Tag: desinformatie

  • AI-chatbots zijn het nieuwste wapen in de strijd tegen complottheorieën

    AI-chatbots zijn het nieuwste wapen in de strijd tegen complottheorieën

    AI kan grote hoeveelheden gegevens analyseren en antwoorden afstemmen op een specifiek doel. Hierdoor kan het desinformatie verspreiden, maar chatbots kunnen nu ook patronen in nepnieuws herkennen en effectieve strategieën ontwikkelen om het tegen te gaan.

    Het internet maakt het makkelijker dan ooit om complottheorieën op te doen en te verspreiden. En al zijn sommige onschuldig, andere kunnen zeer schadelijk zijn, doordat ze onenigheid zaaien en zelfs leiden tot onnodige sterfgevallen. Nu denken onderzoekers een nieuw hulpmiddel te hebben ontwikkeld om valse complottheorieën te bestrijden: AI-chatbots. Onderzoekers van MIT Sloan en Cornell University ontdekten dat chatten over een complottheorie met een groot taalmodel (LLM) het geloof van mensen erin met ongeveer 20 procent deed afnemen, zelfs bij deelnemers die wat zij geloofden belangrijk zeiden te vinden voor hun identiteit. Het onderzoek werd recentelijk gepubliceerd in het tijdschrift Science

    De bevindingen kunnen een belangrijke stap voorwaarts betekenen om mensen die zulke ongefundeerde theorieën aanhangen te bereiken en tot zinnen te brengen, zegt Yunhao (Jerry) Zhang, een postdoc die is verbonden aan het Psychology of Technology Institute en daar de invloed van AI op de samenleving bestudeert.

    Grondleggers AI

    De Nobelprijs voor Natuurkunde is dit jaar door de Amerikaan John Hopfield en de Canadees Geoffrey Hinton gewonnen. Hun ontdekkingen hebben zelflerende machines mogelijk gemaakt en zijn essentieel geweest voor de ontwikkeling van AI-systemen zoals ChatGPT.

    Het Nobelcomité benoemt dat de doorbraken op het gebied van machinaal leren van Hopfield en Hinton een volledig nieuwe manier laten zien waarop we computers kunnen gebruiken om ons te helpen en te begeleiden bij het aanpakken van veel van de uitdagingen waar onze maatschappij voor staat, schrijft The New York Times.

    Er zijn maar weinig methoden die aantoonbaar invloed hebben op de denkwijze van complottaanhangers, zegt Thomas Costello, onderzoeker aan MIT Sloan en hoofdauteur van de studie. Wat het onder andere zo moeilijk maakt, is dat verschillende mensen vasthouden aan verschillende gedeelten van een theorie. Dat betekent dat het aanvoeren van bepaalde stukjes feitelijk bewijs weliswaar effect op de een heeft, maar bij een ander niet altijd werkt.

    Hier komen AI-modellen in het spel, zegt hij. ‘Ze hebben toegang tot een enorme hoeveelheid informatie over diverse onderwerpen en zijn getraind op het internet. Daarom zijn ze in staat feitelijke tegenargumenten te genereren tegen specifieke complottheorieën.’

    AI-modellen zijn in staat feitelijke tegenargumenten te genereren tegen specifieke complottheorieën

    Aan deelnemers werd gevraagd informatie te delen over een complottheorie die zij geloofwaardig vonden. Waarom werden ze erdoor aangetrokken? Door welke bewijzen werd de theorie volgens hen gestaafd? De antwoorden werden gebruikt om steeds de meest toepasselijke reactie van de chatbot uit te lokken, die door de onderzoekers werd ingesteld om zo overtuigend mogelijk te zijn. 

    De deelnemers werd ook gevraagd hoezeer ze overtuigd waren van de juistheid van hun complottheorie op een schaal van 0 (beslist onjuist) tot 100 (beslist juist), en vervolgens aan te geven hoe belangrijk de theorie was voor hun begrip van de wereld. Daarna traden ze in drie rondes in gesprek met de AI-bot. Er werd door de onderzoekers voor drie rondes gekozen om er zeker van te zijn dat ze genoeg zinnig materiaal verzamelden.

    Na ieder gesprek werd aan de deelnemers opnieuw gevraagd hun vertrouwen in de theorie aan te geven. Vervolgens benaderden de onderzoekers alle deelnemers tien dagen na het experiment, en twee maanden later nog eens, om te beoordelen of hun inzichten na het gesprek met de AI-bot waren veranderd. De deelnemers gaven aan gemiddeld 20 procent minder geloof te hechten aan de door hen gekozen complottheorie, waaruit geconcludeerd kan worden dat sommigen na hun gesprekken met de bot fundamenteel van mening waren veranderd. 

    Yuval Noah Harari waarschuwt voor gevaren

    In zijn nieuwste boek Nexus: A Brief History of Information Networks from the Stone Age to AI waarschuwt Harrari voor de negatieve kant van kunstmatige intelligentie. De auteur van de bestseller Sapiens waarschuwt voor de verraderlijke gevaren van machinaal leren en het vermogen om de waarheid te manipuleren. ‘Het enge aan de AI-revolutie is dat er voor het eerst gereedschap is ontwikkeld dat in staat is om zelf beslissingen te nemen en ideeën te genereren’, aldus Harari in The Guardian.

    ‘Zelfs in een laboratoriumsetting is 20 procent een enorme score als het gaat om het veranderen van menselijke overtuigingen,’ zegt Zhang. ‘Misschien was het in de echte wereld minder geweest, maar ook 10 procent of 5 procent zou nog aanzienlijk zijn.’ 

    De auteurs probeerden de neiging van AI-modellen om informatie te verzinnen – het zogenaamde ‘hallucineren’ – te ondervangen door een professionele factchecker in te zetten om de nauwkeurigheid van 128 AI-claims te evalueren. 99,2 procent ervan bleek juist te zijn, terwijl 0,8 procent als misleidend werd beoordeeld. Geen enkele bleek volkomen onjuist te zijn.

    Een verklaring voor dit hoge nauwkeurigheidsgehalte is dat er een heleboel over complottheorieën op het internet is geschreven, waardoor ze heel ruim in de trainingsdata van het model figureerden, zegt David G. Rand, hoogleraar aan MIT Sloan en ook betrokken bij het project.  

    ‘Mensen waren opmerkelijk ontvankelijk voor bewijs. En dat is echt belangrijk,’ zegt hij. ‘Bewijs doet ertoe.’ 

  • Neurowetenschapper Clara Pretus: ‘Er zijn mensen die profiteren van het aanwakkeren van onrust’

    Neurowetenschapper Clara Pretus: ‘Er zijn mensen die profiteren van het aanwakkeren van onrust’

    El País sprak met neurowetenschapper Clara Pretus over de verontrustende mechanismen achter desinformatie in een wereld die steeds meer wordt beheerst door polarisatie en emotionele retoriek.

    Weinig mensen kennen het brein van extremisten zo goed als neurowetenschapper Clara Pretus (36), omdat zij letterlijk in hun brein heeft gekeken. In haar bekendste werk scande ze de hersenen van jonge mensen die gewelddadige jihadistische acties wilden ondernemen, om de persoonlijke en maatschappelijke mechanismen te begrijpen die ten grondslag lagen aan hun roeping als jihadist. In recenter werk nam ze de grijze massa van mensen die op [de rechts-populistische partij] Vox hadden gestemd onder de loep, om te begrijpen waarom die leugens verspreiden over zaken die belangrijk voor hen zijn, zoals immigratie. Ze ontdekte dat als ze hen hiernaar vroeg, gebieden van hun sociale brein werden geactiveerd. ‘Dat zijn niet de besluitvormingsgebieden, maar de gebieden die worden gebruikt om ergens uit af te leiden wat anderen denken,’ zegt Pretus, die werkzaam is aan de Autonome Universiteit van Barcelona. Met andere woorden, ze verspreiden desinformatie met de goedkeuring van de groep in gedachten. 

    Als adviseur van het antiterrorismebureau van de Verenigde Naties en directeur van het Social Brain Lab waarschuwt Pretus dat een tragedie zoals die in Valencia door het weerfenomeen Dana makkelijk kan worden aangegrepen om desinformatie te verspreiden. ‘Als je in gevaar bent, is het de moeite waard om alle informatie die je kan redden of die in je voordeel kan werken te geloven,’ legt ze uit. Maar tegelijkertijd hekelt ze het feit dat ‘de tragedie door verschillende politieke actoren is gebruikt om er voordeel uit te halen’. Pretus weet dat er in situaties van gevaar en angst belanghebbenden opduiken die weten dat het gebruik van emotioneel geladen woorden ‘ons zenuwstelsel hackt’. ‘We moeten hier rekening mee houden, omdat er steeds meer van dit soort noodsituaties zullen voorkomen, die zeer bevorderlijk zijn voor desinformatie en politiek gewin.’

    Al op de eerste avond na de overstromingen in Valencia, toen mensen zich realiseerden dat de situatie zeer ernstig was, waren er mensen met een partijdige kijk op de gebeurtenissen.

    ‘We zijn zoiets niet gewend, zo’n situatie creëert onzekerheid, paniek en onveiligheid, en zorgt ervoor dat we helemaal vertrouwen op het weinige dat we weten. En de vooroordelen die we al met ons meedragen, bewust of onbewust, komen dan meer aan de oppervlakte. Bijvoorbeeld sociale of politieke identiteit, de overtuigingen van die partij en dat wereldbeeld: wie zijn de vijanden, wie zijn de bondgenoten? Daar vertrouw je op in tijden van onzekerheid. En dus zijn we bevooroordeeld in de manier waarop we informatie zoeken en die verwerken, en zelfs in de manier waarop we die waarnemen. Als je links of rechts bent, kijk je naar informatie die het meest bevestigt wat je al gelooft. Er is een experiment over klimaatverandering waarbij ze progressieve en conservatieve mensen in de Verenigde Staten de temperatuurcurve van de afgelopen eeuwen laten zien. Ze volgen hun blik en zien dat de progressieven naar de laatste paar decennia kijken: ze richten hun aandacht op het punt waar de temperatuur het sterkst stijgt; conservatieven daarentegen besteden geen bijzondere aandacht aan dit laatste deel van de grafiek. Dus zelfs als we hetzelfde nieuws lezen, kijken we naar wat ons wereldbeeld bevestigt.’ 

    ‘We zijn gemotiveerd om informatie te delen waarvan we weten dat die goed ontvangen zal worden’

    Denken in identiteiten maakt ons vatbaar voor desinformatie

    ‘Wat we geneigd zijn te doen, is zoeken naar datgene wat ons bevestigt als lid van de groep, proberen datgene veilig te stellen wat de groep bij elkaar houdt. Dit is een van de suggesties die zijn gedaan om te verklaren waarom we vatbaar zijn voor desinformatie: om ons lidmaatschap te bevestigen, niet alleen op een abstract niveau, maar ook met onze directe omgeving, ons publiek op sociale netwerken. We zijn gemotiveerd om informatie te delen waarvan we weten dat die goed ontvangen zal worden en dat die ons helpt bij de bevestiging van onze eigenwaarde. En dit wordt belangrijker naarmate die informatie crucialer is. Bijvoorbeeld in een noodsituatie of wanneer het van groot belang is voor de groepsidentiteit.’

    Verspreiden we desinformatie omdat we onze kritische geest uitschakelen, omdat een hoax ons gelijk bewijst?

    ‘Er zijn verschillende redenen. Sommige zijn verstandelijker van aard: ik heb geen tijd om goed op te letten of ik ben niet in staat om deze informatie kritisch te bekijken en ertegen in te gaan. Daarnaast is er een educatief aspect: je hebt een door het onderwijs verstrekte beschermingslaag nodig om de specifieke technieken te kunnen zien die worden gebruikt om desinformatie te verspreiden, zoals het gebruik van nepexperts, negatieve emoties, enzovoort. En tot slot is er een partijdiger motief, dat ook een rol speelt. Er zijn strategieën ontwikkeld die met enig succes werken voor de gewone burger met een meer cognitieve en pedagogische inslag. In werkelijkheid wordt de meeste desinformatie gedeeld door een klein percentage internetgebruikers. Het is een kleine maar geradicaliseerde groep die het grootste deel van de desinformatie die we tot ons krijgen aanstuurt. Het probleem is dat voor hen al deze strategieën ineffectief zijn, omdat zij andere motivaties hebben.’ 

    Omdat er opzet in het spel is.

    ‘Er kan voor honderd procent sprake zijn van opzet, er kan sprake zijn van kwade trouw. En er kan een beetje fanatisme in het spel zijn; dan is iemand bijvoorbeeld verblind door een ideologie en als hij dan bepaalde informatie ziet, gaat zijn bloed koken en moet hij het delen.’ 

    Hoe kijkt u in die zin aan tegen de strategieën voor factchecking, het bestrijden van desinformatie, als er een grote machine achter zit die deze produceert?

    ‘Op dit moment hebben strategieën voor factchecking een zeer beperkte effectiviteit. Ze kunnen de verspreiding op z’n best terugbrengen tot een minimum. Er zijn initiatieven, hulpmiddelen, maar die zijn bij lange na niet voldoende. We hebben dit gezien in het geval van Dana en ik denk dat er in dit opzicht veel zal veranderen. Vooral omdat de verspreiding van desinformatie juridische gevolgen moet hebben. Anders zullen we er niet in slagen om een gezonde informatieomgeving te creëren waar mensen hun recht kunnen uitoefenen om beslissingen te nemen op basis van accurate informatie.’

    Moeten er wetten komen tegen desinformatie? 

    ‘Ja, want het kan niet zo zijn dat er geen consequenties aan vastzitten. Maar momenteel is het systeem om desinformatie te beteugelen nog erg traag. Om het sneller te maken experimenteren we met een andere aanpak: crowdsourcing, open samenwerking tussen gebruikers. Het idee staat nog in de kinderschoenen, maar we denken dat we het systeem sneller zouden kunnen maken, zodat gebruikers informatie van sociale media kunnen verifiëren.’

    ‘Idealiter zou er een maatschappelijke norm moeten zijn die zegt dat het wenselijk is om kritisch te zijn op de eigen groep’

    Maar studies tonen aan dat wanneer iemand jou uit de droom wil helpen, het belangrijk is dat dat iemand uit je groep is, iemand die jij vertrouwt. Het is cruciaal om mensen te hebben met genoeg moed en intellectuele eerlijkheid om mensen in de eigen groep ter verantwoording te roepen.

    ‘Dit is belangrijk, maar je kunt het niet afdwingen. Het is moeilijk om te beïnvloeden wat er binnen een groep gebeurt. Er is in de VS een onderzoek gedaan dat aantoont dat het verifiëren van opmerkingen door een tegenpartij niet alleen niet werkt, maar er ook nog eens voor zorgt dat mensen nog bozer worden en nog stelliger achter hun opmerking gaan staan. Als het uit de groep zelf komt is het veel betrouwbaarder, veel effectiever, maar dat is moeilijk. Idealiter zou er een maatschappelijke norm moeten zijn die zegt dat het wenselijk is om kritisch te zijn op de eigen groep, en dat er als het ware een morele waarde is die boven onze partijbelangen staat: eerlijkheid.’

    We kunnen ook meer belang hechten aan een ander soort entiteiten. In deze gepolariseerde tijden lijkt er maar één enkele identiteit te zijn: de politiek. Maar we hebben meer identiteiten, meer dingen gemeen, we zijn ouders, we zijn Barça-supporters enzovoort. Kunnen we vertrouwen opbouwen in een andere identiteitssfeer om dit op te lossen?

    ‘Het is een strategie die juist bij klimaatverandering wordt gebruikt. Veel Republikeinen in de VS zijn erg sceptisch, maar als je een beroep doet op hun identiteit als ouders staan ze er meer voor open om hun kinderen een betere toekomst te geven. Als ik jou een vraag stel over klimaatverandering door eerst een beroep te doen op je identiteit als ouder, dan geef je me een ander antwoord. Het is waardevol om te weten dat we meerdere identiteiten hebben en dat we die kunnen aanspreken om dichter bij de waarheid van de informatie te komen.’

    Was er sprake van een polariserende voedingsbodem die in de pandemie tot uiting kwam en die nu weer verergerd is?

    ‘Ja, maar eerder ook al; ik denk dat het door de komst van Trump veel makkelijker geworden is om ongestraft leugens en desinformatie te verspreiden. En daarna zijn er een paar harde klappen geweest waardoor mensen wanhopiger en onzekerder zijn geworden. En de media die we volgen, de leiders naar wie we luisteren, spelen daarbij een superbelangrijke rol. We hebben onlangs een experiment gedaan in de VS, waarbij we mensen betaalden om een maand lang te stoppen met het volgen van extreem partijdige accounts, zowel Democratische als Republikeinse. En we zagen dat die mensen daarna een minder felle houding aannamen in politieke discussies. Ze waren minder vijandig tegenover de politieke tegenstander, tegenover de ander. En ze werden ook blootgesteld aan minder desinformatie. Met andere woorden, ons informatiedieet heeft invloed op het in stand houden van deze onrust of op het verminderen ervan als we ons loskoppelen van deze informatiebronnen. Niet alleen rampen zoals een pandemie of extreem weer spelen hierin mee; er zijn ook echt kwaadwillende mensen die hiervan profiteren en veel geld verdienen aan en investeren in het aanwakkeren van dit soort onrust en wanhoop.’

    We volgen dit soort extreem gepolariseerde verhalen omdat ze ons voldoening geven. Moeten we allemaal een persoonlijke inspanning leveren om blootstelling eraan te verminderen?

    ‘Absoluut, maar met individuele verantwoordelijkheid is er altijd een probleem. Allereerst omdat het onmogelijk is. Ik bedoel, als jij je daar al van bewust bent, dan heb je dat misschien niet eens nodig. En dan zijn structurele veranderingen op politiek niveau, in termen van Europese regelgeving, natuurlijk veel effectiever. Mensen zijn altijd geneigd de verantwoordelijkheid bij het individu te leggen. Maar mensen werken tien uur per dag, ze hebben geen tijd om dingen kritisch te bekijken terwijl ze hun dag proberen door te komen. Ze hebben een verantwoordelijkheid, maar de echte verandering moet structureler en diepgaander zijn. We kunnen onze burgers niet alleen laten met desinformatie.’

    ‘Als je alleen bent, ga je online en kom je in hoeken van het internet terecht waarvan je niet eens weet hoe je er terecht bent gekomen’

    Over eenzaamheid gesproken, speelt sociaal isolement, de eenzaamheid van mensen die vervolgens steun zoeken op sociale media, ook een rol? 

    ‘Ja, absoluut. We werken vanuit huis, we gaan de straat niet op, we spreken niet af met andere mensen… En mensen ontmoeten is een portie realiteit. Sommige mensen zeggen dat werken goed is omdat het je dwingt om je aan te passen aan de realiteit. Want als je alleen bent, ga je online en kom je in hoeken van het internet terecht waarvan je niet eens weet hoe je er terecht bent gekomen. Vaak, als je iets met iemand deelt, als je iets naar buiten brengt, klinkt het al belachelijk als je het vertelt. Het is dus heel erg belangrijk om sociale interacties te hebben, dat blijkt uit heel veel onderzoeken. Eenzaamheid heeft veel nadelen, een lagere levensverwachting bijvoorbeeld. Een ander nadeel is dat als je jezelf opsluit in je eigen gedachten en daarbij ook nog eens toegang hebt tot internet, je op steeds geradicaliseerdere plaatsen terechtkomt en steeds extremere inhoud te zien krijgt. Het is heel goed om in contact te blijven met mensen in het echte leven.’

    Maar het wordt steeds moeilijker om die wrijving te vinden, we omringen ons met onze eigen mensen.

    ‘Ja, en door extreme situaties, zoals met het noodweer rond Valencia, raak je ook gepolariseerd in je persoonlijke leven. Je ziet bepaalde mensen niet meer staan. In Catalonië en bij de Brexit zijn vriendschappen kapot gegaan. Het heeft impact op je persoonlijke relaties, maar tegelijkertijd is het juist in persoonlijke relaties makkelijker om verschillende identiteiten uitdrukking te laten komen. Interactie in het echte, driedimensionale leven biedt de mogelijkheid om je op andere niveaus te verbinden. Het is veel genuanceerder, er zijn onderlinge relaties, je hebt emotionele banden, je kunt goed met iemand opschieten, dat soort dingen.’

    De oplossing is om meer in drie dimensies met elkaar om te gaan.

    ‘In vier dimensies, want je hebt ook nog de tijd.’

    ‘Slachtofferschap is het middel bij uitstek om geweld te rechtvaardigen’

    En hoe zal deze wilde tijd van desinformatie waarin we nu leven de toekomst beïnvloeden? Zal het problemen opleveren voor de sociale cohesie?

    ‘Het zal absoluut leiden tot erosie van het weefsel van sociale cohesie. En het zal leiden tot een crisis in het vertrouwen in de instituties, dat is duidelijk. Je hoort vaak: “We wonen in een mislukte staat.” Mensen nemen dit soort informatie in zich op en dan brokkelt het vertrouwen in deze democratische instellingen, die er in principe zijn om vreedzaam samenleven te waarborgen, langzaam af. De grote dreiging die uitgaat van polarisatie is geweld: als we het idee van een gedeelde werkelijkheid verliezen, en als alles en elk verhaal maar waar is, moedigt dat de rechtvaardiging van geweld aan. Het is dan gemakkelijker om het gebruik van geweld te rechtvaardigen, omdat er geen werkelijkheid meer is waarover we het allemaal eens zijn. De werkelijkheid is niet meer objectief, maar intersubjectief. Dat bevordert de verspreiding van verhalen over slachtofferschap, wat een succesformule is om geweld te rechtvaardigen. Maar dit is geen nieuw fenomeen. George Orwell vertelde eens dat hij in levenden lijve doden had gezien waarover niet werd gesproken en dat hij had gelezen over veldslagen die nooit hadden plaatsgevonden. Het is typerend voor conflictsituaties: het verdraaien van de werkelijkheid om het geweld te rechtvaardigen dat sommigen willen gebruiken voor hun politieke agenda.’ 

    Als u het hebt over slachtofferschap, doelt u dan op complottheorieën over omvolking en dat soort dingen?

    ‘Slachtofferschap is het middel bij uitstek om geweld te rechtvaardigen. En er wordt gebruik van gemaakt. Maar er zijn verhalen over slachtofferschap die waar zijn en andere die overdreven of onwaar zijn. Vrouwen zijn bijvoorbeeld van oudsher ondergeschikt aan mannen – dat is waar. Maar nu zijn er mannen die zeggen dat ze slachtoffer zijn van het feminisme. En als je daarbij praat in termen van “wij worden onderdrukt”, dan is het gemakkelijker en beter te rechtvaardigen om tegen die onderdrukking te vechten.’

    Deze opzettelijke oefening met desinformatie om het vertrouwen in officiële bronnen te ondermijnen: is die uitgelokt omdat je, als je niemand gelooft, overal in kunt geloven?

    ‘Natuurlijk, alles en iedereen wordt afgewezen en ongeldig verklaard als informatiebron. Het is een heel goede strategie voor een machtswisseling. Als je een status quo hebt, met instituties die al tientallen jaren bestaan, dan is dit de beste manier om de bestaande situatie op te blazen.’ 

  • Desinformatie als wapen. ‘Woede maakt ons kwetsbaar voor manipulatie’

    Desinformatie als wapen. ‘Woede maakt ons kwetsbaar voor manipulatie’

    Hoewel rechtse desinformatienetwerken bekender zijn, bestaan er aan de andere kant van het politieke spectrum vergelijkbare misleidende structuren, vaak met hetzelfde doel: invloed uitoefenen op de publieke opinie en politieke processen.

    Het Syrië van Bashar al-Assad is geen vriendelijke plek voor journalisten. Sinds het begin van de opstand in 2011 heeft het regime weinig visa afgegeven. Toen de Amerikaanse journalist Marie Colvin en de Franse fotojournalist Rémi Ochlik in 2012 zonder toestemming Syrië binnenkwamen, waren ze een doelwit en werden vermoord. Maar in 2021 kreeg een Canadese podcaster op ongebruikelijke wijze toegang tot het door het regime gecontroleerde Syrië. Toen hij voor de ruïnes van Jarmuk stond – een Palestijns vluchtelingenkamp dat van 2013 tot 2018 door het regime werd belegerd, geblokkeerd en gebombardeerd – moffelde hij Assads verantwoordelijkheid voor de vernietiging van het kamp weg en deed hij, met een staaltje adembenemend cynisme, een oproep om de sancties tegen zijn regime op te heffen.

    Voordat hij zich erop toelegde moordenaars van Palestijnen van blaam te zuiveren, was Aaron Maté, de podcaster in kwestie, een pro-Palestijnse activist. Hij werkte ooit voor onafhankelijke mediaorganisaties zoals Democracy Now! en The Real News Network, maar toen zijn carrière in het slop raakte, werd ze er door nieuwe weldoeners uit getrokken. Hij werd naar voren geschoven door de Russische delegatie bij de Verenigde Naties toen die iemand nodig had om de feiten over de chemische aanval van Assad op Douma in april 2018 te verdoezelen. Een cache van e-mails die de Commissie voor Internationale Gerechtigheid en Verantwoording in handen kreeg, onthulde ook dat hij door het Russische propaganda-apparaat werd gezien als een nuttig kanaal voor het plaatsen van lekken: een medewerker van de Russische mediaorganisatie Ruptly vertrouwde twee van Matés Britse bondgenoten – de controversiële academici Paul McKeigue en Piers Robinson – toe dat hij persoonlijke informatie had verzameld over de getuigen en overlevenden van het bloedbad in Douma, die hij van plan was naar Maté te lekken, zodat die ze kon verspreiden. Dit zou de individuen in levensgevaar hebben gebracht, aangezien het regime meedogenloos alle informatie over haar verantwoordelijkheid voor de aanval liet verdwijnen.

    Na een pelgrimstocht naar Moskou in december 2015 keerde hij terug als een nieuwe man met nieuwe standpunten

    Maté trad slechts in de voetsporen van zijn Amerikaanse kameraad Max Blumenthal, die zelf een Paulusbekering had ondergaan. In 2012 was Blumenthal fel gekant tegen het Syrische regime en nam hij ontslag bij de Libanese krant Al-Akhbar vanwege de pro-Assad-houding ervan. Maar toen rond de tijd van de zogenaamde Arabische Lente de contrarevolutie werd ingezet, maakte Blumenthal een ommezwaai. Na een pelgrimstocht naar Moskou in december 2015 keerde hij terug als een nieuwe man met nieuwe standpunten – en een nieuwe website: The Grayzone. Russische media hielpen hem zich beter te profileren en Blumenthal trouwde zelfs met een producer voor RT, het door de staat gefinancierde tv-station dat voorheen Russia Today heette. Op dat moment stond Rusland voor een ramp op het gebied van public relations omdat de Syrische vrijwillige reddingswerkers en medici, bekend als de Witte Helmen, die Rusland systematisch op de korrel nam, genomineerd waren voor de Nobelprijs voor de Vrede. Een documentaire over hun heldendaden was in de race voor een Oscar. En toen kwam Blumenthal om de zaken te vertroebelen. Hij verzon een verhaal uit bestaande samenzweringstheorieën (de pro-Assad-activist Vanessa Beeley beweerde dat het merendeel daarvan van haar gestolen was), over de Witte Helmen en later ook over de medische professionals van de Syrian American Medical Society (SAMS). Blumenthal gebruikte islamofobe stijlfiguren die deden denken aan de propaganda van het Assad-regime en probeerde beide organisaties in verband te brengen met Al-Qaida. 

    Opmerkelijke wending

    Deze laster is weerlegd door zeven regeringen, waaronder de Verenigde Staten. Blumenthal zou ook bij de VN verschijnen als gast van het Russische regime.

    Dit betekende een opmerkelijke wending voor Blumenthal. Tijdens een optreden in 2013 aan de Universiteit van Denver had hij geklaagd over het verlies van inkomsten vanwege zijn kritiek op het Syrische regime, waardoor hij naar eigen zeggen zijn huur niet meer kon betalen. Maar met zijn herziene waardering voor Assad en zijn beslissende stop in Rusland – waar hij hetzelfde gala bijwoonde als waar oud-generaal Michael Flynn en de eeuwige presidentskandidaat van de Green Party, Jill Stein, dineerden met president Vladimir Poetin – lijkt hij zijn dagen van gebrek achter zich te hebben gelaten. Blumenthal staat nu in openbare registers als de trotse eigenaar van een huis in Washington, D.C. Hij onthulde in 2023 dat zijn voormalige makker Ben Norton dankzij de inkomsten van The Grayzone zelfs onroerend goed in Nicaragua had kunnen kopen, waarna Norton hem bestempelde als ‘een labiele megalomaan zonder samenhangende principes’ en naar China verdween met wat volgens Blumenthal 70.000 dollar aan Grayzone-geld was.

    Op 11 september 2024 klaagden Amerikaanse federale aanklagers RT-medewerkers Kostjantyn Kalasjnikov en Jelena Afanasjeva aan wegens overtreding van de Foreign Agents Registration Act voor een beïnvloedingsoperatie waarbij 9,7 miljoen dollar werd doorgesluisd naar rechtse mediasterren Tim Pool, Dave Rubin, Benny Johnson en Lauren Southern. Volgens de federale aanklacht werd het geld via lege vennootschappen in Turkije, de Verenigde Arabische Emiraten en Mauritius doorgesluisd naar Tenet Media, een socialmediabedrijf dat in Tennessee geregistreerd staat op naam van het Canadese echtpaar Liam Donovan en Lauren Chen (de laatste een voormalige RT-medewerker). Tenet huurde de rechtse influencers in en verdeelde alleen al 8,7 miljoen dollar onder Pool, Rubin en Johnson (Rubin ontving 400.000 dollar per maand plus een tekenbonus van 100.000 dollar en Pool verdiende 100.000 dollar per video). De influencers moesten video’s produceren over een aantal van dezelfde onderwerpen die The Grayzone behandelt, zoals samenzweringstheorieën rond covid-19 en vaccins en een sympathieke kijk op de interventie van Rusland in Oekraïne.

    Als de website geen geld ontvangt van Rusland, zal dat zeker niet zijn vanwege zijn journalistieke onafhankelijkheid

    The Grayzone beweert dat het nieuwskanaal ‘geen financiering ontvangt van een overheid noch van een door de overheid gesteunde groep of persoon’ en dat het volledig afhankelijk is van de ‘steun van lezers zoals jij’. Maar als de website geen geld ontvangt van Rusland, zal dat zeker niet zijn vanwege zijn journalistieke onafhankelijkheid. Het personeel van The Grayzone is te gast geweest bij regimes van Caracas tot Managua en heeft massamisdaden witgewassen van Damascus tot Xinjiang. Ze hadden er geen moeite mee Russische narratieven te propageren op door Russische functionarissen georganiseerde forums. Blumenthal werd naar de VN-Veiligheidsraad gestuurd om te beweren dat Oekraïne de onverzettelijke partij was in de oorlog met Rusland, terwijl Maté een ander VN-forum bijwoonde om de met bewijzen gestaafde verantwoordelijkheid van het Syrische regime voor de chemische aanval op Douma in april 2018 te ontkennen. Hun relaties met Russische staatsvertegenwoordigers lijken hartelijk. De permanente vertegenwoordiger van Rusland bij de VN, Dmitri Poljanski, bedankte zowel Blumenthal als Maté persoonlijk voor hun respectievelijke getuigenissen bij de VN. Hij verspreidt Matés berichten vaak op Twitter en was te gast op de podcast van The Grayzone.

    In tegenstelling tot de wispelturige rechtse rakkers die het Kremlin probeerde in te zetten, biedt The Grayzone betrouwbaarheid. Na de verkiezingen van 2016, toen RT en het Russische staatsnieuwsagentschap en de radio-omroepdienst Sputnik steeds meer onder de loep werden genomen, weken verschillende van hun werknemers uit naar alternatieve media in de VS. Naast bedrijven als MintPress en BreakThrough News werd The Grayzone blijkbaar een geliefd toevluchtsoord. De werknemers en medewerkers, zoals Anya Parampil, Wyatt Reed, Mohamed Elmaazi, Jeremy Loffredo, Kit Klarenberg, Dan Cohen en Rania Khalek, zijn allemaal ooit in dienst geweest van de Russische overheid. De inhoud die ze produceren voor The Grayzone is niet te onderscheiden van de inhoud die ze produceerden voor RT of Sputnik. (Misschien is deze overlap de reden dat het Kremlin hen niet de investering waard vindt die Rubin, Pool en Johnson ten deel viel.)

    Steun

    Maar er is geen reden om de mogelijkheid van tafel te vegen dat The Grayzone in de lucht wordt gehouden dankzij de ‘steun van lezers zoals jij’. Er is inderdaad veel steun van lezers, zelfs als die niet zijn zoals jij of ik. Op een GoFundMe-pagina van The Grayzone staat bijvoorbeeld een donatie van 30.000 dollar van slechts één iemand: ‘George Waters’ (de officiële naam van Pink Floyd-bassist Roger Waters, die op latere leeftijd geïnteresseerd is geraakt in pro-Kremlin-complottheorieën). Als podcasts zoals Chapo Trap House miljoenen hebben binnengeharkt met reactionair gebrabbel, dan focust The Grayzone zich tenminste op belangrijkere zaken. Het is niet ondenkbaar dat er genoeg publiek is dat ervoor wil betalen.

    De afgelopen jaren hebben zowel de Amerikaanse regering als EU-functionarissen de dreiging van desinformatie benadrukt. Sinds 2016 is er een hele industrie ontstaan rond deze kwestie. Gepensioneerde spionnen, slimme academici en ondernemende journalisten doen allemaal mee. Ze richten zich bijna uitsluitend op de kant van het aanbod. Volg het geld, ontwar het web, ontmantel het bedrog, adviseren ze. 

    Als je kwaadwillende actoren in de gaten houdt en hun financiering afknijpt, kun je ze door middel van wetgeving ruïneren, zeggen ze.

    Normale mensen lopen net zoveel kans om in de desinformatievalstrik terecht te komen

    Maar er wordt weinig aandacht besteed aan de kant van de vraag. Dat er excentriekelingen zijn met een voorliefde voor samenzweringstheorieën of ideologen met oedipale ideeën die zich aangetrokken voelen tot tegendraadse verhalen is niet verrassend. Maar dat zijn marginale fenomenen. Normale mensen lopen net zoveel kans om in de desinformatievalstrik terecht te komen. Alleen de boosdoeners opsporen zal weinig helpen om het probleem te beteugelen zolang we niet begrijpen waarom mensen ten prooi vallen aan dergelijke verhalen.

    Na jaren gestaag te hebben ingeboet aan geloofwaardigheid vanwege hun schaamteloos propagandistische berichtgeving over Syrië, Oekraïne en covid-19, beleeft The Grayzone een soort opleving te midden van Israëls oorlog in Gaza. In 2016 waren de samenzweringstheorieën van The Grayzone die Assad steunden en zijn slachtoffers belasterden, voor honderden Palestijnse schrijvers en activisten aanleiding om een open brief te schrijven waarin ze dergelijke activiteiten aan de kaak stelden. Mainstream activistische groepen en podia mijden The Grayzone daarom. Maar ze worden nu weer toegelaten tot respectabele forums. Mensenrechtenactivisten in Groot-Brittannië waren verbijsterd toen ze onlangs vernamen dat Maté is uitgenodigd als spreker op een fondsenwervingsevenement voor de Palestijnse mensenrechtenorganisatie Al-Haq. Dit is des te ironischer gezien Matés vergoelijking van de moord op Palestijnen in Jarmuk en zijn kritiek op de geloofwaardigheid van Forensic Architecture, de in Londen gevestigde onderzoeksgroep die vaak samenwerkt met Al-Haq om Israëlische oorlogsmisdaden te onderzoeken (hij was boos dat Forensic Architecture Assad in verband had gebracht met de aanval op Douma). 

    Ook Blumenthal heeft zijn opwachting gemaakt op pro-Palestijnse forums, slechts een paar jaar nadat hij alom werd veroordeeld vanwege een sketch waarin hij de spot dreef met de Syrische slachtoffers van chemische aanvallen en om islamofobe laster tegen dezelfde heldhaftige gezondheidswerkers (in het bijzonder dr. Zaher Sahloul, de voorzitter van MedGlobal) die nu hun leven riskeren in Gaza, ondanks de systematische aanvallen van Israël op ziekenhuizen.

    Wanneer de berichtgeving wordt bepaald door politieke overwegingen, staat de waarheid in dienst van de macht. Nu de morele en epistemische basis instort, is alleen de macht nog scheidsrechter van de werkelijkheid. En om deze onbalans uit te wissen, wenden degenen die zich vervreemd en machteloos voelen zich tot elke bron waarvan ze denken dat die de scheefgroei zal helpen corrigeren.

    Moreel gevaar

    Deze relativering van de waarheid creëert een moreel gevaar. Het vermindert het vertrouwen in de media en wakkert het cynisme aan. De media zijn tegenwoordig diverser en vaak diepgaander dan twintig jaar geleden, en publicaties als The New York Times, The Washington Post en CNN produceren soms uitstekende journalistiek (zie bijvoorbeeld het uitmuntende werk van de visuele onderzoeksteams van deze instituten, de keiharde journalistiek van Clarissa Ward en de menselijke berichtgeving van Christiane Amanpour). Maar dat doet er weinig toe als de voorpagina’s en primetime worden gedomineerd door oppervlakkige, vertekende en sensationele verslaggeving en flauw commentaar. Wanneer een gebroken raam op een Amerikaanse universiteit meer aandacht krijgt dan de vernietiging van een hele familie in Gaza, haken velen af en gaan ze op zoek naar alternatieve bronnen. Een miljoen ‘desinformatie-experts’ zijn van weinig nut als één persconferentie van het Witte Huis al hun werk ongedaan kan maken. Rusland heeft miljoenen gespendeerd aan het kopen van invloed, maar de grootste troef die het ooit heeft gehad is Kirby, van wie elke uitspraak meer doet om de Amerikaanse geloofwaardigheid uit te hollen dan duizend betaalde influencers.

    Het cynisme dat hierdoor wordt gekweekt, ondermijnt het idee van universele mensenrechten. Wanneer mensenrechten selectief worden afgedwongen, worden ze gezien als een knuppel om ideologische tegenstanders mee te slaan. Met groot leedvermaak gaven China en Iran afgelopen voorjaar verklaringen uit waarin ze de VS opriepen zich gematigd op te stellen in hun gewelddadige optreden tegen studenten. Westerse verklaringen over mensenrechtenschendingen elders leiden nu alleen nog maar tot hoongelach.

    Onze terechte woede maakt ons kwetsbaar, waardoor cynici ons kunnen manipuleren

    Dit cynisme sijpelt overal doorheen. Mensen als Blumenthal, die de massamisdaden van autoritaire regimes witwasten, de spot dreven met de slachtoffers van massamoord en het zelfs opnamen voor de kwelgeesten van de Palestijnen in Jarmuk, worden nu uitgenodigd op mensenrechtenforums. Voor veel jonge activisten die wakker zijn geschud door Gaza, is de oorlog in Syrië verleden tijd. Maar als ze zich tot The Grayzone wenden voor informatie over Gaza, laten ze toe dat pro-Assad- en pro-Kremlinverhalen de activistenwereld binnensluipen. The Grayzone mag dan een ‘alternatief’ zijn voor de Amerikaanse mainstream media, wat betreft de oorlogen in Syrië en Oekraïne is het verbonden met de oorlogvoerende staten en fungeert het als spreekbuis voor hun verhalen. Hun wereldbeeld is net zo manicheïstisch als het wereldbeeld dat Palestijnen als onwaardige slachtoffers behandelt; behalve dan dat zíj de slachtoffers van antiwesterse daders als onwaardig beschouwen.

    Als we protesteren tegen het bedrog van de ene groep daders, kunnen we niet toestaan dat een andere groep ons openbare debat vergiftigt. Onze terechte woede maakt ons kwetsbaar, waardoor cynici ons kunnen manipuleren. Door ons scepticisme op te schorten en onze principes te laten varen, helpen we een leegte te creëren waarin zelfs het lijden van kinderen toelaatbaar wordt, afhankelijk van de context.

    The Grayzone is eerder een plaag dan een ingenieuze uitvinding om de waarheid te ondermijnen. Maar dit soort nieuwsbedrijven zullen altijd blijven bestaan zolang onze media zo gecompromitteerd zijn en onze debatten zo vervormd dat de grove tegendraadsheid van propagandisten op moedige waarheidsvinding lijkt. 

  • Wat er in Amerika gebeurt is erger dan een desinformatiecrisis

    Wat er in Amerika gebeurt is erger dan een desinformatiecrisis

    Volgens The Atlantic-redacteur Charlie Warzel lijkt een aanzienlijk deel van de Amerikaanse bevolking zich steeds verder los te maken van de realiteit. ‘We hebben duidelijk een nieuw kader nodig om deze breuk in de samenleving te beschrijven.’

    Het wordt steeds moeilijker om de mate te beschrijven waarin een aanzienlijk percentage van de Amerikanen zich heeft losgemaakt van de realiteit. Toen orkaan Milton gisteravond over de Golf van Mexico raasde, zag ik een stortvloed aan samenzweringstheorieën en volslagen onzin die miljoenen views op internet kreeg. De berichten zouden lachwekkend zijn als ze niet door veel mensen voor zoete koek werden geslikt. Onder hen: Alex Jones van Infowars, die beweerde dat de orkanen Milton en Helene ‘weerwapens’ waren die door de Amerikaanse overheid op de oostkust waren losgelaten, en ‘waarheidszoekers’ op X die foto’s van condensatiesporen in de lucht plaatsten om ongefundeerd te beweren dat de overheid ‘Florida besproeide vóór orkaan Milton’ om te zorgen voor maximale regenval, ‘net zoals ze deden boven Asheville!’

    Toen Milton aan land kwam en een reeks tornado’s veroorzaakte, postte een geverifieerde account op X een TikTok-video van een enorme trechterwolk met het onderschrift ‘WAT GEBEURT ER MET FLORIDA?!’. De clip, die uiteindelijk werd verwijderd maar tot gisteravond 662.000 keer was bekeken, bleek afkomstig te zijn van een video van een CGI-tornado die oorspronkelijk maanden geleden was gepubliceerd. Toen ik al scrollend door deze platforms zag hoe ze zich vulden met valse informatie, onzinnige theorieën en vervalste beelden, terwijl paniekerige mensen hun huizen dichttimmerden, met grote moeite evacueerden en baden dat hun have en goed niet van de ene op de andere dag zou worden weggevaagd, begreep ik: dit beeld van het Amerikaanse discours is bijna te somber om onder ogen te zien.

    Complottheorieën

    Zelfs in een decennium dat ontsierd wordt door internetoplichters, schaamteloze politici en een alt-right mediacomplex dat antiwetenschappelijke complottheorieën verkondigt, springen de gebeurtenissen van de afgelopen weken eruit door hun verdorvenheid en nihilisme. Terwijl twee catastrofale stormen Amerikaanse steden overspoelden, heeft een lappendeken van influencers en nepnieuwsverkondigers hun best gedaan om wantrouwen te zaaien, wrok aan te wakkeren en de hulpverlening te verstoren. Maar dit is meer dan alleen een desinformatiecrisis. Terwijl we toekijken hoe echte informatie wordt overspoeld door onzinnige theorieën en hoe ambtenaren te kampen hebben met doodsbedreigingen, moeten we twee alarmerende feiten onder ogen zien: ten eerste dat er een bestendig ecosysteem bestaat om burgers in een alternatieve realiteit onder te dompelen en ten tweede dat de mensen die deze leugens consumeren en verspreiden geen hulpeloze slachtoffers zijn, maar gewillige deelnemers.

    Soms is het liegen en verwarring zaaien politiek gemotiveerd, zoals de bewering dat FEMA [Federal Emergency Management Agency] in totaal slechts 750 dollar biedt aan orkaanslachtoffers die hun huis zijn kwijtgeraakt. (In werkelijkheid biedt FEMA 750 dollar als onmiddellijke ‘hulp in extreme noodsituaties’ om mensen te helpen aan basisvoorzieningen zoals voedsel en water). Donald Trump, J.D. Vance en Fox News hebben stuk voor stuk deze leugen verkondigd. Trump postte (al verwijderde hij deze post later) ook op Truth Social dat er FEMA-geld werd gegeven aan migranten zonder papieren, wat niet waar is. Elon Musk, die eigenaar is van X, beweerde – zonder bewijs – dat FEMA ‘actief zendingen blokkeerde en goederen en diensten lokaal in beslag nam om vervolgens te verklaren dat ze van hen waren. Het is echt waar, het is beangstigend om te zien hoezeer zij het heft in eigen hand nemen en de mensen die willen helpen tegenhouden.’ Die post is meer dan 40 miljoen keer bekeken. Andere influencers, zoals de Trump-sympathisant Laura Loomer, hebben hun volgers aangespoord om de inspanningen van het agentschap om slachtoffers van de orkaan te helpen, te verstoren. ‘Werk niet mee met FEMA,’ postte ze op X. ‘Dit is een kwestie van leven of dood.’

    ‘Als het zo veel angst creëert dat mijn personeel niet het veld in wil, dan kunnen we de mensen niet helpen’

    Het resultaat van deze angstzaaierij is precies wat je zou verwachten. Boze, verbitterde burgers vallen overheidsfunctionarissen in North Carolina en FEMA-medewerkers lastig. Volgens een analyse van het Institute for Strategic Dialogue, een onderzoeksgroep die onderzoek doet naar extremisme, hebben ‘onwaarheden over de manier waarop de overheid op de orkaan reageert geleid tot serieus te nemen bedreigingen en aansporingen tot geweld tegen de federale overheid’, waaronder ‘oproepen om milities op FEMA af te sturen’. Uit het onderzoek bleek ook dat 30 procent van de X-berichten die door ISD waren geanalyseerd ‘openlijk antisemitisch was en beledigingen bevatte jegens overheidsfunctionarissen, zoals de burgemeester van Asheville, North Carolina, de manager public affairs van FEMA en de secretaris van het ministerie van Binnenlandse Veiligheid’. De berichten waren op 7 oktober gezamenlijk 17,1 miljoen keer bekeken.

    Online doen hulpverleners een beroep op de inwoners en vragen ze om hun hulp bij het bestrijden van de stroom leugens en samenzweringstheorieën. FEMA-administrateur Deanne Criswell zei dat de hoeveelheid desinformatie de hulpverlening zou kunnen belemmeren. ‘Als het zo veel angst creëert dat mijn personeel niet het veld in wil, dan kunnen we de mensen niet helpen,’ zei ze dinsdag 8 oktober tijdens een persconferentie. In Pensacola, North Carolina, uitte assistent-brandweercommandant Bradley Boone zijn frustraties op Facebook: ‘Ik probeer mijn gemeenschap te redden,’ zei hij in een livestream. ‘Ik heb geen tijd. Ik heb geen tijd om elk gerucht op Facebook uit te pluizen… We hebben genoeg meegemaakt.’

    Symbool

    Het is moeilijk om het nihilisme van het huidige moment te vatten. Tijdens de pandemie probeerden Amerikanen, wantrouwend tegenover de autoriteiten, werkzame vaccins in diskrediet te brengen, ze verspreidden samenzweringstheorieën en vielen volksgezondheidsfunctionarissen aan. Maar wat nu, in de nasleep van de orkanen, nieuw lijkt is dat degenen die liegen niet eens proberen om de herkomst van hun onzin te verdoezelen. Zo geven ook degenen die de leugens delen graag toe dat het ze niet uitmaakt of wat ze verkondigen waar is of niet. Dat was vorige week het geval, toen Republikeinse politici een door AI gegenereerde virale afbeelding deelden van een klein meisje met een puppy in haar armen op de vlucht voor orkaan Helene. Hoewel de afbeelding duidelijk nep was en snel werd ontkracht, hielden sommige politici voet bij stuk. ‘Ik weet niet waar deze foto vandaan komt en eerlijk gezegd maakt het ook niet uit,’ schreef Amy Kremer, die Georgia vertegenwoordigt in het Republikeins Nationaal Comité, nadat ze de nepafbeelding had gedeeld. ‘Ik laat hem staan omdat hij symbool staat voor het trauma en de pijn die mensen nu doormaken.’

    Kremer was niet de enige. Journalist Parker Molloy verzamelde screenshots van mensen ‘die erkennen dat dit beeld AI is, maar toch volhouden dat het op een dieper niveau echt is’ – het bewijs, zo merkte Molloy op, dat we ‘in het tijdperk van de post-realiteit leven’. Schrijver Jason Koebler stelde dat we het ‘Fuck It’-tijdperk zijn binnengetreden van AI-kletskoek en politieke berichtgeving waarbij AI-beelden worden gebruikt om welke partijdige boodschap dan ook over te brengen, ongeacht de waarheid.

    Dit is allemaal al meer dan tien jaar aan de gang. In 2005 bedacht Stephen Colbert in The Colbert Report het woord truthiness, dat hij definieerde als ‘het geloof in wat voor jou als waar aanvoelt in plaats van hetgeen door feiten wordt gestaafd’. Deze verbrokkeling van de realiteit is het resultaat van een informatie-ecosysteem waarin de dominante platformen financiële en aandachtstimulansen bieden om te liegen en woede aan te wakkeren, en om elke tragedie en grote gebeurtenis aan te grijpen voor het schaamteloos creëren van content. En dat is koren op de molen van een grote groep mensen die liever in een alternatieve realiteit leven, gebaseerd op wantrouwen en wrok, dan dat ze hun fundamentele overtuigingen over de wereld veranderen. Maar de desinformatiecrisis is niet altijd wat we denken dat die is.

    Wat we online zien is een groep mensen die wanhopig de duistere, fictieve wereld willen beschermen die ze hebben opgebouwd

    In de discussies over desinformatie lijkt men er vaak van uit te gaan dat deze wordt gebruikt om mensen te overtuigen. Maar zoals Michael Caulfield, een onderzoeker aan de Universiteit van Washington, heeft betoogd: ‘Het voornaamste doel van “desinformatie” is helemaal niet om andermans overtuigingen te veranderen. Nee, in de overgrote meerderheid van de gevallen wordt de desinformatie mensen aangeboden zodat ze aan hun overtuigingen kunnen vasthouden hoewel er overweldigend bewijs van het tegendeel bestaat.’ Dit onderscheid is belangrijk, onder andere omdat het een actieve rol toekent aan degenen die overduidelijk valse informatie tot zich nemen en delen. Wat duidelijk wordt uit opmerkingen zoals die van Kremer, is dat ze geen slachtoffer is; hoewel ze misschien overkomt als zeer ongeïnteresseerd en schaamteloos, geeft ze openlijk toe actief mee te doen aan het opbouwen van een extreemrechtse wereld, waarin het gevoel het altijd wint van de werkelijkheid.

    Wat we online zien tijdens en in de nasleep van deze orkanen is een groep mensen die wanhopig de duistere, fictieve wereld willen beschermen die ze hebben opgebouwd. In plaats van om te gaan met de realiteit van een opwarmende planeet waar zich om de paar weken stormen voordoen die ze voorheen één keer in hun leven meemaakten, belasteren en bedreigen ze liever meteorologen, die in hun ogen niets anders zijn dan ‘getrainde subversieve leugenaars die geprogrammeerd zijn om domme onzin te spuien om de bullshit over de opwarming van de aarde te ondersteunen’, zoals een X-gebruiker het verwoordde. Op deze manier hoopt deze groep mensen rationele stemmen het zwijgen op te leggen, omdat die stemmen de barsten in hun huidige wereldbeeld dreigen bloot te leggen. Maar hun pogingen zijn gedoemd te mislukken. Zoals een ontmoedigde meteoroloog deze week op X schreef: ‘Door meteorologen te vermoorden houd je geen orkanen tegen.’ En ze voegde eraan toe: ‘Ik kan niet geloven dat ik dat net moest typen.’

    Nieuw kader

    We hebben duidelijk een nieuw kader nodig om deze breuk in de samenleving te beschrijven. Het begrip ‘misinformatie’ is te technisch, te beladen en, na bijna een decennium Trump, te politiek. Het verklaart ook niet wat er eigenlijk gaande is: er is sprake van een culturele aanval op elke persoon of instelling die in de realiteit opereert. Als je een weerman bent, ben je een doelwit. Hetzelfde geldt voor journalisten, verkiezingsmedewerkers, wetenschappers, artsen en eerstehulpverleners. Deze beroepen zijn verschillend, maar degenen die ze uitoefenen hebben gemeen dat ze zich moeten inzetten voor de wereld zoals die is en haar moeten beschrijven zoals ze is. Om die reden vormen ze een bedreiging voor mensen die zich niet kunnen neerleggen bij de pijnlijke beperkingen van de werkelijkheid, maar ook voor degenen die financiële en politieke belangen hebben bij het in stand houden van de poppenkast.

    Ergens zijn deze aanvallen – en de toegenomen radeloosheid daarachter – wel te begrijpen. De wereld voelt donker aan; voor veel mensen is het daarom verleidelijk om te leven in de waan dat ze alles doorhebben, dat de machthebbers een complot tegen hen hebben gesmeed. Maar door de andere kant op te kijken, verergeren ze de crisis die het Trump-tijdperk kenmerkte, een crisis die zal doorwerken tot op de verkiezingsdag en daarna. Amerikanen zijn niet alleen verdeeld door hun politieke overtuigingen, maar ook door de vraag of ze in een gedeelde werkelijkheid geloven of dat überhaupt willen.

  • Turkije voert gevangenisstraffen in voor ‘desinformatie’

    Turkije voert gevangenisstraffen in voor ‘desinformatie’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Rechtszaak Capitool: extremistische groepen blijven democratie VS bedreigen

    » Zweden: centrum-rechts bereikt coalitieakkoord met steun van extreemrechts

    Raad van Europa spreekt zorgen uit over wet

    Het Turkse parlement heeft donderdag een door president Recep Tayyip Erdogan voorgestelde wet goedgekeurd die het mogelijk maakt journalisten en gebruikers van sociale media tot drie jaar op te sluiten voor het verspreiden van ‘desinformatie’. Ook moeten sociale netwerken en internetsites persoonlijke gegevens van gebruikers verstrekken, bericht Deutsche Welle.

    Volgens de Raad van Europa kunnen de vage definitie van ‘desinformatie’ en de bijbehorende dreiging met gevangenisstraf een ‘afschrikkend effect en meer zelfcensuur tot gevolg hebben, niet in de laatste plaats met het oog op de komende verkiezingen in juni 2023’. Uit peilingen blijkt dat de steun voor Erdogan en zijn AKP sinds de laatste stemming is afgenomen, aldus DW.

    Artikel 29 van de wet gaf de meeste aanleiding tot bezorgdheid over de vrijheid van meningsuiting. Daarin staat dat wie online valse informatie over de veiligheid van Turkije verspreidt om ‘angst te zaaien en de openbare orde te verstoren’, een gevangenisstraf van één tot drie jaar kan krijgen.

    Lees ook:

  • Geen algoritme is ook geen oplossing

    Geen algoritme is ook geen oplossing

    Polarisatie, haat, desinformatie: de formules die Facebook, TikTok en Instagram gebruiken om hun beelden, teksten en foto’s te sorteren zouden verantwoordelijk zijn voor grote veranderingen in de wereld. Was het maar zo simpel.

    Vladimir Poetin, Donald Trump en dan komt het algoritme al. Naast mannen met te veel macht en te weinig moraal worden sociale media verantwoordelijk gehouden voor alles wat misgaat in de wereld. Facebook zou samenlevingen polariseren, YouTube gebruikers radicaliseren, TikTok tieners verleiden. De boosdoener is het algoritme dat wordt gebruikt om inhoud te sorteren die platforms aan mensen voorschotelen. Als een vorm van zwarte magie zou het in staat zijn het hoofd van mensen op hol te brengen en democratieën omver te werpen. 

    Dit is niet geheel onwaar, maar het is slechts een deel van de waarheid. Deze visie reduceert de realiteit tot een paar veronderstelde oorzakelijke verbanden. Rechtspopulisme en complottheorieën zouden ook zonder sociale media bestaan. Als alle platforms zich van hun algoritmes zouden ontdoen, zouden mensen niet vreedzamer zijn, de wereld niet harmonieuzer. Concerns zouden niet minder verantwoordelijkheid hebben. Algoritmes vormen niet het enige en niet het grootste probleem, maar ze zijn een probleem. Om hier verandering in te brengen zijn transparantie en regulering nodig. Platforms moeten zich openstellen voor onderzoekers en hun aanbevelingslogica kritisch laten bekijken. Aangezien ze zich tot nu toe verzetten, zijn er blijkbaar nieuwe wetten nodig. Bovendien moeten meer mensen begrijpen wat algoritmes zijn, waarom ze een bepaalde inhoud voorgeschoteld krijgen en hoe ze zelf invloed uit kunnen oefenen. Een verheldering in vijf hoofdstukken.

    1. Een leven zonder algoritmes is onmogelijk

    Algoritmes zijn overal, zelfs in een kookrecept: giet het water af als de pasta al dente is. Algoritmes geven machines of mensen duidelijke instructies over wat ze wanneer moeten doen. Als Amira een foto van Hakan met een ‘like’ beloont, laat Amira dan meer foto’s van Hakan zien. Om van beetgare pasta een maaltijd te bereiden zijn verdere stappen nodig: meng de pasta met pesto en Parmezaanse kaas. Om met Hakans foto’s een sociaal netwerk tot stand te brengen zijn vele miljoenen regels programmacode nodig. Er is niet één Instagram-algoritme, verschillende algoritmes nemen samen een belangrijke beslissing: wat ziet Amira als ze de app opent?

    Facebook of Google lezen op veel websites en apps mee

    In fracties van een seconde evalueren machines duizenden datapunten. Dit omvat het gedrag op het platform zelf, likes en commentaren, kliks en directe berichten. Maar de beheerders halen hun informatie bijna overal vandaan. Het web zit vol met verborgen bugs, Facebook of Google lezen op veel websites en apps mee. Techbedrijven creëren persoonlijkheidsprofielen op basis waarvan algoritmes voorspellen in welke inhoud gebruikers geïnteresseerd zijn.

    Algoritmes geven niet alleen vorm aan tijdlijnen op sociale netwerken, maar aan de hele samenleving. Zij beslissen wie een lening krijgt, helpen ondernemers bij de selectie van vrouwelijke sollicitanten of doen voorspellingen over welke delinquenten zouden kunnen recidiveren. Hoe ingewikkelder de taken zijn die de algoritmische systemen moeten oplossen, hoe ingewikkelder hun code wordt. En hoe moeilijker het is ze onafhankelijk te verifiëren.

    2. Algoritmes zijn machtig, maar niet magisch

    Welke foto’s Amira ziet, lijkt van weinig invloed op de wereldgebeurtenissen. Veel algoritmische beslissingen werken niet op individueel niveau. Maar Meta, het moederconcern van Facebook en Instagram, verbindt drieënhalf miljard mensen met elkaar. De kleinste gedragsveranderingen hebben dan ook grote invloed. Als Facebook mensen aanmoedigt te gaan stemmen, kan dat een verkiezingsuitslag beïnvloeden. Als een Russische propagandavideo zich op TikTok viraal verspreidt, realiseert misschien een groot gedeelte van de gebruikers zich dat het om desinformatie gaat – maar niet iedereen.

    Computers zijn niet slecht, maar ze hebben geen geweten

    Veel algoritmes ontwikkelen zich zelfstandig verder. Ze worden gevoed met data en passen hun gedrag aan. Dit machinale leren kan helpen bij het opsporen van kanker en het eerlijker toewijzen van plaatsen in de kinderopvang, maar het kan ook structurele discriminatie en systematisch racisme versterken. Algoritmes internaliseren en reproduceren vooroordelen. Het web was lange tijd een World White Web, waarop zwarte mensen overwegend in een negatieve context opduiken. Ook vrouwen kunnen door algoritmische systemen benadeeld worden, doordat trainingsdata de machtsverdeling in de westerse wereld weergeven: wit en mannelijk. 

    Dit wordt pas gevaarlijk wanneer mensen uitsluitend vertrouwen op de veronderstelde intelligentie van machines. Computers zijn niet slecht, maar ze hebben geen geweten. Ze voeren bevelen uit, ze herkennen geen ongewenste bijwerkingen. Algoritmes zijn geen magie, maar technologie die door en voor mensen werd gemaakt – en door mensen kan worden veranderd, als ze dat willen.

    3. Geen algoritme is ook geen oplossing

    Mensen hebben weinig nodig om gelukkig te zijn: wereldvrede en een chronologische tijdlijn. Die indruk kun je krijgen wanneer je de opvattingen over het zogenaamd kwaadaardige algoritme bekijkt. Facebook heeft meermaals steekproefsgewijs getest wat er gebeurt als inhoud strikt wordt gesorteerd op het tijdstip van verzending in plaats van op andere, ondoorzichtiger criteria: gebruikers verborgen significant meer berichten. Volgens een intern document nam het aandeel niet-serieuze en ongewenste inhoud ‘explosief toe’. Hoewel de controlegroep minder tijd doorbracht op Facebook, verdiende het concern meer geld. Mensen moesten langer scrollen om bijdragen te vinden die hen interesseerden en zagen daardoor meer advertenties. Deze experimenten zijn enkele jaren oud, hun methodes voldoen niet aan wetenschappelijke normen en de uitkomsten roepen nieuwe vragen op, zoals: wat zou er gebeuren als Facebook de nieuwsfeed een langere periode chronologisch zou sorteren? Al dertien jaar lang sorteren algoritmes de inhoud, gebruikers zijn eraan gewend geraakt. Als Facebook hun de tijd en de juiste tools geeft, kunnen ze misschien leren hun eigen tijdlijn zelf samen te stellen.

    Maar de experimenten leiden ook tot één heldere conclusie: het probleem ligt niet bij de algoritmes zelf, maar bij de metriek op grond waarvan de platforms hun systemen optimaliseren. Mensen moeten de apps regelmatig openen en hun smartphone het liefst helemaal constant in handen houden. Alleen dan zien ze de advertenties, waarop het businessmodel van de concerns is gebaseerd. Dit is niet het enige criterium, maar wel het belangrijkste. Mensen reageren het meest op inhoud die gevoelens oproept, zoals woede, angst en verontwaardiging. Met hun kliks en commentaren vragen ze de algoritmes om meer. En die leveren bereidwillig, zonder bij de gevolgen stil te staan.

    4. Andere algoritmes zouden een oplossing kunnen zijn 

    Na de Amerikaanse verkiezingen van 2020 nam Facebook ongebruikelijke maatregelen. Trump probeerde met leugens twijfel te zaaien over het resultaat, het land werd bedreigd door onrust en geweld. Dus paste Facebook zijn algoritmes aan. Serieuze media kregen meer gewicht, dubieuze bronnen en desinformatie verloren bereik. Later vroegen ontwikkelaars of het mogelijk was om deze ‘genuanceerdere nieuwsfeed’ permanent te behouden. Dat kon niet, kort na de verkiezingen keerde Facebook terug naar de oude weging.

    De afgelopen jaren hebben medewerkers van Facebook meerdere malen geprobeerd de aanbevelingslogica fundamenteel te hervormen. Ze vroegen zich af hoe polariserende inhoud, haatdragende commentaren en desinformatie kunnen worden beteugeld. Maar ze stuitten op interne weerstand: hun voorstellen vormden een bedreiging voor de groei, en groei is heilig voor Meta. ‘Misschien is het goed voor de wereld, maar niet voor ons’, schreef Zuckerberg in een intern bericht. Hiermee verwees hij weliswaar niet naar algoritmes, maar de zin onthult hoe hij denkt. Het belangrijkste voor Meta is Meta. Platforms als TikTok opereren op een soortgelijke manier.

    5. Algoritmes dienen de mens

    Het is niet mogelijk om alle risico’s en bijwerkingen van sociale media met één druk op de knop te doen verdwijnen. Algoritmische systemen zijn complexe ontwerpen, zelfs de ontwikkelaars kunnen niet precies voorspellen welke effecten veranderingen teweeg zullen brengen. Om te beginnen moeten concerns worden verplicht de wetenschap en het publiek inzicht te geven. Onafhankelijke onderzoekers proberen al jaren tevergeefs de algoritmes van platforms te onderzoeken. Media bouwen technische instrumenten en werken met vrijwillige testers om op zijn minst enig licht in de duisternis te werpen – maar krijgen geen enkele toegang. De noodzakelijke regulering moet zich richten op twee vragen: waarom wordt inhoud aanbevolen? Maar ook: welke inhoud wordt aanbevolen? De huidige voorstellen in de Europese Unie en de Verenigde Staten zijn gefocust op de eerste vraag. Ze zijn bedoeld om platforms te verplichten delen van hun algoritmes openbaar te maken. Algoritmische systemen bestaan echter niet alleen uit formules, maar ook uit input en output. Tot nu toe kan iedere gebruiker zien wat er in zijn tijdlijn verschijnt, maar het is bijna onmogelijk te achterhalen welke resultaten algoritmes bij anderen opleveren. Dit is echter essentieel om in een tweede stap suggesties te kunnen doen over hoe aanbevelingssystemen die het algemeen belang dienen eruit zouden kunnen zien. 

    Tot het zover is, zijn gebruikers van algoritmes niet hulpeloos overgeleverd aan algoritmes. De belangrijkste factor voor de output is de input, en die heeft men zelf in de hand. Wie minder slechte grappen van zijn voetbalmaatje wil zien, kan zich een like uit beleefdheid beter besparen. In plaats van te klikken op sensatiebeluste koppen en vervolgens boos te worden over het lage peil van de inhoud, kun je beter snel verder scrollen en daarmee je desinteresse overbrengen. Je kunt onbeschofte mensen blokkeren, saaie accounts ontvolgen en specifieke berichten verbergen.

    Als dat allemaal niet helpt, dan kun je nog altijd cold turkey stoppen met algoritmes. Op Facebook en Twitter kan de inhoud ook strikt chronologisch gesorteerd worden. Instagram is onlangs begonnen met de invoering van deze mogelijkheid, die binnenkort voor alle gebruikers beschikbaar moet zijn. Een leven zonder algoritmes is onmogelijk – maar op sociale media kun je er tenminste nog omheen.

    Lees ook:

  • Pr-bedrijven belemmeren klimaatdebat in VS

    Pr-bedrijven belemmeren klimaatdebat in VS

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Westen vastbesloten om Oekraïne te beschermen tegen ‘Russische agressie’

    » Myanmar: Straf Aung San Suu Kyi verlaagd van vier naar twee jaar

    Pr-bureaus sturen discussie over klimaatbeleid

    In de VS spelen pr-bedrijven een belangrijke rol in het publieke debat over klimaat- en energiebeleid. Ze hebben de afgelopen dertig jaar een sleutelrol gespeeld bij het verspreiden van desinformatie en het belemmeren van maatregelen tegen klimaatverandering, door voor de fossiele brandstofindustrie campagnes op te zetten waarin de ernst van klimaatverandering werd gebagatelliseerd, en door de industrie gewenste oplossingen te positioneren als de te volgen strategie, schrijft EcoWatch.

    Dit blijkt uit een studie van Robert J. Brulle en Carter Werthman van Brown University in Providence, Rhode Island. De onderzoekers bekeken 214 organisaties in vijf grote sectoren – steenkool/staal/spoor, olie en gas, nutsbedrijven, hernieuwbare energie en de milieubeweging – en ontdekte dat elektriciteitsbedrijven het vaakst pr-bureaus inschakelden, gevolgd door olie- en gasbedrijven. Die organisaties gebruikten voornamelijk een handjevol grote pr-bedrijven, zoals Edelman, Glover Park Group, Cerrell en Ogilvy.

    ‘Pr-bedrijven vormen een groot deel van de propagandamachinerie van bedrijven en ze sturen de manier waarop Amerikanen denken over de problematiek’, aldus Robert Brulle.

    Lees ook:

  • Onzekere tijden voor Tsjechië | Polen demonstreren voor EU-lidmaatschap

    Onzekere tijden voor Tsjechië | Polen demonstreren voor EU-lidmaatschap

    Tsjechië in onzekerheid na spoedopname president

    President Milos Zeman werd op zondag 10 oktober op de intensive care opgenomen, daags na de parlementsverkiezingen die zijn bondgenoot, de populistische premier Andrej Babis, een nipte nederlaag hadden toegebracht. Door zijn spoedopname is de regeringsformatie opgeschort.

    ‘Tot nu toe waren alle ogen op hem [president Zeman] gericht’, aldus Radio Czech International, ‘want volgens de Tsjechische grondwet is het de verantwoordelijkheid van de president om een regeringsleider te benoemen. Vóór de verkiezingen had Milos Zeman laten doorschemeren dat hij zou kiezen voor de aftredende premier, zijn bondgenoot, de miljardair en populist Andrej Babis. Babis verloor de parlementsverkiezingen echter van de centrumrechtse coalitie SPOLU (‘Samen’), die 27,78 procent van de stemmen haalde tegen 27,14 procent voor de partij van de zittende president.

    ‘Een andere regering zou Tsjechië distantiëren van de populistische partijen in Hongarije en Polen’

    ‘Een andere regering zou Tsjechië distantiëren van de populistische partijen in Hongarije en Polen, die steeds vaker worden bekritiseerd voor het schenden van de democratische waarden van de Europese Unie’, analyseert CNN.

    Ondanks de nipte overwinning van de centrumrechtse coalitie ‘heeft de Tsjechische president nog steeds de vrije hand om te bepalen wie een nieuwe regering mag vormen’, merkt Frankfurter Allgemeine Zeitung op. ‘In het verleden heeft hij, dankzij een ruime interpretatie van zijn grondwettelijke bevoegdheden, Babis verscheidene malen benoemd, ondanks een gebrek aan meerderheden en een motie van wantrouwen.’ Maar de gezondheidstoestand van het 77-jarige staatshoofd is uiteraard ‘een factor van onzekerheid’, concludeert het Duitse dagblad.

    Premier Babis kwam onlangs in het nieuws omdat hij betrokken zou zijn bij brievenbusfirma’s in belastingparadijzen, zoals bleek uit de Pandora Papers.

    Lees ook:


    Desinformatie via Facebook

    In aanloop naar de Amerikaanse verkiezingen van 2020 werden de populairste Facebookpagina’s die zich richtten op Amerikaanse christenen en zwarten, beheerd door Oost-Europese trollenfabrieken, zo blijkt uit een gelekt intern onderzoek van Facebook, bericht MIT Technology Review. De pagina’s maakten deel uit van een groter netwerk dat bijna de helft van alle Amerikanen bereikte.

    ‘Het is ons platform dat deze trollen een enorm bereik geeft’

    Door de gecoördineerde acties van de trollenfabrieken, grotendeels gevestigd in Kosovo en Macedonië, werden maandelijks 140 miljoen Amerikanen bereikt, waarvan 75 procent geen van de pagina’s volgde. Ze kregen de inhoud voorgeschoteld door Facebook zelf. ‘In plaats van dat gebruikers ervoor kiezen deze inhoud te ontvangen, is het ons platform dat deze trollen een enorm bereik geeft’, aldus Jeff Allen, voormalig datawetenschapper bij Facebook en auteur van het onderzoek.

    Het interne onderzoek laat zien dat de trollenfabrieken zich richtten op hetzelfde publiek waar Rusland op mikte met een desinformatiecampagne rond de verkiezingen van 2016. Hoewel Facebook sindsdien beterschap beloofde, lijkt het bedrijf weinig te hebben gedaan om het probleem aan te pakken.

    Lees ook:


    Tienduizenden Polen demonstreren tegen ‘Polexit’

    Zondag waren er in verschillende Poolse steden demonstranten op de been om het lidmaatschap EU-lidmaatschap van hun land te verdedigen. De aanleiding was de uitspraak van het Poolse Constitutionele Hof die stelt dat in sommige gevallen het Poolse recht prevaleert boven het Europees recht. Het besluit zou een eerste stap kunnen zijn in de richting van een ‘Polexit‘.

    ‘Ik ben hier omdat ik niet wil dat Polen de EU verlaat’, vertelde Miroslaw, een inwoner van Warschau, aan Financial Times. ‘Ik heb onder het communisme geleefd en ik wil niet dat Polen op een dag terugkeert’, zei hij.

    Lees ook:

  • Haïtiaanse president Jovenel Moïse vermoord

    Haïtiaanse president Jovenel Moïse vermoord

    Vijfde golf rolt over Spanje

    Geconfronteerd met een toename van het aantal coronabesmettingen, vooral onder jongeren, draaien de Spaanse autonome regio’s de duimschroeven aan om de heropleving van de epidemie te beteugelen. In Catalonië sluiten uitgaansgelegenheden vanaf vrijdag 9 juli weer voor veertien dagen hun deuren.

    Op maandag 5 juli verklaarde de hoofdepidemioloog van het Spaanse ministerie van Volksgezondheid, Fernando Simón, dat het aantal besmettingen onder jongeren 600 gevallen per 100.000 bedraagt – driemaal het nationale gemiddelde van alle leeftijdsgroepen bij elkaar. Als oorzaak wordt vooral gewezen naar de uitbraak tijdens examenreizen op de Balearen van afgelopen maand.

    Als reactie hierop beginnen de autonome regio’s, die verantwoordelijk zijn voor de volksgezondheid, maatregelen te nemen om de opmars van de epidemie af te remmen. In Catalonië zullen uitgaansgelegenheden (zoals nachtclubs, bars en karaokebars) vanaf vrijdag 9 juli gedurende minstens twee weken gesloten zijn.

    Klap voor de sector

    Dit besluit ‘is ontvangen als een klap voor de sector’, die hun activiteiten na een sluiting van anderhalf jaar nog maar nauwelijks had hervat, zo schrijft het conservatieve dagblad ABC. Dit zal echter geen gevolgen hebben voor de festivals die voor die twee weken zijn gepland, aldus El Periódico de Catalunya.

    Ook moet iedereen die buitenevenementen met meer dan vijfhonderd mensen bijwoont, een negatieve antigeen- of PCR-test van minder dan twaalf uur oud kunnen overleggen of gevaccineerd zijn. De Catalaanse autonome regering raadt aan om ook in de buitenlucht een mond-neusmaskers te dragen.

    Andere autonome regio’s, zoals Castilië en León, overwegen de avondklok opnieuw in te stellen. Intussen is al meer dan 40 procent van de Spaanse bevolking volledig gevaccineerd.

    ‘Buitenlandse toeristen verkassen naar plaatsen waar het aantal besmettingen minder alarmerend is dan aan de Spaanse kust’

    In Barcelona spreekt de liberaal-conservatieve La Vanguardia zich in een redactioneel met de titel ‘De vijfde golf’ bezorgd uit over het Spaanse toerisme in het licht van deze toename van het aantal gevallen: ‘Een groot deel van de reserveringen die voor deze zomer waren gemaakt zijn geannuleerd. Buitenlandse toeristen blijven liever thuis of verkassen naar plaatsen waar het aantal besmettingen minder alarmerend is dan aan de Spaanse kust.’

    Commentator Mariano Guindal erkent dat de situatie ‘niet zo belabberd is als tijdens de vorige vier golven’, vooral wat betreft het aantal ziekenhuisopnames en sterfgevallen.

    Maar gezien de situatie in de rest van Europa was Spanje gewaarschuwd, stelt hij. ‘Het Verenigd Koninkrijk, dat een van de landen met de hoogste vaccinatiegraad was, is plotseling weer het toneel van de grootste uitbraak van de nieuwe Delta-variant geworden. Ons buurland Portugal, dat als eerste de gevolgen ondervond van het uitblijven van tijdige maatregelen, zag zich genoodzaakt de avondklok weer in te stellen.’


    Haïtiaanse president Jovenel Moïse vermoord

    Jovenel Moïse, president van Haïti sinds 2017, werd in de nacht van 6 op 7 juli in zijn privéwoning vermoord, maakte de vertrekkende premier Claude Joseph op 7 juli in een verklaring bekend, weergegeven door de Haïtiaanse site Alterpress.

    ‘Omstreeks één uur ’s nachts (…) heeft een groep niet-geïdentificeerde personen, van wie sommigen Spaans spraken, de privéwoning van de president van de Republiek bestormd en daarbij het staatshoofd dodelijk verwond’, aldus de premier.

    ‘Haïti ging al gebukt onder bendegeweld en protesten tegen [Moïses] steeds autoritairder bewind’

    De politie doodde vier verdachten en arresteerde uren later nog twee anderen, ‘te midden van groeiende chaos in een land dat al gebukt gaat onder bendegeweld en protesten tegen [Moïses] steeds autoritairder bewind’, schrijf Associated Press.

    Drie politieagenten die door de vermoedelijke schutters werden gegijzeld, werden woensdag vrijgelaten nadat de politie een huis had omsingeld waar enkele van de verdachten zich schuilhielden, zei Léon Charles, hoofd van de nationale politie van Haïti, aldus het persbureau.

    De website van Haïti Press Network meldt dat ‘de gewonde first lady Martine Moïse momenteel wordt behandeld in een ziekenhuis (…)’.

    Controversiële president

    Het presidentschap van Jovenel Moïse wordt al enkele maanden betwist vanwege zijn autoritaire methoden, met name door een heterogene groep tegenstanders die een ‘voorlopige overgangspresident’ hebben aangesteld. Onlangs kondigde hij aan nieuwe parlementsverkiezingen uit te schrijven. Op maandag 5 juli had hij een nieuwe premier benoemd, Ariel Henry.

    Het land wordt al maandenlang geteisterd door extreem geweld van bewapende bendes, met name in sommige wijken van Port-au-Prince, de hoofdstad. Dit ongecontroleerde geweld heeft de kritiek op het staatshoofd, die al bijna twee jaar het doelwit is van spontane of door de oppositie georganiseerde demonstraties, aangewakkerd.

    ‘Alle maatregelen worden genomen om de continuïteit van de staat te waarborgen en de natie te beschermen’, vervolgde de aftredende regeringsleider in zijn verklaring.

    Lees ook:


    Donald Trump klaagt Twitter, Facebook en Google aan

    De voormalige president van de VS, die na de gebeurtenissen op Capitol Hill op 6 januari 2021 van de sociale netwerken werd geweerd, slaat terug en beschuldigt Facebook, Twitter en Google van censuur. Hij zegt dat hij ‘triljoenen’ aan schadevergoeding wil.

    NPR ziet het als ‘de nieuwste escalatie in de langlopende vete tussen Trump en de sociale netwerken waar hij voor en tijdens zijn presidentschap gretig gebruik van maakte’. Woensdag kondigde het voormalige staatshoofd vanuit zijn golfbaan in Bedminster, New Jersey, aan dat hij Facebook, Twitter en Google aanklaagde, omdat zij hem en de Republikeinen zouden censureren.

    ‘Wij eisen een einde aan de schaduwverboden, een einde aan het monddood maken en een einde aan de zwarte lijsten, verbanningen en het cancelen,’ zei de man die door de drie techbedrijven werd geschorst voor berichten die voor, tijdens en na de aanslag van 6 januari op het Capitool in Washington werden geplaatst.

    Volgens CNN doet Trump een ‘laatste wanhoopspoging’ om terug te komen op sociale media

    Donald Trump zegt dat hij een schadevergoeding wil die potentieel kan oplopen tot ‘triljoenen dollars’, al ‘lijkt dit onwaarschijnlijk’, vat The Verge samen.

    Volgens CNN doet Trump een ‘laatste wanhoopspoging’ om terug te komen op sociale media. De zakenman ‘heeft een lange geschiedenis van het nemen van gerechtelijke stappen als tactiek om angst aan te jagen zonder daadwerkelijk door te gaan met de rechtszaak.’ Als hij deze keer zou doorzetten, is zijn aanklacht ‘waarschijnlijk bij voorbaat al gedoemd’, aldus CNN

    Zoals Yahoo! opmerkt, beweert Trumps juridische team in de drie aanklachten dat de techreuzen hem door het Eerste Amendement gewaarborgde vrijheid van meningsuiting hebben geschonden. Maar ‘het amendement beschermt tegen overheidscensuur, niet tegen censuur door bedrijven’, verduidelijkt de site. ‘Juristen hebben onmiddellijk kritiek geuit op de aanklachten en voorspeld dat hij weinig kans van slagen heeft in de rechtbank’, bevestigt The Washington Post.

    Sectie 230

    Ook in het geding is Sectie 230, een wet uit de jaren negentig die webbedrijven extra bescherming biedt. Toen Donald Trump in het Witte Huis zat, probeerde hij deze tevergeefs te hervormen door middel van een presidentieel decreet.

    De wet ligt echter zowel van links als van rechts onder vuur, waarbij de Democraten zeggen dat zij de verspreiding van desinformatie mogelijk maakt en de Republikeinen dat zij maatregelen tegen censuur verhindert. In het laatste geval, merkt CNN op, hebben verschillende studies aangetoond dat ‘partijdige stemmen, vooral aan de rechterzijde, op grote schaal gebruikmaken van het platform’.

    ‘Dat Trump zich voordoet als verdediger van de vrijheid van meningsuiting is nogal gedurfd gezien zijn verleden’

    The Atlantic spaart de voormalige president niet. ‘Dat hij zich voordoet als verdediger van de vrijheid van meningsuiting is nogal gedurfd’, schrijft het tijdschrift, dat eraan herinnert dat Trump journalisten heeft aangeklaagd voor hun uitlatingen, heeft opgeroepen tot wetgeving om gemakkelijker iemand te kunnen aanklagen voor smaad en heeft geprobeerd de procureur-generaal in te schakelen om achter zijn critici aan te gaan.

    De aanklachten zijn zonder twijfel een publiciteitsstunt, schrijft The Atlantic. Hij probeert ‘de aandacht af te leiden van de echte juridische problemen die hij heeft, met de denkbeeldige problemen die hij wil’. Hoewel zijn ban van Twitter en Facebook al dateert van januari, is het niet toevallig dat de aankondiging een week na de aanklacht tegen de Trump Organization in een rechtbank in New York kwam, aldus The Atlantic.

    The Washington Post meldt dat de aanklachten, die zijn ingediend in een federale rechtbank in Miami, waarschijnlijk weerklank zullen vinden bij Trump-aanhangers die ervan overtuigd zijn dat de platforms niet genoeg conservatieve stemmen laten horen. Terloops merkt The Wall Street Journal op dat ‘kort na de persconferentie’ de Republikeinse Partij en het Trump-comité de rechtszaken naar voren brachten in hun oproepen om donaties.