Tag: EPRDF

  • De mysterieuze vrijgezellenclub die Ethiopië platlegde

    De mysterieuze vrijgezellenclub die Ethiopië platlegde

    Ze zijn jong, ongetrouwd en boos. De Ethiopische Qeerroo-beweging wist met stakingen en protestacties de premier van een van Afrika’s meest dictatoriale regimes ten val te brengen.

    Tegenwoordig is Desalegne bankier. Maar ooit was hij een Qeerroo: een jonge, energieke, ongetrouwde man afkomstig uit Ethiopiës grootste etnische groep, de Oromo, en gebonden aan wat hij noemt ‘een verantwoordelijkheid om het volk te verdedigen’.

    Twaalf jaar geleden hielp hij mee om massaprotesten te organiseren tegen een verkiezingsuitslag die volgens velen gemanipuleerd was door het regerende Ethiopian Ethiopisch Volksrevolutionair Democratisch Front (EPRDF). Hierdoor belandde hij in de gevangenis wegens terrorisme.

    Sindsdien is hij getrouwd en heeft hij, zoals velen van zijn generatie, de politiek grotendeels gemeden. Tot 12 februari, toen hij samen met vele anderen in Adama en de regio Oromia meedeed aan een staking voor de vrijlating van oppositieleiders en de beëindiging van het autoritaire regime.

    De boycot, die drie dagen duurde en een groot deel van Centraal-Ethiopië stillegde, resulteerde op 13 februari in de vrijlating van Bekele Gerba, een prominente Oromo-politicus die in Adama woont, en binnen 48 uur in het aftreden van Ethiopiës veel bekritiseerde premier, Haile Mariam Desalegne. De geschokte regering riep daarna op 15 februari voor de tweede keer in twee jaar de noodtoestand uit.

    ‘Alles lag plat,’ zegt Desalegne over de staking in Adama. ‘Bijna iedereen deed mee – zelfs ambtenaren.’ Voor hem en veel andere inwoners van Adama is er maar één verklaring waarom deze normaal zo rustige stad zich aansloot bij de opstand die zich sinds 2014 over delen van Ethiopië heeft verspreid: de Qeerroo.

    Jonge vrijgezellen

    Wie de Qeerroo precies zijn, en hoe ze hebben geholpen om een van Afrika’s sterkste en meest autocratische regeringen op de knieën te krijgen, is niet zo eenvoudig te begrijpen. In de traditionele Oromo-cultuur staat de term voor een jonge vrijgezel. Maar tegenwoordig staan de Qeerroo symbool voor zowel de Oromo-beweging – een strijd om meer politieke vrijheid en een grotere, etnische vertegenwoordiging in landelijke structuren – als voor een hele generatie Ethiopische jongeren die de laatste tijd assertiever is geworden.

    ‘Zij zijn de stem van het volk,’ verklaart Debela, een tweeëndertigjarige taxichauffeur in Adama. Hij zegt dat hij te oud is om een van hen te zijn, maar dat hij hun protest begrijpt. ‘Zij zijn de voorhoede van de Oromo-revolutie.’

    De identiteit van de Oromo is veel sterker geworden sinds het EPRDF in 1994 een model van etnisch gebaseerd federalisme instelde. ‘In het verleden was het een schande om als Oromo te worden beschouwd,’ zegt Desalegne, wijzend op de etnische assimilatiepolitiek van de twee voorgaande Ethiopische regimes, keizerlijk en communistisch. ‘Maar nu zijn mensen er trots op om Oromo te zijn. Dat heeft de Qeerroo aangemoedigd.’

    Naarmate de Oromo-beweging de afgelopen jaren een groter zelfvertrouwen kreeg, trok de rol van de Qeerroo in het organiseren van onrust steeds meer de aandacht van de staat. Begin dit jaar kondigde de politie plannen aan om hard op te treden tegen de Qeerroo, met het argument dat het een clandestiene groep was die het land wilde destabiliseren en controle wilde krijgen over lokale overheidskantoren. Ze werden zelfs beschuldigd van terrorisme. Hoewel veel mensen dat tegenspreken, twijfelen weinigen aan de huidige kracht van de Qeerroo als undergroundgroep.


    Sinds de vorige noodtoestand in augustus 2017 werd opgeheven, organiseerden Qeerroo-netwerken stakingen en protestacties in verschillende delen van Oromia. Dit ondanks het feit dat de overheid vanaf eind vorig jaar het complete mobiele internet heeft platgelegd in alle regio’s behalve de hoofdstad.

    Bekele Gerba, de oppositieleider, schrijft zijn vrijlating uit de gevangenis toe aan de Qeerroo. Zij stuurden ook honderden mensen naar zijn huis in Adama om hem geluk te wensen. Maar net als vele oudere activisten bekent hij dat hij maar weinig weet van hoe ze zich organiseren. ‘We weten niet wie de leiders zijn en we weten niet of ze een centraal commando hebben.’

    Maar in een recent interview met The Guardian lichtten twee lokale leiders in Adama, Haile en Abiy (niet hun echte namen), hun methoden toe. Volgens de twee mannen, beiden achter in de twintig, heeft elk district van de stad één Qeerroo-leider met minstens twintig ondergeschikten die allemaal verantwoordelijk zijn voor het verspreiden van boodschappen en informatie over komende stakingen. Ze zeggen dat hun netwerken de afgelopen maanden beter georganiseerd zijn. Er is nu een hiërarchische commandostructuur en zelfs één enkele leider voor het hele Oromia. ‘Dat zorgt voor discipline en stelt ons in staat met één stem te spreken,’ zegt Abiy.

    Hun taak is moeilijker geworden door de afwezigheid van internet. ‘Via sociale media kun je een boodschap in enkele seconden verspreiden,’ zegt Abiy. ‘Nu kan het wel twee weken duren omdat we van deur tot deur moeten gaan.’ In plaats van WhatsApp en Facebook te gebruiken, distribueren ze nu papieren flyers, vooral op universiteitscampussen.

    ‘De Qeerroo zijn als een voetbalteam. Jawal is misschien de doelman, die helpt en aanwijzingen geeft, maar wij zijn de aanvallers’

    De rol van Oromo-activisten in de diaspora, vooral die in de VS, blijft eveneens van cruciaal belang, ondanks de stillegging van internet. Zecharias Zelalem, een in Canada wonende Ethiopische journalist, zegt dat de Qeerroo dankzij prominente socialemedia-activisten het politieke gewicht hebben gekregen waaraan het jeugdbewegingen in andere delen van het land nog steeds ontbreekt. Vooral het werk van Jawar Mohammed, de controversiële stichter van het in Minnesota gebaseerde Oromia Media Network (in Ethiopië verboden), heeft volgens hem de stem van de Qeerroo versterkt.

    ‘Jawar geeft ons politieke analyses en advies,’ legt Haile uit. ‘Hij kan toegang krijgen tot informatie, zelfs van binnen de regering, die hij deelt met de Qeerroo. Wij evalueren die informatie en beslissen dan of we er iets mee gaan doen.’

    Hij en Abiy ontkennen allebei dat Jawar vanuit het buitenland de protesten zou leiden, een vermoeden dat in Ethiopië wijdverbreid is. ‘De Qeerroo zijn als een voetbalteam,’ reageert Haile. ‘Jawal is misschien de doelman, die helpt en aanwijzingen geeft, maar wij zijn de aanvallers.’

    De herinstelling van de noodtoestand heeft kwaad bloed gezet bij veel Qeerroo in Adama en elders in Oromia. Die stap wordt algemeen beschouwd als een tactloze poging om het protest te stoppen.

    Leden van de Oromo-beweging protesteren in de hoofdstad Addis Abeba tegen de regering in oktober 2017. – © Minasse Wondimu Hailu / Getty Images
    Leden van de Oromo-beweging protesteren in de hoofdstad Addis Abeba tegen de regering in oktober 2017. – © Minasse Wondimu Hailu / Getty Images

    Sommige analisten vrezen dat de leden van een nu nog voornamelijk vreedzame, politieke beweging door nog meer repressie hun toevlucht zullen nemen tot geweld en extremisme.

    Veel mensen binnen de regering, en ook elders in het land, maken zich zorgen over een toename van etnisch gemotiveerde aanvallen op mensen en gebouwen, en speciaal op etnische Tigray die zo’n zes procent van de bevolking vormen, maar toch de politiek en het zakenleven zouden domineren.

    Eind vorig jaar werden er staatstroepen naar universiteitscampussen gestuurd vanwege het escalerende etnische geweld waarbij meerdere doden vielen. Soortgelijke incidenten werden gemeld tijdens protesten in de afgelopen maand.

    Jibril Ummar, een plaatselijke zakenman en activist, zegt dat hij en anderen hebben geprobeerd de protesten in Adama vreedzaam te laten verlopen. Ze kalmeerden de verhitte jongeren die gebouwen wilden vernielen en mensen die geen Oromo’s waren wilden aanvallen. ‘Het baart me zorgen,’ geeft hij toe. ‘Die jongens zijn nog niet volwassen. Als je emotioneel bent, breng je de strijd in gevaar.’

    Ook Gerba zegt ongerust te zijn over geweld, inclusief dat van de etnische soort. ‘We weten met zekerheid dat Tigrays door het hele land het vaakst op de korrel worden genomen. Dat verontrust me zeer en daar moet iets aan gedaan worden.’

    In de komende tijd zal de EPRDF beslissen wie de nieuwe premier wordt, en velen hopen dat het iemand uit de Oromo Volksdemocratische Organisatie (OPDO) zal zijn, de Oromo-vleugel van de heersende coalitie. Dat zou sommige Qeerroo gunstiger stemmen, op de korte termijn tenminste. Maar waarschijnlijk is dat op zich niet genoeg om de woede te temperen.

    ‘Als we getrouwd zijn, trekken we ons terug uit de Qeerroo,’ zegt Haile. ‘Maar als we onze vrijheid niet krijgen, zal dat nooit gebeuren.’

    Auteur: Tom Gardner
    Vertaler: Astrid Staartjes

    The Guardian
    Verenigd Koninkrijk | dagblad | oplage 146.766

    Onafhankelijke kwaliteitskrant van linkse signatuur. Sinds 1821 thuisbasis van de meest gerespecteerde columnisten en journalisten. Altijd zeer kritisch ten opzichte van de overheid en andere instituten. Online een van de grootste kranten ter wereld.

    © Courrier International
    © Courrier International