Tag: constructief

  • ‘Journalistiek is 
toe aan verandering’

    ‘Journalistiek is 
toe aan verandering’

    Ulrik Haagerup, voormalig directeur informatieve programma’s van de Deense publieke omroep, vindt dat de journalistiek toe is aan verandering. ‘Traditionele media vertellen een deprimerend verhaal. Het wekt wantrouwen en apathie op.’

    Le Temps: De digitale revolutie heeft de media-wereld op zijn kop gezet. U hebt gezegd dat de journalistiek in een crisis verkeert.

    Ulrik Haagerup: ‘De economische basis van de pers kalft af. Maar dat is niet het enige probleem waarmee de journalistiek te kampen heeft. De mensen hebben geen vertrouwen meer in ons. Ze geloven niet meer in de berichtgeving van de media. Tegelijkertijd neemt ook het vertrouwen in ons politieke systeem af, het populisme viert hoogtij, de angst neemt toe en er is een groeiende kloof tussen de 
werkelijkheid en de perceptie van die werkelijkheid bij de burgers. Verandering is dan ook onontkoombaar. Maar die verandering moet niet alleen van de anderen komen.’

    Moet de verandering van de journalisten komen?

    ‘Als journalisten doen we erg ons best om aan politici uit te leggen dat zij verantwoordelijk zijn voor de crisis waarin de democratie zich bevindt en dat zij moeten veranderen. Maar we moeten ook zelf in de spiegel kijken en opnieuw nadenken over de fundamenten van de journalistiek. Er is een reëel probleem met de manier waarop wij het vak uitoefenen. Constructieve journalistiek is een manier om met andere ogen naar het vak te kijken, zonder de basisprincipes van goede, evenwichtige en kritische journalistiek geweld aan te doen. Deze manier van journalistiek bedrijven kan ons een nieuwe rol geven in een tijd waarin de media zwaar onder vuur liggen.’

    Kunt u een voorbeeld geven van de crisis waarin de journalistiek zich bevindt?

    ‘Een Amerikaanse sportschoolketen heeft pas geleden aangekondigd dat ze televisies in de trainingsruimtes gaan verbieden; het bedrijf vindt dat het niet bij een gezonde levensstijl past om naar nieuws op 
tv te kijken. Wij hebben altijd geleerd dat een verantwoordelijke burger de krant leest, op de hoogte blijft van het nieuws, zowel lokaal als nationaal als 
internationaal. Vorig jaar heeft het Reuters Institute for the Study of Journalism van de Universiteit van Oxford een enquête gehouden onder miljoenen mensen die besloten hebben de traditionele nieuwsmedia links te laten liggen. Van de ondervraagden denkt 48 procent dat het een negatieve invloed heeft op hun geestelijk welzijn als ze het nieuws volgen; 37 procent zegt geen vertrouwen te hebben in de media en 28 procent denkt dat er toch niets aan alle problemen te doen is. Vooral jongeren en vrouwen vinden het verhaal dat de traditionele media vertellen deprimerend. Het wekt wantrouwen en apathie op.’

    ‘De mensen hebben het gevoel dat de wereld er veel slechter aan toe is dan eigenlijk het geval is’

    Waar zit het probleem in?

    ‘Zelfs de serieuze media zijn de wereld gaan filteren naar hun eigen opvattingen, en hebben zo een kloof geschapen tussen de werkelijkheid en de perceptie van die werkelijkheid bij het publiek. De mensen hebben het gevoel dat de wereld er veel slechter aan toe is dan eigenlijk het geval is. In die context is de constructieve journalistiek meer nodig dan ooit, gezien de gebeurtenissen rond president Trump en de Brexit.’

    Hoe zou de journalistiek met Trump moeten omgaan?

    ‘Hoe het komt dat Trump is gekozen, blijft voor een deel een raadsel. Maar duidelijk is dat hij heeft geprofiteerd van een ongekende gratis media-aandacht. Geen enkele presidentskandidaat heeft zo veel aandacht van de media gekregen. De reden daarvoor? Donald Trump wist in te spelen op de behoeften 
van de media. Elke keer als hij zijn mond opendoet, roept hij een controverse op. Hij maakt heel efficiënt en beter dan wie ook gebruik van de sociale media. Doordat hij zo buitensporig is, zijn zelfs de 
zogenaamd serieuze media in zijn ban geraakt.’

    Is de constructieve journalistiek een antwoord 
op Donald Trump?

    ‘Nee. Dit is geen anti-Trump-beweging. Wel is de verkiezing van Trump symbolisch voor wat de 
journalistiek oplevert wanneer ze alleen de uitersten belicht, wanneer ze voorrang geeft aan simplistische boodschappen, aan een zwart-witbeeld van de wereld. De wereld is complex. Als de media de indruk geven dat de wereld op instorten staat, moet je niet verbaasd staan dat de mensen zich zorgen maken, dat ze bang zijn hun baan te verliezen en denken 
dat er meer criminaliteit is dan ooit. In zo’n context is het voor een kandidaat gemakkelijk om te zeggen dat hij de oplossing heeft.’

    Zijn de media hiervoor verantwoordelijk?

    ‘Door de manier waarop zij de actualiteit filteren, effenen ze het pad voor figuren als Donald Trump. Wij vertellen alleen wat niet goed gaat. Dat wil 
niet zeggen dat we liegen, maar we schetsen geen compleet beeld van de werkelijkheid. Want de werkelijkheid van deze planeet is nog nooit zo positief geweest. De criminaliteit neemt af, het aantal 
verkeersongelukken is gedaald. In de geschiedenis van de mensheid zijn er nooit eerder zo weinig doden als gevolg van oorlog gevallen, en dat zelfs ondanks de tragedie in Syrië. Maar de mensen weten dat niet. Zij denken dat het juist van kwaad tot erger gaat. Of als ze gaan stemmen, baseren ze zich niet 
op de feiten, maar op wat zij dénken van de feiten.

    Daarom doen veel kandidaten in politieke functies geen moeite meer om de feiten te presenteren. Ze brengen alleen de perceptie over die zij het publiek willen inprenten. Die verschuiving grijpt steeds verder om zich heen en is heel gevaarlijk voor de democratie en de journalistiek. Zo wordt het falen van de journalisten zichtbaar. Carl Bernstein, een van de twee Washington Post-onderzoeksjournalisten in het Watergateschandaal, heeft eens tegen me gezegd: “Journalistiek is op zoek gaan naar de versie die het dichtst bij de waarheid komt, en die aan het publiek presenteren.” Het is tijd om de mediacultuur te veranderen.’

    Ulrik Haagerup schreef het boek Constructive News: How to Save the Media and Democracy with Journalism of Tomorrow en is directeur en medeoprichter van het Constructive Institute, ofwel het instituut voor constructieve journalistiek, in het Deense Aarhus.
    Ulrik Haagerup schreef het boek Constructive News: How to Save the Media and Democracy with Journalism of Tomorrow en is directeur en medeoprichter van het Constructive Institute, ofwel het instituut voor constructieve journalistiek, in het Deense Aarhus.

    Maak je de werkelijkheid niet mooier dan ze is, 
als je alleen maar goed nieuws brengt?

    ‘Constructieve journalistiek wil niet een soort Noord-Koreaanse journalistiek bedrijven. Het gaat erom 
dat we andere invalshoeken kiezen en ons op de 
toekomst richten in plaats van op het verleden. 
De journalistiek moet proberen een inspiratiebron 
te zijn. Onze taak als journalisten is om meer mensen bij het debat te betrekken, zodat we samen oplossingen kunnen vinden. Journalisten moeten daarin de rol van bemiddelaar en facilitator spelen.’

    Kan constructieve journalistiek wel samengaan met onderzoeksjournalistiek die de werkelijke zwaktes van de macht wil blootleggen?

    ‘David Boardman, de vroegere hoofdredacteur van de Seattle Times en de vader van de onderzoeksjournalistiek, drukte dat heel goed uit tijdens onze 
grote conferentie vorig najaar in Aarhus. Hij zei: 
‘De constructieve journalistiek sluit de cirkel van 
de onderzoeksjournalistiek.” Hij bedoelde dat 
journalistiek een tweerichtingsproces is dat de samenleving helpt zichzelf te corrigeren. Ja, het is ons werk om vraagtekens te plaatsen bij de macht, 
om aan te tonen waar die niet goed functioneert. Maar tot nu toe dachten wij meestal dat goede 
journalistiek ging om het opsporen van nieuwe 
problemen, zonder dat wij ons bezig hoefden te houden met de vraag hoe die opgelost moesten worden. Die leemte probeert constructieve 
journalistiek op te vullen.’

    Wat is het doel van het Constructive Institute waarvan u aan het hoofd staat?

    ‘Ons doel is even ambitieus als naïef. We willen in vijf jaar tijd de mondiale informatiecultuur veranderen. Dat het vertrouwen in de media is verdwenen is zo ernstig en gevaarlijk voor de democratie dat we geen vijf jaar meer kunnen afwachten. Willen journalisten gerespecteerd worden door de samenleving, dan moeten ze weten waar ze over praten. Dat vraagt om journalisten die hun eigen belangen ondergeschikt maken aan het gemeenschappelijk belang. Het is niet de roeping van de journalist om verhalen te 
verkopen aan adverteerders. En ook niet om een 
activist te zijn die probeert de manier waarop mensen denken te beïnvloeden.’

    U was bij een persontmoeting van de VN. Welke indruk hebt u daaraan overgehouden?

    ‘De VN vervullen een enorme taak, maar de communicatiecultuur tussen de woordvoerders van de VN 
en de internationale pers concentreert zich op wat de journalisten aan hun redactie kunnen ‘verkopen’: dramatische gebeurtenissen en voortdurende problemen. Het gevolg: de mensen over de hele wereld krijgen telkens weer het idee dat alles van kwaad 
tot erger gaat. We moeten de Bermudadriehoek van het populisme veranderen: politici, deskundigen en 
journalisten moeten een genuanceerd, realistisch en onderbouwd beeld geven van de werkelijkheid, om burgers te helpen de weg te vinden in onze bedreigde democratieën.’

    Het economische model van de pers staat zwaar onder druk. Hoe moeten de media gefinancierd worden?

    ‘Als Europeaan heb ik me grote zorgen gemaakt over het referendum van 4 maart in Zwitserland over de publieke omroep. Dat de Zwitsers, enigszins uit onwetendheid, ervoor konden kiezen om die vorm van journalistiek, de publieke omroep, af te schaffen, was heel gevaarlijk voor de cohesie van het land. Die cohesie heeft een prijs. Ik zeg niet dat de publieke omroep niet kan veranderen, dat je er geen kritiek op kunt hebben. Maar het was naïef om te denken dat de markt, Facebook en Google het Zwitserse publiek, ook op het platteland, even goed zouden kunnen informeren.’

    Auteur: Stéphane Bussard

    Le Temps
    Zwitserland | dagblad | oplage 49.000

    Rechts van het midden, populair bij leidinggevenden, krant voor Franstalige Zwitsers.

    CONTEXT: Referendum Omroepbijdrage

    De Zwitsers blijven een bijdrage betalen voor hun publieke omroep; bij een referendum stemde 71 procent tegen het voorstel om de Billagomroepbijdrage [genoemd naar het bedrijf dat de gelden incasseert, Billag ] af te schaffen. Elk huishouden in Zwitserland betaalt ongerekend zo’n 390euro per jaar voor de publieke omroep. Het voorstel kreeg warme bijval in het Italiaanssprekende kanton Tessin. In de Duits- en Franssprekende landsdelen was het enthousiasme een stuk minder. Weliswaar zijn de Zwitsers het erover eens dat de publieke omroep het wel wat zuiniger aan moet doen en dat een bijdrage voor de publieke omroep niet meer van deze tijd is, vooral door de opkomst van streamingdiensten als Netflix, maar een meerderheid vindt dat in alle taalgebieden programma’s van dezelfde kwaliteit moeten worden uitgezonden, waarvoor alleen de publieke omroep garant kan staan; 68 procent vreesde in de nieuwsvoorziening al te afhankelijk te worden van omroepen die geheel door het bedrijfsleven
    worden gesponsord.