Opmerkelijk genoeg ontbreken op de klimaattop COP26 in Glasgow, die zondag is begonnen, veel van de landen die als eersten grote risico’s lopen door klimaatverandering. Redenen voor hun afwezigheid lopen uiteen van geldgebrek tot gebrekkige organisatie door COP26.
Eilandstaten in de Stille Oceaan spelen vaak een grote rol op VN-klimaatconferenties. De toespraken en samenwerkingsverbanden van leiders van landen die dreigen te verdwijnen onder de stijgende zeespiegel, tonen wat er daadwerkelijk op het spel staat. Om voor de hand liggende redenen dringen deze leiders ook het hardst aan op ambitieuze klimaatovereenkomsten die hun kwetsbare landen zullen beschermen. Desondanks zal een derde van de kleine eilandstaten en gebieden in de Stille Oceaan geen mensen afvaardigen naar COP26, de klimaattop die nog tot 12 november duurt, aldus Jocelyn Timperley in haar artikel voor Wired UK.
Dit is voornamelijk het gevolg van de quarantaineverplichtingen waarmee ze te maken zouden krijgen bij terugkeer naar hun grotendeels coronavrije landen. Persbureau Reuters meldde dat slechts vier leiders van deze eilanden, Fiji, Papoea-Nieuw-Guinea, Tuvalu en Palau, COP26 zullen bijwonen.
Catastrofaal
Laaggelegen eilanden in de Stille Oceaan worden geteisterd door de klimaatcrisis en dan niet alleen door stijgende temperaturen en veranderende weerpatronen, maar vooral door de stijgende zeespiegel die ertoe kan leiden dat hele landen onder water kunnen komen te staan.
COP26 wordt gezien als een evenement met een bijzonder hoge inzet omdat de conferentie de deadline markeert voor de tweede ronde van nationale klimaattoezeggingen, die om de vijf jaar worden gedaan. Het is dus een cruciaal moment voor het intensiveren van de klimaatambities. De huidige klimaattoezeggingen zullen deze eeuw voor een temperatuurstijging van 2,7 graden Celsius zorgen volgens de VN, ruim boven de doelstelling van anderhalve graad van het akkoord van Parijs, die al catastrofaal zal zijn voor veel eilanden in de Stille Oceaan.
Eilanden in de Stille Oceaan zullen weliswaar vertegenwoordigers hebben op de conferentie, maar de afwezigheid van hogere regeringsvertegenwoordigers is onwenselijk. Dit zijn overigens niet de enige belangrijke mensen die op COP26 zullen ontbreken. Covid-19-beperkingen, lange visumprocedures, stijgende hotelprijzen en veranderend quarantainebeleid hebben ervoor gezorgd dat veel potentiële afgevaardigden thuis zijn gebleven. Als gevolg hiervan hebben de plannen van COP-voorzitter Alok Sharma om van de conferentie ‘een inclusieve top’ te maken ‘waar alle stemmen worden gehoord’ een schrille bijklank gekregen.

Saleemul Huq, directeur van het International Centre for Climate Change and Development in Bangladesh, merkt op dat de meeste landen die voorheen op de rode lijst van het Verenigd Koninkrijk stonden – en wiens inwoners dus in verplichte quarantaine moesten –, de armste ontwikkelingslanden waren. Hoewel het VK nu de meeste landen van de rode lijst heeft gehaald, wat zeker heeft geholpen om de conferentie te kunnen bijwonen, ‘zullen velen het nog steeds niet halen’, zegt hij.
De warrige beslissingen van het VK met betrekking tot de rode lijst hebben het voor sommigen nog moeilijker gemaakt. Als reactie op aandringen van maatschappelijke organisaties bood het VK aan om de kosten van een verplichte vijfdaagse quarantaine volledig te dekken. Dit aanbod kwam nadat het vereiste quarantaineverblijf in hotels al eerder was teruggebracht van tien naar vijf dagen voor COP26-aanwezigen.
Toen het VK begin oktober 47 landen van de rode lijst schrapte, hadden velen al vliegtickets gekocht, en moesten ze dus alsnog vijf extra dagen accommodatie betalen ter vervanging van de quarantaineperiode. Dat zegt Alejandro Aleman, coördinator van de Latijns-Amerikaanse tak van het invloedrijke non-profitnetwerk Climate International Network (CAN).
Twee derde van de leden van Latijns-Amerikaanse organisaties die normaal gesproken zouden deelnemen, zijn er niet bij
‘Ten minste vier organisaties van CAN Latijns-Amerika die ik ken, hebben hun deelname geannuleerd omdat ze zich die extra dagen niet konden veroorloven’, zegt Aleman. Hij schat dat ongeveer twee derde van de leden van Latijns-Amerikaanse maatschappelijke organisaties die normaal gesproken zouden deelnemen aan VN-klimaatbesprekingen, er niet bij zijn bij COP26.
Dan zijn er ook nog vertragingen geweest met visa voor afgevaardigden. Maria Aguilar, advocaat bij de Colombiaanse non-profit Ambiente y Sociedad, zegt dat ze op 27 juli een visum aanvroeg om COP26 bij te wonen, dat pas op 20 oktober arriveerde, een dag voor haar vlucht. ‘Dus mijn hele planning was onzeker’, zegt ze. ‘Ik kon nog bellen en reageren omdat ik Engels spreek en een creditcard bij de hand had, maar ik kan me voorstellen dat mensen die dat allemaal niet hebben veel meer problemen ervaren.’
Een gebrek aan participatie van het maatschappelijk middenveld uit landen die kwetsbaar zijn voor klimaatverandering zal een aanzienlijke impact hebben op de resultaten van de conferentie, denkt Aleman. CAN Latijns-Amerika is bijvoorbeeld een voorstander van een vergoeding voor verlies en schade door klimaatverandering, zoals het verlies van huizen of land, tot ‘pijler van de onderhandelingen’ te maken, iets waar veel rijke landen zich krachtig tegen hebben verzet.
Begin september kwam de kritiek op COP26 tot een hoogtepunt toen CAN opriep om de conferentie uit te stellen, met het argument dat ‘een veilige, inclusieve en rechtvaardige wereldwijde klimaatconferentie’ nu onmogelijk was. De UK COP26 Coalition, die de oproep steunde, zei dat er geen tijd meer was om een ‘normale en inclusieve’ conferentie te organiseren.
Maar veel kwetsbare landen waren het daar niet mee eens en voerden aan dat COP26, die vanwege de pandemie al een jaar vertraging had opgelopen, ondanks de problemen door moest gaan. Aguilar vindt ook dat het uitstellen van COP26 geen optie was. ‘We zien al dat uitstel vanwege covid-19, waardoor klimaatactie is vertraagd, verdere schade heeft veroorzaakt’.
Rijken en machtigen
Ondertussen zijn veel van de rijkste landen met grote delegaties aanwezig op COP26. De VS, traditioneel een zeer machtige speler bij VN-besprekingen, zullen naar verluidt dertien kabinetsleden en hoge regeringsfunctionarissen sturen naast tientallen andere afgevaardigden. Volgens Politico werden de organisatoren van de conferentie overspoeld met aanvragen van rijken en machtigen die aanwezig willen zijn. ‘Mijn gevoel is dat de kloof in participatie tussen de machtige landen en de kwetsbaren groter wordt’, zegt Aleman.
De Chinese president Xi Jinping woont de conferentie niet bij, maar de leider van van ’s werelds grootste vervuiler heeft er ongetwijfeld voor gezorgd dat berichten over zijn eisen en wensen zullen worden doorgegeven. Zowel koningin Elizabeth als de paus hebben hun aanwezigheid om medische redenen geannuleerd. En de Europese Unie heeft, hoewel ze nog steeds veel afgevaardigden stuurt, de opdracht gegeven om sociale evenementen op de conferentie te vermijden vanwege het toenemende aantal coronagevallen in het VK, wereldwijd gezien het op één na hoogste aantal na de VS.
Conferenties als COP26 zijn zeker niet de enige plekken voor klimaatactie, maar er worden belangrijke beslissingen genomen en ze bieden cruciale kansen voor degenen die het meest worden getroffen door klimaatverandering om hun stem te laten horen. ‘Nu de wereld op weg is om binnen ongeveer tien jaar meer dan anderhalve graad warmer te worden, kan niemand zich het veroorloven dat de landen die het meeste risico lopen afwezig zijn’, concludeert Timperley haar artikel.

