ANP 495195805 1


De overwinning van Bassirou Faye en zijn partij PASTEF in Senegal markeert de onvrede met de gevestigde orde en de opkomst van linkse partijen op het hele continent. De overwegend jonge bevolking van Afrika streeft naar soevereiniteit op economisch, monetair en landbouwgebied. Kan het huzarenstuk van Faye inderdaad elders worden herhaald?

Het aantal Afrikaanse landen dat de afgelopen jaren onder militair bewind is komen te staan, heeft het debat over de onzekere toekomst van de democratie op het continent net als in andere delen van de wereld overheersd. Maar de laatste tijd winnen de protesten van jongeren tegen de situatie op het gebied van kosten van levensonderhoud, corruptie en de schuldencrisis aan populariteit. Wordt dit een herhaling van 1990, toen straatprotesten van Dakar tot Mombasa tegen autocratie en wanbeleid politiek pluralisme inluidden?

De ontluikende jonge bevolking in veel landen en het falen van de bestaande bestuursstructuren om collectieve goederen, diensten en banen te leveren, schept bijna onvermijdelijk de voorwaarden voor alternatief leiderschap en bestuursstructuren die de Afrikaanse politiek beloven te hervormen.

Politieke actoren in de marge hebben het momentum aangegrepen om de massa te mobiliseren om de elites uit te dagen die de politieke en economische ruimte ten koste van hen domineren.

Terwijl neoliberale idealen overal ter wereld de overhand kregen, kregen Afrikaanse landen, vooral die met ontluikende democratieën zoals Senegal en Tanzania, te maken met druk vanuit de bevolking die verandering eist en een wedergeboorte van de idealen die bij hun onafhankelijkheid werden bevochten. In andere landen, zoals Zuid-Afrika, is economische ongelijkheid de brandstof voor het protest tegen de gevestigde orde.

Verkiezingen

De heropleving van de links-populistische ideologie in Afrika wordt het meest prominent verdedigd door Bassirou Diomaye Fay uit Senegal, Julius Malema uit Zuid-Afrika en Zitto Kabwe uit Tanzania – de drie oprichters van de jongste marxistisch-leninistische partijen van Afrika.

In Senegal won African Patriots of Senegal for Work, Ethics and Fraternity (PASTEF) een mandaat van 54 procent om het land te regeren tijdens de historische verkiezingen van 24 maart 2024. De partij versloeg kandidaat Amadou Ba van zittend president Macky Sall.

In Zuid-Afrika daalde de populariteit van Malema’s partij Economic Freedom Fighters (EFF) onder de Zuid-Afrikaanse kiezers met 1,5 procent bij de verkiezingen van mei 2024, maar door de vorming van een regering tussen het African National Congress (ANC) en de door een meerderheid van witten geleide Democratische Alliantie, genaamd GNU, kreeg de bevlogen politicus alsnog een platform om de idealen van de oppositiepartij nieuw leven in te blazen.

En in Tanzania is Kabwe optimistisch dat zijn partij ACT-Wazalendo, opgericht in 2014, een kans maakt om de algemene verkiezingen in Zanzibar in 2025 te winnen van Chama Cha Mapinduzi (CCM), de regerings- en tevens de oudste partij van het land. In dit semiautonome eiland van de Republiek Tanzania heeft de oppositiepartij momenteel de grootste aanhang. De lokale verkiezingen van dit jaar, die gepland staan voor oktober, zullen een indicatie vormen voor wat de partij volgend jaar kan bereiken.

Terwijl het schijnoptimisme van het ‘Africa Rising’-moment vervaagde, kwam er een nieuwe generatie activisten op.

Het jaar 2014 was een soort waterscheiding. Terwijl het schijnoptimisme van het ‘Africa Rising’-moment vervaagde in de lange schaduw van de wereldwijde recessie, kwam er een nieuwe generatie jeugdige activisten op. Te midden van de golf van wereldwijde antikapitalistische protesten die werd veroorzaakt door de globale recessie, kwamen de genoemde politieke partijen in 2014 met verheven idealen om de politieke toekomst van hun landen opnieuw vorm te geven en een nieuw pan-Afrikaans traject te bepleiten. Ze hadden een gelijkgestemde agenda met betrekking tot corruptie, de nationalisering van natuurlijke rijkdommen en, in het geval van Zuid-Afrika, de onteigening van het land.

Met de opkomst van PASTEF, EFF en ACT-Wazalendo kregen hun respectieve oprichters continentale bekendheid. Terwijl de wereld opkrabbelde van de turbulentie van de wereldwijde financiële crash, de Arabische Lente, die de val van de Libische president Moammar al-Qadhafi inluidde, het begin van de Syrische burgeroorlog en de schijnbare opkomst van de democratie in Tunesië en Egypte, doken ten zuiden van de Sahara jonge bewegingen op als reactie op de crisis van het tijdperk en ook op een langere democratische recessie die terugging tot de jaren negentig.

Nu de lokale verkiezingen in oktober en de algemene verkiezingen in Senegal naderen, is het de vraag of het de Senegalese partij PASTEF lukt de visie van haar oprichter levend te houden. Het gaat om het consolideren van de soevereiniteit van Senegal op economisch, monetair en landbouwgebied plus om een verlaging van de kosten van levensonderhoud, het creëren van banen en nieuwe onderhandelingen over visserijovereenkomsten met de Europese Unie. 

Een einde aan la FrançAfrique

In Franstalig West-Afrika pleiten landen massaal voor valutasoevereiniteit en een einde aan la FrançAfrique, de neokoloniale regeling die Parijs lange tijd heeft toegepast in haar relaties met haar voormalige koloniën. In Senegal groeiden de sentimenten tegen de CFA-frank van voor de onafhankelijkheid. Ousmane Sonko, een voormalig belastinginner, maakte met steun van de vakbonden van het moment gebruik om de Fransen ervan te beschuldigen dat ze de Senegalese economie in hun greep hielden.

Voor de Senegalese partij PASTEF waren het anti-Franse grondstoffennationalisme en de corruptiebestrijding belangrijke onderwerpen bij de overwinning van de verkiezingen. De Senegalezen en ook Afrikanen in andere delen van het continent kijken gespannen toe hoe de partij het land zal transformeren. Haar prestaties zullen worden gezien als indicatie of het model kan werken en mogelijk ook andere Afrikaanse landen kan transformeren.

Voor Tanzania markeerde 2014 het hoogtepunt van het grondstoffennationalisme, met protesten tegen de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen in het zuiden van Tanzania, waarbij verschillende demonstranten omkwamen door politiekogels. Het leger werd ingezet om de protesten de kop in te drukken. In de daaropvolgende maanden leidde een schandaal, waarbij elektriciteit ter waarde van 250 miljoen dollar werd opgewekt, tot een golf van ontslagnemingen op hoog niveau bij de regering. Kabwe positioneerde zichzelf als het publieke gezicht van de protesten, waarbij hij zich stevig uitsprak tegen de grootschalige corruptie binnen de regering en opkwam voor het belang van het publiek bij de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen. Toen hij uiteindelijk uit Chadema werd gezet, richtte hij ACT-Wazalendo op, dat dezelfde boodschap uitdraagt.

De Zuid-Afrikaanse partijleider Malema bereidt zich ondertussen voor op een meer strategische rol in de oppositie in de hoop de verliezen die zijn partij heeft geleden weer in te halen. Zijn campagne Borderless Africa had weinig succes en ook zijn deelname aan de gesprekken voor een regering met de Democratische Alliantie, die door veel Zuid-Afrikanen wordt beschuldigd van het in stand houden van de apartheid en het terugbrengen van de witte suprematie, kwam zijn populariteit niet ten goede.

Zwarte mensen hadden het gevoel dat ze economisch een gemarginaliseerde positie behielden

De post-Thabo Mbeki-periode in het land werd gekenmerkt door een groeiend scepticisme ten opzichte van Nelson Mandela’s politieke overeenkomst met het apartheidsregime, die in 1994 een einde maakte aan de heerschappij van de witte kolonistenminderheid. Zwarte mensen hadden het gevoel dat ze weliswaar politieke vrijheid hadden bereikt, maar economisch een gemarginaliseerde positie behielden.

Malema’s EFF greep de gelegenheid aan om te pleiten voor de teruggave van Afrikaans land, wat volgens de partij economische vrijheid zou garanderen. De partijleider positioneerde zichzelf als voorvechter van de zwarte economische emancipatie en bekritiseerde de terughoudendheid van het ANC om land van de witte minderheid onder de zwarte meerderheid te herverdelen. De EFF profiteerde ook van de anti-Jacob Zuma-sentimenten; het ANC leed als gevolg van grootschalige corruptie en een staatsgreep onder een hevige factiestrijd, een daling van de populariteit en economische problemen die uiteindelijk leidden tot een rampzalige verkiezingsuitslag in mei 2024.

Na de Zuid-Afrikaanse verkiezingen van 2014 behaalde de EFF 6 procent van het totaal aantal stemmen en 25 zetels in de Nationale Assemblee om zich te vestigen als de eerste prozwarte oppositiepartij in het land. De partij vergrootte haar invloed in de verkiezingen van 2019 en verhoogde haar aandeel in de stemmen tot 11 procent en het aantal parlementsleden tot 44. Malema heeft aangegeven dat de EFF, ondanks de teleurstellende resultaten tijdens de meest recente verkiezingen, vooral ten faveure van de nieuwe MK-partij van voormalig president Jacob Zuma, een effectief tegenwicht tegen de regering zal bieden.

Aanvankelijk stelde de EFF zich beschikbaar voor coalitiebesprekingen met het ANC, maar uiteindelijk trok de partij zich terug uit de GNU, die ze als ‘elitepact’ bestempelde. Het feit dat Malema geen deel uitmaakt van de GNU geeft hem nu de mogelijkheid om als de stem van de zwarte massa door te gaan, die op zoek is naar iemand die de regering ter verantwoording roept en zich uitspreekt over de slechte staat van de economie en de verslechterende sociale voorzieningen. De EFF zal waarschijnlijk profiteren van interne meningsverschillen en mogelijk zelfs de ineenstorting van de GNU, voornamelijk als gevolg van het tegengestelde economische beleid van de DA en ANC. 

United in Hope

Bij de allereerste verkiezingen van Sonko’s partij in Senegal in 2015, behaalde hij slechts 1 parlementszetel. In de daaropvolgende verkiezingen in 2019 verhoogde dat tot 16 procent van de totale stemmen, wat leidde tot de vorming van een coalitie met de naam ‘United in Hope’ in 2021. Deze coalitie hielp de partij bij het winnen van de gemeenteraadsverkiezingen tijdens de verkiezingen van 2022 en bij het verhogen van het aantal parlementszetels naar 56 van de 165 zetels.

In Tanzania behaalde Kabwes partij aanvankelijk, bij de verkiezingen van 2015, een jaar na haar oprichting, ook slechts 1 zetel in het parlement. Maar in een verrassende wending van de gebeurtenissen liep de top van Zanzibars lang bestaande belangrijkste oppositiepartij, het Civic United Front (CUF), in 2019 over naar ACT-Wazalendo, waardoor de jonge partij de grootste op de eilanden werd. In 2020 werden de verkiezingen in Zanzibar verstoord door massale fraude, waardoor de partij slechts vijf zetels won in het Huis van Afgevaardigden van Zanzibar en geen enkele in Tanzania. De partij zou later, begin 2021, toetreden tot de regering van nationale eenheid (eveneens genaamd GNU, Government of National Unity) in Zanzibar, waardoor het de officiële oppositiepartij werd.

Voor ACT-Wazalendo lijkt de verschuiving van een partij die voorstander is van nationaal grondstoffennationalisme naar een partij met een meer liberale oriëntatie een tactiek te zijn geweest om de CUF-leden voor zich te winnen en aan politieke kracht te winnen, vooral in Zanzibar. In tegenstelling tot hun collega’s op het vasteland hebben de eilanden lang gepleit voor marktliberalisme als middel voor een bloeiende economie. Ze waren tegen beleid zoals het nationaliseren van grondstoffen.

Kabwe heeft de status van de partij weliswaar verhoogd door partner in de GNU te worden, maar de verschuiving in haar ideologie zal haar invloed waarschijnlijk schaden. Dat bleek tot nu toe vooral op het vasteland van Tanzania, waar het grondstoffennationalisme nog steeds een sterke politieke aantrekkingskracht heeft. Op de lange termijn loopt ACT-Wazalendo het risico dezelfde reputatieschade op te lopen als de regeringspartij.

Of dit inderdaad gebeurt zal duidelijk worden als het land begint aan de campagnes voor de lokale verkiezingen in oktober, een jaar later gevolgd door de algemene verkiezingen. De manier waarop respectievelijk Kabwe en de leiders van de regerende partij CCM omgaan met de zorgen over corruptie binnen de regering en andere economische problemen waar Zanzibari’s mee te maken hebben, zal bepalend zijn voor de hoeveelheid steun die de partij van de bevolking kan verwachten.


Deel dit artikel


Recent verschenen