De populariteit van extreemrechtse politieke partijen neemt in steeds meer Europese landen toe. In onder andere Oostenrijk, Frankrijk, Duitsland, Zweden en Spanje is de grens tussen reguliere politieke partijen en extreemrechts aan het vervagen. Normalisering ligt op de loer.
Keuze uit het archief
Afgelopen week presenteerde de aankomende coalitie – bestaande uit de PVV, BBB, NSC en VVD – het hoofdlijnenakkoord dat de basis moet vormen voor een nieuwe regering. De oppositie stak haar teleurstelling en bezorgdheid over het akkoord niet onder stoelen of banken: er vielen woorden als ‘luchtkastelen op financieel drijfzand’, ‘rampzalig akkoord’ en ‘een zwarte dag voor Nederland’. Esther Ouwehand van de PvdD zei zelfs dat radicaal-rechtse partijen ‘niks te zoeken hebben in het centrum van de macht’.
Dit artikel uit The Guardian van een jaar geleden laat zien hoe extreemrechtse partijen in Europa en de VS het zover hebben kunnen schoppen dat ze op het regeringspluche beland zijn. Journalist Owen Jones wijst op het gevaar van het imiteren van extreemrechtse retoriek door reguliere partijen en stelt dat we er alles aan moeten doen om normalisering van ultrarechts gedachtegoed te voorkomen.
Normalisering is het proces waardoor iets ongewoons of extreems deel wordt van het leven van alledag. Wat ooit afschuw en woede wekte, wordt algauw nauwelijks meer opgemerkt. Het bekendste voorbeeld is misschien wel de manier waarop de aanwezigheid van Donald Trump een doodgewoon politiek gegeven werd. Maar deze normalisering van uiterst rechts voltrekt zich op meer plekken in de democratische wereld.
Toen Trump eenmaal ‘normaal’ was geworden, werden gebeurtenissen die nog extremer leken dat ook. Een enquête uit 2022 wees uit dat twee op de vijf Amerikanen de kans groot achten dat het komende decennium een burgeroorlog zal uitbreken. Eén politicoloog oppert de mogelijkheid dat er in 2030 een rechtse dictator aan het hoofd van de VS zal staan.
Dezelfde griezelige normalisering zien we ook in de Europese politiek. Rond de afgelopen eeuwwisseling, toen de rechts-populistische Freiheitliche Partei Österreichs (FPÖ) – geleid door Jörg Heider, die had laten doorschemeren dat hij sympathie koesterde voor het naziregime – een coalitie aanging met de christendemocratische Volkspartei, braken er niet alleen massale protesten uit in Wenen maar ook elders in Europa en in de VS. De EU legde Oostenrijk zelfs diplomatieke sancties op. Iedereen was het erover eens dat er een grens was overschreden; dat gezien de met bloed doordrenkte geschiedenis van Europa uiterst rechts met ferme hand buiten de deur moest worden gehouden.
Dat gaat niet langer op. Toen de FPÖ in 2017 een nieuwe coalitie vormde, klonk er al veel minder protest. Momenteel boekt de partij winst bij gemeenteraadsverkiezingen en gaat ze aan kop in de Oostenrijkse opiniepeilingen. Als belangrijkste politieke partij maakt de FPÖ grote kans de nieuwe regering te zullen leiden. Ondertussen staat de Volkspartei, onder druk van haar rechterflank, een nog strenger antimigratiebeleid voor.
Patroon
En dan is er Spanje. Nog jaren na de financiële crisis leek dat land, in tegenstelling tot veel andere Europese landen, niet te worden geconfronteerd met een opkomende uiterst rechtse partij. Kopstukken van de linkse Podemos-partij hadden daarvoor een verklaring: de massale Indignados-protesten tegen de bezuinigingen, die uitbraken in 2011, leken te garanderen dat de onvrede tegen machtige belangengroeperingen was gericht in plaats van tegen kwetsbare groepen als migranten.
Maar bij de algemene verkiezingen van 2019 eindigde de uiterst rechtse Vox-partij als derde en ook bij de gemeenteraadsverkiezingen van afgelopen 28 mei boekte ze een onverwacht succes. Deze partij is migranten vijandig gezind en verzet zich tegen regionale autonomie in Spanje. Voor komende juli zijn er vervroegde verkiezingen uitgeschreven, waarmee de kans groter wordt dat uiterst rechts voor het eerst sinds de val van Franco op het Spaanse regeringspluche zal belanden.
De Duitse Brandmauer begint te verbrokkelen.
Het patroon is overduidelijk. In Duitsland is het uiterst rechtse Alternative für Deutschland (AfD) sterk in opkomst: volgens een recente peiling zou de partij bij algemene verkiezingen als tweede eindigen, vóór de regerende sociaaldemocraten. Hoewel andere partijen verklaren dat ze op nationaal niveau zullen weigeren met de AfD samen te werken, gebeurt dat op gemeentelijk niveau al regelmatig. Het toonaangevende blad Foreign Policy verklaarde onlangs dan ook dat de Duitse Brandmauer (brandmuur) begint te verbrokkelen.
Dat is tenslotte ook in Zweden gebeurd, waar andere partijen weigerden samen te werken met Zweden Democraten, een partij met neonazistische wortels. In 2016 maakte Anna Kinberg Batra, de leider van de conservatieve Moderata samlingspartiet, Zweden Democraten nog uit voor racistisch. Maar bij de laatste verkiezingen eindigde de partij als tweede en verleende ze gedoogsteun aan de vorming van een centrumrechts minderheidskabinet.
Zondebok
In Frankrijk behaalde Marine Le Pen met haar partij Rassemblement national bij zowel de presidentiële als de parlementsverkiezingen van vorig jaar de beste resultaten uit de geschiedenis. De Italiaanse premier Giorgia Meloni is van de uiterst rechtse partij Fratelli d’Italia. In Oost-Europa hebben we Hongarije, waar een de facto uiterst rechtse autocratie de macht heeft en een nog extremere partij, de Ons Vaderland-beweging (Mi Hazánk Mozgalom, MHM), stijgt in de peilingen. En vergeet Polen niet, bestuurd door een radicaal rechtse regering die momenteel de Oekraïnecrisis misbruikt om een commissie in het leven te roepen die zogenaamd de Russische invloed in het land moet onderzoeken. In de praktijk is dit niet meer dan een slap excuus om de oppositie te dwarsbomen.
Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Het lijdt geen twijfel dat uiterst rechtse partijen de groeiende economische onzekerheid en ongelijkheid graag aangrijpen om regerende partijen tot zondebok te maken. Als linkse bewegingen er beter in waren geslaagd de woede daarover naar de ware schuldigen te verleggen – zoals politici die de sociale voorzieningen uitkleden, werkgevers die slecht betaalde banen aanbieden en een financieel systeem dat de wereld in een crisis heeft gestort – dan zou uiterst rechts misschien minder aantrekkelijk zijn geweest.
Overal in de westerse wereld imiteren reguliere partijen de retoriek en het beleid van uiterst rechts in plaats van daar krachtig tegenin te gaan en een alternatieve kijk op de toekomst te bieden
Maar ook de reguliere partijen zijn medeplichtig. Trump is het monster dat is gecreëerd door dezelfde gevestigde Republikeinse orde, met haar anti-Obamaretoriek, haar islamofobie en haar op niets gebaseerde anticommunisme, die hem nu lijkt te verafschuwen. Overal in de westerse wereld imiteren reguliere partijen de retoriek en het beleid van uiterst rechts in plaats van daar krachtig tegenin te gaan en een alternatieve kijk op de toekomst te bieden. Het enige wat ze daarmee hebben bereikt is dat de fanatiekelingen worden gelegitimeerd en in staat zijn de discussie te bepalen.
We dachten te hebben geleerd van de donkerste momenten van onze geschiedenis. Maar zolang we het er niet over eens worden dat uiterst rechts opnieuw de politieke perken te buiten gaat, wachten ons nieuwe gruwelen.
Lees ook:

