Tag: esports

  • Met man en muis

    Met man en muis

    Gamen gold lang als tijdverdrijf voor nerds. Maar de beste spelers – verenigd in professionele teams – trekken tegenwoordig een miljoenenpubliek.

    Lineaire televisie is voor de leden van deze generatie een even wonderlijke uitvinding als de schrijfmachine. Ze zijn gewend om op elk gewenst moment en vooral gratis gebruik te maken van media. Tegelijkertijd vereren ze hun idolen met een passie die op iedereen boven de tienerleeftijd merkwaardig overkomt. Zo hebben de beste Counter-Strike-teams het afgelopen jaar meer dan 8 miljoen dollar verdiend met stickers – virtuele teamlogo’s die de fans als ze zelf spelen op hun virtuele wapens plakken. Inmiddels is het echter zaak om de liefde van de fans niet alleen maar in virtuele stickers om te zetten.

    Het gaat ‘om big business’, zoals Cengiz Tüylü het uitdrukt. In de klassieke sport, vooral in het voetbal, zijn mediarechten de grootste inkomstenbron. In de e-sport verdienen tot nog toe vooral streamingplatforms als Twitch en organisatoren als de ESL aan de uitzendingen, omdat ze de inkomsten uit reclamespots delen. De teams en de spelers staan met lege handen. De vraag is van wie de mediarechten eigenlijk zijn. Van organisatoren als de ESL? Van ontwikkelaar Valve, die het auteursrecht op Counter-Strike heeft? Of van de spelers? ‘Dat is de grootste vraag in deze branche,’ zegt Sam Mathews, directeur van Fnatic. Als daarover duidelijkheid is, denkt Mathews, kan het net als in andere sporten tot een biedingenstrijd om de mediarechten komen.

    Nu al heeft het vooruitzicht van het grote geld een verleidelijke uitwerking op menigeen. In augustus 2014 werd bekend dat een Amerikaans Counter-Strike-team een wedstrijd opzettelijk had verloren omdat het door iemand werd betaald die via internet op een nederlaag had gewed. Enkele maanden later werden verscheidene profs betrapt op het heimelijk installeren van software op hun computer die hun bij het spelen een oneerlijk voordeel zou opleveren. Daarom zijn mobiele telefoons tijdens wedstrijden verboden. Ook moet de e-sport aandacht besteden aan doping, nadat een speler in een interview beweerde dat hij en zijn teamleden tijdens een groot toernooi ‘aan de adderall hadden gezeten’, een amfetamine met dezelfde uitwerking als ritalin. De ESL voert sindsdien steekproefsgewijs dopingcontroles uit en heeft een sportadvocaat in de arm genomen.

    25 miljoen keer verkocht

    Het succesvolle Counter-Strike is wereldwijd meer dan 25 miljoen keer verkocht. Maar slechts enkele tientallen spelers beheersen het tot in de perfectie – zo perfect dat ze daarmee goed geld kunnen verdienen.

    De 21-jarige Denis Howell, prof in het Duitse team mousesports, is een van hen. E-sport heeft zich tot een massafenomeen ontwikkeld. In het afgelopen jaar keken 226 miljoen mensen toe hoe anderen computerspelletjes speelden. Tot zo’n tien jaar geleden ontmoetten de gamers elkaar op LAN-party’s in donkere ruimten. Ze namen hun pc mee van huis en deden vaak dagenlang niets anders dan gamen. Sinds de intrede van breedbandinternet en streamingsdiensten zoals Twitch heeft de hele wereld toegang tot de party’s.

    E-sport maakt evenzeer deel uit van de jeugdcultuur als YouTube en hiphop

    Tegenwoordig maakt e-sport evenzeer deel uit van de jeugdcultuur als YouTube en hiphop. Omdat dit langzaam begint door te dringen tot marketingmensen en investeerders, staat e-sport op het punt zich tot een nieuwe, machtige amusementsindustrie te ontwikkelen. Volgens prognoses van marktonderzoekers zal de omzet door sponsorgelden, ticketverkoop en mediarechten in de komende drie jaar naar ruim 1 miljard dollar stijgen. In 2015 was dat nog 325 miljoen dollar. Grote concerns willen plotseling adverteren, het prijzengeld voor toernooien doorbreekt de grens van een miljoen, de spelers worden sterren.

    Denis Howell leidt deze dagen twee levens. In het ene is hij de jongen uit het stadje in de buurt van Saarbrücken die nog bij zijn ouders woont, in een Volkswagen Golf rijdt en ervan droomt ooit een huis te kopen. In het andere leven vliegt hij de wereld rond, heeft hij afspraken met sponsors en krijgt hij via Facebook berichtjes van meisjes die hem leuk vinden. In het slechtste geval zal Howell dit jaar 100.000 euro verdienen, maar als het goed gaat, zou hij met het prijzengeld, de inkomsten uit merchandise en het salaris dat mousesports hem maandelijks betaalt ruim het drievoudige kunnen binnenhalen.

    Een game-event in Katowice, Polen. – © Corbis
    Een game-event in Katowice, Polen. – © Corbis

    Op zijn zestiende speelde Howell voor het eerst Counter-Strike bij een vriend. Het tactische van het spel trok hem aan. En in tegenstelling tot zijn vrienden bleef hij het spelen. Bijna een jaar geleden stopte hij met zijn opleiding tot verzekeringsagent. Sinds mei staat hij onder contract bij mousesports, een van de succesvolste teams uit het professionele gamingcircuit in Duitsland, met achttien Duitse titels. Het team is in 2002 in een Berlijns internetcafé ontstaan. Samen met twee andere spelers stapte Howell voor een vijfcijferige afkoopsom van een ander team over naar mousesports. Ze moeten het team weer terugbrengen naar de wereldtop.

    Begin maart in het Poolse Katowice. Als mousesports erin slaagt om de groepsfase van het WK Counter-Strike te overleven, dan tonen ze aan tot de beste teams van de wereld te behoren. Dan mogen ze in de eindronde op het podium van de grote arena spelen. Lukt dat niet, dan eindigt hun toernooi in een omgebouwde basketbalzaal. De jongens zijn moe. Pas gisteren zijn ze teruggekomen van een wedstrijd in de VS. Christian Lenz, een beer van een kerel, zoekt in een plastic tasje naar een doosje ibuprofen. Lenz noemt zichzelf ‘de teammoeder’. Hij reist rond met het team, zorgt voor het eten en heeft altijd een voorraadje medicijnen bij zich. Op tafel staan energiedrankjes en een rol chocoladekoekjes. Naast hen arriveren de spelers van team Fnatic. De Zweden zijn de supersterren in de e-sport en zien er met hun wollen mutsjes en getatoeëerde armen ook zo uit. Al maanden hebben ze geen belangrijke wedstrijd meer verloren.

    De grote vraag is wie de mediarechten op de sport bezit

    Een scheidsrechter neemt de mobiele telefoons van het mousesports-team in. Dan begint de eerste wedstrijd. De spelers roepen commando’s in hun headsets en stoten korte zinnetjes in het Engels uit, zoals ‘I’m flashed’ en ‘Give me smoke’. Vrijwel allemaal hebben ze hun schoenen uitgetrokken en zitten in joggingbroek te spelen.

    Mousesports wint met 16-8. Ook de tweede wedstrijd beslist Howells team soeverein in zijn voordeel. Na nog een overwinning zou de eindronde vrijwel zeker zijn, maar de derde wedstrijd verliezen ze met 6-16. Daarop volgt crisisberaad in een restaurant op het terrein, op initiatief van Cengiz Tüylü. ‘Wat een slappe hap zijn jullie,’ scheldt Tüylü, ‘ik heb geen sprankje beleving gezien.’


    De 35-jarige Tüylü, een lange, magere man met een argwanende blik, is bedrijfsleider van mousesports. Hij heeft het team opgebouwd. Jarenlang was mousesports een hobby van hem, waarmee hij vrijwel niets verdiende. Nu wil hij dat die inspanningen zich uitbetalen. Tüylü weet dat een Counter-Strike-prof meestal maar twee, drie goede jaren heeft. Daarna, zo halverwege de twintig, neemt de reactiesnelheid af en vermindert vaak ook de wil om te winnen. Daarom heeft Tüylü Howell aangeraden om met zijn opleiding te stoppen.

    De wetten van de branche zijn hard. Niet zelden komt het voor dat een speler uit het team wordt geknikkerd omdat hij al een paar maanden lang de verwachtingen niet heeft kunnen waarmaken. Tüylü heeft gezien hoe snel de e-sport zich heeft ontwikkeld sinds Amazon in 2014 het streamingplatform Twitch kocht. De deal werkte als een katalysator. Afgelopen oktober investeerde Alisjer Oesmanov, de op twee na rijkste man van Rusland, 100 miljoen dollar in een gamingteam uit zijn geboorteland. In de zomer verwierf het Zweedse mediaconcern Modern Times Group voor 78 miljoen euro de meerderheid van de aandelen in de Electronic Sports League (ESL), de grootste organisator van e-sporttoernooien, waarvan het hoofdkantoor in Keulen staat.

    Ralf Reichert loopt door de gangen van het futuristische congrescentrum dat de ESL voor de duur van het WK voor haar zakenpartners heeft afgehuurd. De 41-jarige Reichert was zestien jaar geleden medeoprichter van de ESL. Destijds werd hij uitgelachen omdat hij niets beters wist te doen met zijn studie bedrijfseconomie. Maar dankzij de verkoop van een deel van zijn aandelen is Reichert nu multimiljonair. Voor de mensen die nog altijd twijfelen aan zijn succes heeft Reichert enkele cijfers paraat: voor het driedaagse evenement in Polen verwacht hij 120.000 bezoekers en zijn er zeshonderd mensen bezig met de opbouw. ‘We zijn zo groot dat je niet meer om ons heen kunt,’ zegt Reichert.

    Nog altijd wordt er vooral geld in de branche gestoken door ondernemingen die je hier ook zou verwachten. Red Bull verkoopt zijn blikjes, een meubelfabrikant maakt in een aangrenzende hal reclame voor bureaustoelen die zeer geschikt zouden zijn voor het gamen en Intel sponsort het hele evenement. Maar sinds kort betreden ook steeds meer ondernemingen uit ongebruikelijkere bedrijfstakken de markt. American Express sponsort een toernooi. En ook telecombedrijven en verzekeringsmaatschappijen zouden grote belangstelling hebben. Zij zien e-sportwedstrijden kennelijk als het ideale kanaal om een lastige doelgroep te bereiken. Wie daartoe behoort, wordt tijdens het toernooi in Polen duidelijk: tieners met selfiesticks die urenlang in de rij voor de ingang staan, jongetjes in het gezelschap van hun ouders en ook enkele meisjes. Sommigen hebben zich verkleed als figuren uit een computerspel.

    Gamergy 2014. – © artubr / Flickr Creative Commons
    Gamergy 2014. – © artubr / Flickr Creative Commons

    Lineaire televisie is voor de leden van deze generatie een even wonderlijke uitvinding als de schrijfmachine. Ze zijn gewend om op elk gewenst moment en vooral gratis gebruik te maken van media. Tegelijkertijd vereren ze hun idolen met een passie die op iedereen boven de tienerleeftijd merkwaardig overkomt. Zo hebben de beste Counter-Strike-teams het afgelopen jaar meer dan 8 miljoen dollar verdiend met stickers – virtuele teamlogo’s die de fans als ze zelf spelen op hun virtuele wapens plakken. Inmiddels is het echter zaak om de liefde van de fans niet alleen maar in virtuele stickers om te zetten.

    Het gaat ‘om big business’, zoals Cengiz Tüylü het uitdrukt. In de klassieke sport, vooral in het voetbal, zijn mediarechten de grootste inkomstenbron. In de e-sport verdienen tot nog toe vooral streamingplatforms als Twitch en organisatoren als de ESL aan de uitzendingen, omdat ze de inkomsten uit reclamespots delen. De teams en de spelers staan met lege handen. De vraag is van wie de mediarechten eigenlijk zijn. Van organisatoren als de ESL? Van ontwikkelaar Valve, die het auteursrecht op Counter-Strike heeft? Of van de spelers? ‘Dat is de grootste vraag in deze branche,’ zegt Sam Mathews, directeur van Fnatic. Als daarover duidelijkheid is, denkt Mathews, kan het net als in andere sporten tot een biedingenstrijd om de mediarechten komen.

    Nu al heeft het vooruitzicht van het grote geld een verleidelijke uitwerking op menigeen. In augustus 2014 werd bekend dat een Amerikaans Counter-Strike-team een wedstrijd opzettelijk had verloren omdat het door iemand werd betaald die via internet op een nederlaag had gewed. Enkele maanden later werden verscheidene profs betrapt op het heimelijk installeren van software op hun computer die hun bij het spelen een oneerlijk voordeel zou opleveren. Daarom zijn mobiele telefoons tijdens wedstrijden verboden. Ook moet de e-sport aandacht besteden aan doping, nadat een speler in een interview beweerde dat hij en zijn teamleden tijdens een groot toernooi ‘aan de adderall hadden gezeten’, een amfetamine met dezelfde uitwerking als ritalin. De ESL voert sindsdien steekproefsgewijs dopingcontroles uit en heeft een sportadvocaat in de arm genomen.

    Toeschouwers bij WK e-sports in Los Angeles in 2012  – © artubr / Flickr Creative Commons
    Toeschouwers bij WK e-sports in Los Angeles in 2012 – © artubr / Flickr Creative Commons

    Na de uitbrander in het restaurant gaan Howell en de anderen goed van start in de beslissende wedstrijd. Algauw staat mousesports met 14-8 voor. Maar de Brazilianen komen terug, 14-10, 14-12, elke ronde sluipen ze naderbij. Plotseling staat het 14-15 en hangt alles af van Denis Howell. Waagt hij de aanval?
    Nog even blijft Howell op zijn schuilplaats achter de bron en dan springt hij tevoorschijn. De Braziliaan heeft geluk dat hij net de goede kant op richt en velt Howell met één schot: 14-16, mousesports is uitgeschakeld. De Brazilianen gaan naar de eindronde en treden drie dagen later in de finale aan tegen de Zweden.

    Zaterdagavond, de arena in Katowice zit helemaal vol. Er zijn elfduizend toeschouwers gekomen, en honderdduizenden anderen kijken via internet toe. De spelers lopen via een tunnel het podium op en ontvangen de toejuichingen van het publiek. Schijnwerpers vegen over de tribunes, een enthousiaste presentator zweept de menigte op. Dan verdwijnen de spelers in glazen cabines, waar alleen nog hun hoofd boven de beeldschermen uitsteekt. De Zweden troeven de Brazilianen af. Herhaaldelijk staan ze achter, maar ze weten telkens weer terug te komen. Precies zoals mousesports-verzorger Lenz had voorspeld. Als de Zweden uiteindelijk de beslissende ronde hebben gewonnen, lopen ze doelgericht op de zilveren beker af. Het regent snippers glitterpapier. Ze lijken niet eens verrast.

    Auteur: Ann-Kathrin Nezik

    Der Spiegel
    Duitsland | weekblad | oplage 976.000

    Een belangrijk onderzoekstijdschrift, opgericht in 1947 en uiterst onafhankelijk, dat verscheidene politieke schandalen aan het licht heeft gebracht.