Veel inheemse Australiërs hebben dagelijks te maken met de trauma’s die ze van vorige generaties hebben overgeërfd. De meesten wonen in de arme wijken van Brisbane, Sydney en Melbourne. Een grondwetswijziging die hun erkenning zou moeten geven, werd weggestemd.
Blacktown wordt beschouwd als de ruigste buurt van Sydney. Deze ligt op veertig kilometer ten westen van de beroemde Harbour Bridge, ver weg van de luxe woonwijken in de zonovergoten Australische metropool. Blacktown is de thuisbasis van mensen die worstelen om voet aan de grond te krijgen in Australië – recente immigranten uit India, Afghanen die de oorlog en de taliban ontvluchten, Filippino’s die met een studentenvisum binnenkomen, onderduiken en als illegale immigranten werk aannemen dat niemand anders wil doen. Maar Blacktown is ook de thuisbasis van een andere minderheid. Het is de stad met de meeste inheemse Australiërs van het land.
In tegenstelling tot het cliché leeft ongeveer 80 procent van de inheemse Australiërs niet in de uitgestrekte outback, maar als ‘precariaat’ [mensen zonder bestaanszekerheid] in de arme wijken van de grote steden Brisbane, Sydney en Melbourne. En ook al bewonen de inheemse Australiërs dit zuidelijke continent al 65.000 jaar, ze hebben net als hun pas gearriveerde buren moeite om voet aan de grond te krijgen in het hedendaagse Australië.
In Blacktown wonen twaalfduizend inheemse Australiërs in de wijken langs Marsden Park. Verveloze houten huizen op kleine kavels met afrasteringen en hier en daar een pluk gras: de Australische versie van sociale woningbouw heeft weinig charme. Voor de huizen staan autowrakken en omgevallen winkelwagentjes. Achter het struikgewas, daar bevindt zich de stad. In een recent onderzoek zegt 70 procent van de bewoners zich niet veilig te voelen in hun eigen straat. Geen wonder dat de straten deze ochtend verlaten zijn.
Oase
The Shed vormt een oase in deze desolaatheid. Het is een ontmoetingsplaats voor mannen, gelegen op het terrein van de kerk. Tijdens kringgesprekken, die worden weggespoeld met thee, probeert maatschappelijk werker Donald Mulholland de inheemse jongens en mannen de goede weg te wijzen. Het is een lastige onderneming: de zonen van immigrantengroepen die in Blacktown een Australisch thuis hebben gevonden, hebben een band met de cultuur die ze uit hun oude land hebben meegebracht, legt Mulholland uit. ‘Hun taal, religie en het gevoel bij een etnische groep te horen, dat zijn allemaal vangrails die de meesten op het rechte pad houden.’ Maar waar andere Australische minderheden daar hun kracht uit putten, vormen ze voor de inheemse bevolking slechts een gapend gat.
Om te illustreren wat hij bedoelt, vertelt Mulholland het verhaal van zijn moeder, Rhoda Odgen. Ze werd kort na de Tweede Wereldoorlog geboren en groeide op als lid van de Gurindji, een volk in het afgelegen noordwesten van Australië. Toen ze twaalf jaar oud was, pikten leden van de witte kerkgemeente in een nabijgelegen stad haar op straat op. ‘Met haar familie ging mijn moeder jagen, sliep ze onder de sterren en baadde ze zich in beekjes. Gebruiken die de witten verachtten,’ zegt Mulholland. Zonder afscheid te kunnen nemen van haar ouders werd Odgen naar Sydney verscheept, 2700 kilometer verderop. Daar werd ze in een tehuis geplaatst dat door nonnen werd geleid.
Haar moedertaal, geloof en alles wat met haar vroegere leven te maken had, was daar taboe. Contact met familie was verboden. In plaats daarvan kreeg Odgen een rudimentaire schoolopleiding. Zoals dat ging in die tijd, moest ze weg toen ze achttien werd. ‘Een jong meisje zonder geld, familie, of plek om naartoe te gaan, alleen in de grote stad. Dat moest wel fout gaan,’ zegt Mulholland. Odgen trouwde met de eerste de beste man, een Schot. Binnen een paar jaar had ze hem vijf zonen geschonken. Toen haar man haar verliet, raakte ze aan de drank en belandde ze met haar kinderen op straat. Mulholland was negen jaar toen hij en zijn broers in een tehuis werden geplaatst. ‘Het trauma van mijn moeder straalt op mij af,’ zegt hij.
Het verhaal van Odgen is typerend. Tussen 1910 en 1970 werd ongeveer een derde van alle inheemse kinderen bij de ouders weggehaald. Dat blijkt uit een onderzoek van de overheid naar de gebeurtenissen rond de ‘gestolen generaties’, waarnaar dit duistere hoofdstuk in de Australische geschiedenis wordt genoemd. Inheemse Australiërs werden als waardeloos gezien en niet in staat geacht hun als primitief beschouwde cultuur door te geven aan hun kinderen. In plaats daarvan moesten de kinderen worden opgevoed tot volgzame werkers.
Odgens verhaal laat ook zien dat het onrecht dat de inheemse bevolking is aangedaan niet zomaar is verdwenen. De uitroeiing van de oorspronkelijke bewoners door kolonisten, de systematische vernietiging van inheemse tradities, talen en levenswijzen en de apartheidachtige rassenscheiding op sommige plekken die voortduurde tot eind jaren zestig, klinken nog steeds door in het heden. In 2023 ligt de levensverwachting van Australiërs met inheemse wortels tien jaar lager dan die van hun witte landgenoten, en de reden daarvoor moet in de geschiedenis worden gezocht. Destijds werd er opzettelijk een onderwijsarme onderklasse gecreëerd, en de nakomelingen zien hun huidige machteloosheid en hulpeloosheid als het bewijs daarvan. Velen blijven hangen in de ellende waarin ze zijn opgegroeid.
Een jonge inheemse Australiër heeft meer kans om in de gevangenis dan op de universiteit te belanden
In het mannencentrum van Mulholland zit op deze vroege warme zomerdag slechts één bezoeker. Vanwege het weerfenomeen El Niño stevent Australië af op een zomer met recordtemperaturen. Orrey Naden (36) gaat helemaal op in zijn bezigheid. Met een fijn penseel schildert hij de omtrek van een witte kangoeroe op een zwart gegrond doek. The Shed richt zich onder meer op het leren van technieken en ambachten die tot de inheemse cultuur behoren. Het helpt de jonge mannen een eigen identiteit te vormen en geeft ze een doel.
De geschiedenis van Naden is typisch voor deze buurt, blijkt uit zijn verhaal. Hij stopte met school, kreeg vier kinderen bij twee vrouwen, rookte eerst marihuana, later crystal meth en belandde uiteindelijk twee jaar in de gevangenis vanwege huiselijk geweld. Het aantal detenties onder leden van de oorspronkelijke bevolking in Australië is schrikbarend hoog. Aboriginals – zoals de leden van de bevolkingsgroepen op het vasteland worden genoemd – en Torres Strait Islanders – de bewoners van de gelijknamige eilanden tussen Australië en Papoea-Nieuw-Guinea – vormen slechts 3 procent van de Australische bevolking. Maar in de gevangenissen op het continent maken ze iets minder dan één op de drie gevangenen uit. De VN berekende in 2021 dat een jonge inheemse Australiër meer kans heeft om in de gevangenis dan op de universiteit te belanden. Meer dan de helft van de inheemse Australiërs is werkloos.
Zes maanden in een afkickkliniek hebben zijn leven gered, zegt Naden. Zijn maatschappelijk werker raadde hem The Shed aan en sindsdien komt hij hier bijna elke dag. Het lijkt misschien een beetje geforceerd dat een volwassen man grip op zijn leven probeert te krijgen door te leren speren te snijden en bundi’s – traditionele jachtknuppels – te versieren met ingebrande patronen. Toch gelooft Mulholland dat het helpt. Waar het om gaat, zegt hij, is om aboriginaliteit – een onhandige, maar wetenschappelijk correcte term – van iets positiefs te voorzien. De verhalen die inheemse Australiërs vandaag de dag aan hun kinderen en kleinkinderen vertellen, worden volgens hem gekenmerkt door verlies en zijn vreselijk negatief. Dat moet veranderen.
Terwijl de inheemsen in Blacktown hun verloren identiteit met veel moeite proberen te hervinden, is het in de rest van Australië erg hip om naar de inheemse cultuur te verwijzen. Geen sportevenement kan zonder een ‘Welcome to Country’-ritueel dat door inheemsen wordt uitgevoerd. Op de Australische scholen begint elke ouderavond met een eerbetoon aan ‘de traditionele eigenaars van het land en hun voorouders’. Gemeenschappen zoals Blacktown betalen Aboriginal-ouderen om tijdens een wekelijks koffiemomentje verhalen over hun leven te vertellen. Jongeren en schoolklassen komen graag langs om te luisteren naar de spannende verhalen uit schijnbaar vervlogen tijden.
Maar of het respect voor de inheemse Australiërs onder hun witte landgenoten inderdaad is gegroeid, valt te betwijfelen gezien de recente ontwikkelingen. Op 14 oktober stemden 17 miljoen kiesgerechtigde Australiërs in een referendum over de vraag of hun grondwet, opgesteld in 1901, gewijzigd moest worden. Tot vandaag staat er niet in dat de Aboriginals de eerste bewoners en traditionele eigenaars zijn van het continent. Er staat namelijk niet in vermeld dat Australië, toen de eerste vloot Engelse veroordeelden in 1788 aankwam, niet het ‘terra nullius’ (niemandsland) was, zoals de Britten verklaarden.
Vooringenomen
Met een ‘ja’-stem voor het referendum zou het parlement ook een adviesorgaan voor inheemse zaken krijgen. Het orgaan zou ‘The Voice’ heten en bestaan uit inheemse Australiërs. Peilingen voorafgaand aan het referendum gaven aan dat de grondwetswijziging zou mislukken, en dat is ook gebeurd. Aan de ene kant omdat de ‘ja’-campagne zwak was. Aan de andere kant schuwden de tegenstanders niet om racisme in te zetten, waarvan lange tijd werd gedacht dat het uitgestorven was. Voormalig staatssecretaris Gary Johns, een woordvoerder van het ‘nee’-kamp, riep tijdens de campagne onder applaus op om inheemse kinderen ‘op jonge leeftijd uit hun gemeenschap te verwijderen en hen een strenge culturele interventie te laten ondergaan.’ Blijkbaar willen delen van de samenleving hun vooringenomen standpunten nog altijd niet wijzigen.
The Voice was ook controversieel onder Aboriginals, als het al een onderwerp was. Het gebrek aan interesse ervoor en de gedeeltelijke afwijzing ervan waren aanvankelijk verrassend. Je zou denken dat leden van de oorspronkelijke bevolking graag hun rechten gewaarborgd willen zien. Inderdaad spraken veel prominente inheemse bewoners zich uit ten gunste van The Voice. Maar anderen waren tegen, en beweerden dat volgens dit voorstel inheemse Australiërs alle verdere aanspraken op land en herstelbetalingen zouden moeten opgeven voor een puur symbolische stemming. Veel Australiërs voelden zich slecht geïnformeerd over het referendum of hechtten geloof aan onzinslogans – inheemse Australiërs vormden hierop geen uitzondering.
In Blacktown overheersen fatalisme en apathie. Orrey Naden twijfelde of hij wel zou gaan stemmen, ondanks de stemplicht in Australië. ‘Dit maakt allemaal geen enkel verschil voor mijn leven,’ zegt hij. De drie ouderen op het koffieuurtje in het Blacktown Arts Centre zijn maar matig enthousiast. ‘Het zou best leuk zijn om in de grondwet genoemd te worden,’ zegt Uncle Wes Marne, die honderdéén jaar geleden in Queensland werd geboren. Maar, zegt hij, één stem alleen kan niet voor verandering zorgen. ‘Alleen de tijd kan dat doen, en daarvan is er nog lang niet genoeg verstreken.’
Tot slot vreest Mulholland dat het debat over The Voice meer kwaad dan goed heeft gedaan. ‘Mensen zijn er de afgelopen weken van overtuigd geraakt dat wij zwarten de macht in het land willen overnemen,’ zegt hij. ‘Daar worden we op afgerekend.’

