ANP 468810267


Afgelopen zaterdag werd koning Charles III in Londen gekroond met veel pracht en praal. Maar de steun voor de monarchie heeft in het Verenigd Koninkrijk een historisch dieptepunt bereikt. Heeft een monarch nog wel een functie in een moderne democratie?

Naar aanleiding van de kroning van de Britse koning Charles III van afgelopen zaterdag is het debat weer losgebarsten tussen voor- en tegenstanders van de monarchie. Nu uit Britse opiniepeilingen blijkt dat de steun voor de monarchie tanende is en zich zelfs op een historisch dieptepunt bevindt, zoals The Guardian bericht, wijzen voorstanders van een koning als staatshoofd erop dat het hebben van een monarch vele voordelen met zich meebrengt. Een koning zorgt immers voor stabiliteit te midden van het politieke gewoel, zo beweert rechtsgeleerde en politicoloog Tom Ginsburg. Maar als er ondemocratische politici opkomen, is een president geschikter om de democratie te beschermen, aldus republikein Polly Toynbee.

Ja: ‘Monarchen bieden bescherming tegen politieke onrust’

‘De kroning van koning Charles III laat zien waarom de constitutionele monarchie een vitale regeringsvorm blijft in enkele van de succesvolste landen ter wereld’, schrijft de Amerikaanse Tom Ginsburg in een opinieartikel op Project Syndicate. De rechtsgeleerde en politicoloog wijst erop dat er momenteel vierendertig landen zijn met een constitutionele monarchie en dat die landen buitengewoon succesvol zijn. Zo hebben het grootste deel van Scandinavië, Japan en de Benelux, en Charles’ domeinen Australië, Canada en Nieuw-Zeeland allemaal een monarch als staatshoofd. 

Volgens de Democracy Index 2022 van The Economist uit 2022 zijn tien van de twintig meest democratische landen ter wereld constitutionele monarchieën, evenals negen van de twintig rijkste landen. En in acht van de tien meest bestendige nationale grondwetten is een monarch opgenomen.

‘Monarchen bieden bescherming tegen politieke onrust, omdat zij kunnen ingrijpen in perioden van nationale crisis’, aldus Ginsburg. Zo wist Juan Carlos I van Spanje in 1981 een staatsgreep te verijdelen door het leger tot bedaren te brengen. Ook kunnen vorsten ‘in hun rol bij het vormen van regeringen in parlementaire systemen soms subtiele beslissingen nemen die politieke partijen uit een impasse helpen’, vervolgt de politicoloog.

‘De symbolische eenheid van de monarchie kan de meest problematische vormen van populisme beperken’

‘In ons tijdperk kan de symbolische eenheid van de monarchie de meest problematische vormen van populisme beperken’, brengt Ginsburg naar voren. Volgens hem krijgen populisten weinig ruimte in een constitutionele monarchie. ‘Populistische demagogen als Viktor Orbán in Hongarije, Recep Tayyip Erdogan in Turkije en Jaroslaw Kaczynski in Polen claimen doorgaans een exclusieve, bijna mystieke band met het “volk”, dat alleen zij kunnen beschermen tegen de elites, en demoniseren hun tegenstanders als “vijanden van het volk”. In een constitutionele monarchie zijn dergelijke beweringen echter niet effectief. De functie van belichaming van het volk is al bezet, waardoor de symbolische macht die een ander individu kan vergaren beperkt is.’

‘Dus terwijl Erdogan zich voordoet als een nieuwe sultan en Hugo Chávez, de overleden Venezolaanse leider, zich graag beriep op president-voor-het-leven Simón Bolívar, is het moeilijk in te zien hoe een Brits, Deens of Noors equivalent geloofwaardig zou kunnen zijn. Het dichtst in de buurt komt een ontwrichtende leider als de voormalige Britse premier Boris Johnson, die, gefrustreerd door zijn hoofdadviseur, nukkig volhield: “Ik ben de führer. Ik ben de koning die de beslissingen neemt.”’

‘Met een monarch aan de top van het systeem valt die bewering weg’, concludeert Ginsburg. ‘Dit wordt bevestigd door gegevens van de Global Populism Database waaruit blijkt dat in constitutionele monarchieën minder populistische retoriek voorkomt in politieke toespraken.’


Nee: ‘Een ongekozen koningin is niet opgewassen tegen een losgeslagen premier’

The Guardian-columnist Polly Toynbee is het daar niet mee eens. ‘Groot-Brittannië verliest duidelijk meer dan het wint bij de monarchie.’ Toynbee schreef in februari 2022 in aanloop naar het zeventigjarige jubileum van de inmiddels overleden koningin Elizabeth II een gloedvol betoog voor de afschaffing van de monarchie. ‘De behoefte aan een gekozen president is urgent geworden nu het premierschap van Boris Johnson de grenzen van conventies, wetten en burgerrechten op de proef stelt.’

Volgens Toynbee is het probleem niet dat de monarch te machtig zou zijn, maar juist dat deze te weinig macht heeft en democratische legitimiteit ontbeert. ‘Presidenten in heel Europa beschermen de grondwet en voorkomen dat al te machtige politici de grondwet overtreden. Een president zou Johnson hebben tegengehouden om illegaal het parlement buitenspel te zetten: om in te grijpen in een constitutionele noodsituatie is de macht van een democratisch mandaat nodig.’

‘De ongekozen koningin moet doen wat de premier haar opdraagt’

‘Er is geen rem op een losgeslagen premier in een land zonder geschreven grondwet, waar een verwrongen kiesstelsel eerlijke vertegenwoordiging onmogelijk maakt en er geen effectief staatshoofd is om te waken tegen wetsovertredingen. De ongekozen koningin moet doen wat de premier haar opdraagt’, stelt Toynbee.

Toynbee is van mening dat presidenten beter in staat zijn dan koningen om in te grijpen als een regering haar boekje te buiten gaat. ‘Monarchisten spreken met afschuw over wie een gekozen president mag zijn. (…) Maar (…) kijk eens rond in Europa naar waardige presidenten die hun ceremoniële plichten en de politieke grenzen van hun rol begrijpen, en tegelijkertijd optreden als constitutionele hoeders.’

Lees ook:


Deel dit artikel


Recent verschenen