CUL 6 scaled

De Franse fotograaf Adolphe de Meyer stierf in 1946 in Los Angeles. Deels vergeten, ondanks een opmerkelijk succesvolle en invloedrijke carrière.

Adolphe de Meyer maakte naam in een tijd waarin fotografie nog moest bewijzen dat ze meer was dan een technisch hulpmiddel. Hij hoorde bij de kring rond Alfred Stieglitz, die ijverde voor erkenning van fotografie als beeldende kunst.

De Meyer wordt vooral herinnerd als pionier van de modefotografie. Hij werkte voor Vogue en later Harper’s Bazaar en paste een schilderachtige blik ook toe op portretten van de elite.
De tentoonstelling in Huis Marseille richt zich op zijn Venetiaanse jaren met een verzameling van vijfenzeventig foto’s die in 2019 werden gevonden bij een inventarisatie van de nalatenschap van de plaatselijke verzamelaar Paul Caron in de Bibliothèque municipale de Tours.

Tussen 1904 en 1909 huurden Adolphe en zijn vrouw Olga het Palazzo Balbi-Valier, een weelderig zeventiende-eeuws paleis omgeven door tuinen dat ze van een vervallen gebouw veranderden in een bruisende salon met beroemde gasten en fotografen. Balbi-Valier werd een verlengstuk van zijn studio, waar hij experimenteerde met licht, enscenering, vroege kleurenfotografie en een eigen esthetiek ontwikkelde.
Olga stond steeds model voor zijn camera. Samen bouwden ze aan een imago waarin kunst, mode en een glamoureus leven in elkaar overliepen.

De Meyers positie is lange tijd onderbelicht gebleven. Zijn zachte stijl raakte uit de mode toen fotografie scherper en moderner werd, en zijn naam verdween deels achter die van latere modefotografen.


Deel dit artikel


Recent verschenen