzelfde fenomeen: een politiek die is losgeslagen van haar traditionele maatschappelijke achterban. Dat is iets waarover de laatste jaren al veel is gepraat in verband met de opkomst van het populisme en het veranderde stemgedrag van de arbeidersklasse. Wat we de laatste weken zagen, was een van de onvoorspelbare uitingen van de huidige onvoorspelbaarheid van de politiek.
In een op drift geraakte politiek wordt het debat evenzeer gedomineerd door culturele en geestelijke angsten als door materiële zorgen. Kijk maar naar de opkomst van identiteitspolitiek en de mate waarin de onvrede van de arbeidersklasse nu wordt opgehangen aan het verlies van de eigen cultuur.
Politiek heeft altijd gebruikgemaakt van rituelen en symbolen, van toneelspel. Maar inmiddels lijkt de politiek volledig in de greep daarvan. Neem de manier waarop we het tegenwoordig eerder hebben over ‘wit privilege’ dan over ‘racisme’. Racisme is in hoofdzaak een maatschappelijk en structureel probleem: de wetten, praktijken en instellingen die de discriminatie in stand houden. Door de nadruk te leggen op ‘wit privilege’ verander je een maatschappelijk probleem in een kwestie van individuele en groepspsychologie.
‘Witte mensen, jullie zijn het probleem,’ schrijft de columnist Dahleen Glanton in de Chicago Tribune. ‘Willen wij witte mensen de realiteit van racisme onder ogen kunnen zien,’ beweert de in Amerika woonachtige Britse schrijfster Laurie Penny, ‘dan moeten we onze eigen schuld en medeplichtigheid onder ogen zien.’ Als boetedoening voor hun zonden zie je witte mensen de voeten van zwarte geestelijk leiders wassen en hun schuld belijden. Zo’n openbare blijk van onderdanigheid is een toneelstukje dat de betrokkenen een goed gevoel geeft, maar de machtsstructuren en systematische discriminatie ongemoeid laat.
De kern van het probleem bestaat uit scheve sociale verhoudingen
Zeggen dat witte mensen stuk voor stuk ‘schuldig en medeplichtig’ zijn, vertekent het politieke vraagstuk en leidt de aandacht af van de werkelijke oorzaken. In Amerika lopen zwarte mensen, in de woorden van het Sentencing Project, ‘meer kans dan witte Amerikanen om gearresteerd te worden; en eenmaal gearresteerd meer kans om veroordeeld te worden; en eenmaal veroordeeld meer kans om een lange celstraf te krijgen’. En meer kans om door de politie te worden omgebracht. Maar uit onderzoek blijkt ook dat de problemen waar Afro-Amerikanen mee kampen niet alleen te wijten zijn aan witte Amerikanen, of zelfs aan witte politieagenten, maar vooral aan een rechtssysteem dat structureel ten diepste onrechtvaardig is.
Inkomensniveau
En het zijn ook niet alleen zwarte Amerikanen wier levens door de onrechtvaardigheid van dat rechtssysteem worden verwoest. Meer dan de helft van de burgers die door de Amerikaanse politie worden gedood zijn wit. En terwijl het percentage Afro-Amerikanen die door politiegeweld om het leven komen de laatste jaren is gedaald, is het percentage witte slachtoffers scherp gestegen. Volgens sommige analyses geeft niet etniciteit maar inkomensniveau de beste indicatie voor de kans om door de politie te worden gedood: hoe armer je bent, hoe groter de kans. Uit ander onderzoek blijkt dat het verbijsterend hoge aantal gedetineerden in Amerika beter te verklaren valt vanuit klassenverschillen dan vanuit ras, en dat ‘de massale detentie vooral een kwestie is van de systematische beteugeling van de lagere klassen, ongeacht huidskleur’. Afro-Amerikanen, oververtegenwoordigd in de laagste klassen, zijn derhalve ook sneller oververtegenwoordigd in de gevangenissen en in de statistieken over slachtoffers van politiegeweld.
In Groot-Brittannië eist politiegeweld veel minder doden: in de afgelopen vijftien jaar werden 292 sterfgevallen in detentie geteld en zijn 40 verdachten overleden door een politiekogel. Maar ook in deze statistieken zijn zwarte burgers oververtegenwoordigd: 3 procent van de bevolking, maar 8 procent van de sterfgevallen in detentie. Anderzijds ging het in de overgrote meerderheid van de gevallen om witte verdachten – 249 van de 292 sterfgevallen in detentie, en 26 van de 40 slachtoffers van een politiekogel – die waarschijnlijk ook afkomstig waren uit armere en arbeidersmilieus (maar die gegevens zijn lastiger te achterhalen).
Of neem de coronadoden. Het is duidelijk dat bevolkingsgroepen met een migratieachtergrond onevenredig zwaar getroffen zijn. Maar ook klassenverschillen spelen een grote rol: in de armste delen van Engeland en Wales zijn de sterftecijfers als gevolg van corona tweemaal zo hoog als in de rijkste delen.
Klasse en ras zijn geen rivaliserende oorzakelijke categorieën die elkaar uitsluiten. Minderheden maken integraal deel uit van de arbeidersklasse en hebben vaak vergelijkbare ervaringen met het gezag. Klasse en ras zijn twee factoren die het leven van mensen op complexe wijze beïnvloeden.
De politiek is zo veranderlijk dat wat nu nog als een fundamentele omslag in het collectieve denken voelt, over een maand of over een jaar alweer veel onbeduidender kan lijken. Maar één ding is zeker, en dat is dat ongelijkheid, of die nu tussen klassen of tussen rassen is, niet versimpeld kan worden tot een kwestie van wit privilege, en niet kan worden opgelost met schuldgevoelens alleen. Symboliek en rituelen zijn belangrijk. Maar de kern van het probleem bestaat uit scheve sociale verhoudingen en onrechtvaardige institutionele machtsstructuren. Bij het zoeken naar nieuwe politieke grond onder de voeten moeten we niet alleen denken aan identiteit en psychologie, maar ook aan materiële en sociale verhoudingen.
Kenan Malik
The Guardian
Verenigd Koninkrijk | dagblad | oplage 134.000
Onafhankelijke kwaliteitskrant van linkse signatuur. Sinds 1821 thuisbasis van de meest gerespecteerde columnisten en journalisten. Altijd zeer kritisch ten opzichte van de overheid en andere instituten.
Abonneer!
Maak gebruik van onze tijdelijke aanbieding

