Hoewel rechtse desinformatienetwerken bekender zijn, bestaan er aan de andere kant van het politieke spectrum vergelijkbare misleidende structuren, vaak met hetzelfde doel: invloed uitoefenen op de publieke opinie en politieke processen.
Het Syrië van Bashar al-Assad is geen vriendelijke plek voor journalisten. Sinds het begin van de opstand in 2011 heeft het regime weinig visa afgegeven. Toen de Amerikaanse journalist Marie Colvin en de Franse fotojournalist Rémi Ochlik in 2012 zonder toestemming Syrië binnenkwamen, waren ze een doelwit en werden vermoord. Maar in 2021 kreeg een Canadese podcaster op ongebruikelijke wijze toegang tot het door het regime gecontroleerde Syrië. Toen hij voor de ruïnes van Jarmuk stond – een Palestijns vluchtelingenkamp dat van 2013 tot 2018 door het regime werd belegerd, geblokkeerd en gebombardeerd – moffelde hij Assads verantwoordelijkheid voor de vernietiging van het kamp weg en deed hij, met een staaltje adembenemend cynisme, een oproep om de sancties tegen zijn regime op te heffen.
Voordat hij zich erop toelegde moordenaars van Palestijnen van blaam te zuiveren, was Aaron Maté, de podcaster in kwestie, een pro-Palestijnse activist. Hij werkte ooit voor onafhankelijke mediaorganisaties zoals Democracy Now! en The Real News Network, maar toen zijn carrière in het slop raakte, werd ze er door nieuwe weldoeners uit getrokken. Hij werd naar voren geschoven door de Russische delegatie bij de Verenigde Naties toen die iemand nodig had om de feiten over de chemische aanval van Assad op Douma in april 2018 te verdoezelen. Een cache van e-mails die de Commissie voor Internationale Gerechtigheid en Verantwoording in handen kreeg, onthulde ook dat hij door het Russische propaganda-apparaat werd gezien als een nuttig kanaal voor het plaatsen van lekken: een medewerker van de Russische mediaorganisatie Ruptly vertrouwde twee van Matés Britse bondgenoten – de controversiële academici Paul McKeigue en Piers Robinson – toe dat hij persoonlijke informatie had verzameld over de getuigen en overlevenden van het bloedbad in Douma, die hij van plan was naar Maté te lekken, zodat die ze kon verspreiden. Dit zou de individuen in levensgevaar hebben gebracht, aangezien het regime meedogenloos alle informatie over haar verantwoordelijkheid voor de aanval liet verdwijnen.
Na een pelgrimstocht naar Moskou in december 2015 keerde hij terug als een nieuwe man met nieuwe standpunten
Maté trad slechts in de voetsporen van zijn Amerikaanse kameraad Max Blumenthal, die zelf een Paulusbekering had ondergaan. In 2012 was Blumenthal fel gekant tegen het Syrische regime en nam hij ontslag bij de Libanese krant Al-Akhbar vanwege de pro-Assad-houding ervan. Maar toen rond de tijd van de zogenaamde Arabische Lente de contrarevolutie werd ingezet, maakte Blumenthal een ommezwaai. Na een pelgrimstocht naar Moskou in december 2015 keerde hij terug als een nieuwe man met nieuwe standpunten – en een nieuwe website: The Grayzone. Russische media hielpen hem zich beter te profileren en Blumenthal trouwde zelfs met een producer voor RT, het door de staat gefinancierde tv-station dat voorheen Russia Today heette. Op dat moment stond Rusland voor een ramp op het gebied van public relations omdat de Syrische vrijwillige reddingswerkers en medici, bekend als de Witte Helmen, die Rusland systematisch op de korrel nam, genomineerd waren voor de Nobelprijs voor de Vrede. Een documentaire over hun heldendaden was in de race voor een Oscar. En toen kwam Blumenthal om de zaken te vertroebelen. Hij verzon een verhaal uit bestaande samenzweringstheorieën (de pro-Assad-activist Vanessa Beeley beweerde dat het merendeel daarvan van haar gestolen was), over de Witte Helmen en later ook over de medische professionals van de Syrian American Medical Society (SAMS). Blumenthal gebruikte islamofobe stijlfiguren die deden denken aan de propaganda van het Assad-regime en probeerde beide organisaties in verband te brengen met Al-Qaida.
Opmerkelijke wending
Deze laster is weerlegd door zeven regeringen, waaronder de Verenigde Staten. Blumenthal zou ook bij de VN verschijnen als gast van het Russische regime.
Dit betekende een opmerkelijke wending voor Blumenthal. Tijdens een optreden in 2013 aan de Universiteit van Denver had hij geklaagd over het verlies van inkomsten vanwege zijn kritiek op het Syrische regime, waardoor hij naar eigen zeggen zijn huur niet meer kon betalen. Maar met zijn herziene waardering voor Assad en zijn beslissende stop in Rusland – waar hij hetzelfde gala bijwoonde als waar oud-generaal Michael Flynn en de eeuwige presidentskandidaat van de Green Party, Jill Stein, dineerden met president Vladimir Poetin – lijkt hij zijn dagen van gebrek achter zich te hebben gelaten. Blumenthal staat nu in openbare registers als de trotse eigenaar van een huis in Washington, D.C. Hij onthulde in 2023 dat zijn voormalige makker Ben Norton dankzij de inkomsten van The Grayzone zelfs onroerend goed in Nicaragua had kunnen kopen, waarna Norton hem bestempelde als ‘een labiele megalomaan zonder samenhangende principes’ en naar China verdween met wat volgens Blumenthal 70.000 dollar aan Grayzone-geld was.
Op 11 september 2024 klaagden Amerikaanse federale aanklagers RT-medewerkers Kostjantyn Kalasjnikov en Jelena Afanasjeva aan wegens overtreding van de Foreign Agents Registration Act voor een beïnvloedingsoperatie waarbij 9,7 miljoen dollar werd doorgesluisd naar rechtse mediasterren Tim Pool, Dave Rubin, Benny Johnson en Lauren Southern. Volgens de federale aanklacht werd het geld via lege vennootschappen in Turkije, de Verenigde Arabische Emiraten en Mauritius doorgesluisd naar Tenet Media, een socialmediabedrijf dat in Tennessee geregistreerd staat op naam van het Canadese echtpaar Liam Donovan en Lauren Chen (de laatste een voormalige RT-medewerker). Tenet huurde de rechtse influencers in en verdeelde alleen al 8,7 miljoen dollar onder Pool, Rubin en Johnson (Rubin ontving 400.000 dollar per maand plus een tekenbonus van 100.000 dollar en Pool verdiende 100.000 dollar per video). De influencers moesten video’s produceren over een aantal van dezelfde onderwerpen die The Grayzone behandelt, zoals samenzweringstheorieën rond covid-19 en vaccins en een sympathieke kijk op de interventie van Rusland in Oekraïne.
Als de website geen geld ontvangt van Rusland, zal dat zeker niet zijn vanwege zijn journalistieke onafhankelijkheid
The Grayzone beweert dat het nieuwskanaal ‘geen financiering ontvangt van een overheid noch van een door de overheid gesteunde groep of persoon’ en dat het volledig afhankelijk is van de ‘steun van lezers zoals jij’. Maar als de website geen geld ontvangt van Rusland, zal dat zeker niet zijn vanwege zijn journalistieke onafhankelijkheid. Het personeel van The Grayzone is te gast geweest bij regimes van Caracas tot Managua en heeft massamisdaden witgewassen van Damascus tot Xinjiang. Ze hadden er geen moeite mee Russische narratieven te propageren op door Russische functionarissen georganiseerde forums. Blumenthal werd naar de VN-Veiligheidsraad gestuurd om te beweren dat Oekraïne de onverzettelijke partij was in de oorlog met Rusland, terwijl Maté een ander VN-forum bijwoonde om de met bewijzen gestaafde verantwoordelijkheid van het Syrische regime voor de chemische aanval op Douma in april 2018 te ontkennen. Hun relaties met Russische staatsvertegenwoordigers lijken hartelijk. De permanente vertegenwoordiger van Rusland bij de VN, Dmitri Poljanski, bedankte zowel Blumenthal als Maté persoonlijk voor hun respectievelijke getuigenissen bij de VN. Hij verspreidt Matés berichten vaak op Twitter en was te gast op de podcast van The Grayzone.
In tegenstelling tot de wispelturige rechtse rakkers die het Kremlin probeerde in te zetten, biedt The Grayzone betrouwbaarheid. Na de verkiezingen van 2016, toen RT en het Russische staatsnieuwsagentschap en de radio-omroepdienst Sputnik steeds meer onder de loep werden genomen, weken verschillende van hun werknemers uit naar alternatieve media in de VS. Naast bedrijven als MintPress en BreakThrough News werd The Grayzone blijkbaar een geliefd toevluchtsoord. De werknemers en medewerkers, zoals Anya Parampil, Wyatt Reed, Mohamed Elmaazi, Jeremy Loffredo, Kit Klarenberg, Dan Cohen en Rania Khalek, zijn allemaal ooit in dienst geweest van de Russische overheid. De inhoud die ze produceren voor The Grayzone is niet te onderscheiden van de inhoud die ze produceerden voor RT of Sputnik. (Misschien is deze overlap de reden dat het Kremlin hen niet de investering waard vindt die Rubin, Pool en Johnson ten deel viel.)
Steun
Maar er is geen reden om de mogelijkheid van tafel te vegen dat The Grayzone in de lucht wordt gehouden dankzij de ‘steun van lezers zoals jij’. Er is inderdaad veel steun van lezers, zelfs als die niet zijn zoals jij of ik. Op een GoFundMe-pagina van The Grayzone staat bijvoorbeeld een donatie van 30.000 dollar van slechts één iemand: ‘George Waters’ (de officiële naam van Pink Floyd-bassist Roger Waters, die op latere leeftijd geïnteresseerd is geraakt in pro-Kremlin-complottheorieën). Als podcasts zoals Chapo Trap House miljoenen hebben binnengeharkt met reactionair gebrabbel, dan focust The Grayzone zich tenminste op belangrijkere zaken. Het is niet ondenkbaar dat er genoeg publiek is dat ervoor wil betalen.
De afgelopen jaren hebben zowel de Amerikaanse regering als EU-functionarissen de dreiging van desinformatie benadrukt. Sinds 2016 is er een hele industrie ontstaan rond deze kwestie. Gepensioneerde spionnen, slimme academici en ondernemende journalisten doen allemaal mee. Ze richten zich bijna uitsluitend op de kant van het aanbod. Volg het geld, ontwar het web, ontmantel het bedrog, adviseren ze.
Als je kwaadwillende actoren in de gaten houdt en hun financiering afknijpt, kun je ze door middel van wetgeving ruïneren, zeggen ze.
Normale mensen lopen net zoveel kans om in de desinformatievalstrik terecht te komen
Maar er wordt weinig aandacht besteed aan de kant van de vraag. Dat er excentriekelingen zijn met een voorliefde voor samenzweringstheorieën of ideologen met oedipale ideeën die zich aangetrokken voelen tot tegendraadse verhalen is niet verrassend. Maar dat zijn marginale fenomenen. Normale mensen lopen net zoveel kans om in de desinformatievalstrik terecht te komen. Alleen de boosdoeners opsporen zal weinig helpen om het probleem te beteugelen zolang we niet begrijpen waarom mensen ten prooi vallen aan dergelijke verhalen.
Na jaren gestaag te hebben ingeboet aan geloofwaardigheid vanwege hun schaamteloos propagandistische berichtgeving over Syrië, Oekraïne en covid-19, beleeft The Grayzone een soort opleving te midden van Israëls oorlog in Gaza. In 2016 waren de samenzweringstheorieën van The Grayzone die Assad steunden en zijn slachtoffers belasterden, voor honderden Palestijnse schrijvers en activisten aanleiding om een open brief te schrijven waarin ze dergelijke activiteiten aan de kaak stelden. Mainstream activistische groepen en podia mijden The Grayzone daarom. Maar ze worden nu weer toegelaten tot respectabele forums. Mensenrechtenactivisten in Groot-Brittannië waren verbijsterd toen ze onlangs vernamen dat Maté is uitgenodigd als spreker op een fondsenwervingsevenement voor de Palestijnse mensenrechtenorganisatie Al-Haq. Dit is des te ironischer gezien Matés vergoelijking van de moord op Palestijnen in Jarmuk en zijn kritiek op de geloofwaardigheid van Forensic Architecture, de in Londen gevestigde onderzoeksgroep die vaak samenwerkt met Al-Haq om Israëlische oorlogsmisdaden te onderzoeken (hij was boos dat Forensic Architecture Assad in verband had gebracht met de aanval op Douma).
Ook Blumenthal heeft zijn opwachting gemaakt op pro-Palestijnse forums, slechts een paar jaar nadat hij alom werd veroordeeld vanwege een sketch waarin hij de spot dreef met de Syrische slachtoffers van chemische aanvallen en om islamofobe laster tegen dezelfde heldhaftige gezondheidswerkers (in het bijzonder dr. Zaher Sahloul, de voorzitter van MedGlobal) die nu hun leven riskeren in Gaza, ondanks de systematische aanvallen van Israël op ziekenhuizen.
Wanneer de berichtgeving wordt bepaald door politieke overwegingen, staat de waarheid in dienst van de macht. Nu de morele en epistemische basis instort, is alleen de macht nog scheidsrechter van de werkelijkheid. En om deze onbalans uit te wissen, wenden degenen die zich vervreemd en machteloos voelen zich tot elke bron waarvan ze denken dat die de scheefgroei zal helpen corrigeren.
Moreel gevaar
Deze relativering van de waarheid creëert een moreel gevaar. Het vermindert het vertrouwen in de media en wakkert het cynisme aan. De media zijn tegenwoordig diverser en vaak diepgaander dan twintig jaar geleden, en publicaties als The New York Times, The Washington Post en CNN produceren soms uitstekende journalistiek (zie bijvoorbeeld het uitmuntende werk van de visuele onderzoeksteams van deze instituten, de keiharde journalistiek van Clarissa Ward en de menselijke berichtgeving van Christiane Amanpour). Maar dat doet er weinig toe als de voorpagina’s en primetime worden gedomineerd door oppervlakkige, vertekende en sensationele verslaggeving en flauw commentaar. Wanneer een gebroken raam op een Amerikaanse universiteit meer aandacht krijgt dan de vernietiging van een hele familie in Gaza, haken velen af en gaan ze op zoek naar alternatieve bronnen. Een miljoen ‘desinformatie-experts’ zijn van weinig nut als één persconferentie van het Witte Huis al hun werk ongedaan kan maken. Rusland heeft miljoenen gespendeerd aan het kopen van invloed, maar de grootste troef die het ooit heeft gehad is Kirby, van wie elke uitspraak meer doet om de Amerikaanse geloofwaardigheid uit te hollen dan duizend betaalde influencers.
Het cynisme dat hierdoor wordt gekweekt, ondermijnt het idee van universele mensenrechten. Wanneer mensenrechten selectief worden afgedwongen, worden ze gezien als een knuppel om ideologische tegenstanders mee te slaan. Met groot leedvermaak gaven China en Iran afgelopen voorjaar verklaringen uit waarin ze de VS opriepen zich gematigd op te stellen in hun gewelddadige optreden tegen studenten. Westerse verklaringen over mensenrechtenschendingen elders leiden nu alleen nog maar tot hoongelach.
Onze terechte woede maakt ons kwetsbaar, waardoor cynici ons kunnen manipuleren
Dit cynisme sijpelt overal doorheen. Mensen als Blumenthal, die de massamisdaden van autoritaire regimes witwasten, de spot dreven met de slachtoffers van massamoord en het zelfs opnamen voor de kwelgeesten van de Palestijnen in Jarmuk, worden nu uitgenodigd op mensenrechtenforums. Voor veel jonge activisten die wakker zijn geschud door Gaza, is de oorlog in Syrië verleden tijd. Maar als ze zich tot The Grayzone wenden voor informatie over Gaza, laten ze toe dat pro-Assad- en pro-Kremlinverhalen de activistenwereld binnensluipen. The Grayzone mag dan een ‘alternatief’ zijn voor de Amerikaanse mainstream media, wat betreft de oorlogen in Syrië en Oekraïne is het verbonden met de oorlogvoerende staten en fungeert het als spreekbuis voor hun verhalen. Hun wereldbeeld is net zo manicheïstisch als het wereldbeeld dat Palestijnen als onwaardige slachtoffers behandelt; behalve dan dat zíj de slachtoffers van antiwesterse daders als onwaardig beschouwen.
Als we protesteren tegen het bedrog van de ene groep daders, kunnen we niet toestaan dat een andere groep ons openbare debat vergiftigt. Onze terechte woede maakt ons kwetsbaar, waardoor cynici ons kunnen manipuleren. Door ons scepticisme op te schorten en onze principes te laten varen, helpen we een leegte te creëren waarin zelfs het lijden van kinderen toelaatbaar wordt, afhankelijk van de context.
The Grayzone is eerder een plaag dan een ingenieuze uitvinding om de waarheid te ondermijnen. Maar dit soort nieuwsbedrijven zullen altijd blijven bestaan zolang onze media zo gecompromitteerd zijn en onze debatten zo vervormd dat de grove tegendraadsheid van propagandisten op moedige waarheidsvinding lijkt.

