Zoals wij niet de enige zijn die op afstand een editie maken, zijn we ook niet alleen in het onderwerp dat we deze keer kozen. Om niet verdwaald te raken in een misschien wel onwenselijke hoeveelheid data over ic-bedden, besmettingen, doden, wel of niet betrouwbare mondkapjes, beademingsapparatuur en andere deprimerende informatie, richten we ons liever op de kansen die deze crisis kan bieden.
Het mag misschien aandoen als een rijkeluiskeuze, en dat is het in zekere zin ook. Voor iedereen die nu vecht voor zijn leven of in andere inhumane omstandigheden verkeert, is het moeilijker fantaseren over een betere wereld.
Volgens de Italiaanse filosoof Massimo Cacciari worden we niet alleen ziek door het coronavirus, maar is de enorme gezondheidscrisis de bevestiging van ‘een onomkeerbaar proces van verval van onze instituties’ en van die van Europa. In een brief uit 2040 aan zijn eigen land fantaseert hij over hoe het beleid honderdtachtig graden keerde en de politieke machten alle zeilen hebben bijgezet.
Tomás Sedlácek, voormalig economisch adviseur van oud-president Vaclav Havel, stelt voor dat we ons, nu de wereld in apocalyptische spaarstand staat, eens flink achter de oren krabben over de vanzelfsprekendheden die opeens niet zo vanzelfsprekend blijken te zijn. Kate Andrews van The Spectator vraagt zich af of we, nu de zwakke plekken van onze geglobaliseerde economieën zijn blootgelegd, wel klaar zijn om het model op te geven dat ons zo rijk heeft gemaakt.
De Balinese traditie op haar beurt beschouwt deze mondiale stilstand als een poging van het universum een nieuw evenwicht te vinden en daarna herboren te worden, versterkt met een nieuwe ‘ziel’. En dat zijn nog maar drie stemmen die in dit onheilspellende vacuüm geruststellend over de toekomst durven filosoferen. Omdat het kan.
Katrien Gottlieb
gottlieb@360international.nl

