terug naar fukushima mag geen bevel zijn

Vijf jaar na het ernstige ongeluk in de kerncentrale Fukushima Dai-ichi worstelt Japan nog met verontrustende stralingsniveaus en moeilijke evacuatieprogramma’s.

Miyako Kumamoto mist de tijd dat ze nog in Tamura, in de prefectuur Fukushima, woonde en met haar vrienden de groenten deelde die ze daar in de zuivere berglucht kweekte.

Nu, op haar drieënzeventigste, vreest ze dat ze, door het regeringsbeleid tegenover de mensen die na de kernramp van Fukushima (op 11 maart 2011) zijn geëvacueerd, straks in haar eentje op de straten van Tokio zal moeten leven. ‘De centrale overheid mag niet tegen ons zeggen dat we terug naar huis moeten gaan, of het evacuatiebevel opheffen, terwijl het gebied nog steeds in een noodsituatie verkeert,’ zei ze tijdens een manifestatie van 780 mensen in het Hibiyapark in Tokio. De demonstranten verwijten de staat dat die niet naar hen luistert en de verontrustende stralingsniveaus negeert.

Het grootste deel van Futaba heeft nog steeds de status ‘moeilijk terugkeren’

De manifestatie is georganiseerd door Hidanren, een nationale organisatie die namens de slachtoffers processen aanspant tegen de regering en de eigenaar van de centrale, Tokyo Electric Power Company. Ter gelegenheid van deze bijeenkomst heeft Hidanren aan premier Shinzo Abe gevraagd terug te komen op de aangekondigde maatregelen, omdat die erop neerkomen dat ‘de slachtoffers van de kernramp in de steek worden gelaten’. De regering wilde het bevel tot evacuatie rond de centrale van Fukushima vóór eind maart 2017 opheffen, behalve in de zones waar terugkeer ‘moeilijk’ wordt genoemd, of waar de jaarlijkse stralingsdosis nog boven de 50 millisievert is.

Inwoners van Fukushima die niet in de evacuatiezones woonden maar toch gevlucht zijn, konden gebruikmaken van gratis huisvesting die de autoriteiten van de prefectuur ter beschikking stelden. Maar die autoriteiten hebben nu besloten dat vanaf april 2017 de mensen die ‘vrijwillig’ zijn vertrokken, niet meer van dat programma gebruik kunnen maken. Volgens de bestuurders van de prefectuur Fukushima hebben zo’n 165.000 mensen in mei 2012 hun huizen verlaten vanwege de ramp. In januari 2016 waren 100.000 mensen nog steeds niet naar huis teruggekeerd. 5700 van hen verblijven in Tokio.

© Falco
© Falco

Miyako Kumamoto, die in 2007 haar man verloor, woont sinds april 2011 in een sociale huurwoning in de wijk Katsushika in Tokio. In 2003 was ze samen met haar man van Sagamihara (in de prefectuur Kanagawa) verhuisd naar Tamura, waar ze met veel plezier groenten en fruit verbouwden. Ze vindt niets zo belangrijk als koken voor vrienden en samen eten, vertelt ze. Het gebied waar ze woonde, op zo’n twintig kilometer van de centrale, werd na de kernsmelting aangewezen als evacuatiezone. Die status werd in september 2011 opgeheven en werknemers van de stad hebben sindsdien de omgeving gesaneerd.

Maar voor Miyako is de straling nog niet zwak genoeg om zich veilig te voelen. De gemeentelijke autoriteiten van Tokio hebben haar aangeraden een nieuw verzoek tot huisvesting in te dienen als ze na april 2017 in de stad wil blijven. ‘Als ik dan niet heel veel geluk heb, sta ik op straat,’ klaagt ze.

‘Maak je je daar nou nog steeds druk over (over Fukushima)?’

Yukiko Kameya, eenenzeventig jaar, leeft met haar man in de wijk Minato in Tokio, sinds ze moest vluchten uit Futaba in de prefectuur Fukushima. Het grootste deel van Futaba heeft nog steeds de status ‘moeilijk terugkeren’ – de jaarlijkse stralingsdoses zijn er hoger dan 50 millisievert. Er zijn ook plannen om van deze stad een tijdelijke opslagplaats te maken voor aarde en puin die bij de ramp radioactief besmet zijn geraakt. ‘Ik wil dat de grond in dezelfde staat wordt teruggebracht als dat hij was voor de ramp,’ zegt Yukiko Kameya.

Aki Hashimoto, zestig jaar, is uit Koriyama (prefectuur Fukushima) gekomen voor de manifestatie. Zij vertelt dat een vriend uit Tokio haar op een dag vroeg: ‘Maak je je daar nou nog steeds druk over (over Fukushima)?’ De ergernis en teleurstelling die deze vraag bij haar opriepen voelt ze nog steeds. ‘Ik wil niet dat deze kernramp vergeten wordt,’ zegt ze.

Auteurs: Miki Aoki, Mana Nagano en Jun Sato
Vertaler: Tess Visser

Asahi Shimbun
Japan | dagblad, 
oplage 11.720.000

De ‘Krant van de Rijzende Zon’, pleitbezorger van het Japanse pacifisme na de Tweede Wereldoorlog. 
3000 journalisten, verdeeld over 300 nationale kantoren en 30 in het buitenland.


Deel dit artikel


Recent verschenen