lukas lehotsky vMQFh9rAkeU unsplash 3


Na lange tijd te zijn verguisd, is kernenergie een onontkoombaar onderdeel geworden van de wereldwijde strategie voor CO2-reductie. Wat is er veranderd, en zal dit zo blijven?

Jarenlang heeft de kernenergiesector geklaagd: Waarom houdt niemand van ons? Kernenergie is tenslotte de Atlas van de CO2-vrije energieproductie die de wereld jaar in jaar uit op zijn schouders torst met duizenden megawatturen elektriciteit waaraan geen fossiele brandstoffen te pas komen. Ook nu nog genereren kerncentrales wereldwijd meer CO2-vrije energie dan wind en zon bij elkaar.

En toch is de sector, zo luidt de klacht, genegeerd, gehaat en gemarginaliseerd. Traditionele milieuactivisten hadden geen goed woord over voor kernenergie, verzetten zich tegen de bouw van nieuwe centrales en waarschuwden voor rampzalige ongelukken. Nog in 2017 waarschuwde de Amerikaanse Sierra Club Foundation dat kernenergie een ‘grote CO2-voetafdruk’ had omdat er fossiele brandstoffen werden gebruikt om uranium voor splijtstofstaven te winnen, ook al zou diezelfde kritiek kunnen gelden voor de winning van lithium, silicium en andere mineralen voor duurzame energiebronnen. Dit soort psychologische spelletjes wekten irritatie bij voorstanders van kernenergie en maakten dat de beroepsgroep zich tegen de energiewereld keerde. ‘Kernenergie kan de wereld redden,’ mompelden ze, ‘als iemand ons de kans maar geeft.’

Hoe werden ze hun frustratie de baas? Het antwoord is dat ze, zoals bij zoveel problemen in het leven, gewoon moesten doorgaan met hun werk, in afwachting van wat komen ging.

De afgelopen tijd is kernenergie in de ogen van zowel rechts als links een onontkoombaar onderdeel geworden van de wereldwijde strategie voor CO2-reductie. Kernenergie maakt deel uit van de CO2-reductieplannen van de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en China en zal vermoedelijk een nog grotere rol gaan spelen in armere landen die hun zware energie willen behouden. Een aantal keuzes dat het afgelopen decennium is gemaakt begint nu vrucht af te werpen. Kernenergie mag zich misschien nog niet in liefde of aanbidding verheugen, maar toch tenminste in een tandenknarsende genegenheid.

Research en ontwikkeling

‘Ik denk dat je rustig kunt zeggen dat kernenergie steeds meer op voet van gelijkheid wordt behandeld,’ zegt Jackie Toth, directielid van het Good Energy Collective, een progressieve pro-nucleaire organisatie. ‘Is het een herleving of een moment van buigen of barsten? Allebei een beetje.’

De opbloei van kernenergie is merkbaar tijdens de Conferentie van de Partijen (COP), de permanente klimaatconferentie van de Verenigde Naties in Glasgow. Alleen dat erover gesproken wordt is al opmerkelijk. ‘Bij COP 25 werd ik nog gewaarschuwd dat ik niet eens hoefde te komen,’ zei Rafael Mariano, de directeur van het Internationaal Atoomenergieagentschap tegen persbureau Bloomberg News. Tijdens de conferentie van dit jaar noemden vertegenwoordigers van de Verenigde Staten, Rusland en Brazilië kernenergie allemaal een belangrijk onderdeel van hun CO2-reductiestrategie.

‘Wij zijn erg optimistisch over deze geavanceerde kernreactoren’

Inderdaad heeft de regering-Biden het Amerikaanse cohort van ‘geavanceerde nucleaire’ start-ups en hun (hopelijk) veiligere reactoren onderdeel van haar klimaatdiplomatie gemaakt. Tijdens de COP van afgelopen november kondigden de Verenigde Staten en Roemenië een partnerschap aan dat ervoor zal zorgen dat de Amerikaanse start-up NuScale, producent van fabrieksmatig vervaardigde modulaire reactoren, vijf daarvan in gesloten kolencentrales in Roemenië zal installeren. Ook dat de VS het land, dat grofweg een zevende van zijn elektriciteit uit kolen haalt, zal helpen om zijn kolencentrales tussen nu en 2032 geleidelijk te sluiten. De reactoren zullen de uitstoot van kooldioxide met 45 miljoen ton per jaar reduceren.

‘Wij zijn erg optimistisch over deze geavanceerde kernreactoren,’ zei Jennifer Granholm, de Amerikaanse minister van Energie, tegen Yahoo News. ‘We steunen die dan ook met ook een heleboel geld voor research en ontwikkeling.’

De afgelopen jaren staat ook de klimaatbeweging positiever tegenover kernenergie. In 2018 meldde de Amerikaanse Union of Concerned Scientists, die oorspronkelijk als waakhond toezag op de nucleaire veiligheid (de bezorgde wetenschappers waren kerngeleerden), dat naar verwachting meer dan een derde van de Amerikaanse kerncentrales voortijdig zou sluiten. Die centrales zouden dan waarschijnlijk worden vervangen door kolen- en gascentrales, waarschuwden de wetenschappers.

Enorme bedragen

Amerikaanse politici van beide partijen staan inmiddels zo open voor kernenergie dat ze er enorme bedragen in zijn gaan pompen. Het ministerie van Energie van de regering-Trump was zo opgewonden over geavanceerde kerntechnologie dat het een nepdatingapp maakte om die te promoten. (‘Het is lang geleden dat kernenergie op vrijersvoeten was’, zo begon de post ter aankondiging.) Het wetsvoorstel voor infrastructuur dat afgelopen november door beide partijen in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden is aangenomen reserveert 8,47 miljard dollar voor bestaande kerncentrales (inclusief een nieuwe subsidie om ze tot halverwege de jaren twintig in bedrijf te houden) en projecten voor geavanceerde kernenergie. De Build Back Better Act, Joe Bidens gigantische investeringsprogramma, voorziet in aparte nieuwe belastingvoordelen voor kerncentrales.

Dit gebeurt niet alleen maar in de Verenigde Staten. China wil de komende vijftien jaar honderdvijftig nieuwe reactoren bouwen. De Franse president Emmanuel Macron kondigde onlangs aan dat Frankrijk na een stagnatie van decennia ‘de bouw van kernreactors zal hervatten’. Volgens Bloomberg News gaat het al met al om meer reactoren dan de hele wereld sinds 1986 heeft gebouwd. En de Europese ‘groene taxonomie’, een uitgebreide regeling die specificeert welke energie-investeringen volgens de Europese Unie als ‘groen’ kunnen worden aangemerkt, zal kernenergie naar verwachting als klimaatvriendelijk classificeren.

De eerste demonstratieprojecten zullen nog wel enkele jaren op zich laten wachten

Ondertussen komen enkele Amerikaanse kernenergie-start-ups van de grond, doorgaans een tijdrovend karwei. Twee bedrijven, Terra Power en X-energy, hebben plannen ingediend bij de U.S. Nucleary Regulatory Commission, het Amerikaanse toezichtsorgaan op nucleaire activiteiten. Terra Power, gevestigd in Washington State met Bill Gates als bestuursvoorzitter, gebruikt als brandstof uranium in een container met koelvloeistof van gesmolten zout; X-energy in Maryland gebruikt in zijn reactorontwerp grafietbollen ter grootte van een biljartbal die ‘pebbles’ worden genoemd.

Mensen zoals ik horen al jaren over geavanceerde reactors zonder dat duidelijk is wat ze precies inhouden of wanneer ze klaar zullen zijn. Ze lijken zich in een griezelig tussengebied te bevinden waarin niemand nog ooit een geavanceerde reactor heeft gebouwd, terwijl de veiligheid van de technologie al regelmatig onder de loep wordt genomen. De eerste demonstratieprojecten zullen nog wel enkele jaren op zich laten wachten. Dus het lijkt onverstandig om erop te rekenen dat ze klaar zullen zijn in, zeg, 2035, wanneer Biden hoopt dat het Amerikaanse elektriciteitsnet geheel CO2-vrij zal zijn.

Huiverig

Toch is de tijd tussen concept en commercialisering in het geval van kerntechnologie ongewoon kort. Als we normaliter over een wetenschappelijke doorbraak of een nieuwe technologie horen, moeten we jaren (of decennia) wachten voordat we die op de markt zien verschijnen. Ingenieurs leren deels hoe een bepaalde technologie werkt door die te ontwikkelen, uit te testen en vervolgens geschikt te maken voor massaproductie.

Maar vanwege het risico van kernongelukken moet nucleaire technologie al officieel worden goedgekeurd voordat de plannen worden uitgevoerd. Het ontwerp voor een nieuwe reactor wordt in de VS geïnspecteerd en doorgelicht door de Nuclear Regulatory Commission. De tijd tussen de blauwdruk en de feitelijke bouw van een ‘goedgekeurde’ geavanceerde kernreactor kan heel kort zijn: binnen enkele jaren zou TerraPower of X-energy officiële goedkeuring kunnen krijgen voor zijn ontwerp, een demonstratiemodel kunnen bouwen en, gesteld dat dat werkt, zijn orderboek kunnen vullen.

Met andere woorden, kernenergie verliest haar stigma

Natuurlijk is er één ding dat kernenergie weer in het defensief kan dringen: een groot ongeluk. Rampen op Three Miles Island en in Tsjernobyl en Fukushima hebben regeringen, nutsbedrijven en investeerders huiverig gemaakt voor de technologie. Na Fukushima begon Japan met de geleidelijke sluiting van al zijn vijftig reactors, een proces waarin pas onlangs een kentering is gekomen, en Duitsland heeft plannen aangenomen om zijn CO2-vrije kerncentrales jaren eerder te sluiten dan zijn kolencentrales.

Ondertussen begint de tijd te dringen. ‘De grote stappen voor klimaatverandering en bestellingen van nutsbedrijven moeten voor 2030 zijn genomen,’ aldus Jackie Toth van het Good Energy Collective. Met name nutsbedrijven zullen snel moeten beslissen wat ze zullen bouwen om hun klimaatneutrale beloften na te komen. ‘Dat betekent dat de eerste toepassingen van geavanceerde kernreactoren in de VS uitzonderlijk succesvol zullen moeten zijn om klanten van het aardgas te laten afstappen.’

Met andere woorden, kernenergie verliest haar stigma. Ze mag aan tafel bij de getapte jongens. De pesterijen zijn voorbij. Nu moet ze zich waarmaken.

Lees ook:


Deel dit artikel


Recent verschenen