Het antisemitisme is in Europa niet aan een opmars bezig, maar wordt zichtbaar door social media. De meeste anti-Joodse sentimenten zijn van het ouderwetse nationalistische slag.
In de gangstarap is dreigen met geweld een stijlfiguur. Vandaar dat fans van de Duitse rappers Kollegah en Farid Bang niet echt gechoqueerd waren toen die op hun laatste album pochten dat hun torso’s ‘strakker getekend waren dan die van een Auschwitzgevangene’ en zwoeren dat ze voor ‘een nieuwe Holocaust’ zouden zorgen. (Wie daarvan het slachtoffer zou worden was onduidelijk, maar misschien waren het rivaliserende hiphopartiesten.) Toen het duo op 12 april de hoogste onderscheiding in de Duitse muziekindustrie kreeg, de Echo-muziekprijs, waren andere artiesten en recensenten echter des duivels. De organisatie besloot de prijs op te heffen om controverses in de toekomst te voorkomen.
Drukke tijd
Het was een van de vele incidenten in een toch al drukke tijd voor Europese antisemieten. Op 8 april werd Viktor Orbán, premier van Hongarije, herkozen na een campagne waarin hij George Soros, de Joodse beursspeculant en filantroop, verdacht had gemaakt omdat hij een schimmige miljardair zou zijn die de oppositie met slinkse bedoelingen in zijn greep hield. In Berlijn werd onlangs een jonge Israëliër aangevallen die een keppeltje droeg; zijn belager was een Syrische vluchteling. (De ironie wil dat het slachtoffer een Israëlische Arabier was die een vriend ervan wilde overtuigen dat je zonder gevaar een keppeltje kon dragen.) De aanval speelt in op de angst voor antisemitisme onder de 1,2 miljoen islamitische vluchtelingen die sinds 2015 naar Duitsland zijn gekomen. In Polen diende de extreem-rechtse partij Ruch Narodowy (‘Nationale Beweging’) een klacht in tegen de Israëlische president, Reuven Rivlin, omdat hij een nieuwe wet zou hebben overtreden die beweringen dat Polen schuldig is aan de Holocaust verbiedt. De zondag erna drukte de Franse krant Le Parisien een open brief af waarin 250 prominenten het ‘nieuwe antisemitisme’ onder moslims veroordeelden. Onder verwijzing naar de moord op een bejaard Holocaustslachtoffer in maart eisten de ondertekenaars dat islamitische religieuze autoriteiten zich distantieerden van anti-Joodse verzen in de Koran. Intussen laaide in de Britse Labour Party een aloude ruzie over antisemitisme in eigen gelederen op.
Veel mensen zijn bezorgd dat het antisemitisme in Europa toeneemt. Sinds de millenniumwisseling doen zich met schrikbarende regelmaat door Jodenhaat ingegeven moordaanslagen voor. De terroristische aanslagen op het Joods Museum in Brussel in 2014 en op een koosjere supermarkt in Parijs in 2015 waren daarvan de dodelijkste. In Groot-Brittannië zijn het afgelopen jaar 145 gewelddadige antisemitische incidenten gemeld, van het stompen van Joodse leerlingen tot het provoceren van mensen op straat. Het is een stijging van 34 procent ten opzichte van 2016. In Frankrijk waren er 92 van die incidenten, een stijging van 26 procent. Maar in andere landen is er niet zo’n toename. Tot vorig jaar nam het aantal incidenten in Frankrijk zelfs af, terwijl de cijfers in de meeste landen fluctueren. Statistieken kunnen soms misleidend zijn. In Nederland hield 41 procent van alle gewelddadige gevallen van discriminatie verband met antisemitisme, maar daarvan had driekwart te maken met voetbal. De gevallen waarin Ajaxfans door supporters van andere clubs voor ‘Joden’ werden uitgemaakt, werden ook meegerekend.
Instrumenten om vermeend antisemitisme te meten zijn bovendien voor meerdere uitleg vatbaar. Onderzoeken van het Amerikaanse bureau Pew Center en van de Anti-Defamation League, een Amerikaans-Joodse ‘waakhond’, wijzen uit dat de negatieve houding tegenover Joden in Europa de afgelopen vijftien jaar grosso modo is afgenomen. Lars Rensmann, die aan de Rijksuniversiteit Groningen onderzoek doet naar antisemitisme en populisme, denkt dat anti-Joodse haat niet is toegenomen, maar aan het licht komt door de opkomst van social media. Nepnieuws en samenzweringstheorieën over globalisering wakkeren het antisemitisme volgens hem aan. Verder slaat ergernis over Israël vaak om in antisemitisme, vooral op de politieke linkerflank, en zijn Europese moslims sneller geneigd tot antisemitisme dan niet-moslims.
Toch valt nog te bezien of dit ‘nieuwe antisemitisme’ de aloude variant heeft verdrongen. Een onderzoek door het Londense Pears Institute for the Study of Anti-Semitism heeft uitgewezen dat de Europese islamitische minderheid nog steeds klein is en dat de meeste anti-Joodse sentimenten van het ouderwetse nationalistische slag zijn.
Historisch gezien is Oost-Europa het belangrijkste toneel van het moderne antisemitisme en de genocide op de Joden. In Litouwen zegt 23 procent van de bevolking Joden niet als burgers te erkennen. In Roemenië is dat 22 procent, in Polen 18 procent. Het gekke is echter dat in Oekraïne, met zijn al even bloedige antisemitische geschiedenis, slechts 5 procent van de bevolking liever geen Joden als burgers heeft. Sinds kort, aldus Vjatsjeslav Ligatsjov, een socioloog die het antisemitisme volgt, ‘is er vanwege de Russische agressie een échte vijand. Ze hebben geen samenzwerings-theorieën over een zionistische regering meer nodig.’
In de meeste landen neemt het antisemitisme tegelijk met het nationalisme en de identiteitspolitiek toe of af. David Feldman van het Pears Institute benadrukt het belang van ‘concurrerend slachtofferschap’: Joden, moslims en andere groepen die om het hardst roepen dat ze worden onderdrukt, trappen elkaar op de tenen. Volgens Dariusz Stola, directeur van het Museum voor de geschiedenis van Poolse Joden, is het correcter om het antisemitisme te beschouwen als onderdeel van een algehele golf van chauvinistisch sentiment sinds de migratiecrisis van 2015, want ook de vijandigheid jegens moslims, homoseksuelen en Roma is toegenomen. Stola: ‘Xenofobie is niet kieskeurig.’
Vertaler: Nico Groen
The Economist
Verenigd Koninkrijk | weekblad | oplage 1.337.180
Sinds jaar en dag de bijbel voor iedereen die zich interesseert voor internationaal nieuws. Liberaal, niet te verwarren met conservatief.

