Chinese borduurster scaled


He Yan-xin (1939-2025) behoorde tot de laatste vrouwen die het nüshu beheersten, een schrift dat eeuwenlang in het geheim werd ontwikkeld en doorgegeven door Chinese vrouwen die onder een patriarchaal systeem leefden. Na haar overlijden in oktober 2025 bracht de Japanse krant Asahi Shimbun haar een eerbetoon.

In Jiangyong, een district in de zuidelijke Chinese provincie Hunan, werd dit bijzondere schrift uitsluitend onder vrouwen doorgegeven. He Yan-xin, een van de laatste erfgenamen van die traditie, overleed op 23 oktober 2025 op 86-jarige leeftijd. Tijdens een bezoek aan Japan in 2011 legde ze uit welke rol het schrift speelde in het leven van generaties vrouwen: ‘Door ons verdriet en onze pijn op papier te zetten, probeerden we die ten minste een beetje te verlichten.’

De oorsprong van het nüshu – letterlijk ‘vrouwenschrift’ – blijft onduidelijk. Volgens onderzoekers bestaat het uit ongeveer 450 fonetische tekens, die waarschijnlijk zijn afgeleid van Chinese karakters. Vroeger kregen vrouwen geen onderwijs. Ze konden de officiële Chinese schrijftaal niet lezen of schrijven en leefden onder een streng patriarchaal systeem.

In China sprak men van de ‘drie gehoorzaamheden’: vrouwen moesten trouwen met de man die hun ouders voor hen hadden uitgekozen, vervolgens zonen baren en uiteindelijk gehoorzamen aan hun schoonouders, hun echtgenoot en hun zoons. 

In poëzie, geschreven in het nüshu, vonden zij een manier om hun verdriet en zorgen te uiten en elkaar troost te bieden. 

Toen ze nog een kind was, schreef haar grootmoeder de tekens zingend op haar handpalm

He Yan-xin leerde het vrouwenschrift van haar grootmoeder. Toen ze nog een kind was, schreef haar grootmoeder de tekens zingend op haar handpalm. Het meisje onthield ze door ze met een tak op de grond na te tekenen. Na de oprichting van de Volksrepubliek China in 1949 kreeg ze echter regulier onderwijs en gebruikte ze het schrift jarenlang niet meer.

In 1994 werd He Yan-xin ontdekt door Orie Endo, voormalig hoogleraar aan de Bunkyo-universiteit in Japan. Endo deed veldonderzoek naar vrouwen die het nüshu nog beheersten en trof in He Yan-xin een belangrijke bewaarster van dit culturele erfgoed aan.

Aanvankelijk hield He Yan-xin vol dat ze het schrift niet meer kon schrijven. Maar nadat de Japanse onderzoekster haar vertrouwen had gewonnen – onder meer door haar naar haar grootmoeder te vragen – pakte ze uiteindelijk toch pen en papier om opnieuw de tekens op te schrijven.

Chinese en Taiwanese onderzoekers hadden haar eerder ook al bezocht, maar tegenover hen had ze steeds gezwegen. ‘Ik werkte overdag op het land en was ’s avonds bezig met wassen en naaien,’ verklaarde ze later. ‘Ik had het gewoon te druk.’

Van moeder op dochter

Door aandachtig te luisteren en oprechte belangstelling te tonen, wist Orie Endo het vertrouwen van He Yan-xin te winnen. Op verzoek van de Japanse onderzoekster, die haar jaarlijks bezocht, begon He Yan-xin vervolgens anekdotes en lange verhalen op te schrijven die ze van haar grootmoeder had geleerd en die jarenlang in haar geheugen hadden gesluimerd.

Dat bracht haar ertoe ook haar eigen levensverhaal op papier te zetten. ‘Ik kan nauwelijks in Chinese karakters schrijven, maar zodra ik het vrouwenschrift gebruik, begint mijn hand vanzelf te bewegen,’ vertelde ze. Haar leven kende immers de ene beproeving na de andere.

Haar vader werd vermoord door een grootgrondbezitter toen zij nog geen jaar oud was. Ze werd opgevoed door haar moeder, die een klein stuk land bewerkte. Dankzij de aanhoudende klachten van haar moeder en grootvader werd de moordenaar uiteindelijk gearresteerd, maar tijdens de Japanse invasie van China wist hij uit de gevangenis te ontsnappen.

Nadat haar moeder was hertrouwd, bracht He Yan-xin een deel van haar jeugd alleen door. Na de middelbare school ging ze in de stad werken. Later stemde ze tegen haar zin in met een huwelijk, vooral om haar moeder tevreden te stellen. Toen ze op haar trouwdag bij haar echtgenoot aankwam, was hij echter naar de stad vertrokken. De ceremonie ging door zonder hem.

‘Ik schrijf zoals mijn grootmoeder schreef, Met kleine tekens, terwijl ik huil’

In bittere armoede en onder een gewelddadige echtgenoot voedde He Yan-xin vier zoons en twee dochters op, terwijl ze op het land werkte. Ze had moeite om het schoolgeld van haar kinderen te betalen. Toen haar man ziek werd, verweet hij haar dat ze niet goed genoeg voor hem zorgde en daarmee zijn herstel in gevaar bracht. He Yan-xin leefde in een tijd waarin vrouwen behoefte hadden aan een eigen schrift.

Tegenwoordig promoten de lokale autoriteiten het vrouwenschrift als toeristische attractie. Nieuwe beoefenaars, die het pas later in hun leven leerden, vieren het vooral via kalligrafie. He Yan-xin bleef echter tot het einde trouw aan de oorspronkelijke traditie. ‘Ik schrijf zoals mijn grootmoeder schreef,’ zei ze. ‘Met kleine tekens, terwijl ik huil.’

In 2019 schreef ze voor Orie Endo een gedicht van 21 regels in het vrouwenschrift. Hieronder volgen de laatste vijf regels:

Op het platteland heb ik onrecht gekend
Vroeger besefte ik niet dat ik werd uitgebuit

Alsof iemand mij van achteren in het hart heeft gestoken
Het maakt niet uit dat ik gewond raak 

Het vrouwenschrift is doordrenkt van bloed en zweet

Volgens Orie Endo blijkt uit die laatste regel hoezeer He Yan-xin betreurde dat de lokale autoriteiten afstand namen van het authentieke vrouwenschrift.

De Japanse onderzoekster, die haar vorige zomer nog thuis bezocht, zegt: ‘Zelfs als het vrouwenschrift blijft voortbestaan, betekent de dood van He Yan-xin het einde van zijn oorspronkelijke functie: vrouwen troost bieden in tijden van tegenspoed.’


Deel dit artikel


Recent verschenen