het westerse paspoortprivilege


In de mondiale pikorde bepaalt staatsburgerschap, meer nog dan ras, waar een burger terechtkomt op de sociale ladder. Het privilege van een westers paspoort, omdat je nou eenmaal geboren bent in een bepaald land, is volgens Vik Sohonie een onhoudbaar onrecht waar niets tegen wordt ondernomen.

Ik weet nog dat ik jaren geleden, op het vliegveld van Kuala Lumpur, de mondiale pikorde duidelijk zag afgetekend in drie verschillende secties bij de paspoortcontrole: visumaanvraag bij aankomst, cellen voor tijdelijke opsluiting en de alledaagse paspoortcontrole. Zuid-Aziatische burgers stonden in de rij voor de buitenkans om een visum bij aankomst te bemachtigen, terwijl voornamelijk zwarte Afrikanen in de cellen zaten en westerlingen met hun superieure paspoorten in vloeiende rijen langs de douaniers stroomden. Maleisië biedt, anders dan de meeste andere landen, visumvrije toegang voor inwoners van een aantal Afrikaanse landen, toch werden de eigenaren van deze armzalige paspoorten met argusogen bekeken. De in beton gegoten hiërarchie van toelating op basis van nationaliteit was me in één oogopslag duidelijk.

Straaltje licht

Het paspoortprivilege is een onhoudbaar onrecht waar niets tegen wordt ondernomen en dat een enorme, onbelichte rol speelt in het migratiedebat en de migratie-‘crisis’. Degenen die zich gelukkig mogen prijzen met een geprivilegieerd paspoort – vrij reizen over de aardbol, fluitend langs vriendelijk glimlachende douaniers wandelen met een inreisstempel voor een verblijf van negentig dagen, gaan en staan waar je maar wilt zonder een berg aan bewijsmateriaal te moeten overleggen om officieel aan te tonen dat je een respectabel mens bent – zijn zich vaak niet eens bewust van de zeldzame macht die ze bezitten. Slechts een piepkleine minderheid is deze zalige onwetendheid en die vorstelijke behandeling gegund. Maar zo werkt het niet voor de rest.

Eindelijk is er een straaltje licht gevallen op het onrecht dat bijna viervijfde van de mensheid moet verdragen. De muziekindustrie en de literaire wereld in Groot-Brittannië hebben de karrevracht aan afgewezen visumaanvragen van bekende muzikanten en schrijvers van het zuidelijke halfrond publiekelijk aangekaart. De hardste klappen vielen onder de staatsburgers van Afrikaanse landen die voor culturele festivals waren uitgenodigd. Maar de bijna misdadige praktijken van het Britse ministerie van Binnenlandse Zaken hebben, terecht, het meeste stof doen opwaaien. Sorie Koroma, een oudere, blinde kondi-speler uit Sierra Leone (ook wel bekend als Sorie Kondi) zou afgelopen jaar in Groot-Brittannië en andere Europese landen optreden en hoopte in Oost-Aziatische hoofdsteden een nieuwe markt voor Afrikaanse bands aan te boren.

Met alle tourdata op zak vroeg Koroma in Freetown bij een van de tussenkantoortjes die de afhandeling van visumaanvragen voor de Britse en Europese ambassades mogen opknappen een visum voor het Verenigd Koninkrijk aan. Het lokale bestuur voor het eigen karretje spannen is een beproefde koloniale methode. Koroma ontving een e-mail waarin stond dat de verwerkingsduur voor zijn visumtype in de regel vijftien dagen bedroeg, en korter in geval van de prijzige spoedservice. De e-mail vervolgde: ‘Helaas hebben zich problemen bij de afhandeling voorgedaan waardoor we uw aanvraag niet binnen de streeftermijn kunnen beoordelen.’ Koroma had al eerder in Groot-Brittannië opgetreden en meestal worden visumaanvragen van terugkerende bezoekers sneller verwerkt, maar na zestig dagen werd Koroma’s paspoort nog altijd door het Verenigd Koninkrijk zonder tekst of uitleg vastgehouden en hij kreeg zelfs niet de mogelijkheid om de aanvraag in te trekken, zodat hij alle optredens aan zijn neus voorbij zag gaan.

Een paspoort bezitten is lang niet overal vanzelfsprekend, zoals hier in Bamako op Mali. – © Getty Images
Een paspoort bezitten is lang niet overal vanzelfsprekend, zoals hier in Bamako op Mali. – © Getty Images

De legendarische King Ayisoba uit Ghana onderging dezelfde schandalige behandeling, alleen kreeg hij zijn paspoort op tijd terug. In veel gevallen houden Britse ambassades of het hoofdinstituut voor de behandeling van visumaanvragen in Sheffield paspoorten langer vast dan de officiële verwerkingsduur, waardoor artiesten weken, zo niet maanden, aan handen en voeten zijn gebonden en optredens over de hele wereld mislopen.

Het is niet zozeer te wijten aan incompetentie of bureaucratie. Uit het hardnekkige patroon van deze paspoortgijzelingen en de verschuiving van ‘Fort Europa’ naar de Sahel spreekt duidelijk een officieel beleid om de reisbewegingen van zwarten te controleren. Inkomensverlies is een vervelende bijkomstigheid; de vernedering gaat veel dieper. Veel Britten waren geschokt. De verontwaardiging op de sociale media richtte zich op ambassades, het migratiebeleid, corruptie, de westerse zwaai naar rechts, fascisme, onverdraagzaamheid: de gebruikelijke boosdoeners.

Directeuren van grote internationale festivals in Groot-Brittannië riepen gezamenlijk op tot beleidsveranderingen om het ondoorzichtige proces transparanter te maken. Maar de woede, die iets vermakelijks heeft, komt erg laat. Aan de andere kant van Fort Europa kijkt niemand er raar van op. Voor ons zijn er altijd drie grenzen geweest: de westerse ambassades op eigen grond, die onze mobiliteit bepalen, intimiderende grensbeambten die ons vlak na de landing op de luchtbrug al staan op te wachten en de uiteindelijke paspoortcontrole en douane.

Vrij verkeer

Het visumbeleid van het Westen, uitgestippeld in zieltogende wereldrijken – op het hoogtepunt van het Britse imperium was vrij verkeer binnen het rijk tot op zekere hoogte mogelijk – was van meet af aan gericht op uitsluiting en het voortrekken van westerlingen op elk denkbaar economisch, sociaal en politiek vlak. Daarom vind je in Londen nauwelijks Nigeriaanse of Indiase freelancejournalisten die corruptie aankaarten of de monarchie onder de loep nemen, maar stikt het in de overzeese gebieden van de freelancers met Europese of Amerikaanse paspoorten.

Daarom worden inkomens op een aantal van de best betalende arbeidsmarkten, zoals die van de volgzame Golfstaten, die geen inkomstenbelasting over salaris heffen, aan de hand van nationaliteit bepaald, zodat westerse paspoorthouders dankzij ongeschreven wetten verzekerd zijn van het hoogste salaris.

In internationale financiële centra, of die zich nou bevinden in Singapore, Dubai of Hong Kong, toonbeelden van de kapitalistische pikorde, staan westerse paspoorten aan de onbetwiste top. Vandaag de dag bepaalt staatsburgerschap, meer nog dan ras, je plek op de ladder. Daarom vindt een Brits staatsburger van Pakistaanse afkomst dat ze een Indonesische douanebeambte een klap mag verkopen wanneer die haar meedeelt dat ze een boete van vierduizend dollar moet betalen omdat haar verblijf 160 dagen langer heeft geduurd dan haar visum toestond – een relatief lichte straf voor het overtreden van de immigratiewet. Paspoorten zijn gewilde handelswaar, en landen zoals Mauritius, dat kan bogen op een van de beste Afrikaanse paspoorten, draaien bij deze ‘jacht op het staatsburgerschap’ inmiddels ook mee op de markt, waar gunstige papieren voor bedragen met vijf of zes nullen van de hand gaan. Een visum aanvragen is vooral een oefening in vernedering, zoals iedereen die met een hele zwik papieren onderworpen is geweest aan de behandeling van ambassadepersoneel zal kunnen beamen.

Om door de poorten van Walhalla te mogen, zijn kennelijk notarieel bekrachtigde bankafschriften van de afgelopen zes maanden nodig, die getuigen van voldoende inkomen, een reisgeschiedenis van de afgelopen tien jaar, inclusief bewijsmateriaal, stapels formulieren met handtekeningen die precies overeenkomen, en, zo nu en dan, een gezondheidsverklaring en een bewijs van goed gedrag. Het arrogante Westen kan zich domweg niet voorstellen dat velen van ons zich totaal niet geroepen voelen om ons prettige bestaan op te geven voor een illegaal verblijf in samenlevingen die steeds sneller achteruithollen.

Mensen zetten alles op alles om een nieuw staatsburgerschap te bemachtigen

Sommige nationaliteiten hebben meer te lijden dan andere. Van inwoners van Afrikaanse landen wordt in het Verenigd Koninkrijk bijna 50 procent van de visumaanvragen afgewezen, in vergelijking met een krappe 8 procent in het Midden-Oosten en 13 procent in Zuid-Azië. Talloze studenten die aan topuniversiteiten zijn toegelaten wordt een visum geweigerd. Dit is dagelijkse kost voor Haïtianen. Werkzoekenden met garantverklaringen vissen vaak achter het net. Dit is dagelijkse kost voor Indiërs. Familieleden op leeftijd kunnen hun nakomelingen veelal niet bezoeken.

Dit is dagelijkse kost voor Libanezen. Toeristen die gewoon vakantie willen vieren en graag bijdragen aan kwakkelende economieën worden niet ontzien. Dit is dagelijkse kost voor Thai, die jan en allemaal verwelkomen maar zelf niet op een wederdienst hoeven te rekenen. Inwoners van tal van Afrikaanse landen hebben voor het Verenigd Koninkrijk en andere Europese landen zelfs een transitvisum nodig – ja, een visum om op een ander vliegtuig te mogen stappen. Door discriminerend visumbeleid wordt een spaak in het wiel van onnoemelijk veel mensen gestoken.

Iemand met een westers paspoort heeft de vrijheid zijn ambities te verwezenlijken, terwijl de rest van de mensheid gedwongen is het verkrijgen van zo’n paspoort tot einddoel te verheffen. Mensen zetten alles op alles om een nieuw staatsburgerschap voor zichzelf en, nog belangrijker, voor hun kinderen, te bemachtigen. Degenen die in de Middellandse Zee verdrinken, zijn tot dat gruwelijke lot veroordeeld omdat ze het juiste paspoort niet bezaten en wisten dat het geen enkele zin had zich aan de buitensporige visumprocedure te wagen. Iets anders kan ik er niet van maken.

Als, zeg, Malinese burgers in staat waren een verblijf in het buitenland simpelweg te verlengen door even de grens over te steken en weer terug te komen met een kersvers stempel in het paspoort, of net als westerlingen illegaal naar het buitenland konden vertrekken, dan zouden ze niet ten prooi vallen aan mensensmokkelaars of -handelaars. Denk daar maar eens over na. Afrikanen die de Sahel doorkruisen, betalen liever tienduizenden euro’s aan de meest ongure types dan een poging te wagen en de visumkosten van maximaal een paar honderd euro neer te tellen. Ooit waren een succesvolle carrière en papieren waaruit bleek dat je genoeg financiële draagkracht had voldoende om een westers visum te bemachtigen. Zoals een literair festival in Schotland ontdekte, is te veel geld inmiddels ook een reden voor afwijzing, wat bizar is, want feitelijk is het visumsysteem een melkkoe, een slimme truc om de voormalige koloniën nog eens goed uit te melken.

Visumterreur

Afgewezen visumaanvragen leveren de staatskas jaarlijks miljoenen op; aanvragers krijgen namelijk geen restitutie. Alleen al in 2017 werden in het Verenigd Koninkrijk meer dan een miljoen visa geweigerd. Reken maar uit wat dat betekent, met een minimumtarief van 60 euro voor een kort verblijf. Aangezien de rijke elite zonder problemen de paspoortcontroles passeert, zou je denken dat maatschappelijke klasse een rol speelt. Maar zelfs de Russische multimiljardair Roman Abramovitsj ondervond onlangs dat zijn puissante rijkdom en Britse bezittingen geen vrijbrief betekenen. Het Westen klampt zich krampachtig vast aan deze visumterreur, een overblijfsel van een eeuwenoude wereldheerschappij die al lang op zijn retour is.

Waarom zou je je eigenlijk nog al die moeite getroosten? Omdat westerse visa zo machtig zijn dat alleen al dat stempel in je paspoort je ontslaat van visumplicht voor een aantal andere landen, zoals Turkije en Mexico, en je meer bestaansrecht verleent dan een wereldwijd bejubeld oeuvre zou doen. Toegegeven, westerlingen zijn niet de enige bevoorrechte paspoorthouders. Er geldt geen visumplicht voor inwoners van landen met kleine bevolkingsaantallen, zoals de Caribische eilanden, waar je bijvoorbeeld simpelwegn een Antiguaans paspoort kunt kopen als je maar diep genoeg in je buidel tast, of voor inwoners van welvarende landen die ankers zijn voor het mondiale kapitalisme, zoals Singapore of Mauritius.

Argumenten voor het behoud van visa draaien meestal om armoede, illegale migratie, handelsverdragen, historische banden en een keur aan andere goeddeels irrelevante factoren. Uiteindelijk komt het visumsysteem neer op regelrecht racisme. Daarom kunnen staatsburgers van diverse Latijns-Amerikaanse landen, dankzij hun Europese bloed, zonder visumverplichtingen naar het Verenigd Koninkrijk en Europa reizen, en staatsburgers uit Aziatische landen met dezelfde bevolkingsaantallen en eenzelfde inkomen per hoofd van de bevolking niet. Daarom hanteren landen als Brazilië en Colombia, ondanks hun sterke Afrikaanse wortels, strenge visumeisen naar Europese snit. Daarom overwoog Australië een versneld visum voor witte Zuid-Afrikaanse boeren, uit sympathie voor de witte nationalistische mythe van een door landhervormingen ontketende ‘witte genocide’.

Nieuwe markten

Vanuit cultureel oogpunt kunnen we misschien een positieve draai geven aan dit moeilijke moment. Het is tijd om nieuwe markten aan te boren: het Westen zit grotendeels op slot, terwijl een gretig, jong publiek in Azië, Latijns-Amerika en Afrika staat te popelen om internationale muziekacts te zien.

Het wordt tijd dat de meerderheid van de mensheid niet langer wordt benadeeld door alle migratiebeperkingen en niet alleen een paar gelukkigen in het Westen de ongekende vitaliteit van livebands uit Afrika mogen ervaren. Schrijver Kanishk Tharoor betoogt dat ‘de privileges en beperkingen die voortvloeien uit nationaliteit, een bewijs zijn van 21ste-eeuwse apartheid’. En zoals dat nu eenmaal gaat met alle vormen van apartheid: ze hebben een beperkte houdbaarheid.

Auteur: Vik Sohonie

Africa is a country   | New York


Deel dit artikel


Recent verschenen