In het Schotse Glenrothes heeft wapenfabrikant Raytheon de beste banen te vergeven. Maar nu de Britse wapenverkoop aan landen als Saoedi-Arabië steeds meer onder vuur komt te liggen, staan de bewoners voor een lastige keuze.
‘Ik doe onderzoek naar een verdacht, misschien zelfs illegaal telefoontje aan een medewerker van een bedrijf uit naam waarvan ik u bel,’ zei een man met een Schots accent die belde vanaf een anoniem nummer. Hij weigerde zijn naam of die van het bedrijf te noemen, maar het was duidelijk dat hij banden had met Raytheon. Eerder die dag had ik een medewerker gesproken van de vestiging van deze Amerikaanse wapenreus in Glenrothes, in het Schotse graafschap Fife. In die fabriek zijn ze verantwoordelijk voor het slimme deel van de ‘slimme bommen’ die Saoedi-Arabië boven Jemen afwerpt.
De Schotse fabriek van Raytheon maakt elektronica voor precisiebommen. Een typisch stukje techniek zijn de printplaten voor de Paveway IV, een multi-inzetbare, 227 kilogram zware laser- en gps-gestuurde bom. Raytheon heeft uiteenlopende klanten, waaronder de Britse luchtmacht. Maar sinds de Saoedische luchtmacht in 2015 Jemen begon te bombarderen, zijn de Paveways vooral in trek bij de Saoedische regering.
De oorlog in Jemen, met honderdduizend doden en miljoenen vluchtelingen tot gevolg, kost de Saoedische overheid naar schatting 50 miljard dollar per jaar, waarvan ze een flink deel besteedt aan Amerikaans en Brits wapentuig dat volgens de Verenigde Naties ‘breed en systematisch tegen burgers’ wordt ingezet. Dood, ontheemding en hongersnood tekenen op dit moment het leven van 80 procent van de 22 miljoen inwoners van Jemen, die dringend behoefte hebben aan humanitaire hulp. Eind 2018 zei een hoge functionaris van Unicef in het Midden-Oosten: ‘Op dit moment is Jemen de hel.’
Resten van de precisiebommen van Raytheon zijn aangetroffen in het puin van burgerdoelen in Jemen, waaronder ziekenhuizen, scholen en infrastructuur die onmisbaar is voor de bevolking om te kunnen overleven, zoals graanschuren, waterbronnen en watertanks. Raytheon is uiteraard niet verantwoordelijk voor Saoedische beslissingen om burgerdoelen te bombarderen, maar heeft zich wel te houden aan de wet die geldt voor de export van wapens aan landen die zijn verwikkeld in een vuile oorlog. En het is aan de Britse overheid om die wet te handhaven.
Onrechtmatig
Britse ministers beweren dat hun land ‘een van de strengste wapenexportwetten ter wereld’ heeft. Wettelijk gezien mogen wapens Groot-Brittannië niet verlaten zolang er een ‘duidelijk risico’ bestaat dat ze bewust tegen burgers worden gebruikt of de kans op burgerslachtoffers groot is. Toen Boris Johnson in oktober 2016, toen hij nog minister van Buitenlandse Zaken was, naar de wapenleveranties aan Saoedi-Arabië werd gevraagd, zei hij ‘dat we wel degelijk onze verantwoordelijk nemen’. Hij voegde eraan toe dat de ‘belangrijkste toets’ voor een exportvergunning het risico op ‘internationale mensenrechtenschendingen’ was.
Maar op 20 juni 2019 oordeelde de rechter dat Liam Fox, op dat moment minister van Internationale Handel, samen met de toenmalige én de vorige minister van Buitenlandse Zaken, Johnson en Jeremy Hunt, ten onrechte wapenleveranties had goedgekeurd, omdat hij niet goed had gekeken naar de risico’s die burgers liepen. Uit de uitspraak bleek dat de vergunningenprocedure begin 2016 stilzwijgend was aangepast, zodanig dat honderden meldingen dat Saoedi-Arabië burgers aanviel niet in de procedure hoefden te worden meegenomen. Het gevolg was dat exportwetgeving die burgers tegen Britse wapens moet beschermen onjuist werd toegepast. Johnsons geruststelling van het parlement kwam maanden nadat de regels waren versoepeld.
De rechter oordeelde dat de regering de wapenverkoop aan Saoedi-Arabië moest opschorten. En toch vonden de wapens van Raytheon hun weg naar het conflict tussen Jemen en Saoedi-Arabië. De exportvergunningen die voorafgaand aan de gerechtelijke uitspraak waren verstrekt, werden niet ingetrokken en de regering bleef Raytheon UK, dat zichzelf een ‘volledige dochtermaatschappij van Raytheon in de VS’ noemt, nieuwe vergunningen verlenen om wapenonderdelen aan de VS te leveren. Afgelopen januari bevestigde staatssecretaris van Handel Graham Stuart zelfs naar aanleiding van een Kamervraag dat in de korte periode na de uitspraak ‘zeven standaardvergunningen voor export aan de VS’ aan Raytheon UK waren verstrekt. Tot de onderdelen die onder zulke tweejaarlijkse vergunningen vallen, behoren projectielen, bommen, torpedo’s en raketten. Bereiken die eenmaal de VS, dan staat niets dat land in de weg om ze te verwerken in wapensystemen die aan Saoedi-Arabië kunnen worden geleverd. En laat de regering-Trump nu net haar veto hebben uitgesproken over de pogingen van het Amerikaanse Congres om wapenleveranties aan Saoedi-Arabië tegen te houden.
Geheimzinnig
‘Iedereen weet dat je kunt mee-eten uit de ruif van de Golfregio,’ vertelde een manager van Raytheon UK me, doelend op wapenexporten aan Saoedi-Arabië en de andere monarchieën die deel uitmaken van de oorlogscoalitie, de Verenigde Arabische Emiraten en Bahrein. De Saoedi’s ‘hebben meer geld dan God. De regering laat Jemen dat feestje echt niet bederven.’
Eind september sprak ik op de internationale wapenbeurs Defence and Security Equipment International (DSEI) in Londen met Adam Fico, hoofd overheidsrelaties van Raytheon UK. Ik vroeg hem hoe de gedragscode van het bedrijf – ‘het juiste doen’, ‘de mensenrechten respecteren’ – zich verhoudt tot de vondst van resten van Raytheon-producten in het puin van scholen en ziekenhuizen. Nadat hij de vraag verschillende keren uit de weg was gegaan, zei hij: ‘Ik kan u verzekeren dat ik nooit iemand heb gedood’, waarna hij een kamertje in dook met op de deur de tekst ‘Alleen voor personeel’.
In een verklaring liet Corinne Kovalsky, adjunct-directeur mondiale relaties van Raytheon in de VS, me weten: ‘Het is niet aan ons om een oordeel te vellen over de militaire acties van onze bondgenoten, partners en klanten. Ik kan u wel zeggen dat voorafgaand aan de export van veiligheids- en militaire goederen toetsing plaatsvindt door de Amerikaanse ministeries van Buitenlandse Zaken en Defensie én het Congres. Die zijn belast met de Amerikaanse nationale veiligheid en buitenlandse politiek en bepalen of de voorgenomen leveranties de Amerikaanse belangen dienen.’
In Glenrothes, achter de fabriekspoort van Raytheon, die aan de bovenkant is voorzien van roterende punten, blijven medewerkers vaag over het doel van het product dat ze maken. Een voormalige manager vertelde me dat zijn team een ‘tekening en enkele bestanden ontving waarmee ze het product konden maken’, maar dat hij niet precies wist hoe de eindversie eruitzag. ‘Er hangt een waas van geheimzinnigheid rond het bedrijf.
De producten die we maakten hadden alleen een nummer; het waren onderdelen met een codenaam.’ Hij omschreef de technologie achter de bommen als ‘het geheime recept van Coca-Cola. Jij doet jouw ding en weet niet waar het eindproduct voor dient.’ Wat wil zeggen
dat bijna zeker is dat de meeste werknemers van Raytheon geen idee hebben wat ze maken. Het bedrijf produceert immers uiteenlopende systemen, van radar- en observatieapparatuur tot precisiewapens.
Toch is duidelijk dat de inwoners van Glenrothes verdeeld zijn over de bijdrage van hun stad aan een conflict ver weg. Sommigen hebben moeite met de kwestie, anderen gaan die uit de weg. Maar voor weer anderen weegt een baan in deze economisch zwaar getroffen regio zwaarder dan morele bezwaren tegen een oorlog.
Subsidie
Hoewel de wapenindustrie in Groot-Brittannië sinds de jaren tachtig is gekrompen, is die meer dan andere industrieën overeind gehouden met overheidssteun. Nadat de Britten voor de brexit hadden gestemd, kondigde het nieuwe ministerie voor Internationale Handel, dat de vergunningen voor wapenexporten verleent, aan dat het zich zou inzetten voor uitbreiding van de Britse wapenhandel. De overheid verstrekt jaarlijks 1 miljard pond subsidie aan de industrie, terwijl zo’n honderd ambtenaren zich bezighouden met de internationale promotie van de wapenverkoop. Op beurzen die de overheid jaarlijks organiseert begeleiden legerfunctionarissen delegaties uit allerlei landen naar hun hotel en tijdens het ‘shoppen’.
De druk van de overheid om de export op te stuwen heeft als risico dat ze daarmee stimuleert dat wapens worden aangekocht door landen die ze gebruiken om conflicten in eigen land de kop in te drukken en over de landsgrenzen heen macht uit te oefenen.
Een semioverheidsinstelling voor de economische belangen van Glenrothes probeerde in jaren zestig hoogwaardige banen in de elektronicasector te creëren, met Californië als voorbeeld. Met miljoenen ponden steun van de landelijke overheid verleidde ze Amerikaanse bedrijven met financiële prikkels en prees ze de zuivere lucht van Glenrothes aan, die nodig is voor de chemische processen die komen kijken bij de fabricage van micro-elektronica. Amerikaanse elektronicabedrijven, groot geworden tijdens de Tweede Wereldoorlog, kwamen af op de goedkope grond, de hoogopgeleide beroepsbevolking en de kans op expansie in een Europese economie die met rasse schreden van de oorlog herstelde.
Glenrothes werd het centrum van de Schotse elektronicahausse, die op het hoogtepunt goed was voor honderdduizend banen. De hausse, die in de jaren tachtig haar top bereikte, leidde tot de bijnaam ‘Silicon Glen’.
Het voormalige mijnbouwdorp Glenrothes was een nieuwe weg naar de welvaart ingeslagen, terwijl de meeste mijnbouwstadjes bij de mijnstaking van 1984-1985 de genadeklap hadden gekregen.
Het is prima werk. En daar heb je hier niet veel meer van
Maar anderen zijn niet gelukkig met het bedrijf. Van sommige inwoners betrekt het gezicht zodra je de naam laat vallen. ‘Ik kan er niets over zeggen. Ik weet niets van ze,’ zegt een zichtbaar nerveuze slager. Een verpleger, een moslim, zegt dat Raytheon een zonde begaat door Saoedi-Arabië te helpen bij een ‘wrede actie tegen vrouwen, kinderen en oude mensen in Jemen’. Hij voegt eraan toe dat volgens zijn geloof ‘hij die doodt, ongeacht de overtuiging van zijn slachtoffer, de hele mensheid doodt’.
Maar de meeste mensen in Glenrothes staan ambivalent tegenover Raytheon. Op een gegeven moment maakt bijna iedereen in een gesprek over het bedrijf hetzelfde gebaar: de beide handpalmen omhoog, als een weegschaal. Aan de ene kant heeft het bedrijf de beste banen in een stad die het moeilijk heeft, aan de andere kant produceert het technologie die burgerslachtoffers maakt in een conflict 8000 kilometer verderop.
Overtuigend bewijs van de gruweldaden in Jemen kwam vrijwel meteen na de luchtaanvallen van 2015 naar buiten. Op de derde dag van de aanvallen werd een kamp met binnenlandse vluchtelingen gebombardeerd. In verschillende onafhankelijke rapporten, onder meer van de VN, Human Rights Watch en Amnesty International, staat dat fragmenten van Paveways zijn aangetroffen op markten en in ziekenhuizen, scholen en huizen van burgers. Saoedi-Arabië beschikt over een enorme, in de VS en Groot-Brittannië gekochte en onderhouden luchtmacht, die onmiddellijk de infrastructuur van Jemen uitschakelde. Het land deed niet stiekem over zijn illegale tactiek. Zo werd Saada, een stadje zo groot als Cambridge, aangewezen als legitiem militair doel, waarna ‘de burgers, die eigenlijk geen kant op konden’, aldus de VN, zonder pardon werden gebombardeerd. De generaal die de campagne leidde, zou later verantwoordelijk blijken voor de gruwelijke moord op de Saoedische journalist Jamal Khashoggi.
Mensenrechtenschending
De VN en de beide ngo’s publiceerden bewijs van de luchtaanvallen, waaronder foto’s en filmpjes met aanduiding van de locatie. Hoewel de Britse regering dat bewijs nauwkeurig heeft bestudeerd – het ministerie van Defensie registreerde ruim vierhonderd gevallen van schendingen van de internationale mensenrechten sinds het begin van de bombardementen – leggen de ministers die verantwoordelijk zijn voor het verstrekken van wapenexportvergunningen het naast zich neer. Campaign Against Arms Trade won een belangrijke slag in de juridische strijd tegen de regering. Het mocht van de rechtbank e-mails inzien die aantonen dat Sajid Javid, destijds minister van Handel, zich niets aantrok van de bezorgdheid van Edward Bell, zijn belangrijkste ambtenaar, over het risico van aanvallen op burgers. Eerder had Boris Johnson als minister van Buitenlandse Zaken laten weten dat hij ‘tevreden was’ dat de vergunningen voor Paveway-onderdelen verstrekt zouden blijven worden.
In Londen stelde het onwelkome nieuws over de wreedheden de ministers voor een probleem. De wapens worden aan Saoedi-Arabië verkocht op basis van de zogeheten Al-Yamamah-wapendeal uit 1985, waarvan de voorwaarden nooit openbaar zijn gemaakt. Maar voorheen geheime overheidsmemo’s laten zien dat Groot-Brittannië zich bereid heeft verklaard het koninkrijk in tijden van vrede én oorlog van wapens te voorzien. De deal vormt nog altijd de basis van de militaire verstandhouding tussen Londen en Riyad. Lange tijd hing de geur van corruptie eromheen, en de onderhandelingen werden gesmeerd met een omkooppot van British Aerospace waaruit vooraanstaande Saoedi’s eersteklastickets, privéscholen voor hun kinderen en appartementen voor hun maîtresses bekostigden.
De Britse overheid kon kiezen: óf voldoen aan internationale mensenrechten en de lucratieve contracten opzeggen, óf de contracten handhaven en haar geluk beproeven bij de rechter. De conservatieve regering koos voor het laatste en stond tijdens de laatste maanden van de bombardementen zelfs Paveways aan Saoedi-Arabië af die waren bedoeld voor de eigen luchtmacht.
Die slappe moraal van de regering sijpelt door tot in fabrieken in plaatsen als Glenrothes. Drie mensen die de afgelopen vijf jaar bij Raytheon hebben gewerkt, van wie enkelen zelfs al langer dan tien jaar, verklaarden zich uiteindelijk bereid om met me te praten. Er waren er veel meer die daar niet toe bereid waren, wat doet vermoeden dat de Amerikaanse wetgeving op het gebied van internationale wapenhandel en de Britse wet op het staatsgeheim op de een of andere manier bepalen wat ze mogen zeggen over mogelijk politiek of commercieel gevoelige kwesties. Ook Raytheon zelf doet zijn best om me voor de voeten te lopen, getuige dat mysterieuze telefoontje.
Gewetenswroeging
Twee van de medewerkers leken een oogje toe te knijpen wat betreft het einddoel van de bommen die ze maken. De ene, die al ruim tien jaar als afdelingsleider voor Raytheon werkt, beantwoordde mijn vragen per mail. ‘Iedereen neemt zijn werk serieus en weet dat het belangrijk is. Ik ben er trots op dat ik mijn steentje bijdraag,’ schreef hij. ‘Persoonlijk sta ik er geen moment bij stil,’ schreef de andere. ‘Als de Arabieren iemand anders om zeep willen helpen, dan moeten ze dat zelf weten. Wij verkopen wapens, we halen niet de trekker over.’
‘Als wij ze die wapens niet leveren, dan doet iemand anders het wel,’ is zowel op het Britse ministerie van Defensie als in de Britse wapenindustrie een veelgehoorde rechtvaardiging voor de export aan dubieuze klanten. Maar in het geval van de Saoedische oorlogsmachine gaat dat niet op. ‘Het idee dat de Saoedi’s bommen bij de Russen of de Chinezen kopen als wij ze niet meer zouden leveren, is flauwekul,’ zegt John Deverell, voormalig directeur diplomatieke veiligheid op het ministerie van Defensie en ooit defensieattaché voor Saoedi-Arabië en Jemen. ‘Die systemen zijn zó afhankelijk van software, die koppel je niet zomaar aan een vliegtuig of aan een paar bommen.’
De derde Raytheon-manager, ook met meer dan tien jaar ervaring, had wel last van gewetenswroeging, maar benadrukt dat Schotse werknemers sinds de ondergang van de Schotse elektronica-industrie vasthouden aan hun baan. ‘In Schotland kun je niet om Raytheon heen,’ zei hij. ‘Het is een prima bedrijf om voor te werken. Het is er warm en schoon, en je krijgt er stipt uitbetaald. Voor zover iemand een probleem had met het eindproduct, en dat zullen er in de loop der jaren heus wel een paar zijn geweest, zal dat niet lang hebben geduurd. Er zijn maar weinig mensen die geheel volgens hun principes leven. Het is een evenwicht tussen je rol als gezinshoofd en je overtuiging, wat die ook is. Soms moet je gewoon onder ogen zien dat je gezin op de eerste plaats komt. Daar kun je niet zomaar voor weglopen.’
Sommige wapenhandelaren zijn persoonlijk vervolgd voor hulp aan het plegen van oorlogsmisdaden in het buitenland, omdat ze wapens leverden aan misdadige groeperingen in Sierra Leone, Rwanda of voormalig Joegoslavië, een principe dat dateert van de processen van Neurenberg. Op basis van dat precedent diende het European Center for Constitutional and Human Rights (ECCHR), een Duits advocatenkantoor, vorig jaar een aanklacht in bij het Internationaal Gerechtshof tegen directieleden van Europese bedrijven die betrokken waren bij wapenleveranties aan Operation Restoring Hope, zoals de luchtoorlog van Saoedi-Arabië tegen Jemen wordt genoemd.
Gezeten in haar werkkamer in Berlijn, voor een kaart met Jemen vol vlaggetjes die voor bombardementen staan, met hier en daar de namen van bedrijven die de bommen leverden, nam advocaat Linde Bryk van ECCHR de wetgeving en het bewijs met me door. ‘Na enkele luchtaanvallen die onderdeel zijn van de aanklacht, werden restanten van Raytheon-bommen op de grond aangetroffen,’ vertelde ze. ‘We beschikken over heel veel gegevens.’ Ze beweert dat die bij elkaar genoeg zijn om aan te tonen dat het geleverde wapenarsenaal ‘het begaan van dergelijke vergrijpen mogelijk heeft gemaakt, heeft bevorderd of ertoe heeft bijgedragen’.
Oorlogsmisdaden
De aanklacht is bedoeld om Raytheon UK en enkele directieleden te vervolgen, omdat ze zouden hebben bijgedragen aan oorlogsmisdaden. Het bedrijf weigerde specifiek op de aanklacht in te gaan toen ik die in een e-mail noemde, maar de afzonderlijke directieleden zullen de beschuldigingen ongetwijfeld tegenspreken. In het geding is het juridische principe van ‘opzet’, oftewel kennis van de toepassing van wat het wapenbedrijf verkoopt. Als de aanklager van het Internationaal Gerechtshof ervan kan worden overtuigd dat de Saoedi’s, de ‘eindklant’ van Raytheon, oorlogsmisdaden hebben begaan, dan zou er een lange, bittere strijd kunnen volgen met als inzet sancties tegen het bedrijf en de directie.
De schijnwerpers worden steeds meer gericht op de wapenverkopen aan Saoedi-Arabië. De VN en talloze ngo’s die in Jemen opereren, hebben gegevens verzameld over honderden illegale luchtaanvallen. Steeds vaker duiken demonstranten met vlaggen van Jemen en Palestina op voor de fabriekspoort van Raytheon in Glenrothes.
Het is duidelijk dat er nog steeds belangrijke banden bestaan tussen Raytheon UK en de overheid, al was het maar vanwege de aankopen door de Britse luchtmacht. Sinds 2010 heeft het bedrijf 84 keer een vertegenwoordiger van de regering op bezoek gehad. Het Amerikaanse moederbedrijf organiseert elk jaar in het parlement een feestelijke bijeenkomst voor ministers. Gavin Williamson, destijds minister van Defensie, zei in 2018 op een partijcongres van de Conservatives: ‘Ik ben dol op Raytheon.’
En zo is het. De overheid is dol op de wapenexporthandel. Voormalige overheidsfunctionarissen zitten in de raad van bestuur, waaronder leden van het Hogerhuis, voormalige ambassadeurs en andere politieke zwaargewichten. De handel spekt de staatskas en drukt de kosten van de eigen inkoop, vooral in de luchtvaartsector. Het is niet alleen goed voor een stevige onderhandelingspositie tijdens contractbesprekingen en voor de
betalingsbalans om de machtige wapenhandel in het zadel houden, maar ook voor het beeld van ‘wereldspeler Groot-Brittannië’ in de ogen van de Saoedische koninklijke familie.
Het lijkt erop dat politieke macht voor de regering-Johnson zwaarder weegt dan andere doelen, zoals mondiale veiligheid, mensenrechten en gerechtigheid voor de allerarmsten. Wat het belang is van de Britse wapenverkoop aan Saoedi-Arabië, verschilt aanzienlijk al naargelang je gezichtspunt. Voor de Britse overheid gaat het om macht en invloed. Voor de inwoners van Glenrothes gaat het om goede, en inmiddels schaarse banen. Voor Britse wapenproducenten gaat het om nieuwe contracten, winst voor de aandeelhouders en management-bonussen. Maar je kunt er ook op een andere manier naar kijken. Voor de vrienden en familie van de honderdduizend mensen die sinds 2015 zijn gedood, zal het gevoel van onrecht nooit verdwijnen.
Arron Merat
Prospect
Verenigd Koninkrijk | maandblad | oplage 44.760
Dit onafhankelijke tijdschrift van links-liberaal Engeland heeft een uitgesproken voorkeur voor tegendraadse meningen.

