Tag: dicamba

  • Wéér controverse rond  Monsanto-middel

    Wéér controverse rond Monsanto-middel

    Terwijl bestrijdingsmiddelengigant Monsanto in Europa volop verwikkeld is in de strijd om glyfosaat (Frankrijk gaat het middel verbieden), zijn er in de VS alweer problemen met de opvolger, dicamba.

    Een onverhard weggetje in Blytheville, Arkansas. Clay Mayes trapt op de rem van zijn Chevy Silverado en springt uit de auto. Terwijl de motor blijft draaien, begint hij tegen een boom 
te tieren alsof die hem beledigd heeft. De bladeren van de kornoelje krullen omlaag als kleine kaduke parapluutjes. Een teken dat de boom is blootgesteld aan het omstreden bestrijdingsmiddel dicamba. ‘Krankzinnig. Dit is krankzinnig!’ roept Mayes, 
gebarend naar de verschrompelde bladerkronen langs dit zijweggetje van Highway 61. ‘Als dit zo doorgaat denk ik echt…’

    ‘Dat alles afsterft,’ zegt Brian Smith, die met hem in de auto zit. De schade hier in het noordoosten van Arkansas en in het hele Midwesten – wegkwijnende bomen, sojabonen en andere gewassen – is symptomatisch voor een aanzwellende crisis in de Amerikaanse landbouw. De boeren zijn verwikkeld in een wapenwedloop tussen steeds sterker onkruid en steeds krachtiger pesticiden. De dicambamethode, die dit voorjaar is goedgekeurd voor gebruik, moest die spiraal doorbreken en katoen- en sojabonentelers in staat stellen weer greep te krijgen op het onkruid. Door een genetisch gemodificeerde sojaboon te zaaien die resistent is tegen de pesticide dicamba, kunnen ze die onkruidverdelger vervolgens inzetten tegen ongewenste indringers als papegaaienkruid, dat resistent is geworden tegen gewone bestrijdingsmiddelen.

    Maar volgens boeren en deskundigen is het probleem dat dicamba zich ook verspreidt buiten de akkers waarop het gespoten wordt. Miljoenen hectaren niet-resistente sojabonen en andere gewassen zouden daardoor al zijn aangetast. Sommigen spreken van een geregisseerde ramp. Het besluit tot goedkeuring zou genomen zijn op basis van onvoldoende data, vooral wat betreft de cruciale vraag of het middel zich ook buiten het sproeigebied kan verspreiden. Overheidsfunctionarissen en de fabrikanten Monsanto en BASF bestrijden dit. Volgens hen werkt het systeem precies zoals het Congres wil. Maar ondertussen vormt de onvrede aanleiding tot rechtszaken en nader onderzoek van federale en loka le autoriteiten, en is er al iemand aangeklaagd wegens moord nadat een boze boer werd neergeschoten. ‘Dit moet iedereen wakker schudden,’ zegt David Mortensen, een onkruidspecialist van Pennsylvania State University.

    Zoveelste tegenslag voor boeren

    Resistent onkruid kost de Amerikaanse landbouw naar schatting miljoenen dollars per jaar. Toen begin dit jaar de vernieuwde versie van dicamba werd goedgekeurd, hebben boeren in het hele land volgens Monsanto meer dan acht miljoen hectare met hun resistente sojabonen ingezaaid. Maar naarmate er meer dicamba wordt gebruikt, groeit ook de stroom berichten dat het middel ‘vervluchtigt’ en door de lucht naar andere akkers wordt geblazen. Dat is niet alleen schadelijk voor bomen in de omgeving, zoals die kornoelje bij Blytheville, maar ook voor niet-resistente sojabonen, fruit en groenten. En voor planten die de habitat vormen van bijen en andere insecten die belangrijk zijn voor de bestuiving.

    Volgens een onderzoek uit 2004 is dicamba zelfs in 
heel lage doses nog 75 tot 400 keer zo gevaarlijk voor onschadelijke planten als het meer gangbare glyfosaat. Dicamba is vooral bijzonder schadelijk voor sojabonen zonder genetisch gemodificeerde resistentie – juist voor het gewas dat het moet beschermen dus. Kevin Bradley van de Universiteit van Missouri schat dat meer dan 1,2 miljoen hectare sojabonen door dicamba is aangetast, in minstens zestien staten, waaronder grote sojaproducenten als Iowa, Illinois en Minnesota. Die schatting (volgens andere onderzoekers waarschijnlijk aan de lage kant) komt al neer op 4 procent van de sojabonenteelt in heel Amerika. ‘Het is heel lastig om de schade precies in beeld te krijgen,’ zegt Bob Hartzler, hoogleraar Landbouwkunde aan Iowa State University.

    ‘Maar ik moet concluderen dat dicamba gewoon niet te handhaven is.’ De dicambacrisis is de zoveelste tegenslag, na de tegenvallende prijs van de sojabonen en de al veertien kwartalen durende daling van het boereninkomen. De boeren staan enorm onder druk. In Arkansas is al iemand opgepakt die een boer zou hebben doodgeschoten toen die hem aansprak op 
de ongewenste verspreiding van zijn dicamba.

    Wally Smith in Blytheville weet ook niet hoeveel 
hij nog kan hebben. Hij heeft een boerderij met vijf werknemers, waaronder zijn zoon Hughes, zijn neef Brian en bedrijfsleider Mayes. Ze zouden allemaal niet weten wat voor werk ze in deze uithoek van Mississippi County anders moeten doen. En dicamba heeft dit stadje zwaar getroffen. Tot kilometers in 
de omtrek strekken zich de velden vol zieltogende, onvolgroeide sojabonen uit. Een biologische boerderij in de omgeving heeft de handel moeten stilleggen toen er dicamba in de gewassen was aangetroffen. Ook de paar duizend hectare sojabonen van Smith groeien te traag. Op een investering van twee miljoen kan dat een gevoelig verlies opleveren. ‘Dat kun je wel zeggen,’ zegt Smith. ‘Als de opbrengst te klein is, kunnen we wel opdoeken.’

    Sojaboer Brian Smith en zijn neef Hughes in hun sojavelden, die zijn aangetast door dicamba. – © The Washington Post / Getty Images
    Sojaboer Brian Smith en zijn neef Hughes in hun sojavelden, die zijn aangetast door dicamba. – © The Washington Post / Getty Images

    Dicamba is toegelaten op grond van de belofte dat het in zijn nieuwe samenstelling minder riskant is en minder snel vervluchtigt dan eerdere versies. 
Critici zeggen dat het besluit is genomen op basis van onvoldoende data en onder grote druk van ministeries, lobbygroepen en belangenorganisaties van boeren. Volgens die laatste hadden de boeren het nieuwe middel hard nodig in de strijd tegen resistent onkruid, dat hele akkers kan overwoekeren en de sojabonen zo berooft van zonlicht en voedingsstoffen. Dat er de afgelopen twintig jaar zoveel meer en sterker onkruid is gekomen, is overigens een gevolg van de overmatige inzet van bestrijdingsmiddelen. Door altijd scheutig met glyfosaat te sproeien hebben boeren de ontwikkeling van resistent onkruid onbedoeld bevorderd.

    Tijdens een overleg met toezichthouder EPA op 29 juli toonde een tiental deskundigen zich bezorgd dat dicamba, zoals onderzoek van enkele aanwezige wetenschappers had uitgewezen, gemakkelijker vervluchtigt dan de fabrikanten beweren. Uit veldonderzoek door de universiteiten van Missouri, Tennessee en Arkansas is sindsdien gebleken dat het nieuwe verdelgingsmiddel tot 72 uur na het sproeien nog kan vervluchtigen en door de lucht naar andere akkers kan worden gedragen. Tijdens de besluitvorming waren veel van deze data nog niet voorhanden. Monsanto en BASF hebben de EPA honderden studies overlegd, maar het leeuwendeel daarvan betrof onderzoek in kassen 
of laboratoriumsituaties. Slechts een handjevol 
rapporten betroffen daadwerkelijk veldonderzoek.

    Volgens de regelgeving van de EPA zijn fabrikanten zelf verantwoordelijk voor de financiering en uitvoering van het veiligheidsonderzoek op basis waarvan hun producten worden beoordeeld. En fabrikanten verstrekken weliswaar vaak nieuwe producten aan wetenschappers voor onafhankelijk veldonderzoek, maar Monsanto erkent zelf dat het de commerciële dicambavariant niet heeft vrijgegeven, om de goedkeuringsprocedure niet te vertragen. Volgens wetenschappers stelde BASF het middel ook maar mondjesmaat beschikbaar. Op die manier konden fabrikanten het onderzoek in een richting sturen 
die hun welgevallig was. ‘Vooral Monsanto heeft heel weinig veldonderzoek naar vervluchtiging gedaan,’ zegt Jason Norsworthy, een hoogleraar van de Universiteit van Arkansas die geen monsters kreeg om te testen.

    De EPA en de fabrikanten ontkennen dat er iets aan de registratieprocedure schort. ‘De aanvrager moet de benodigde data aanleveren om de registratie te staven’, stelt het agentschap in een verklaring. ‘Het Congres heeft die verplichting aan fabrikanten opgelegd om andere partijen niet met de ontwikkeling en financiering van dergelijk onderzoek te belasten.’
    En volgens de fabrikanten is vervluchtiging niet het probleem. BASF liet bij monde van woordvoerster Odessa Patricia Hines weten dat het dit dicambaproduct op de markt heeft gebracht ‘na jarenlang onderzoek, praktijkproeven en rapporten van universiteiten en toezichthouders’. Scott Partridge, Monsanto’s onderdirecteur voor globale strategie, vermoedt dat sommige boeren oudere en vluchtigere dicambaversies of ongeschikte sproeiapparatuur hebben gebruikt. Het bedrijf, dat vorig jaar besloot om over drie jaar 1 miljard dollar in zijn dicambafabriek te investeren, heeft nu een legertje landbouwkundigen en klimaatwetenschappers ingeschakeld om uit te zoeken wat er is misgegaan. ‘We gaan bij elke boer langs en kijken op elke akker,’ zegt Partridge. ‘Als we aan dit product nog iets kunnen verbeteren, gaan we dat doen.’

    In de zwaarst getroffen staten hebben ook de wetgevers inmiddels ingegrepen. In juli is in Arkansas voor de rest van het seizoen een sproeiverbod afgekondigd en zijn de straffen voor overtreding daarvan verhoogd. Missouri en Tennessee hebben hun regels voor dicambagebruik aangescherpt en een tiental staten heeft aan de bel getrokken bij de EPA. Uit hun contacten met dat agentschap maakten verschillende wetenschappers begin augustus op dat het nieuwe bestrijdingsmiddel misschien weer van de markt wordt genomen. De EPA wil daar nu niet op reageren. ‘De EPA is zeer bezorgd over de berichten van schade aan gewassen als gevolg van de inzet 
van dicamba in Arkansas en elders,’ is alles wat de woordvoerder wil zeggen. Ondertussen is er al een collectieve rechtszaak tegen de fabrikanten aangespannen omdat die de risico’s te rooskleurig zouden hebben voorgesteld. Boer Smith overweegt zich daarbij aan te sluiten. Volgens Monsanto ontbeert de klacht iedere grond.

    Ook zijn er tekenen dat de effectiviteit van dicamba van beperkte duur is. Onderzoekers hebben aangetoond dat papegaaienkruid binnen drie jaar resistentie tegen dicamba kan ontwikkelen. In Tennessee en Arkansas zijn al voorbeelden van mogelijk resistent papegaaienkruid aangetroffen. Monsanto zijn volgens een woordvoerster ‘geen onomstotelijke voorbeelden van resistent papegaaienkruid bekend’.

    ‘Straks krijg 
je onkruid dat resistent is tegen de derde gifstof, en daarna tegen de vierde – je hoeft geen wetenschapper te zijn om te snappen waar dat eindigt’

    Sommige critici van het conventionele, zwaar op chemische pesticiden leunende boerenbedrijf zien deze crisis als een les, een waarschuwing voor de toekomst van de Amerikaanse landbouw. Voor Scott Faber, vicevoorzitter van milieuorganisatie Environmental Working Group, zitten de boeren ‘gevangen in de chemische tredmolen’ van de biochemische industrie. Ze denken vaak dat ze zonder de nieuwe bestrijdingsmiddelen niet verder kunnen boeren. ‘Dit is een doodlopende weg,’ zegt Nathan Donley van het Center for Biological Diversity. ‘Straks krijg 
je onkruid dat resistent is tegen de derde gifstof, en daarna tegen de vierde – je hoeft geen wetenschapper te zijn om te snappen waar dat eindigt. Het echte probleem is dat mensen steeds complexere combinaties van gifstoffen op hun gewassen sproeien en dat de gevolgen navenant complexer worden.’

    In Blytheville is één gevolg in ieder geval steeds duidelijker: een klein, miezerig plantje met schrompelige blaadjes en een paar lege peulen bij de steel. Rond deze tijd zou zo’n plant volgens Mayes twee decimeter hoger moeten staan en veel meer peulen moeten bevatten. ‘Hier kampen wij nou mee,’ zegt hij, en loopt hoofdschuddend terug naar zijn auto. ‘Elke dag gaan we naar ons werk met in ons achterhoofd de vraag of we volgend jaar nog werk hebben.’

    Auteur: Caitlin Dewey

    The Washington Post
    Verenigde Staten | dagblad | oplage 700.000

    Bewees zich met het publiceren van de Pentagon Papers. Eerste krant die zeven dagen per week verscheen (sinds 1980). Een van de meest invloedrijke kranten ter wereld. Centrum-rechts georiënteerd met een grote focus op de Amerikaanse politiek.