Net als in 2009 kampt Europa op dit moment met meerdere crises. Inflatie, Russische dreiging en handelsoorlogen. Als 2023 net als 2009 alleen maar het oog van de storm is, welke gruwelen staan Europa dan nog te wachten?
Denk aan begin 2009. Klinkt het vertrouwd? Een strook van Europese landen vroeg zich af hoe de kachel kon blijven branden nadat Rusland de gastoevoer had afgesloten vanwege een conflict met Oekraïne. Het jaar daarvoor dreigde er nog een economische ineenstorting als gevolg van een wereldwijde crisis, maar dat leek mee te vallen. Europa vroeg zich af hoe het, zonder de interne markt de nek om te draaien, moest reageren op een gigantisch Amerikaans subsidieprogramma dat bedoeld was om autoproducenten in de VS in de watten te leggen.
De Franse president eiste een einde aan de ongebreidelde vrijhandel. Een Duitse kanselier die bezig was aan haar eerste termijn, werd ervan beschuldigd dat ze het nationaal belang liet prevaleren boven het Europese. Experts op het gebied van buitenlandse politiek braken zich het hoofd over hoe er met Rusland moest worden omgegaan nadat Moskou had geprobeerd een buurland binnen te vallen. Taylor Swift voerde de hitlijsten aan. Onder Recep Tayyip Erdogan leek Turkije steeds verder van het democratische pad te raken. Frankrijk was verlamd door stakingen.
Als 2024 ook maar enigszins lijkt op 2010, is er alle reden om de borst nat te maken
Ook al zal de geschiedenis zich misschien niet letterlijk herhalen, de kans is groot dat het weinig zal schelen.
Afgezien van de capriolen van de Franse werknemers, meneer Erdogan en mevrouw Swift – vrijwel jaarlijks terugkerende fenomenen, niet alleen in 2009 en 2023 – zouden de Europese beleidsmakkers de overeenkomsten sterk genoeg moeten vinden om de gebeurtenissen van veertien jaar geleden nog eens nauwgezet te bestuderen. En er ontnuchterende conclusies uit te trekken. Want het begin 2009 gekoesterde idee dat een ramp ternauwernood was afgewend, bleek onjuist.
Europa meende de gevolgen van een wereldwijde financiële crisis te hebben doorstaan. In werkelijkheid had het zich alleen maar door de voorloper heen geslagen van het veel grotere onheil dat de eurozone zou treffen. Achteraf bezien was begin 2009 een periode waarin wat meer preventie had kunnen voorkomen dat de EU-top jarenlang koortsachtig moest overleggen tot in de kleine uurtjes. Als 2024 ook maar enigszins lijkt op 2010, is er alle reden om de borst nat te maken.
Geen haast
Zeker is dat Europa zich wederom wentelt in zelfgenoegzaamheid. Het warme weer heeft geholpen om het gaswapen onklaar te maken waarvan Rusland had gehoopt dat het de doorslag zou geven (anders dan in 2009, toen een kort koufront een groot deel van Oost-Europa deed rillen). Een gevolg daarvan is mede dat een recessie die eerst onvermijdelijk leek, nu minder waarschijnlijk is.
Evenmin lijkt er veel haast te zijn om voortvarend op te treden in de oorlog in Oekraïne: kijk maar eens hoe lang het heeft geduurd voordat Kyiv tanks kreeg toegezegd om Rusland van zich af te slaan. Duitsland beloofde al een jaar geleden een Zeitenwende – een omslag van de tijdgeest – maar ook daar is minder van terecht gekomen dan verwacht.
Op economisch gebied wil de EU vooral een nieuwe Amerikaanse subsidielawine neutraliseren met behulp van een steunfonds voor de Europese industrie. Maar zelfs een ruwe schets van de inhoud daarvan zal nog tot de zomer op zich laten wachten. Ondertussen werd op 9 februari een nieuwe top van Europese leiders belegd, de tiende in een jaar. Ook is niet veel uitgekomen.
Een deprimerend scenario is een nieuwe variant van de eurocrisis
Als 2023 net als 2009 alleen maar het oog van de storm is, welke gruwelen staan Europa dan nog te wachten? Een deprimerend scenario is een nieuwe variant van de eurocrisis. De zwakke plekken in de muntunie, waardoor een huis-tuin-en-keukencrisis in iets veel ergers kon ontaarden, zijn na 2010 nooit echt aangepakt. De eurozone heeft nog altijd geen permanent budget om economische schokken op te vangen, of een functionerende bankenunie om te voorkomen dat een kwakkelend financieel systeem de openbare financiën besmet (al zijn de banken zelf nu veiliger).
Een uitzonderlijke pandemie leidde tot een uitzonderlijke economische terugval en als reactie daarop tot schreeuwend dure stimuleringsmaatregelen. Desondanks blijven de financiële hulpmiddelen die in de nasleep van de Griekse crisis voor de eurozone zijn ontwikkeld deels onbeproefd.
Erger is dat de pandemie de nationale regeringen met veel meer schuld heeft opgezadeld dan in 2009. De Europese Centrale Bank hielp door een heleboel Italiaanse en Spaanse obligaties op te kopen zodat deze landen goedkoop konden lenen. Maar vanwege de inflatie zal de ECB de lage rentetarieven vaarwel moeten zeggen. Een jaar geleden vroegen beleggers minder dan 2 procent rente per jaar voor leningen aan Griekenland. Nu bedraagt dat percentage meer dan 4. Het fiscaal verstandige Finland verwacht dat de kosten van zijn leningen dit jaar zullen verdrievoudigen vergeleken bij 2022.
Scheidslijn
Als het leed is geleden zullen beleidsmakers beducht zijn voor een herhaling van de eurocrisis en met ideeën komen voor het voorkomen daarvan. Maar waarschijnlijker is dat de volgende crisis zal behoren tot de categorie ‘dingen die achteraf bezien vanzelfsprekend lijken’, en die men van tevoren dus had kunnen zien aankomen. Zoals dat een isolationistische Republikein – ofwel een ideologische kloon van Donald Trump, ofwel de man zelf – volgend jaar het Witte Huis zal winnen.
Nadat het land Europa al een keer eerder heeft gewaarschuwd dat het voor zijn eigen verdediging moet betalen, zal een trumpiaans Amerika er nog minder moeite mee hebben om zijn eigen belang te laten voorgaan. Terwijl Amerikaanse groene belastingvoordelen investeringen en banen naar de overkant van de Atlantische Oceaan dreigen te zuigen, bewijst de regering-Biden lippendienst aan de Europese inspanningen. Een isolationistisch Amerika zal zelfs dat niet doen.
Of neem China. Biden probeert te voorkomen dat Europa zaken doet met zijn geopolitieke rivaal. Een minder tot diplomatie geneigde president zou misschien hetzelfde doel nastreven, maar niet schromen Europa daarbij aan zijn lot over te laten.
Er wordt nu onterecht van uitgegaan dat het ergste achter de rug is
In welke vorm de volgende crisis in Europa zich ook zal aandienen, ze zal worden verergerd door onenigheid binnen de eurozone. Na 2009 was het de door de Duitsers geleide ‘kern’ tegen de ‘periferie’ van Club Med. Ditmaal loopt de scheidslijn tussen de oostflank van het continent en de oorspronkelijke EU-leden in het westen. Polen en de Baltische staten worden steeds ongeduldiger over de behoedzame manier waarop Duitsland en Frankrijk hulp aan Oekraïne bieden. Dat ongenoegen is wederzijds, en zal nog veel erger worden als de oorlog de komende lente een wending ten gunste van Rusland neemt. Die ontwikkeling zou ook fellere meningsverschillen binnen de NAVO kunnen veroorzaken.
Europa heeft de kwestie-Oekraïne niet slecht aangepakt, zoals het ooit zo goed mogelijk de beroering na Lehman aanpakte. Maar het bereiken van complexe compromissen om crises op EU-niveau aan te pakken is over het algemeen tijdrovend, zo niet regelrecht uitputtend. De verstandigste manier is om eerst uitgebreider stil te staan bij de achtergrond van het onderhavige probleem, en dan het volgende probleem waarmee het continent te kampen kan krijgen te verhelpen. In plaats daarvan wordt er nu van uitgegaan dat het ergste achter de rug is. Bij spoorwegovergangen staat vaak de waarschuwing dat er na de ene trein nog een andere kan komen. Hetzelfde geldt voor crises.
Lees ook:

