Tag: BBB

  • Der Spiegel over de BBB: ‘Opstand van normale mensen tegen politici’

    Der Spiegel over de BBB: ‘Opstand van normale mensen tegen politici’

    Der Spiegel ging langs bij Caroline van der Plas in Den Haag. Volgens het Duitse weekblad is de overwinning van de BBB bij de Provinciale Statenverkiezingen een herhaling van wat Frankrijk beleefde met de gele hesjes. ‘De regering jaagt met klimaatmaatregelen de middenklasse tegen zich in het harnas.’

    Van Deventer, dat vlak naast een deel van Nederland ligt dat ‘de Achterhoek’ heet, is het maar anderhalf uur met de trein naar de torenflats van Den Haag, waar ministers en parlementariërs werken. Maar voor Caroline van der Plas ligt tussen haar stad Deventer en Den Haag een hele wereld. ‘Intussen word ik hier door iedereen serieus genomen,’ zegt de vijfenvijftigjarige terwijl ze langs de vergaderruimtes van het parlement loopt. De vrouwen en mannen die haar in de gangen groeten, dragen pakken of mantelpakjes. Van der Plas draagt sneakers en een gebreid vest dat zo groot en pluizig is dat je het ook als plaid zou kunnen gebruiken.

    Toen Van der Plas in 2021 als enige afgevaardigde van haar partij in het parlement werd gekozen, was ze een kleine sensatie omdat ze met een tractor naar Den Haag kwam. Twee jaar later is ze uitgegroeid tot een grote sensatie. Haar partij, de BoerBurgerBeweging, ofwel BBB, haalde op 15 maart bij de verkiezingen voor de Provinciale Staten bijna 20 procent van de stemmen. Het is een succes dat door de Nederlandse media een ‘monsterzege’ genoemd wordt.

    Nieuwigheid

    Bekijkt men de zege van Van der Plas eenvoudig als een verkiezingsuitslag, dan gaat het eigenlijk om een puur Nederlandse nieuwigheid. De provinciale parlementen waarin de BBB nu haar opwachting maakt, beslissen weliswaar over de zetelverdeling in de Eerste Kamer van het Nederlands parlement (die te vergelijken is met de Duitse Bundesrat), maar het is niet alsof de Nederlanders een nieuwe premier gekozen zouden hebben.

    Alleen is de symbolische betekenis van deze verkiezingen duidelijk groter. Al maanden voert de regering een spectaculair dispuut met de Nederlandse boeren. Om de stikstofemissies tot 2030 te halveren heeft de regering van Mark Rutte besloten dat het aantal melkkoeien en mestvarkens drastisch verminderd moet worden. Dat zou voor een derde van de veeboeren het einde kunnen betekenen. Voor veel boeren klonk dat als een rechtstreekse aanval. Met hun tractoren blokkeerden ze in de afgelopen maanden steeds weer snelwegen en andere wegen, en trokken woedend op naar Den Haag.

    Begint hier de opstand van de plattelandsbevolking tegen de groene plannen van de progressieve bewoners van de grote steden?

    Het was een protest met een radicale inslag, dat wereldwijd bejubeld werd door rechtse populisten. Donald Trump bijvoorbeeld noemde de boeren ‘strijders tegen de klimaatdictatuur’. Marine Le Pen verzekerde hun van haar steun. En nu helpen de kiezers een van de prominentste woordvoerders van deze boeren aan de overwinning. Begint hier de opstand van de plattelandsbevolking tegen de groene plannen van de progressieve bewoners van de grote steden?

    Caroline van der Plas rolt geërgerd met haar ogen wanneer men haar op één lijn wil stellen met de internationale populisten van rechts. ‘Ik ontken de klimaatverandering niet, de boeren zijn toch de eersten die gemerkt hebben dat de grond steeds droger wordt,’ zegt ze. Maar ze zegt ook: ‘Veel mensen vragen zich af of het werkelijk wat uitmaakt als iedereen elektrisch rijdt. Voor velen is het belangrijkste probleem dat ze niet meer weten hoe ze hun rekeningen moeten betalen.’

    Klimaatpolitiek

    In Nederland herhaalt zich nu grotendeels wat Frankrijk al beleefde met de gele hesjes: de regering probeert duidelijke maatregelen te nemen tegen de klimaatverandering en jaagt daarmee de middenklasse tegen zich in het harnas. In Frankrijk was het een belasting op brandstof, in Nederland is het de strijd tegen de hoge stikstofuitstoot. In beide gevallen maakte de regering de indruk dat ze de sociale gevolgen van haar klimaatpolitiek niet had voorzien.

    Van der Plas zelf beschrijft haar partij zo: ‘Wij zetten ons in voor degenen die over het hoofd worden gezien omdat ze niet in de grote steden wonen.’ Het etiket ‘boerenpartij’ wijst ze af; zelf is ze journalist, geen boerin. Met de boeren kwam ze in contact omdat ze over hen schreef, onder andere voor het vakblad Pigbusiness.

    Het duidelijkste doel van Van der Plas en haar BBB is vermoedelijk om opnieuw te onderhandelen over de stikstofbeperkingen. Verder wil ze zich niet laten vastleggen op grote politieke lijnen. Ze is voorstander van een restrictievere immigratiepolitiek. Toch heeft ze in het parlement tegen een voorstel van rechts gestemd, dat helemaal geen vluchtelingen meer wil opnemen. Ze benadrukt steeds weer dat ze ‘voor de zwakken’ wil opkomen. Maar ze vindt ook dat de staat zich terughoudender moet opstellen. De BBB heeft ook degenen aangetrokken die tegen de coronamaatregelen waren.

    Nederland heeft een efficiëntiemaatschappij gecreëerd waarin de verbinding tussen staat en burger verloren is gegaan

    Van der Plas treedt aan zonder duidelijk partijprogramma, maar met haar persoonlijkheid. Zelf vat ze haar positie samen met ‘gezond verstand’, wat een beetje klinkt alsof iedereen die het niet met haar eens is, niet goed bij zijn hoofd is. Bij dat ‘gezond verstand’ hoort voor haar ook het niet te pikken dat je ‘sinds een paar jaar alles wordt voorgeschreven’. Voortdurend wordt je verteld welke grappen je nog mag maken of hoe je moet eten. ‘Voor veel mensen verandert de maatschappij te snel,’ zegt Van der Plas. Ze belooft haar kiezers niet dat ze de tijd kan stoppen, ‘maar ik luister echt naar ze’.

    De historicus René Cuperus publiceerde ruim een jaar geleden een studie die precies de kiezers beschrijft die haar BBB nu gemobiliseerd heeft. Die studie heet ‘De atlas van afgehaakt Nederland’. Cuperus zit in café De posthoorn, een paar stappen verwijderd van het regeringscentrum, waar politici elkaar graag treffen om te praten. Dit is precies de wereld die de BBB-kiezers als empathieloos en arrogant beschouwen. Met streng neoliberalisme heeft Nederland volgens hem een ‘efficiëntiemaatschappij’ gecreëerd waarin de verbinding tussen de staat en zijn burgers verloren is gegaan. ‘Er werd sterk bezuinigd op de sociale voorzieningen en de publieke infrastructuur werd afgeslankt en gecentraliseerd; dat merken vooral de mensen op het platteland aan alles,’ zegt Cuperus. En die mensen gaat het er vooral om ‘de controle terug te pakken’.

    Stoom afblazen

    Het succes van de BBB heeft volgens Cuperus zo’n groot gewicht dat het zelfs de regering ten val zou kunnen brengen. Het zijn verkiezingen geweest waarin de mensen stoom hebben afgeblazen, ze richtten zich tegen premier Mark Rutte en zijn kabinet. Tegelijkertijd ziet hij de BBB ook als een kans om de polarisering in het land tegen te gaan: ‘De BBB is een anti-establishmentpartij die verantwoordelijkheid wil nemen.’ Anders dan de rechtse populisten rond Geert Wilders en Thierry Baudet, die tot dusver de proteststemmen opvingen, heeft de BBB een constructieve pretentie. ‘En nu maar hopen dat de BBB niet wordt overgenomen door het rechtse populisme of door de agrarische lobby,’ aldus Cuperus.

    In de strijd om de stikstofreductie ziet hij ook een generatieconflict: ‘De progressieve, groene millennials in de steden interesseren zich niet voor de landbouw. De oudere mensen op het platteland zijn daarentegen bang dat ze hun paradijs zullen verliezen.’

    Een van deze paradijzen is het dorp Bathmen, ten oosten van Deventer, de stad waar Caroline van der Plas vandaan komt. Het cultureel centrum tegenover de dorpsschool biedt een cursus pilates aan, op het plein voor de bibliotheek staan een kaas- en een vishandelaar, in de hondensalon ‘Monique’ wordt juist een poedel geschoren. In deze idylle heeft Geertjan Kloosterboer zijn boerderij met 130 melkkoeien. Zijn vader was hier al boer en zijn grootvader ook. Van der Plas en Kloosterboer kennen elkaar al jaren. Samen hebben ze een vereniging opgericht met een website waar stedelingen zich kunnen aanmelden voor een bezoek bij boeren.

    Kloosterboers dieren leiden een rimpelloos bestaan in een grote stal, tussen machines die voor hen werken. Een motor aan de stalwand laat twee blauwe borstels ronddraaien, waar de koeien zich een beetje door kunnen laten krabben. Op de stalvloer schuift een schoonmaakrobot de koeienvlaaien opzij. Wanneer een koe druk voelt in de uier, gaat ze naar de melkrobot, die de spenen aansluit en begint te zuigen. In de wei komen de dieren niet, maar Kloosterboer heeft waterbedden gekocht waarop de dieren liggen als ze herkauwen.

    Exporteur

    Terwijl Kloosterboer alles met trots demonstreert, blijft steeds één vraag meespelen: waarom moeten wij boeren ons leven opgeven, terwijl alle anderen doorgaan als altijd? We zijn gewend geraakt aan te grote auto’s, we gooien te veel eten weg. Ik wil dat veranderen,’ zegt Kloosterboer.

    Intussen is de landbouw in Nederland niet zomaar een businessmodel zoals er zoveel zijn, maar een belangrijke bedrijfstak. Het land is na de VS de grootste exporteur van agrarische producten. Op minimaal oppervlak wordt maximaal geproduceerd – dat is een van de redenen waarom de stikstofemissies zoveel hoger zijn dan het Europees gemiddelde. ‘We hebben meer tijd nodig. Als ze het onmogelijke verlangen, dan weigeren mensen mee te werken.’

    ‘De kloof die de Nederlanders van elkaar scheidt,’ zegt Van der Plas, ‘is niet die tussen stad en platteland, maar die tussen normale mensen en politici.’ Daar rekent ze zichzelf nu ook toe.

    Lees ook:

  • Overal in Europa komen boeren in verweer tegen de groene agenda van de EU

    Overal in Europa komen boeren in verweer tegen de groene agenda van de EU

    Brussel heeft een groenere landbouwsector nodig om de klimaatdoelstellingen te halen. Maar Europese boeren vinden dat er te veel van hen wordt gevraagd. ‘Tegenwoordig geeft iedereen het vee de schuld van methaanproductie en vervuiling, maar ik zie dat anders.’

    De schuren en melkstallen van de boerderij van Takis Kazanas (66) vallen in het niet bij de majestueuze bergen die over de Thessalische vlakte uitsteken. Op deze groene vlakte in Noord-Griekenland wordt al duizenden jaren vee gehouden, maar nu praten instanties in Brussel over regels die ertoe zullen leiden dat boerderijen als die van Kazanas als industriële installaties worden beschouwd, vergelijkbaar met staalfabrieken of chemische industrie.

    Als die verandering van kracht wordt, zal de boerderij waar hij 300 runderen en 230 hectare land beheert met zijn vier zonen, wettelijk verplicht worden de uitstoot van broeikasgassen en het niveau van verontreiniging te verlagen. Met ambitieuze klimaatdoelstellingen voor 2030 dwingt Brussel de landbouw eindelijk om groener te worden. Kazanas vangt al biogas op uit koeienmest en in plaats van chemische mest rijdt hij zelfgemaakte mest over het land uit. ‘Dat is wat de EU wil en dat is wat ik doe,’ zegt Kazanas, die in 1986 begon met dertig runderen. ‘Tegenwoordig geeft iedereen het vee de schuld van methaanproductie en vervuiling, maar ik zie dat anders.’

    Hij is een van de vele boeren die moe worden van wat zij zien als milieuvoorschriften die worden opgelegd door een bureaucratie op 2500 kilometer afstand. De omvang van de transformatie die de Europese Commissie vraagt met haar Boer tot Bord-strategie – halvering van de hoeveelheid bestrijdingsmiddelen in 2030, vermindering van het gebruik van meststoffen, verdubbeling van de biologische productie en herbebossing van sommige landbouwgronden – zou ook in minder moeilijke tijden opmerkelijk zijn.

    Moeilijk te reguleren

    De strategie komt op het moment dat de oorlog in Oekraïne de wereldvoedselmarkt overhoop heeft gehaald en boeren geconfronteerd worden met verlaging van subsidies die worden gegeven in het kader van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB), een programma van 55 miljard euro per jaar, dat al sinds 1962 voor voedselzekerheid in Europa zorgt.

    Volgens de EU is er dringend behoefte aan milieuhervormingen in de landbouwsector. Een hoge EU-functionaris die zich bezighoudt met klimaatbeleid noemt het ‘ons probleemkind’. De sector is verantwoordelijk voor 11 procent van de totale uitstoot van broeikasgassen in de EU – een percentage dat bijna even hoog is als twintig jaar geleden.

    Stikstofoxiden in meststoffen, dierlijke urine en uitwerpselen vormen een belangrijk deel van het probleem; zware stikstofconcentraties zorgen ervoor dat invasieve planten andere soorten verdringen, wat leidt tot verlies van biodiversiteit. Maar de sector is zeer moeilijk te reguleren; de 9,1 miljoen landbouwbedrijven in de EU variëren in type en omvang, uiteenlopend van industriële bedrijven met duizenden ‘grootvee-eenheden’ – de rekeneenheid waarmee de hoeveelheid dieren in de landbouw wordt aangeduid – tot kleine boeren met een enkele wijnstok en een paar geiten. De marges zijn doorgaans zeer klein. Er zijn biologische producenten die overleven met lokale handel, maar ook varkenshouders die te maken hebben met hevige internationale concurrentie, waardoor zelfs een kleine stijging van de voederprijs de jaarwinst al teniet kan doen.

    De landbouwgrond van de EU is nu een nieuw strijdtoneel voor groene ambities geworden

    Het keerpunt voor veel landbouwers kwam na de inval van Rusland in Oekraïne, net toen de Europese Commissie de doelstellingen van de ‘Boer tot Bord’-strategie bekendmaakte. Volgens een hoge ambtenaar van de Commissie ‘veranderde het debat bijna van de ene dag op de andere’. De landbouwgrond van de EU is nu een nieuw strijdtoneel voor groene ambities geworden. Nerveuze regeringen schroeven de voorstellen van de Commissie terug onder druk van een georganiseerde, goed gefinancierde landbouwlobby die nauwe banden onderhoudt met politici.

    Zo heeft de Nederlandse regering onlangs een programma opgeschort om boerderijen te sluiten – en daardoor de uitstoot van stikstofoxide te verminderen –, nadat de ontluikende BoerBurgerBeweging (BBB) in maart de provinciale verkiezingen won, profiterend van een golf van woede tegen de plannen.

    Recentelijk hebben de regeringen van Polen en Hongarije de invoer van graan, zuivelproducten, vlees, fruit en groenten uit Oekraïne tijdelijk stopgezet omdat boeren klaagden dat de goedkope invoer van Oekraïens voedsel de prijzen drukt.

    Het groeiende verzet is een belangrijke uitdaging voor de doelstelling van de EU om de emissies tegen 2030 met 55 procent te verminderen ten opzichte van 1990, overeenkomstig internationale verplichtingen. Als Brussel er niet in slaagt de boeren mee te krijgen, kan dat een bedreiging zijn voor de belofte om tegen 2050 een nettonuluitstoot te bereiken.

    De voorstellen van de EU zijn niet passend tijdens een ‘oorlogseconomie’ waarin boeren vrij moeten kunnen produceren, zegt Christiane Lambert, medevoorzitter van de machtige EU-landbouwvakbond Copa-Cogeca. ‘Mensen die beslissingen nemen over de landbouw weten er niets van.’

    Volgens het Franse Instituut voor Gezondheid zijn boeren drie keer vaker geneigd om zelfmoord te plegen dan andere professionals

    Voor veel boeren gaat het verzet tegen de komende veranderingen over overleven. Tom Vandenkendelaere, Belgisch lid van het Europees Parlement, zegt dat de druk op de boeren ondraaglijk wordt. ‘Het gaat om het aantal beleidsmaatregelen dat hen tegelijkertijd treft. We moeten het rustiger aan doen.’ Hij zegt dat boeren die gewoon hun werk doen, zich belasterd voelen door activisten die hen ervan beschuldigen de planeet te schaden en die klimaatverandering wijten aan het eten van vlees. ‘Ze hebben het gevoel dat hun manier van leven onder vuur ligt.’

    Boeren op een Kruispunt, een onafhankelijke nonprofitorganisatie die geestelijke gezondheidszorg biedt aan boeren in Vlaanderen, zag dat 44 procent meer mensen zich aanmelden in 2022 dan in 2021. Volgens het Franse Instituut voor Gezondheid zijn boeren drie keer vaker geneigd om zelfmoord te plegen dan andere professionals. En Caroline van der Plas, leider van de BBB, zei deze maand in het Nederlandse parlement: ‘Mensen die zorgen voor ons dagelijks voedsel worden weggezet als dierenmishandelaars, gifmengers, bodemvernietigers en milieuvervuilers.’

    Maar EU-beleidsmakers stellen dat de maatregelen op lange termijn juist in het belang van de boeren zijn. De stijging van de gasprijzen heeft de kosten van meststoffen en chemicaliën opgedreven. Decennia aan intensieve landbouw hebben voedingsstoffen in de bodem uitgeput, zodat meer moet worden gebruikt om dezelfde productie te bereiken. ‘Het idee “óf meer natuur, óf meer voedsel” is een mythe,’ zegt een EU-functionaris. ‘De belangrijkste fundamentele bedreigingen voor de voedselzekerheid zijn klimaatverandering en verlies van biodiversiteit.’

    Virginijus Sinkevičius, de EU-commissaris voor milieu en visserij, is het daarmee eens. ‘Wat voor mij heel belangrijk is, is dat mensen begrijpen dat de milieuvoorstellen nooit gericht zijn tegen de landbouwbedrijven. Ze zijn er juist voor de bedrijven, want zonder natuur is landbouw niet mogelijk.’ En, voegt hij eraan toe, ‘ze vormen weliswaar een aanzienlijke verandering voor onze landbouwers, maar het is onvermijdelijk dat ze een deel van de oplossing zijn. Allicht gebeurt dat niet van de ene op de andere dag.’ Een sector die nu al het gevoel heeft met de rug tegen de muur te staan, zal inderdaad waarschijnlijk niet makkelijk toegeven.

    Klem tussen milieueisen en lage prijzen

    Het aantal landbouwbedrijven in de EU is sinds 2005 met meer dan een derde gekrompen. Terwijl het gemiddelde landbouwbedrijf groter is geworden, is het agrarisch inkomen constant laag gebleven, schommelend rond de 20.000 euro per persoon.

    Bram van Hecke, die werkt op het melkveebedrijf van zijn familie in de buurt van het Belgische Oostende, zegt dat hij, zijn vader en zijn broers het gevoel hebben klem te zitten tussen de milieueisen van politici en de eisen van supermarkten die niet méér willen betalen. ‘Als je naar een bank gaat en zegt te willen investeren maar dat je inkomsten zullen halveren, geven ze je geen lening,’ zegt hij. ‘Meer produceren is haalbaar, terwijl extreem milieubewust zijn je bedrijf kan schaden.’

    Van Hecke, die tevens hoofd is van de Groene Kring, een Vlaamse groep van jonge landbouwers, zegt dat een EU-richtlijn om de stikstofvervuiling aan te pakken zijn bedrijf jaarlijks 10.000 tot 15.000 euro kost. Deze maatregel verplicht landbouwers om met GPS de verspreiding van stalmest te registreren en schrijft voor dat ze niet binnen 5 meter van water mogen boeren. ‘De gemiddelde grondprijs in Vlaanderen is 63.000 euro per hectare en we verliezen ongeveer 4 hectare door deze nitraatrichtlijn. Reken maar uit. De regering kondigt aan onze kosten te zullen verhogen, maar heeft geen plannen om ons inkomen te helpen verhogen.’

    ‘In sommige regio’s, zoals Nederland en Vlaanderen, is de ecologische voetafdruk van de landbouw te groot’

    Op macroniveau klopt dat. Volgens agronomen worden delen van Europa te intensief bebouwd. In 2021 exporteerde de EU voor 197 miljard euro aan landbouwproducten naar landen als China en importeerde zij voor 150 miljard euro: een overschot van 47 miljard euro.

    Krijn Poppe, een Nederlandse landbouweconoom, is voorstander van herbezinning. ‘Export mag niet ten koste gaan van klimaat en natuur,’ zegt hij. ‘In sommige regio’s, zoals Nederland en Vlaanderen, is de ecologische voetafdruk van de landbouw te groot.’ Burgers in deze ‘stadstaten’, zoals hij ze noemt, hebben ook behoefte aan recreatiegebieden, natuurgebieden, schoon water, woningen en vervoer. Het antwoord, zegt Poppe, is terugkeer naar de tijd waarin consumenten hogere prijzen betaalden voor minder intensief geproduceerd voedsel. ‘In de jaren tachtig consumeerden Nederlanders minder eiwitten; 40 procent van het voedsel was dierlijk en 60 procent plantaardig. Nu eten we meer en is de verhouding eiwitten-plantaardig omgedraaid naar 60-40.’

    Volgens Poppe zullen sommige landbouwbedrijven onvermijdelijk verdwijnen omdat veel bedrijven te klein zijn om te concurreren. ‘Een econoom die kijkt naar het totale welzijn ziet waarschijnlijk geen probleem,’ voegt hij eraan toe, ‘maar een politicus die de banen van boeren wil beschermen, zal daar negatiever over denken.’

    Existentieel moment

    Geen wonder dat boeren dit zelf als een existentieel moment zien. Volgens de Sloveen Franc Bogovič, fruitteler en lid van het Europees Parlement, zou het plan om het gebruik van pesticiden tegen 2030 met 50 procent te verminderen – een van de doelstellingen van een fel betwiste richtlijn waarover EU-wetgevers momenteel onderhandelen – een groot deel van zijn productie wegvagen. ‘Ik zit al vele jaren in deze sector en ik heb nog nooit zo’n groot bezwaar gehad tegen een beleidsvoorstel,’ zegt hij.

    Hij is vooral ontstemd over het feit dat deze nieuwe verordeningen komen nadat in januari een grootschalige herziening van het Gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) ter bevordering van groenere productie in werking is getreden. Het GLB, dat landbouwers subsidieert, is in de loop der jaren gekrompen en steeds meer geld gaat naar milieuprojecten en nevenbedrijven in plaats van naar voedselproductie. ‘Ze proberen verder te gaan dan het beleid dat pas dit jaar van start is gegaan,’ zegt hij. ‘Mensen zijn bang voor hun toekomst. Ze komen in grote problemen als ze hun wijngaarden, boomgaarden of vleesproductie moeten inkrimpen, die ze vijf jaar geleden met leningen hebben gefinancierd. Je hebt twintig jaar nodig om daarmee je geld terug te verdienen.’

    ‘Boeren vragen zich af: “Waarom haat Brussel ons?”’

    Ondanks het verzet heeft Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, het tempo van de beleidsvorming sinds het uitbreken van de oorlog in Oekraïne niet vertraagd. ‘Boeren vragen zich af: “Waarom haat Brussel ons?”,’ zegt Vandenkendelaere. Eén theorie is dat Von der Leyen steun nodig heeft van de Grünen in de Duitse coalitie om haar tweede termijn veilig te stellen. Een andere theorie is dat ze vindt dat landbouw – vooral de veeteelt – de planeet schaadt.

    ANP 467842947 1
    In de Sloveense hoofdstad Ljubljana protesteerden op 25 april duizenden boeren met zo’n 1500 tractoren tegen de milieurestricties voor de landbouw die de Sloveense regering van plan is in te voeren. – © Ales Beno / Anadolu Agency

    EU-doelstellingen Van Boer tot Bord

    – Gebruik van chemische en gevaarlijke pesticiden met 50 procent verminderen tegen 2030.

    – 20 procent minder meststoffen gebruiken tegen 2030.

    – Verkoop van antimicrobiële stoffen voor vee en aquacultuur verminderen met 50 procent.

    – De hoeveelheid land bestemd voor biologische landbouw verhogen van 9,1 procent in 2020 tot 25 procent in 2030.

    – Grotere veehouderijen verplichten zich aan de regelgeving te houden voor schone lucht en schoon water, die geldt voor de zware industrie.

    ‘De Commissie is ervan overtuigd dat de overgang naar een veerkrachtige en duurzame landbouwsector – in overeenstemming met de Europese groene ambities, de Boer tot Bord-strategie en strategieën voor biodiversiteit – van fundamenteel belang is voor de voedselzekerheid,’ zegt Eric Mamer, woordvoerder van Von der Leyen. Hij weigert te bevestigen of zij zelf rood vlees of zuivelproducten gebruikt. ‘De persoonlijke voedingskeuzes van de voorzitter zijn niet van invloed op de voorstellen van de commissie,’ zegt hij.

    Brussel heeft enkele veranderingen doorgevoerd sinds de oorlog in Oekraïne begon. Zo mogen boeren nu gewassen planten voor diervoeder op de 10 procent van de grond die normaal gesproken onbebouwd moet blijven om te herstellen – een regel die als voorwaarde geldt om subsidie te kunnen krijgen. Ook zijn de regels aangaande wisselbouw opgeschort.

    Maar het zijn de nationale regeringen die op de rem hebben getrapt. De voorstellen van de Europese Commissie kunnen door de zevenentwintig lidstaten worden gewijzigd, en punt voor punt werden de ambities afgezwakt.

    Het voornemen tot algemene vermindering van pesticiden is teruggestuurd naar de Commissie met het verzoek tot een nieuwe effectbeoordeling. Ministers klagen dat in plaats van rekening te houden met de uitgangspositie van elk land, aan iedereen dezelfde evenredige vermindering wordt opgelegd. Nederland, dat bijvoorbeeld al veel meer pesticiden gebruikt dan Polen, zou het gebruik bijvoorbeeld niet hoeven te veranderen. Er wordt ook bezwaar gemaakt tegen plannen om alleen rekening te houden met de hoeveelheid gebruikte chemicaliën en niet met de giftigheid ervan.

    Volgens sommigen is afkopen de beste manier om met tegenstand om te gaan

    Wat betreft herziening van de richtlijn industriële emissies (grotere veehouderijen worden verplicht te voldoen aan voorschriften voor schone lucht en schoon water die ook gelden voor de zware industrie) erkende de Commissie in februari dat zij vorig jaar bij de lancering van het voorstel verkeerde cijfers heeft gebruikt.

    De drempel voor naleving werd gesteld voor varkens-, pluimvee- en rundveebedrijven met ten minste 150 grootvee-eenheden, met de bewering dat daarmee slechts 13 procent van de Europese commerciële bedrijven zou worden getroffen. Die berekeningen waren echter gebaseerd op bedrijfsgegevens uit 2016. Toen de berekening opnieuw werd gemaakt met gegevens uit 2020, bleek dat zes op de tien pluimvee- en varkensbedrijven eronder zouden vallen.

    Een voorstel voor wettelijk bindende doelstellingen om daarmee de verslechtering van het milieu aan te pakken – vorig jaar voorgesteld als onderdeel van de Boer tot Bord-strategie – stuit op verzet omdat het onvermijdelijk zal leiden tot het verlies van landbouwgrond. Sommige gedraineerde veengronden zouden bijvoorbeeld opnieuw doorweekt raken. Het doel is om tegen 2030 maatregelen voor natuurherstel te hebben voor ten minste 20 procent van het land en de zee binnen de EU.

    Afzonderlijke wetgeving om ontbossing terug te dringen stuitte vorig jaar op verzet in landen als Zweden en Finland – voor hen werd een uitzondering gemaakt zodat ze de exploitatie van plantages voort kunnen zetten.

    In juni is het tijd voor het laatste deel van het Boer tot Bord-pakket; de wetgeving die landen gaat verplichten om de staat van hun bodem te controleren en te verbeteren. Zo’n zestien EU-ministers van Landbouw hebben in januari een brief aan Brussel ondertekend waarin ze zich erover beklagen dat dat beleid kan leiden tot ‘opoffering van land- en bosbouwgrond in de Unie’. ‘Dat zal zeer waarschijnlijk negatieve gevolgen hebben voor de voedselzekerheid, de toevoer van hernieuwbare grondstoffen (voor houtbouw of de bio-economie) en van hernieuwbare energiebronnen, zoals lokaal beschikbare biomassa’, aldus de brief.

    Afkoop

    Volgens sommigen is afkopen de beste manier om met tegenstand om te gaan. EU-landbouwcommissaris Janusz Wojciechowski deed al een oproep tot meer GLB-financiering omdat de inflatie – die vorig jaar in de eurozone bijna 10 procent bereikte – de reële waarde ervan heeft uitgehold. Het GLB ‘bedraagt slechts 0,4 procent van het bruto binnenlands product van de EU om voedselzekerheid, milieuveiligheid en klimaatzekerheid te garanderen,’ stelt hij.

    De particuliere sector is het daarmee eens. FoodDrinkEurope, dat fabrikanten vertegenwoordigt, heeft Von der Leyen opgeroepen een deel van de miljarden aan subsidies voor de groene transitie naar landbouw over te hevelen. ‘De EU-strategie Boer tot Bord beschikt niet over voldoende middelen en is niet toegerust voor de huidige marktrealiteit en de toekomstige druk,’ aldus de organisatie. Verschillende regeringen hebben eenzelfde oproep gedaan en wijzen erop dat de gestegen rente de prijs van noodzakelijke investeringen heeft opgedreven.

    Terug naar Griekenland, waar Georgios Georgantas, de Griekse landbouwminister, zegt dat boeren zoals Kazanas steun nodig hebben om Europa te kunnen blijven voeden. Aangezien klimaatverandering al gevolgen heeft voor de opbrengsten, ‘moeten we de landbouw op het huidige niveau houden’, zegt hij, ‘of zelfs uitbreiden.’

    Om dat te bereiken heeft Athene een fonds van 525 miljoen euro in het leven geroepen om jongeren te stimuleren in de landbouw te stappen. ‘De groene transitie is noodzakelijk voor de EU, maar dit zet landbouwers onder druk,’ zegt Georgantas. ‘Andere sectoren krijgen steun – ook de boeren hebben daar behoefte aan.’

    Lees ook: