Tag: Dwaze Moeders

  • Argentinië: Nora Cortiñas, gezicht van de Dwaze Moeders, overleden

    Argentinië: Nora Cortiñas, gezicht van de Dwaze Moeders, overleden

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » NASA deelt beelden van oudste en verste sterrenstelsel ooit gezien

    » OpenAI zegt Chinese, Russische en Israëlische beïnvloedingscampagnes te hebben verstoord

    Cortiñas zetten zich tot haar dood in voor de mensenrechten

    De Argentijnse Nora Cortiñas, een van de gezichtsbepalende figuren van de Madres de Plaza de Mayo, in Nederland bekend als de Dwaze Moeders, is vorige week op 94-jarige leeftijd overleden. Dat schrijft Página 12. De groep, die te herkennen was aan de witte stoffen luier die ze om het hoofd droegen, vroeg tijdens de Argentijnse dictatuur (1976-1983) aandacht om hun verdwenen kinderen. De groep werd internationaal bekend door een Nederlandse televisiereportage tijdens het Wereldkampioenschap voetbal in 1978 , toen Kees Jongkind, op het plein in Buenos Aires waar de vrouwen een stil protest voerden, enkele leden van de Dwaze Moeders sprak.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Cortiñas’ zoon Gustavo raakte vermist in 1977, net als tienduizenden andere ontvoerde dissidenten tijdens de dictatuur van Videla werd hij nooit teruggevonden. Nora Cortiñas deed mee aan acties voor mensenrechten, inheemse volken en slachtoffers van staatsgeweld, in Argentinië en daarbuiten. In 2018 sloot ze zich aan bij Argentijnse vrouwen die campagne voeren voor legale abortus, die eind 2020 werd ingevoerd. Página 12 noemt haar ‘de moeder van alle strijd’.

  • Deze militair infiltreerde tijdens de Argentijnse dictatuur in de Dwaze Moeders – nu wil hij gratie

    Deze militair infiltreerde tijdens de Argentijnse dictatuur in de Dwaze Moeders – nu wil hij gratie

    Uitgerekend aan de vooravond van de vijfenveertigste herdenking van de ontvoering van de Dwaze Moeders heeft militair Alfredo Astiz in een brief aan de rechtbank zijn rol in de Argentijnse junta proberen te rechtvaardigen. ‘Ik ben geen crimineel en al helemaal geen genocidepleger.’

    Alfredo Astiz’ verdorvenheid kent geen grenzen. Aan de vooravond van de vijfenveertigste herdenking van de ontvoeringen van de Dwaze Moeders van de Plaza de Mayo en twee Franse nonnen in de Iglesia de la Santa Cruz – ontvoeringen die door zijn infiltratie mogelijk werden gemaakt – heeft Astiz een brief gestuurd naar de federale rechtbank (die kort daarvoor het verzoek van zijn advocaten tot voorwaardelijke invrijheidstelling had afgewezen) om daarin zijn rol in de militaire dictatuur te rechtvaardigen. ‘Ik ben geen crimineel, en al helemaal geen genocidepleger’, stond er in zijn handgeschreven brief, verstuurd vanuit de Ezeiza-gevangenis, waar hij zijn straf uitzit.

    Precies vijfenveertig jaar geleden wandelde Astiz de Iglesia de la Santa Cruz binnen. Daar had zich een groep Dwaze Moeders en familieleden verzameld die geld bij elkaar legden en handtekeningen hadden verzameld om een oproep te plaatsen in de landelijke krant La Nación. Ze wilden de verdwijningen van hun geliefden openlijk veroordelen en eisten antwoorden van Jorge Rafael Videla’s militaire dictatuur. 

    Niemand kon toen vermoeden dat de jonge, blonde, atletische jongeman rapporteerde aan een in de ESMA [de Technische School van de Argentijnse Marine, het grootste foltercentrum tijdens de militaire dictatuur in Argentinië, 1976-1983] opererende eenheid. Voor de Dwaze Moeders was hij Gustavo Niño, een jongeman die op zoek was naar zijn verdwenen broer. Soms kwam Gustavo Niño naar de bijeenkomsten met een eveneens blond meisje van wie hij beweerde dat ze zijn zusje was. In werkelijkheid was ze een van de door de marine ontvoerde Argentijnen en moest ze met hem mee om vertrouwen te wekken. 

    Alfredo Astiz kopie.PNG
    Alfredo Astiz

    Voor de door hem gepleegde misdaden bij de ESMA heeft Astiz twee keer levenslang gekregen. Justitie acht bewezen dat hij medeverantwoordelijk was voor de ontvoering van de twaalf activisten die samenkwamen in de Iglesia de la Santa Cruz en tussen 8 en 10 december 1977 werden gegijzeld. Onder hen bevonden zich de Dwaze Moeders van de Plaza de Mayo Azucena Villaflor (oprichtster van deze burgerbeweging), María Eugenia Ponce de Bianco en Esther Ballestrino de Careaga, alsmede de twee Franse nonnen Alice Domon en Léonie Duquet. De twaalf werden overgebracht naar de ESMA en op 14 december 1977 in zee gegooid tijdens een van de zogeheten ‘dodenvluchten’. 

    Verzoek afgewezen 

    Onlangs vroegen de advocaten van Astiz tijdens de rechtszaak om zijn voorwaardelijke vrijlating. De drie leden van de federale rechtbank – Adriana Palliotti, Fernando Canero en Daniel Obligado – wezen zijn verzoek af, de tweeënzeventig jaar oude ex-marineman zal zijn gevangenisstraf moeten uitzitten. Het vonnis van de rechters wekte de woede van Astiz. Vanuit de Ezeiza-gevangenis schreef hij een brief aan de rechtbank waarin hij zei dat hij had deelgenomen aan de strijd tegen het terrorisme, maar zich niet herkende in de kwalificatie ‘genocidepleger’. 

    ‘Ik wil benadrukken dat ik nooit eerder een verzoek om voorwaardelijke invrijheidstelling heb ingediend. En dat terwijl ik twintig jaar geleden onwettelijk van mijn vrijheid ben beroofd, ik eis slechts invrijheidstelling, niets anders,’ aldus Astiz in zijn brief, alsof hij was ontvoerd en niet een gevangenisstraf uitzat voor de misdaden die hij had gepleegd. 

    ‘Ik zit liever in de gevangenis vanwege mijn strijd tegen het terrorisme dan als een ordinaire boef’

    De ex-marineman richtte zijn pijlen vooral op een van de rechters, Obligado, die uitweidde over de aard van de door Astiz gepleegde misdaden. ‘Ik laat me niet door Obligado op zo’n vernederende manier bejegenen, want ik ben geen crimineel en al helemaal geen genocidepleger’, aldus Astiz, die hiermee blijk gaf van een grenzeloos cynisme.

    ‘Ik zit liever in de gevangenis vanwege mijn strijd tegen het terrorisme dan als een ordinaire boef’, schreef Astiz ter afsluiting. De brief werd op dezelfde dag geschreven dat de federale rechtbank Cristina Fernández de Kirchner veroordeelde tot zes jaar gevangenisstraf. Het was haar regering die de rechtszaken tegen de genocideplegers initieerde. 

    Lange lijst

    Astiz heeft een lange lijst van provocaties op zijn naam staan. In 1998 gaf hij in een interview met Gabriela Cerruti van het tijdschrift Tres Puntos toe dat hij was geïnfiltreerd in de groep Dwaze Moeders van de Plaza de Mayo, al ontkende hij dat hij op de dag van de ontvoeringen in de Iglesia de la Santa Cruz was. In hetzelfde interview zei Astiz: ‘De marine heeft me geleerd hoe ik moet elimineren. Ik kan mijnen en bommen plaatsen, ik weet hoe ik moet infiltreren en een burgerbeweging moet ontmantelen. Ik weet hoe ik moet doden.’ Astiz sloot in 2017 tijdens de rechtszaak die bekendstaat als ESMA Unificada zijn verklaring af met de woorden: ‘Nooit zal ik excuses aanbieden omdat ik mijn land heb verdedigd.’

    GettyImages 1175421316 kopie
    Portretten van de dertigduizend slachtoffers van het Videla-regime (1976-1983) in de ESMA, de Technische School van de Argentijnse Marine, het grootste martelcentrum tijdens de militaire dictatuur in Argentinië. © Claudia Beretta / Archivio Claudia Beretta / Mondadori Portfolio via Getty Images

    ‘Of je gradaties hebt in volkerenmoord weet ik niet, maar Astiz is er het schoolvoorbeeld van,’ zegt Mabel Careaga, dochter van Esther Ballestrino de Careaga, een van de moeders die op 8 december 1977 ontvoerd werden in de Iglesia de la Santa Cruz. ‘Je had het staatsterrorisme en iemand als Astiz, die infiltreerde, het vertrouwen won van de vrouwen die hun zonen en dochters zochten, en hij wist drommels goed wat er ging gebeuren als ze werden ontvoerd. De daaropvolgende jaren heeft hij niet één keer berouw getoond. Integendeel: hij is altijd gaan staan voor wat hij op zijn kerfstok heeft,’ aldus Careaga. 

    ‘Ik weet hoe ik moet infiltreren en een burgerbeweging moet ontmantelen. Ik weet hoe ik moet doden’

    ‘In wezen rechtvaardigt hij voor de zoveelste keer zijn daden. In een tijd waarin ontkenning aan de orde van de dag is brengt hij dit weer te berde. En dat nog wel op deze voor ons zo gevoelige dag, die ons eraan herinnert dat we deze rechtse groeperingen en deze genocideplegers nooit meer mogen laten terugkeren in de samenleving. Het is pervers en provocatief,’ zo zegt Careaga. 

    ‘Wie deel uitmaakte van een systeem van uitroeiing, dood en terreur – inclusief de dodenvluchten – kan alleen maar worden beschouwd als een genocidepleger,’ aldus Ana Bianco, dochter van ‘Mary’ Ponce, een van de andere moeders die vijfenveertig jaar geleden werden ontvoerd. ‘Astiz is een onvervalste genocidepleger, hij hield de Dwaze Moeders in de kerk in de gaten om vast te kunnen stellen welke kopstukken moesten verdwijnen om een ontluikende mensenrechtenbeweging in de kiem te kunnen smoren,’ vult ze aan. ‘De enige plek waar een genocidepleger thuishoort is in de gevangenis, met levenslang.’ 

    Lees ook: